33e zondag door het jaar C 2007

ZONDAGSVIERINGEN
Drie-endertigste zondag C-jaar (18 11 2007)

Begroeting

Genade zij u en vrede van + God onze Vader,
van Jezus Christus, zijn Zoon
en van zijn heilige. Geest. Amen.


Openingswoord

Kijkend naar de pracht van de tempel van Jeruzalem,
waarschuwt Jezus ons in het evangelie van vandaag voor mooie uiterlijkheden:
deze zijn niet blijvend.
Alles is niet altijd rozengeur en maneschijn.
Er zullen oorlogen, aardbevingen, zelfs vervolgingen komen,
maar laat u daar niet door ontmoedigen.
Leef en getuig als een echte christen
en Ik zal er zijn voor u, belooft Hij.

Wij leven, zowel kerkelijk als maatschappelijk, in een chaotische tijd.
Veel onzekerheid en pessimisme,
maar ook hoop.
Uit onze houding als christenen spreekt er vaak nog zo weinig perspectief.
Wij zijn zwartkijkers en doemdenkers geworden.
Het is aan ons niet te merken
dat wij dragers zijn van een ‘goede boodschap’.
In moeilijke omstandigheden is ons vertrouwen op God
gemakkelijk zoek.
Vragen wij daarom om vergeving:

Vergevingsmoment

Omdat wij als christenen
voor heel wat mensen ongeloofwaardig zijn.
Wij preken wel liefde en rechtvaardigheid,
maar blijven jagen naar aanzien, macht en geld.
Daarom bidden wij:
Heer, ontferm U over ons.

Jezus, het grenzeloos vertrouwen dat Gij stelde in uw Vader,
is bij ons bij lange na niet zo groot.
Daarom vragen wij:
Christus, ontferm U over ons.

Het heeft er bij ons de schijn van
dat wij, net zoals de leerlingen na Golgotha,
bang bij elkaar bijeen zitten en niet durven getuigen van de Verrezene.
Voor buitenstaanders lijkt het er in alle geval sterk op dat
het enthousiasme van het Pinkstergebeuren
aan ons is voorbij gegaan.
Daarom  bidden wij:
Heer, ontferm U over ons.

Goede God,
laat ons nog beter verstaan wat U ons te zeggen hebt:
dat wie leeft naar uw Woord
leven vindt bij U. Amen.


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed

Heer, hemel en aarde gaan voorbij,
maar niet uw goedheid, niet uw liefde.
Sterk ons in onze overtuiging
dat Gij op ons wacht,
dat wij eens uw glorie zullen zien
van aanschijn tot aanschijn,
levend in tijdloos geluk. Amen.


Lezingen

Ook in tijden van angst en verschrikking blijven, voor wie gelooft, de vooruitzichten hoopvol, zo blijkt uit de schriftverhalen van vandaag.

Eerste lezing
(Maleachi 3,19-20a)
Uit de profeet Maleachi

19       Weet wel: hij gaat komen,
de dag die zal branden als een oven.
Al degenen die God trotseren
en al degenen die kwaad doen,
zij worden kaf.
De dag die gaat komen steekt hen in brand
– zegt de Heer van de machten –
de dag die wortel noch tak van hen overlaat.
20       Maar voor u,
die mijn naam vreest,
gaat dan de zon van de gerechtigheid op,
die met haar vleugels genezing brengt.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(2 Tessalonicenzen 3,7-12)
Uit de tweede brief van de apostel Paulus aan de christenen van Tessalonica

Broeders en zusters,
 7        U weet immers zelf wel hoe u ons moet navolgen;
wij hebben bij u geen werk geschuwd
8        en niemands brood zonder betaling gegeten.
Dag en nacht hebben wij gearbeid,
met veel moeite en inspanning,
om niemand van u op kosten te jagen.
9        Niet dat wij daar geen recht op hebben,
maar wij wilden een voorbeeld geven
dat het waard is om gevolgd te worden.
10       Ook toen wij bij u waren,
hielden wij u telkens deze regel voor:
iemand die niet wil werken,
zal ook niet eten.
11       Wij hebben namelijk gehoord
dat sommigen bij u de arbeid schuwen,
alle inspanning uit de weg gaan,
maar zich wel met alles bemoeien.
12       In naam van de Heer Jezus Christus
gebieden en vermanen wij zulke mensen
dat zij regelmatig moeten werken
en hun eigen brood moeten verdienen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Lucas 21,5-19)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

5        In die tijd merkten sommigen op dat de tempel
was versierd met fraaie stenen en wijgeschenken.
Maar Jezus zei:
6        `Er zal een tijd komen dat van alles wat u daar ziet
geen steen op de andere zal blijven; ze worden allemaal neergehaald.’
7        Daarop vroegen ze Hem:
`Meester, wanneer zal dat plaatsvinden?
En wat zal het teken zijn dat dit gaat gebeuren?’
8        `Kijk uit’, zei Hij,
`dat u niet op een dwaalspoor wordt gebracht.
Want velen zullen optreden in mijn naam en zeggen:
`Ik ben het”, of: `De tijd is gekomen.”
Loop niet achter hen aan.
9        Wanneer u hoort van oorlogen en onlusten,
wees dan niet verontrust.
Want dat moet eerst gebeuren, maar het is niet meteen het einde.’
10       Toen zei Hij hun:
`Het ene volk zal opstaan tegen het andere
en het ene koninkrijk tegen het andere.
11       Er zullen zware aardbevingen zijn
en op verscheidene plaatsen hongersnood en pest;
en er zullen zich schrikwekkende en grote tekenen voordoen aan de hemel.
12       Maar voordat dit allemaal gebeurt
zal men u oppakken en vervolgen,
u uitleveren aan de synagogen en u gevangenzetten.
U wordt voorgeleid aan koningen en gouverneurs omwille van mijn naam;
13       dat geeft u de gelegenheid om te getuigen.
14       Neem u heilig voor om u er van tevoren geen zorgen over te maken
hoe u zich zult verdedigen.
15       Want Ik zal u wijze woorden in de mond leggen,
zodat geen van uw tegenstanders u zal kunnen weerstaan of tegenspreken.
16       U zult zelfs door uw ouders, uw broers en zusters,
uw familie en vrienden worden uitgeleverd
en sommigen van u zal men ter dood brengen;
17       u zult door iedereen gehaat worden vanwege mijn naam.
18       Maar geen haar van uw hoofd zal gekrenkt worden.
19 Als u volhardt, zult u uw leven winnen.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Belijden wij samen ons geloof in onze God die toekomst garandeert.

Wij geloven in God de Vader,
die zijn schepping in onze handen heeft gegeven
om er een woning van te maken
waarin het goed is om te leven.

Wij geloven in de zoon Jezus Christus,
die bij ons kwam wonen en nu leeft
in de harten van de mensen.
Hij is ons voorbeeld van liefde tot het uiterste.

Wij geloven in Gods Geest,
die ieder van ons de kracht geeft
om aan het rijk van God mee te bouwen.

Wij geloven in een gemeenschap
waarin elkeen zorg draagt voor de ander;
waarin eenieder aan de blijde boodschap
gestalte geeft door woord en daad.

Wij geloven dat een mensenleven
nooit zal eindigen
en dat we hoopvol mogen uitzien
naar het eeuwig geluk bij de Vader. Amen.

Voorbeden 1

Bij het begin van deze tafeldienst
treden wij biddend God tegemoet met onze vragen en noden.

– Bidden wij voor de pessimisten, voor hen die alles donker zien:
dat zij licht vinden en moed vatten.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor wie eenzaam zijn en bang:
dat zij vriendschap en zekerheid ervaren.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor hen die enkel hun eigen moeilijkheden zien:
dat zij de nood van medemensen ontdekken.
Laten wij bidden…

– Bidden we om mensen die hoop uitstralen,
om mensen die goed doen vanzelfsprekend vinden:
zij zijn de moderne profeten die aan kerk en wereld hun warme ziel geven.
Laten wij bidden…

– Bidden wij ook voor onszelf:
dat wij christen zijn en blijven
ook als de problemen ons boven het hoofd dreigen te groeien.
Dat we onze ogen gericht houden op de Heer, die ons altijd nabij blijft.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden wij voor allen die de hoop verloren hebben,
de toekomst van de wereld somber inzien,
doemdenkers geworden zijn:
dat zij zich mogen optrekken aan Gods belofte ‘Ik zal er zijn voor u’.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die hun partner, kind of beste vriend
uit handen moesten geven;
voor hen die niemand meer hebben om voor te leven
en die daarom twijfelen aan de zin en het doel van hun bestaan:
dat zij Gods mee-leven mogen ervaren in een medemens
die hun leed opmerkt en hun nabij wil zijn.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die het moeilijk hebben in het leven,
die een crisis moeten doormaken;
voor alle palliatieve zieken
die moeten leven met de zekerheid dat hun levenseinde dichtbij is:
wees hen nabij, Heer.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onszelf,
soms hoopvol, energiek en vol goed moed,
dan weer teleurgesteld, vol twijfels en met een wankel geloof.
Zegen ons met vertrouwen, Heer.
Laten wij bidden…
naar Gerard Kock

Voor al deze intenties, voor alles wat ons op het hart ligt, bidden wij:


Gebed over de gaven

Heer onze God,
doe ons beseffen dat de levende Heer – Jezus, uw Zoon –
alleen aanwezig kan zijn onder mensen
wanneer die bereid zijn van harte samen brood te breken en te delen.
Maak ons tot een hechte gemeenschap;
zet ons op het spoor van uw liefde.
Geef dat wij elkaar behoeden
voor de nacht van eenzaamheid.
Dan zullen wij leven, vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.

Tafelgebed

Heer onze God,
schepper van hemel en aarde,
wij danken U
voor alles wat leeft en ademhaalt,
voor het licht van deze dag,
voor het geluk en de liefde
die in ons midden ontstaan;
voor mensen die, zoals Gij,
ons trouw blijven in dagen van lief en leed.
Wij zeggen U dank voor die ene mens,
Jezus van Nazareth, uw Zoon.
Hij is uw evenbeeld
omdat Hij er is voor de minste van de mensen.
Hij is er ook voor hen
die het goed hebben in dit leven,
door hen voor te gaan
in een leven van dienstbaarheid tot in de dood.
Daarom zeggen wij U van harte dank
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Roep ons op, Vader,
om heilig en goed te zijn
zoals het uw wil is geweest
op de dag dat Gij de mens geschapen hebt;
dat wij worden zoals Gij:
liefde die de wereld schept en draagt
en die zo rijk is dat zij overstroomt in allen.

Roep ons op,
tot gehoorzaamheid en nederigheid;
doe ons luisteren, maak ons aandachtig
voor het woord van Jezus Christus,
die mens geworden is om U te dienen,
die gehoorzaam was tot het uiterste
en daarom,
sinds zijn dood, verrijzenis en hemelvaart
verheerlijkt wordt
door allen die zijn naam dragen.

Roep ons op door uw scheppend woord, Vader,
tot kracht en sterkte,
dat wij elkaar elke dag opnieuw
kunnen bezielen en dragen,
zoals Gij ons draagt en in leven houdt;
dat wij, zoals uw Zoon,
een steun kunnen zijn
voor alle zwakken en eenzamen op onze weg;
dat wij, gesterkt door zijn woord en brood,
elkaar kunnen dragen in uren van nood,
als ons kruis zwaar wordt en wij hulp nodig hebben.

Roep ons op, Vader,
tot één gemeenschap
door deel te hebben aan
het lichaam en het bloed van uw Zoon.

Roep ons tot gemeenschap met Hem
in het brood dat Hij dankbaar heeft gebroken
met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”

Roep ons op tot gemeenschap met Hem
in de beker die Hij dankbaar heeft gezegend
en rond gereikt met de woorden:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Roep ons op, God van liefde,
tot dankbaarheid voor de gemeenschap met U,
met elkaar en met alle mensen
die ons tot hier hebben geleid;
die nog met ons meegaan
in geloof, hoop en liefde,
of die ons blijven begeleiden
vanuit uw heerlijkheid
waarheen zij ons zijn voorgegaan.

Roep ons op, Vader,
tot de volle menselijkheid
van uw zoon Jezus Christus,
die de zieken geneest,
de zonden vergeeft,
de hongerigen spijzigt,
de kleinen tot zich roept,
en voor iedereen woorden heeft
van eeuwig leven;
die ons zijn Geest zendt
om de weg vrij te maken
naar vrede en geluk onder de mensen.
Daarvoor blijven wij U danken
en verheerlijken:
met en door Christus de Heer,
vandaag en alle dagen die U ons geeft. Amen.

Onze Vader

Geroepen tot volle menselijkheid,
menselijkheid doordrongen van Gods Geest,
mogen wij met de woorden van de Zoon bidden tot zijn en onze Vader:
Onze Vader…

Vaak voelen wij ons klein en machteloos.
Toch schuilen ook in ons krachten van geloof, hoop en liefde.
Mogen wij bij elkaar die krachten tot leven wekken,
zodat er in ons midden een beweging op gang komt
van geloof en hoop, en van liefde die sterker is dan alle aardse machten.
Dan zullen wij hoopvol mogen uitzien
naar de wederkomst van Jezus  Messias uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…


Vredeswens

God van hemel en aarde, geef ons de moed om te geloven en te beseffen
dat wij uw vrede en liefde hebben uit te dragen
in ons gezin, in onze wereld, in onze kerk.
Als wij te gepasten tijde
onze oren en ogen,
onze handen en monden openen om uw boodschap metterdaad te verkondigen,
dan zullen wij een volk van vrede worden,
één van hart en één van ziel.
Gij die leeft in eeuwigheid. Amen.
De vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven wij elkaar een teken van die vrede.

Lam Gods

Communie

“Geen haar van uw hoofd zal gekrenkt worden. Als u volhardt, zult u uw leven winnen” zei Jezus.
Om te kunnen stand houden, ook als het moeilijk wordt
biedt onze God ons zijn Zoon aan als blijvend voedsel.
Hij nodigt ons aan zijn tafel:
dit is het Lam Gods…


Bezinning 1

Leven met hoop
is ’s avonds
opstappen
naar het oosten toe,
de nacht heel zwart tegemoet;
omdat je zeker bent
dat je door de nacht
het licht in het oosten
opnieuw zult ontmoeten.

Leven met hoop
is de ondergaande zon
niet achterna lopen
uit vrees
het licht te verliezen,
maar in zichzelf
zoveel licht bezitten
dat de donkerste nacht
de bode
van de nieuwe morgen
wordt.
Norbert Vanden Abbeele

Slotgebed

Mijn keuze voor U, God,
zal mijn leven niet gemakkelijker maken.
Er zullen altijd mensen zijn
die me belachelijk vinden
omdat ik mijn leven afstem op de golflengte van uw hart.
Wil dan naar mij knipogen
en me opnieuw toefluisteren dat U van me houdt
en dat geen haar van mijn hoofd verloren zal gaan
als ik op U durf te vertrouwen.
naar Erwin Roosen


Zending en zegen

De toekomst hoeft niet altijd rooskleurig te zijn,
zo leerde ons de evangelielezing.
Maar de Heer wil ons steeds nabij blijven,
en Hij blijft ons zegenen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.