1e zondag van de vasten A 2011

ZONDAGSVIERINGEN
eerste zondag vasten A (13/03/2011)

Begroeting

Welkom in de woestijn
met zijn ongebaande wegen,
zijn onzekere gebeurtenissen,
zijn verrassende ontmoetingen,
zijn onbelemmerde horizonten.
Welkom in de woestijn
die oproept tot confrontatie met jezelf,
tot herbronning,
tot bevrijding van alles wat je vandaag tot slaaf maakt.
Een heilzame tocht toegewenst
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

We staan aan het begin van de voorbereidingstijd op Pasen.
Deze startzondag staat in het teken van wat we tegenwoordig misschien ‘een test’ zouden noemen, maar wat in de Bijbel gewoon ‘bekoring’ heet.

In de eerste lezing horen wij hoe de eerste mensen
zich in de luren laten leggen
door de mooipraterij van de duivel.

Ook Jezus wordt door de duivel getest
op zijn mogelijkheden, zijn voorkeuren, zijn zwakke plekken,
kortom, op zijn geschiktheid als Messias.
Ook hier valt op hoe geslepen de bekoorder te werk gaat.

Een gelegenheid om ook onszelf even te testen
op onze mogelijkheden en voorkeuren, op onze zwakke plekken,
kortom, op onze geschiktheid als volgeling van Jezus.
Een gelegenheid om na te gaan
hoe wij onszelf inpakken en in de luren leggen,
hoe slinks wij het vaak aan boord leggen
om het duiveltje in ons binnenste aan zijn trekken te laten komen.
Laten wij dit samenzijn beginnen met het erkennen van onze schuld.

Openingswoord 2

Vastentijd.
Elk jaar opnieuw deze kans en uitdaging:
veertig dagen, met zicht op Pasen,
de tijd nemen om het overtollige weg te gooien
en vast te houden aan wat toekomst en leven in zich draagt.
Veertig dagen jezelf de tijd gunnen
om alles op een rijtje te zetten:
je levensstijl,
je relaties met anderen,
je engagementen,
je waarden en idealen,
je geloof.
Is dit geen echte luxe?

Vergevingsmoment 1

– Voor al die keren dat wij niet meer weten wat kiezen,
dat we verloren lopen in onze welvaart of comfort
en toch nog durven bekommerd zijn om de dag van morgen.
Heer, ontferm U over ons.

– Voor al die keren dat wij U op de proef stellen
wanneer woestijnmomenten in ons leven opduiken.
Voor onze angst om los te laten
terwijl Gij zelf alles, tot uw leven toe,
hebt gegeven om ons te redden.
Christus, ontferm U over ons.

– Voor ons gebrek aan vurig geloof en vertrouwen,
voor ons mopperen en klagen
terwijl Gij al die tijd aanwezig zijt met uw milde gaven.
Voor al die keren dat onze blindheid U bedroeft.
Heer, ontferm U over ons.

Moge de Barmhartige God,
die al onze begrippen en voorstellingen te boven gaat,
ons weer vrij maken van zonden,
Zich over ons ontfermen,
ons geleiden op weg naar het volle leven. Amen.


Vergevingsmoment 2

God van liefde,
toon ons de weg naar de woestijn van deze veertigdagentijd,
om te kunnen inzien wat Gij van ons verlangt.

– Laat uw wijsheid in ons hart groeien,
zodat we kiezen voor het brood dat leven schenkt
en niet voor schijngeluk en vergankelijkheid.
Heer, ontferm U over ons.

– Laat liefdevolle dienstbaarheid ons leven vervullen,
en laat ons weerstaan aan de verleiding om naar macht te grijpen.
Dan kunnen anderen openbloeien.
Christus, ontferm U over ons.

– Laat trouw en verbondenheid onze drijfveer zijn
bij onze inzet voor elkaar en voor de hele schepping.
Heer, ontferm U over ons.

God van licht en kracht,
herschep ons tot uw mensen,
kneed ons naar uw beeld. Amen.

Openingsgebed 1

Heer, onze God,
ook wij zitten hier bijeen zoals Jezus in de woestijn,
teruggetrokken uit de drukte van elke dag.
Wij bidden U:
maak ons ingekeerd en stil
zodat we het woord horen dat Gij tot ons spreekt.
Dan kan dit uur een begin worden van luisteren naar U,
van leven met U, van eenheid met U.
Dat vragen wij U door Jezus Christus, uw Zoon en onze Heer. Amen.


Openingsgebed 2

God, vernieuw ons hart,
leer ons de vreugde smaken van een gedeeld leven,
in harmonie met elkaar, met de schepping en met U.
Geef ons de kracht
niet te leven ten koste van anderen.
Dan zullen we U eer aan doen,
Schepper en Drager van ons bestaan. Amen.

Openingsgebed 3

God,
we hebben het vaak zo druk,
we hebben zoveel haast,
we hebben amper tijd voor U.
Maar nu staan we stil
en het lijkt alsof we het beter horen,
het beseffen…
ons diepe verlangen om authentieker te leven.
Ga met ons op weg doorheen deze veertigdagentijd
en doe ons opnieuw ontdekken dat
zich iets ontzeggen de weg is
waarlangs Gij mensen omvormt tot mensen uit één stuk,
zoals Jezus dat was, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Lezingen

Luisteren wij naar de Heer die ons toespreekt doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (Genesis 2,7-9.3, -7)
Uit het boek Genesis

7        In het begin boetseerde de Heer God de mens uit stof
dat Hij van de aarde nam,
en Hij blies hem de levensadem in de neus:
zo werd de mens een levend wezen.
8        Daarna legde de Heer God een tuin aan in Eden,
ergens in het oosten,
en daarin plaatste Hij de mens die Hij geboetseerd had.
9        De Heer God liet uit de grond allerlei bomen opschieten,
aanlokkelijk om te zien en heerlijk om van te eten.
Midden in de tuin stonden de boom van het leven
en de boom van de kennis van goed en kwaad.
1        Van alle dieren, die de Heer God gemaakt had,
was er geen zo sluw als de slang.
Ze zei tegen de vrouw:
`       Heeft God werkelijk gezegd
dat je van geen enkele boom in de tuin mag eten?’
2        De vrouw zei tegen de slang:
`Wij mogen wel eten van de vruchten van de bomen in de tuin.
3        God heeft alleen gezegd:
`Van de vruchten van de boom die midden in de tuin staat
mag je niet eten;
je mag haar zelfs niet aanraken; anders zul je sterven.” ‘
4        Maar de slang zei tegen de vrouw:
`Je zult helemaal niet sterven!
5        God weet dat je ogen open zullen gaan als je van die boom eet,
en dat je dan gelijk zult worden aan God,
door de kennis van goed en kwaad.’
6        Toen zag de vrouw dat het goed eten was van die boom,
en dat hij een lust was voor het oog,
en hoe aantrekkelijk het was er inzicht door te krijgen.
Zij plukte dus een vrucht en zij at ervan;
zij gaf er ook van aan haar man, die bij haar stond,
en ook hij at ervan.
7        Nu gingen hun beiden de ogen open
en zij ontdekten dat ze naakt waren.
Daarom hechtten ze vijgenbladeren aaneen
en maakten daar lendenschorten van.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Romeinen 5,12-19)

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

12
      Door één mens is de zonde in de wereld gekomen
en met de zonde de dood,
en zo is de dood over alle mensen gekomen,
aangezien allen gezondigd hebben.
13       Er was heus wel zonde in de wereld al voordat de wet er was;
maar zonde wordt niet aangerekend waar geen wet is.
14       Toch heeft de dood als koning geheerst
in de tijd van Adam tot Mozes,
dus ook over hen die zich niet op de wijze van Adam
schuldig hadden gemaakt aan de overtreding van een gebod.
Adam nu is het beeld van Hem die komen moest.
15       Maar de genade laat zich niet afmeten aan de misstap van Adam.
De fout van één mens bracht allen de dood,
maar aan allen schonk Gods genade
een rijke vergoeding door de grote gave van zijn genade,
de ene mens Jezus Christus.
16       Zijn gave laat zich niet afmeten aan die ene zonde.
Het oordeel dat volgde op die ene misstap
liep uit op een veroordeling,
maar de gratie die na zoveel overtredingen verleend werd
liep uit op volledige kwijtschelding.
17       Door de overtreding van één mens begon de dood te heersen,
als gevolg van zijn val.
Hoeveel heerlijker zullen zij
die de overvloed van de genade en de gave van de gerechtigheid ontvangen, leven en heersen, dankzij de ene mens Jezus Christus!
18       Dus, zoals één fout leidde tot veroordeling van allen,
zo ook leidde één goede daad tot vrijspraak en leven voor allen.
19       Zoals door de ongehoorzaamheid van één mens allen zondaars werden,
zo worden door de gehoorzaamheid van één allen gerechtvaardigd.
KBS Willibrord 1995


Evangelie (Matteüs 4,1-11)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

1        In die tijd werd Jezus door de Geest naar de woestijn gebracht
om door de duivel op de proef gesteld te worden.
2        Na veertig dagen en veertig nachten vasten kreeg Hij tenslotte honger.
3        De beproever kwam naar Hem toe en zei:
`Als U de Zoon van God bent,
zeg dan dat deze stenen brood worden.’
4        Hij antwoordde:
`Er staat geschreven:
De mens zal niet leven van brood alleen,
maar van ieder woord dat uit de mond van God komt.’
5        Toen nam de duivel Hem mee naar de heilige stad,
zette Hem op de rand van de tempel,
6        en zei:
`Als U de Zoon van God bent, spring dan naar beneden.
Want er staat geschreven:
Zijn engelen zal Hij bevelen U op hun handen te dragen,
zodat U aan geen steen uw voet zult stoten.’
7        Jezus zei hem:
`Er staat ook geschreven:
U zult de Heer uw God niet op de proef stellen.’
8        Weer nam de duivel Hem mee, nu naar een zeer hoge berg.
Hij liet Hem alle koninkrijken van de wereld zien met al hun pracht,
9        en zei: `Dit alles zal ik U geven, als U voor mij in aanbidding neervalt.’
10       Toen zei Jezus hem:
`Ga weg, satan. Want er staat geschreven:
De Heer uw God zult u aanbidden en Hem alleen dienen.’
11         Toen liet de duivel Hem met rust,
en er kwamen engelen om Hem van dienst te zijn.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God die met mensen op weg gaat,
die van mensen houdt,
die mensen aan mensen toevertrouwt,
die ons Jezus heeft gezonden.

Ik geloof in de verrezen Christus.
Naar zijn voorbeeld moeten wij aan elkaar dienstbaar zijn.
Ik geloof in zijn droom de mensen gelukkig te maken
in een wereld van vriendschap, van recht en van gerechtigheid.

Ik geloof in de Geest die ons tot verbondenheid oproept.
Hij schenkt ons aan elkaar als licht en hoop,
als brood en wijn, als dank en vergeving.

Hij roept ons samen in de gemeenschap van de Kerk.
Hij blijft ons trouw, over de grenzen van de dood heen. Amen.
Diest

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en dit brood en deze wijn aan de Heer op te dragen.

– Bidden wij om geloofwaardigheid van het Rijk Gods hier op aarde.
Dat het niet gecompromitteerd wordt
door streven naar macht, aanzien en goedkoop succes.
Dat er mensen mogen opstaan, hoog en laag,
die hun eigen leven op het spel durven zetten
om in naam van het evangelie
anderen de vreugde van de bevrijding aan te bieden.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die voor een afgrond staan
en geen uitweg meer zien.
Dat zij een hand mogen vinden
die hen behoedt voor de ondergang.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onszelf.
Dat wij niet afgestompt geraken
door de dagelijks weerkerende beelden
van honger, ellende en overlevingsstrijd in het grootste deel van de wereld.
Dat wij ons gevoel voor rechtvaardigheid niet zouden verliezen,
en de handen zouden ineen slaan
om het geproduceerde voedsel met elkaar te delen.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Blijf ons nabij in deze vastentijd, Heer.
Doe ons groeien in fijngevoeligheid en verbondenheid
met al wie ons nabij zijn,
met al wie veraf zijn.
Laten wij bidden…

– Leer ons, Heer, dat het beter is
te geven dan te moeten wachten
op liefde, op brood, op tijd.
Verruim onze blik,
scherp ons gehoor aan
en maak ons gevoeliger
voor wie van dag tot dag leven in armoede.
Laten wij bidden…

– Voor onszelf willen wij bidden.
Dat wij bij tegenslag zekerheid mogen vinden bij de Heer.
Laten wij bidden…

Graag vertrouwen wij U deze beden toe, God.
Want wij geloven dat wij bij U in goede handen zijn.  Amen.

Voor al deze intenties en voor alles wat ons persoonlijk ter harte gaat, bidden wij:

Gebed over de gaven 1

Heer, onze God,
wij bieden U dit brood en deze beker aan,
heel ons bestaan, alles wat we zijn.
Aanvaard ons met onze kansen en beperktheden,
maar vooral met onze mogelijkheden.
Leer ons daarvan ten volle gebruikmaken.
Leer ons mensen te worden die durven te geven met hart en ziel.
Dat vragen wij U door Hem die zich volledig gaf aan U:
Jezus Christus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Gebed over de gaven 2

Goede Vader,
maak ons tot brood voor elkaar,
zoals Jezus brood werd voor deze wereld.
Maak ons tot vreugde van elkaar
zoals Jezus onze vreugdewijn is geworden.
Dat uw liefde in ons mag groeien
telkens wij het brood eten en de wijn drinken
door Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Gebed over de gaven 3

Het is uw grote wens, God,
dat mensen wereldwijd
het leven delen met elkaar.
Aanvaard dit brood en deze wijn
als een gebaar van onze goede wil
en maak ons breken en delen hier
tot aanzet van uw komende Rijk van vrede en gerechtigheid.
Dat vragen wij U, door Jezus,
uw geliefde, uw uitverkorene voor tijd en eeuwigheid. Amen.

Tafelgebed

Met hart en ziel danken wij U, God,
die door uw Geest
onze geest voortdurend vernieuwt
opdat wij de wereld
mensvriendelijker zouden maken.
Uw Geest stimuleert ons
om te geloven in Jezus
en Hem te belijden voor alle mensen
als de Heer,
als de hoop van de wereld.
Daarom loven wij U met de woorden
die uw Geest ons heeft ingegeven:

Heilig, heilig, heilig …

Goede God,
uw oud verhaal brengt  mensen bij elkaar om te luisteren,
stil te worden en honger te krijgen naar meer.

Wij mogen onze handen uitstrekken om voedsel te nemen
dat Gij ons schenkt: brood om van te leven.
Wij bidden om uw Geest over deze gaven.

Jezus zei de avond voor zijn sterven tegen zijn vrienden:
kom met Mij aan tafel.
Ik wil voor de laatste keer met jullie eten.
Hij nam het brood, dankte God, brak het en zei:
Ik ben als dit brood, Ik deel het leven met alle mensen.
Ik word als brood gebroken voor iedereen.
Kom, eet ervan. Ik ben het en Ik blijf altijd bij jullie.

Hij gaf hen te drinken uit zijn beker en zei:
niets maar dan ook niets hou Ik voor mezelf.
Kom, drink hier van. Ik geef me weg aan alle mensen.
Vergeet Mij niet en doe wat Ik gedaan heb.

Jezus is gestorven, maar als zijn vrienden komen we nog altijd bij elkaar.
Dan breken en delen wij, eensgezind.
En we herinneren ons wat Hij deed:
hoe Hij zieken beter maakte
en bevriend was met mensen zonder vrienden.
Hoe Hij kon luistenen en kijken naar de natuur,
hoe Hij begaan was met kinderen
hoe Hij de mensen leerde bidden.

Doen jullie nu zoals Ik het jullie heb voorgedaan.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de heilige Geest,
hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.
naar: ‘Ten hemel schreien’ van Peer Verhoeven

Onze Vader

Moge God ons de ogen openen voor wat in het leven werkelijk de moeite waard is.
Daartoe bidden wij tot Hem met de woorden die Jezus ons heeft geleerd:
Onze Vader,…

Heer, houd de bekoring van machts- en bezitsdrang ver van ons.
Houd ook de bekorende gedachte ver van ons
dat Gij maar moet rechttrekken
wat wij, uit ik-zucht, hebben kromgebogen,
ver van ons.
Doe ons inzien dat wij te bouwen hebben aan uw Rijk dat komt.
Dan zullen wij verlangend mogen uitzien naar de definitieve komst
van Jezus Messias, uw Zoon,
Want van U is het koninkrijk,….

Vredewens 1

‘Thuis’, dat is de deur op onze privacy:
het veilig plekje om uit te blazen, en onszelf te zijn.
‘Thuis’, dat is vooral de gezichten van mensen
die in vrede bij elkaar thuis zijn,
die elkaar de ruimte geven om te zingen en te wenen,
om tegelijk zot en serieus te zijn.
Thuis is ook het dak, hoog boven onze hoofden
waaronder wij ons thuis voelen,
het geestelijk dak, waaronder wij elkaar verstaan
en met elkaar delen wat wij de moeite vinden om voor te leven.
Er is ook de thuis die Jezus ooit het huis van zijn Vader noemde
waar heel veel mensen ruimte krijgen
om zichzelf te zijn en met elkaar voluit te leven.
Dat blijft ons grote heimwee: dat vredeshuis met velen…
Moge dat Godshuis van vrede altijd met u zijn.
En wensen wij die Godsvrede van harte aan elkaar toe.

Vredewens 2

Heer Jezus,
Gij hebt de strijd tussen goed en kwaad gekend
en Gij hebt vrede gevonden.
Wees ons nabij en schenk ons uw vrede.
Maak ons tot mensen die uw vrede delen,
Gij die leeft in eeuwigheid, Amen.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
Geven wij ook mekaar een hartelijk teken van vrede.


Lam Gods

Communie

Jezus brak het brood
en legde zijn leven in Gods handen.
Moge ook wij breken en delen
opdat zijn Rijk van liefde
onder ons mag groeien.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Hij heet Jezus Christus,
en Hij heeft honger.
Hij huilt door de mond van wie honger lijdt.
De mensen lopen voorbij als ze Hem zien
en haasten zich vlug naar de kerk.

Hij heet Jezus Christus,
en heeft geen huis.
Hij slaapt in de goot.
Voorbijgangers versnellen hun pas
en zeggen dat hij een dronken landloper is.

Hij heet Jezus Christus,
en is analfabeet.
Hij werkt niet, maar bedelt op straat.
De mensen zeggen als ze Hem zien:
Die nietsnut! Dat Hij gaat werken…

Hij is onder ons.
We hebben Hem niet herkend.
We doen alsof wij Hem verwachten
maar negeren Hem, maar…
Hij ís immers al midden onder ons.


Bezinning 2

Onderweg naar het land baan ik mijn weg.
En zie:
ik heb alles,
beheers alles,
word door allen op handen gedragen.
En toch – woestijn –
hunkert de honger,
dreigt de onmacht,
gaapt de angst in het niets te vallen.
Wat heb ik meer nodig dan deze fata morgana,
meer nodig dan brood, dan macht,
meer dan aanzien?
Dat je naar me kijkt en zegt: ik zie je graag.
Dat ik van je voel: je mag er zijn.
Dat je me draagt en zegt: je hoeft je niet te bewijzen.
In de woestijn ontluikt mijn weg naar het land.
Mijn weg is veertig dagen, jaren lang.
Langer dan mijn hunker die verzandt,
langer dan mijn onmacht, mijn angst.
Mijn weg is mijn land.
Naar J.V.P.


Bezinning 3

God,
we willen ons leven wel afstellen op U,
maar er zijn zoveel stoorzenders om ons heen.
We willen in uw geest handelen,
maar de één roept dit en de ander dat,
en dan weten we niet meer
wat te doen.

We voelen ons aangesproken door de tijdsgeest,
die zegt dat we voor onszelf moeten opkomen
en alles moeten proberen wat het leven te bieden heeft.
Maar toch voelen we
dat andere dingen minstens zo belangrijk zijn:
keuzes maken en opkomen voor anderen.

God,
help ons op dezelfde golflengte te komen als U.
Raak ons aan met uw Geest.
naar Greet Brokerhof-van der Waa

Slotgebed 1

Heer, onze God,
laat de Goede Boodschap van uw Zoon
vlees worden in ons.
Geef ons vertrouwen in hen met wie wij samenleven en samenwerken,
ook in hen die ons ooit hebben teleurgesteld.
Maak ons hart en onze geest bereid
om in eenvoud en liefde elkaar te beluisteren en te bemoedigen.
Laat uw Geest ons ertoe aanzetten
om met meer blijheid en vertrouwen de mensen tegemoet te treden.
Wees elke dag in ons midden
opdat wij, in het spoor van uw Zoon en in de kracht van uw Geest,
vasthouden wat goed is,
maar ook nieuwe wegen durven gaan in deze nieuwe tijden. Amen.

Slotgebed 2

Schenk mij uw Geest, God,
om als christen stand te houden
in de woestijn van deze wereld
en om niet ten onder te gaan
aan de verlokkingen van bezit en macht.
Help mij mijn roeping als christen te ontdekken en te beleven:
U aanbidden, Heer, en U alleen dienen.
Op papier is dat eenvoudig,
maar in het concrete leven
dreigt het vaak anders te verlopen.
Laat me daarom in deze veertigdagentijd
groeien in liefde en geloof.
Erwin Roosen

Zending en zegen 1

God, onze Vader,
vandaag stonden we stil bij de bekoringen
die Jezus van Nazareth probeerden te verleiden tot het kwaad.
Wij bidden met Hem:
dat we onze macht over anderen niet misbruiken,
dat we niet neerzien op wie klein en zwak zijn.
Help ons iedereen te behandelen met respect.
Zegen ons daartoe, Heer,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Zending en zegen 2

Wij worden omringd door allerlei levensstijlen.
Keuze te over dus om ons bij één ervan aan te sluiten.
Wie koos en kiest voor de levensstijl van Jezus van Nazareth
mag daar veertig dagen lang naartoe groeien.
God wil ons daartoe zegenen
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.