4e zondag van de vasten A 2014

30/03/2014

Begroeting

Welkom op deze vierde zondag van de vasten.
We kunnen van deze veertigdagentijd iets waardevols maken
door ons samen te herbronnen en samen te bidden:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Op een dag, – misschien vandaag – gaan we hopelijk zien,
inzien,
dat we niet moeten wachten tot ergens wel iemand iets zal veranderen
aan de onrechtvaardigheden in deze wereld.
Toen Mgr. Romero in El Salvador tot bisschop werd gewijd,
was hij ook blind voor de ellende van zijn volk.
Maar op een dag vielen hem de schellen van de ogen
en verkondigde hij luid:
“Ik heb de ellende van mijn volk gezien!”
Vastentijd is de uitgelezen tijd om onze ogen en ons hart te openen
voor de mistoestanden die er heersen in onze maatschappij,
dichtbij en ver weg.
We kunnen er niet langer omheen.
Wij kunnen niet langer zeggen: “Wij hebben het niet gezien”,
want Jezus opent ook onze ogen voor de realiteit.
Daarom geloven christenen in de noodzaak van wereldwijd  Broederlijk Delen.
vrij naar Levensecht

Openingswoord 2

In de lezingen van vandaag horen we maar weer eens opnieuw
dat Gods maatstaven vaak anders zijn dan de onze.
Niet de oudste of sterkste zoon van Isaï wordt gezalfd tot koning van Israël,
maar de jongste, de minste in aanzien,
– hij was immers maar een schapenhoeder.
En in het evangelie wijst Jezus de Farizeeën op hun kortzichtigheid.
Zij menen de wijsheid in pacht te hebben,
hen de ogen openen heeft geen zin,
maar aan de blindgeborene die nederig openstaat voor Gods Boodschap
laat Hij zich kennen als de Mensenzoon.
Zijn wij bereid echt onze ogen te openen voor de Boodschap van het evangelie,
ons doen en laten af te stemmen op Gods maatstaven?

Vergevingsmoment 1

-Heer, uw Woord roept ons op om elkaars lasten te dragen,
maar te dikwijls zijn we zelf een last voor elkaar.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Christus, uw bevrijdende inzet is bedoeld voor alle volkeren,
maar onze reactie is te vaak: wij eerst.
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Heer, door ons cijferen, plannen en regelen
geven wij te weinig gehoor aan uw oproepend Woord.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Vergevingsmoment 2

-God,
de natuur is wondermooi.
We kregen wel ogen om ernaar te kijken,
maar door ons jagen en jachten naar materiële dingen en aanzien,
zijn we vaak blind geworden voor die wondere wereld,
vergeten we ervan te genieten.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Christus,
uw Boodschap was en is
vooral aandacht en zorg te besteden aan mensen
die het minder goed hebben dan wij,
aan mensen die miskend worden en aan de kant geschoven.
Als christenen beamen wij wel die Boodschap,
maar in onze praktijk van elke dag zien we eerst en vooral uit
naar de vervulling van onze eigen verlangens
en is daardoor blind zijn voor de noden van anderen, vaak het resultaat.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Heer,
door de vooruitgang van wetenschap en techniek
– natuurlijk door mensen gerealiseerd –
denken we alles te kunnen,
zien we U niet meer als Schepper van al wat bestaat.
Wij hebben vaak de voeling met U verloren,
wij zijn blind geworden voor U.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

God, wil ons genezen van onze blindheid
en onze ogen weer openen voor U, voor elkaar en voor uw schepping. Amen.

Openingsgebed 1

God,
wij danken U voor de manier waarop Jezus in het leven stond
en de wereld zo heel anders bekeek dan wij.
Hij zag zoveel meer
dan wij doorgaans opvangen.
Geef ons iets van zijn ogen,
zodat wij de mens en de wereld zien in zijn echte waarde.
Dat vragen wij U voor vandaag, morgen en alle dagen. Amen.
vrij naar Bas Rentmeester en Huub Schumacher

Openingsgebed 2

Niemand heeft U ooit gezien, God,
maar we weten dat Gij ons oneindig liefhebt.
Die Boodschap heeft Jezus, uw Zoon, ons gebracht.
Hij liet lammen weer lopen
en opende blinden hun ogen.
Open ook onze ogen Heer,
voor U en voor de mensen om ons heen die het niet alleen kunnen redden.
En laat ons dan naar hen toegaan,
zoals Jezus ons dat heeft voorgedaan. Amen.

Lezingen

Laat ons samen luisteren naar de woorden uit de Schrift.

Eerste lezing (1 Sam. 16, 1b. 6-7, 10-13a)
Uit het eerst boek Samuël

1           De Heer sprak tot Samuël:
Vul een hoorn met olie:
Ik zend u naar Isaï de Betlehemiet,
want een van zijn zonen heb Ik voor het koningschap bestemd.’
6           Toen zij aankwamen, viel zijn blik op Eliab en hij dacht:
`Die daar voor de Heer staat is ongetwijfeld zijn gezalfde!’
7           Maar de Heer zei tegen Samuël:
`Ga niet af op zijn voorkomen of zijn rijzige gestalte; hem wil Ik niet.
Want God ziet niet zoals een mens ziet;
een mens kijkt naar het uiterlijk,
maar de Heer kijkt naar het hart.’
10         Zo stelde Isaï zeven van zijn zonen aan Samuël voor,
maar Samuël zei tegen Isaï:
`Geen van hen heeft de Heer uitverkoren.’
11         Daarop vroeg hij aan Isaï: `Zijn dat al uw jongens?’
Hij antwoordde:
`Alleen de jongste ontbreekt; die hoedt de schapen.’
Toen zei Samuël tegen Isaï:
`Laat die dan halen, want we gaan niet aan tafel voordat hij hier is.’
12         Isaï liet hem dus halen.
De jongen was rossig, had mooie ogen en een prettig voorkomen.
Nu zei de Heer: `Hem moet u zalven: hij is het.’
13         Samuël nam dus de hoorn met olie
en zalfde hem te midden van zijn broers.
Vanaf die dag was de geest van de Heer over David.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Ef. 5, 8-14)

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Efeze

Broeders en zusters,
8
           Eens was u duisternis,
maar nu bent u licht door uw verbondenheid met de Heer.
Leef als kinderen van het licht,
9           want de vrucht van het licht kan alleen maar zijn:
goedheid, gerechtigheid, waarheid.
10         Probeer te ontdekken wat de Heer welgevallig is.
11         Neem geen deel aan de onvruchtbare praktijken van de duisternis,
stel ze liever aan de kaak.
12         Want wat deze mensen in het geheim uitvoeren,
is zo schandelijk dat men er maar beter niet over kan spreken.
13         Alles wat door het licht aan de kaak wordt gesteld, wordt openbaar.
14         En alles wat openbaar wordt, is licht.
Daarom wordt gezegd:
Ontwaak, slaper, sta op uit de doden,
en Christus zal over u stralen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Joh. 9, 1. 6-9, 13-17, 34-38)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

1
           In die tijd zag Jezus een man die al vanaf zijn geboorte blind was.
6           Hij spuwde op de grond,
maakte wat slijk van zand en speeksel
en streek dat op de ogen van de blinde.
7           Daarna zei Hij tegen hem:
`Vooruit, ga u wassen in het Siloambad.’ (Siloam wil zeggen: gezondene.)
De man ging ernaartoe, waste zich en kwam ziende terug.
8           Zijn buren en degenen die hem voordien vaak hadden gezien
hij was namelijk een bedelaar – zeiden:
`Is dat niet de man die altijd zat te bedelen?’
9           `Inderdaad’, zeiden sommigen.
`Welnee,’ zeiden anderen, `maar hij lijkt er wel op.’
Maar hijzelf zei: `Toch wel, ik ben het.’
13         Ze brachten de man die blind geweest was bij de farizeeën.
14         Nu was de dag waarop Jezus slijk had gemaakt en zijn ogen had geopend,
een sabbat.
15         Daarom stelden ook de farizeeën hem de vraag
hoe het kwam dat hij nu kon zien.
Hij antwoordde:
`Hij deed wat slijk op mijn ogen,
ik heb me gewassen en nu zie ik.’
16         `Zo iemand komt niet van God,’ oordeelden sommige farizeeën,
`want Hij houdt de sabbat niet.’
Anderen merkten op:
`Maar hoe zou een zondaar zulke tekenen kunnen verrichten?’
Kortom, er was verdeeldheid onder hen.
17                     Ze richtten zich toen opnieuw tot de blinde:
`Wat denk jij ervan? Hij heeft toch je ogen geopend!’
`Dat Hij een profeet is’, antwoordde hij.
34         Toen voeren ze tegen hem uit:
`Wat? Jij die vanaf je geboorte een en al zonde bent, jij wilt ons de les lezen?’
En ze gooiden hem eruit.
35         Jezus hoorde dat ze hem eruit gegooid hadden,
en toen Hij hem teruggevonden had, zei Hij:
`Gelooft u in de Mensenzoon?’
36         Hij antwoordde:
`Wie is dat, Heer? Dan zal ik in Hem geloven.’
37         Toen zei Jezus:
`U hebt Hem ontmoet: het is degene die met u spreekt.’
38         `Heer, ik geloof’, zei hij,
en hij wierp zich voor Hem neer.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God,
Grond van alle bestaan,
die ons het leven ten volle gunt.
Wij zijn mens naar zijn beeld en gelijkenis.

Ik geloof dat Jezus een mens was naar Gods hart.
Hij riep ons op Gods droom te helpen waarmaken.
Voor armen en kleinen opent Hij toekomst.
Voor ons allen betekent Hij verlossing.

Ik geloof in de heilige Geest
die ons helpt onderscheiden waar het op aankomt.
Hij is het
die ons de waarde van het anders-zijn van de ander
helpt ontdekken.

Ik geloof in de Kerk,
een mensengemeenschap
die Gods droom begrijpt
en probeert ernaar te leven
om zo mee te bouwen
aan een betere toekomst.

Ik geloof dat de weg van Jezus
een weg is die leidt naar het leven
over de dood heen. Amen.

Voorbeden

Laten we bidden tot Hem die onze namen kent
en onze harten doorgrondt.

-Bidden we voor de leiders van de volkeren,
vaak verblind door machtswellust
en verhard door hebzucht.
Dat zij liever een politiek van bevrijding zouden voeren
en zo dienstbaar zijn aan de meest zwakken in de maatschappij.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor hen die leiding geven aan de Kerk
en als taak hebben Gods menslievendheid te verkondigen in woord en daad.
Dat zij als boodschappers van Gods Licht en dienaars van de mens,
steeds durven kijken met nieuwe ogen,
het goede proberen te zien in elke mens
en dat goede zoveel mogelijk stimuleren.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor ons allen hier bijeen.
Dat we onze ogen zouden richten op God,
maar ook elkaar niet uit het oog zouden verliezen.
Dat wij troosten wie verdriet heeft,
dat wij steunen wie hulp nodig heeft,
dat wij uitzicht bieden aan wie in een crisis zit.
Laten wij bidden…

Goede God,
doe onze wereld ontwaken
en doe ons kijken zoals Jezus ons dat heeft voorgedaan. Amen.
vrij naar Gerard Kock

Gebed over de gaven 1

Dit brood is meer dan alleen graankorrels
en deze wijn is meer dan alleen maar druiven.
Zij staan symbool voor uw leven, Heer, dat Gij hebt gegeven voor ons.
Zij doen ons ook verder kijken naar hen
die honger en dorst hebben in deze wereld.
Gij spoort ons aan ons bezit met hen te delen,
zodat ook zij menswaardig kunnen leven. Amen.

Gebed over de gaven 2

Heer, onze God,
Gij hebt ons niet voorbestemd voor duisternis en dood,
maar voor leven,
leven nu en later.
Daartoe hebt Gij ons uw Zoon geschonken
als een licht op onze weg, als voedsel ten leven.
Wij gedenken Hem met brood en wijn en bidden U:
sterk ons met uw gaven, opdat ook wij elkaar de ogen openen
voor een leven van liefde en vreugde
dat duurt tot in eeuwigheid. Amen.
naar Henri Verstraete

Tafelgebed

Wij danken U, God,
om de wondere wegen
die mensen voor elkaar kunnen zijn,
voor allen die Gij gezonden hebt
om de weg te wijzen doorheen het leven,
voor uw uitnodiging om,
doorheen tekort en onvolkomenheid,
te werken aan de mens en zijn wereld.

Wij danken U om uw aanwezigheid
in goede en kwade dagen,
om de hoop en de toekomst die Gij zijt.
Wij danken U om de mens Jezus,
die ons voorgaat en nabij blijft
en wiens Geest kracht is om te leven.

Daarom willen wij U danken, God,
samen met al wat bestaat
op aarde en in de hemel.

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.

Heer, onze God,
Gij zijt heilig en goed,
Gij hebt onze namen geschreven in uw hand.

Geen mens zult gij vergeten
dankzij Jezus Christus, de Zoon van uw genade,
die Gij hebt uitgezonden
om tranen te drogen
van mensen die geslagen zijn,
om het hart te helen
van mensen die gebroken zijn,
om brood te worden voor vandaag
en vrede zelf te zijn.
Wij danken U
omdat Gij ons ruimte geeft en vrijheid schept
voor heel ons leven, ten einde toe.

Want in de nacht dat Hij zijn leven gaf
nam hij brood in zijn handen,
Hij zegende en brak het
en gaf het aan zijn leerlingen met de woorden:
“Neem en eet hiervan, gij allen,
want dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.”

Ook nam Hij de beker, zegende hem,
en gaf hem aan zijn leerlingen met de woorden:
“Neem deze beker en drink hier allen uit
want dit is de beker van het nieuwe,
altijddurende verbond;
dit is mijn bloed
dat voor u en alle mensen wordt vergoten
tot vergeving van de zonden.
Blijf dit doen om Mij te gedenken.”

Verkondigen wij het mysterie van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert,
dat Gij verrezen zijt.

Heer, onze God,
zo gedenken wij Hem
die weet wat lijden is
en de dood heeft gezien;
die Gij hebt opgewekt
en een naam gegeven hebt
hoog boven alle namen:
Jezus de Heer is Hij,
die is en blijven zal, uw rechterhand.
Door deze beker en door dit brood dat wordt gedeeld
verkondigen wij Hem totdat Hij komt.

Wij bidden U,
zend ons uw Geest,
die over deze aarde gaat
en maak ons tot een volk
dat recht doet om gerechtigheid;
maak leven en welzijn
toch groter dan oorlog en dood;
laat ons mensen zijn
die woningen bouwen voor uw stad van vrede
en breng ons thuis bij U.
Dan zal uw naam geheiligd zijn op aarde,
en uw Koninkrijk zal komen door Hem en met Hem,
met uw Geest tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Moge wij,
telkens als we ons biddend richten tot God, onze Vader,
ons herbronnen aan het voorbeeld van zijn Zoon.
Laten wij daarom samen bidden:

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Vredeswens

Jezus, Gij die van God komt,
Gij laat blinden zien, doven horen, doden leven.
Maak uw visioen van vrede waar,
uw belofte van een wereld,
nieuw en vol van licht en leven.
Moge die gedroomde vrede altijd met u zijn.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

Vijf broden, twee vissen,
Hij brak ze
en deelde,
deelde tot allen verzadigd waren.
Wie dorst heeft, hij kome tot Mij
en Ik zal hem te drinken geven.
Gelukkig wij die genodigd zijn aan de maaltijd die de Heer heeft bereid.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Soms vraag ik me af
waar voor mij ‘Siloam’ ligt, God,
de plaats waarheen Gij mij zendt
om ziende terug te komen
en waar Gij mijn hart opent
om mijn medemensen graag te zien.
Ik besef dat ik die plaats
vaak veel te ver zoek,
terwijl ik ze eigenlijk
heel dichtbij kan vinden.
Wil mijn ogen dan openen, God,
opdat ik U kan ontmoeten
in een spelend kind
of een eenzame zieke.
Ga alsjeblieft met me mee
op zoek naar nieuw ‘licht’
voor de ogen van mijn hart.
En laat me dan
opnieuw vreugde vinden
in mijn roeping en zending als christen:
getuige zijn van uw goedheid.

Bezinning 2

Hier ben ik.
Zie me staan,
noem mijn naam,
beroer mijn bestaan,
ook al ben ik arm
en leef ik ver van jou.
Hier ben ik

en ik ben er voor jou.
Op mij kan je rekenen.
Zo is mijn naam,
een naam om te doen,
zegt de Heer.

En ik weet:
Hij is te doen.
Zijn naam is een vraag
die blijft klinken
tot ik zeg:
hier ben ik.

40 dagen
die ongekende andere,
de Heer en ik samen
voor een andere wereld,
voor meer en beter leven.
Kathleen Boedt

Bezinning 3

Een nieuw perspectief

In het land der blinden is éénoog koning.
We zijn soms ziende blind,
vastgepind door ons eigen verleden
of door anderen ons aangepraat.
We plaatsen elkaar in hokjes
en bouwen levenshoge muren op.
Eenmaal een dief, altijd een dief.
Onze oogkleppen verhinderen ons
om met aandacht naar anderen te kijken.
We leven met verwijten,
rancuneus, met een dodende blik bijna.
Of we voelen ons leven ingeklemd door anderen,
verstikkend, zonder toekomst.

De man van Nazareth geeft nieuw perspectief.
Hij plaatst mensen in een nieuw daglicht.
Hij geeft ruimte, leven, toekomst.
Waar mensen dreigen te worden vermorzeld
door onbegrip en door onwil,
daar biedt Hij leven aan.
Hij stijgt uit boven de grenzen
van wetten en verdachtmakingen.
Hij geeft mensen nieuw zicht op leven,
Hij geeft doorzicht en geloof in toekomst.
Licht is Hij voor mensen,
die tastend als blinden door het leven gaan.
Hij bevrijdt hen tot leven voor mens en wereld.
Wim Holterman osfs

Slotgebed

God en Vader,
wij danken U voor Jezus Christus, uw Zoon,
in wie Gij op een bijzonder wijze aan het licht zijt gekomen.
Wie geen licht en toekomst meer zagen hebt Gij bij de hand genomen.
Wie blind geworden waren door een groot verdriet
hebt Gij de ogen geopend voor een nieuw begin.
Daarom bidden wij:
open onze ogen voor uw visioen van vrede,
opdat wij ziende niet blind zijn,
maar de sporen mogen zien van uw Rijk.
Wij vragen het U door Christus, onze Heer. Amen.
naar Henri Verstraete

Zending en zegen

Onderweg naar Pasen
liet God onze ogen verder opengaan
om Hem en onze medemens beter te zien.
Hij wil ons hiertoe ook zegenen
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.