1e zondag van de advent A 2010

ZONDAGSVIERINGEN
eerste zondag advent A (28/11/2010)


Begroeting

Op deze eerste zondag van de advent zijn wij bijeengeroepen
door God, die wij met eerbied mogen noemen:
+ Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.
Puurs

Aansteken van de adventskaars

Advent:
aan de verre horizon – nog vier weken ver –
daagt Kerstmis op,
de geboortedag van Hem die hoop en toekomst aanreikt,
die licht bracht in onze duisternis.
Als teken van die komende hoop
steken wij licht aan: de eerste kaars van onze adventskrans.
          kaars aansteken.


Openingswoord 1

Advent, tijd van hoop en licht,
maar ook een tijd om onszelf te bevrijden van verwachtingen
die de toets van de christelijke kritiek
niet kunnen doorstaan.
Geloven is immers niet vrijblijvend.
Het is willen veranderen,
zich losmaken uit het ‘nu’, uit de huidige feitelijkheid.
Geloven is
zich in beweging zetten,
op weg gaan,
om te bouwen aan de morgen waartoe God ons bestemd heeft.
Dat vraagt alertheid, voortdurende waakzaamheid.
Dit brengen wij niet altijd op.
Vragen wij God daarom om vergeving.


Openingswoord 2

In de komende adventsweken
willen we onze hoop en verwachting laten leiden
door Jezus’ reactie op de vraag van Johannes de Doper:
“Zijt Gij het, Heer, of hebben wij een ander te verwachten?”. In zijn antwoord grijpt Hij terug naar de profetie van Jesaja:
“Ga aan Johannes zeggen wat gij hoort en ziet:
blinden zien en lammen lopen,
melaatsen genezen en doven horen,
doden staan op
en aan armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd.”
Bij dit visioen willen wij ons graag aansluiten.
Ook wij willen ‘gaandeweg’ opnieuw leren ‘zien’ en ‘horen’.
Ook wij willen nieuwe wegen leren gaan,
wegen van hoop en van bevrijding.
Vandaag, aan het begin van de advent,
willen we alvast opnieuw leren ‘zien’.
We willen de blinde vlekken uit ons leven bannen.
We willen zien waarop het echt aan komt.
Wij hopen op en verwachten nieuw licht voor onze ogen.

Vergevingsmoment 1

– Heer, wees hier aanwezig
als de stem in het gebeuren van elke dag,
als de stem die gehoord wordt in de stille noodkreet van de eenzame,
in de lach van wie blij is,
in de tranen van wie bedroefd is.
Heer, ontferm U over ons.

– Christus, wees hier aanwezig
in de zon die onze dag verlicht,
in het vuur dat de kou verdrijft,
in het water dat ons zuivert en verfrist,
in het brood dat onze honger stilt,
in de wijn die ons hart verblijdt.
Christus, ontferm U over ons.

– Heer, wees hier aanwezig
in de vriend die ons nabij is,
in de hand die troost en opricht,
in de vergeving die geschonken wordt,
in het telkens nieuwe begin,
in zoveel liefde, gratis aan ons besteed.
Heer, ontferm U over ons.

Moge de God van liefde naar ons toe komen,
ons bij de hand nemen en ons binnenleiden in zijn Rijk. Amen.


Vergevingsmoment 2

Laten wij deze advent alvast beginnen met een nieuwe lei.

– Omdat wij te vaak klagen over wat fout loopt
en te zelden nagaan wat we zelf ten goede kunnen veranderen,
Heer, onferm U over ons.

– Omdat wij zo weinig oor hebben
voor het appél van moderne profeten of organisaties,
behalve wanneer wijzelf slachtoffer zijn van leed of onrecht,
Christus, ontferm U over ons.

– Omdat wij onze gemakzucht, onze onmacht of ongeloof
vaak toedekken met het etiket ‘realiteitszin’,
Heer, ontferm U over ons.

Heer,
dank U omdat Gij ons steeds opnieuw de kans geeft
om weer op te staan en in beweging te komen.
Geef ons het versterkende geloof
dat Gij met ons onderweg zijt, vandaag en altijd. Amen.

Openingsgebed 1

Blijf bij ons, Heer, en ga met ons mee
doorheen de donkerste dagen van het jaar.
Zegen deze tijd van ‘uitzien naar’
en keer onze verlangens naar uw verwachtingen
zoals die vlees en bloed geworden zijn
in Jezus van Nazareth, uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Openingsgebed 2

God, onze Heer,
telkens opnieuw herinnert Gij ons
aan een beloftevolle toekomst,
aan licht in het duister,
aan recht en vrede.
Open ons hart en onze ogen daarvoor,
want onze wereld heeft daar zo’n behoefte aan.
Moge deze voorbereidingstijd van Kerstmis
een tijd van hoop en vreugde worden,
een tijd van zegen en verhoogde aandacht
voor al wie lijdt of verloren loopt. Amen.

Lezingen

Openen wij ons hart om te luisteren naar de woorden uit de Schrift.

Eerste lezing (Jesaja 2,1-5)
Uit de profeet Jesaja


1
        De openbaring over Juda en Jeruzalem,
die Jesaja, de zoon van Amos, in een visioen ontving.
2        Op het einde der dagen zal het gebeuren,
dat de berg van het huis van de Heer
gevestigd zal zijn als de hoogste der bergen,
verheven boven de heuvels,
en alle volken stromen naar hem toe;
3        en zij zeggen:
`Kom, laat ons optrekken naar de berg van de Heer,
naar het huis van Jakobs God:
dan zal Hij ons zijn wegen wijzen,
en wij zullen zijn paden bewandelen.
Want uit Sion komt de Wet,
uit Jeruzalem het woord van de Heer.’
4        Hij zal recht doen onder de volken,
en machtige naties straffen.
Dan smeden zij hun zwaarden om tot ploegscharen
en hun speerpunten tot sikkels.
Geen volk heft het zwaard meer tegen een ander
en oorlog leren ze niet meer.
5          Huis van Jakob, kom,
laat ons wandelen in het licht van de Heer.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Romeinen 13,11-14)
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Broeders en zusters,
11
      U weet hoe laat het is,
u weet dat het uur om uit de slaap te ontwaken
reeds is aangebroken.
Nu is onze redding dichterbij
dan toen wij tot het geloof kwamen.
12       De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan.
Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis
en ons toerusten met de wapens van het licht.
13       Laten wij ons behoorlijk gedragen,
als op klaarlichte dag,
en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen,
van ontucht en losbandigheid,
van twist en nijd.
14       Bekleed u met de Heer Jezus Christus,
en vertroetel uw lichaam niet;
er mogen geen begeerten worden opgewekt.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 24,37-44)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jesus Christus volgens Matteüs

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
37       Zoals het was in de dagen van Noach,
zo zal het gaan bij de komst van de Mensenzoon.
38       Want zoals in de dagen van de zondvloed
de mensen aten en dronken,
huwden en uithuwelijkten,
tot de dag waarop Noach de ark binnenging,
39       en ze van niets wisten totdat de zondvloed kwam
en hen allemaal wegrukte,
zo zal het ook gaan bij de komst van de Mensenzoon.
40       Dan zullen er twee op het land zijn:
de een wordt meegenomen
en de ander wordt achtergelaten.
41       Twee vrouwen zullen met de molen aan het malen zijn:
de een wordt meegenomen
en de ander wordt achtergelaten.
42       Wees dus waakzaam,
want je weet niet op welke dag jullie Heer komt.
43       Want je weet:
als de heer des huizes geweten had
in welk deel van de nacht de dief zou komen,
dan was hij wakker geweest
en had hij het inbreken in zijn huis wel verhinderd.
44       Daarom moeten juist jullie voorbereid zijn,
omdat de Mensenzoon komt
op een uur waarop je het niet verwacht.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God,
die er voor ons wil zijn,
die naar ons luistert,
die ons nabij wil zijn.

Ik geloof in Jezus,
die mens is geworden,
die oog had voor kwetsbare mensen,
die niemand in de kou liet staan.

Ik geloof in de Geest
die ons bezielt om Jezus na te volgen.

Ik geloof ook in de mensen om mij heen,
dat zij zoeken naar geluk,
dat zij door U, God, bemind worden.

Ik geloof ook in mijn eigen leven,
en dat Gij, God, mij bemoedigt en beschermt.

Ik geloof dat Gij ons allen een leven hebt gegeven,
dat sterker is dan de dood. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlij­ke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer aan te bieden.

– Bidden we voor de waakzamen onder ons,
voor de profeten van nu.
Bidden we voor hen die ogen en oren de kost geven
en on­recht, dichtbij en veraf,
voortdurend onder onze aandacht brengen.
Dat het ons nooit aan zulke mensen ontbreken mag.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor hen die het waken hebben opgegeven,
voor de vermoeiden,
en voor de over-vermoeiden in wie alle verwach­ting is uitge­blust.
Bidden wij voor allen die – door het leven geschonden –
sle­chts achterom kijken
en niets meer van de toekomst verwach­ten.
Laten wij bidden…

– Bidden we ook voor onszelf,
soms waakzaam, dan weer slapend,
bij tijden energiek en vol goede moed,
dan weer ontgoocheld en uitgeblust.
Dat wij elkaar bemoedigen en gaande houden
totdat de Mensen­zoon wederkomt.
Laten wij bidden…


Voorbeden 2

– Bidden we dat onze zwaarden worden omgesmeed tot ploegen
opdat er vrede komt, mede door onze inzet.
Laten wij bidden…

– Bidden we dat profeten van toen en van nu
ons alert en actief houden
opdat hun droom waar zou worden:
onze wereld die Gods wereld wordt.
Laten wij bidden…

– Bidden we om waakzame leiders in Kerk en wereld,
mensen met visie voor de tijd van nu,
mensen met een visioen over de wereld van morgen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor onszelf op weg naar Kerstmis.
Dat we, in de drukte van feesten voorbereiden en cadeautjes kopen,
de essentie niet uit het oog zouden verliezen:
de geboorte van het Kind dat heet: ‘Ik zal er zijn voor jou.’
Laten wij bidden…

Voor al deze intenties, voor alles wat ons op het hart ligt, bidden wij:

Gebed over de gaven 1

God,
maak ons beschikbaar en breekbaar
als levend brood voor onze medemensen.
Maak ons genietbaar als tintelende wijn
voor hen die vreugde en vriendschap moeten missen.
Kom zo bij ons wonen, Heer,
dan brengen wij uw Rijk van rechtvaardigheid en vrede
iets dichterbij. Amen.

Gebed over de gaven 2

God, Gij die op ons wacht,
die voor ons toekomst zijt,
hoop op beter leven,
daal af uit den hoge
en kom ons tegemoet.
Wees het brood van vrede in onze handen,
een beker van verbondenheid in ons midden,
opdat wij in U herboren worden. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, Heer onze God,
om alles wat Gij voor ons zijt:
Schepper en Bevrijder,
Herder van mensen, Licht en Leven.
Wij danken U omdat Gij liefde zijt,
die onze lotgenoot wil zijn,
die ons falen vergeeft en zich over ons ontfermt,
die begaan is met ons lijden en onze vreugden deelt.
Wij blijven vertrouwen op U,
ook als uw aangezicht niet wordt gezien,
uw stem niet wordt gehoord
en Gij machteloos schijnt om ons te helpen.
Met allen die uw naam hoog houden in lief en leed,
in leven en sterven, bidden wij:

Heilig, heilig, heilig …

Wij danken U, Heer onze God,
om Jezus, uw Zoon:
Hij gaf ons een teken van zijn liefde.
In Hem is uw vergeving en genezing
mens geworden.

Want Hij heeft die laatste avond brood genomen,
daarvoor dank gezegd, het gebroken,
het zijn vrienden aangereikt met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam
dat voor u gegeven wordt.”

Zo heeft Hij ook de beker genomen,
daarvoor dank gezegd,
en hem rondgegeven met de woorden:
“Drink allen hieruit,
deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en voor velen vergoten wordt
tot vergeving van zonden.
Blijf dit doen tot mijn gedachtenis.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Samen komen wij tot U, God,
met dit brood en deze beker
en wij bidden U:
gedenk Hem die zich voor ons heeft gedeeld
en aanvaard dit als teken van onze toewijding.

Toen Jezus zijn werk van vrede had volbracht
hebt Gij, Vader, Hem hoog verheven
en Hem ‘ Mensenzoon ‘ genoemd.
Zend nu zijn Geest in ons midden:
een Geest die niet verdeelt maar samenbrengt.
die geloof geeft in de toekomst,
vertrouwen in de mens,
barmhartigheid en recht.

Zo kan deze wereld een koninkrijk van vrede worden
waar vreugde en toekomst is voor allen,
een wereld waar het goed is te leven
in de naam van Jezus, uw Zoon.

Door Hem danken en eren wij U, Vader,
en vervuld van zijn Geest zullen wij zijn boodschap
verder uitdragen tot het einde der tijden. Amen.

Onze Vader

Jezus op zijn woord gelovend,
mogen wij vol vertrouwen bidden tot zijn en onze Vader:
Onze Vader,…

Als wij ons gedragen weten door Gods liefde
en erkennen dat Hij zijn mensen nimmer in de steek laat,
zal in ons binnenste angst en stormwind luwen.
Als wij, in Hem verankerd,
rondom ons
Gods rust en troost uitstralen
mogen wij vertrouwvol uitzien naar de komst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk….

Vredewens 1

Als wij aan Gods vrede
gestalte geven,
elkaar in lief en leed vasthouden,
troosten en bemoedigen,
mogen wij koers zetten
naar het land van liefde en vriendschap,
voorbij oorlog en geweld,
voorbij twist en haat.
Die uitdeinende Godsvrede zij altijd met u.
En geven wij elkaar een blijk van vrede en vriendschap.

Vredewens 2

Aan het begin van een nieuw kerkelijk jaar
worden wij dringend aangespoord tot een waakzame houding.
Zo worden wij voorbereid op Wie komen zal:
de Vorst van vrede.
Moge die Godsvrede altijd met u zijn.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

De Komende wil ons nabij blijven.
Daarom brak Hij zichzelf tot voedsel
en nodigt Hij ons uit aan zijn tafel.
Dit is het Lam Gods…

Bezinning 1

Advent: tijd om wakker te worden!
Open ogen voor het ongeziene lijden van vergeten mensen.
Helderheid van geest
die het spel van ieder-voor-zich doorbreekt.

Open oren voor de vraag achter de woorden,
voor het roepen dat gesmoord,
voor het nieuws dat verzwegen wordt.

Open oog en oor voor de tekenen van hoop
die ontluiken als groene twijgen in volle winter:
stappen naar vrede,
inzet die gratis is,
het groeien van verbondenheid,
het niet meer zwijgen van kleine mensen.

Open hart voor de Stem
die vanuit mensen en structuren
diep in ons blijft roepen
tot wij opstaan
en een keuze maken tot ommekeer naar God en mensen toe.

Advent: wakker worden
en opstaan met kracht in je hart en handen.
Vier weken de tijd
om je te oefenen in
mens-worden.

Bezinning 2

Heer, onze God,
help ons waakzaam te blijven
op elk uur van de dag en van de nacht.

Open onze ogen
om uw licht te ervaren.

Open onze oren
om naar uw stem van waakzaamheid te luisteren.

Open onze mond
om ook bij anderen te getuigen van uw aanwezigheid.

Open ons hart om de komst van Jezus
in onze ziel voor te bereiden
en om ons intens met Hem verbonden te weten.

Open onze geest
om de oppervlakkigheid van het leven te doorbreken.

Open onze handen
om genadevol te zijn voor de gekwetste mens.

Misschien dat Gij, met Kerstmis,
dan ook in ons
mens wilt worden.

Slotgebed 1

Bij het einde van deze viering
willen wij U bidden, Heer,
ga met ons mee doorheen de dagen van deze advent.
Maak ons waakzaam voor uw visioen van vrede,
en maak ons bereid
om dat visioen stap voor stap dichterbij te brengen
in de kleine verhalen van ons dagelijks bestaan.
Dan kunt Gij opnieuw geboren worden,
telkens wij het wagen
een ander als medemens nabij te zijn,
naar het voorbeeld van Hem,
naar wiens komst wij verlangend uitzien,
Jezus van Nazareth, uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Slotgebed 2

Heer, onze God,
help ons waakzaam te blijven op elk uur van de dag en de nacht.
Laat ons de deur van ons leven wagenwijd voor U openstellen,
als wij U kunnen ontmoeten in een kleine of gekwetste mens.
Schud ons wakker als het oppervlakkige in onze samenleving
ons in slaap heeft gesust.
Open onze ogen, Heer,
en laat ons uitkijken naar U,
Gij die mens wilt worden in elk hart van goede wil. Amen.

Slotgebed 3

Heer God,
Gij vraagt ons
de weg te bereiden voor uw Zoon.
Help ons ruimte te scheppen in ons hart
opdat het licht van Kerstmis
er het kille duister kan verdrijven.
We vragen het U door Jezus,
uw Zoon en onze Heer. Amen.
Marc De La Marche s.j.

Zending en zegen

Op weg naar Kerstmis wens ik u toe
dat het Kind ons wakend mag vinden,
bedacht op het welzijn van wie ons levenspad kruisen.
Moge Gods zegen ons leven tot een zegen voor velen maken:
in de naam van + de Vader, de Zoon, en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.