Roeping en beproeving

Roeping is beproeving (Luc. 4, 1-13).


Er zijn zo van die verhalen in de bijbel die we beter wat minder vaak te horen zouden krijgen. De diepgang ervan zou dan meer beklijven. Zoals dit bekoringsverhaal in de woestijn bijvoorbeeld. Lucas, Marcus en Matteus, vermelden het alle drie in hun evangelie. Maar vergeten we niet dat ze geen van allen een biografie over Jezus schreven. Bijgevolg was het niet hun bedoeling een neerslag te brengen van een geschiedkundig feit. Ze hebben dit verhaal van de bekoringen van Jezus in hun evangelies verwerkt omdat die bekoringen herkenbaar zijn voor de gelovigen waarvoor ze schreven. Het zijn bekoringen waaraan ieder christen, ieder mens, blootstaat. Ook Jezus bijgevolg.

Dit verhaal is de enscenering van de keuze waar Jezus gedurende heel zijn leven mee worstelde. ‘Zal ik een Messias zijn die bezit, macht en succes zoekt, of een Messias die bereid is consequent de weg van de liefdevolle dienstbaarheid te kiezen’. Die strijd wordt in beeld gebracht in een min of meer twistgesprek tussen Jezus en de duivel.

Valt het u in dit verhaal ook op hoe sluw de duivel te werk gaat? Het is nu alles of niets moet hij gedacht hebben. Wetende dat ieder begin kwetsbaar en belangrijk is wacht hij niet eens het eerste openbaar optreden van Jezus af. Hij valt Jezus uitgerekend tijdens diens bezinningsperiode in de woestijn, aan.
Jezus, pas gedoopt in de Jordaan, heeft de stilte en de eenzaamheid opgezocht. Zich bewust van zijn zending wil hij in de leegte van de woestijn bij wijze van spreken alles op een rijtje zetten. Zijn worstelen met een bijzondere roeping, uitpuren. Jezus is aan het wikken en wegen toe. Komt dan de listige verleider op de proppen. Die laat blijken dat hij thuis is in de Schriften, gebruikt Gods woorden, neem de gebedsteksten van Israël in de mond. Op die slinkse manier probeert hij Jezus tot verraad te brengen, verraad aan zijn missie en verraad aan zijn God. Want de duivelse verleider weet dat hij wint, als hij er nù in slaagt om Jezus’
bewustzijn van zijn zending, te vertroebelen.

We beseffen nog maar nauwelijks hoe moeilijk Jezus het daar in de woestijn moet gehad hebben. Gemakkelijkheidshalve doen we het verhaal af met de dooddoener dat het maar heel vanzelfsprekend is dat Jezus als overwinnaar uit de bus komt. Het is toch ondenkbaar dat Jezus, de held, zwak zou kunnen zijn en door de knieën gaat. Ik weet het, de idee alleen reeds dat ‘menselijk’ over Jezus wordt gesproken jaagt heel wat christenen de gordijnen in. Me dunkt, onterecht. Jezus is geen Spartaanse held, is geen ijzeren monnik, is geen superman. Liep niet met een aureooltje om zijn hoofd. Jezus was waarachtig mens. Weliswaar was Hij vervuld van Gods Geest, zoals Lucas het schrijft. Maar desondanks vraagt dit – ook van Jezus – een voortdurende keuze. Ja zeggen tegen God en nee zeggen tegen het kwaad.

Zoals ieder mens werd ook Jezus daarom met bekoringen geconfronteerd. Heel zijn leven lang heeft hij daartegen trouwens moeten strijden. Soms waren het zelfs zijn beste vrienden die Hem tot ontrouw aan zichzelf en zijn levensopdracht wilden brengen. Want zij droomden wel eens luidop van een goede positie in zijn nabijheid en zagen hun leider liever als meester dan als dienstknecht Jezus werd constant bedreigd door de mogelijkheid tot ontrouw aan zijn diepste ik en aan zijn levensopdracht.

De bekoringen die Lucas Jezus laat meemaken in de woestijn zijn in wezen precies dezelfde bekoringen, die onszelf voortdurend beloeren. Concreet zijn ze natuurlijk voor ieder van ons verschillend, naargelang onze levensopdracht, zeg maar roeping. Zo aarzelt de duivel niet om zich te vermommen achter de sociale druk van onze omgeving. Wetende dat we tuk zijn op een abonnement op de macht maakt hij handig gebruik van ons succes en van onze sterkte.  Als we vermoeid of ten einde raad en krachten zijn, profiteert hij van onze nood. Zijn doel is evenwel altijd hetzelfde: ons weglokken van de weg die we vanuit onze diepste overtuiging willen volgen. Onze meest echte levensidealen op de helling zetten. Onze waardeschaal onder druk zetten.

Zou het niet zo zijn dat de grote beproeving in deze tijd voor ons die in het voetspoor van Jezus willen leven, is dat we niet op onderdelen te kort schieten, maar dat we het ideaal als geheel opgeven? Omdat we de zin van ons christen-zijn niet meer inzien of aanvoelen. Omdat we ons teleurgesteld voelen in wat we ervan hadden verwacht. Omdat we gefrustreerd zijn door de soms structurele rompslomp van kerkelijke instituten. Onverschilligheid en lusteloosheid gaan dan overheersen. Ook de mentaliteit van ‘waarover maak ik me druk. Ik maak er ook zonder evangelie en zeker zonder kerk wel het beste van’. Desinteresse en apathie als grote bekoringen voor de 21-eeuwse christenen. Iets om ons over te schamen? Nee, denk ik. Waar roeping is, is nu eenmaal beproeving. En misschien is het omgekeerde ook waar: waar geen beproeving is, zal ook wel niet veel roeping zijn.
Rita Kuijpers.

 

 

Dit bericht is geplaatst in Onze preken. Bookmark de permalink.