Doop van Christus A 2014

 12 januari 2014   (Viering)

Doop van Jezus en Johannes de Doper
 ( Mt.3, 13-17)

‘Na mij komt iemand. Hij is groter dan ik. Ik doop jullie met water. Hij zal jullie dopen met de Heilige Geest en met vuur. ‘ (Mt. 3, 12). Die woorden van Johannes de Doper wijzen erop dat hij Jezus verwacht. Hij is er rijp voor, Hem te erkennen als zijn meerdere, zodra hij Hem ziet. Wat Johannes daar in Mt. vers 12 over Jezus zegt, helpt ons het evangelie van vandaag beter te begrijpen.

De aanleidingen tot meer begrip van zo’n tekst zijn soms te vinden op onvermoede plaatsen. Zo had ik het geluk ooit de kathedraal van L.A. binnen te stappen. Een verademing. Een verblijdende,bevrijdende, moderne architectuur. Achteraan, met water gevuld als een klein zwembadje in de vloer, het doopbekken. En daar achter muurhoog een modern wandtapijt, vervaardigd in Vlaanderen. Wat stelde het voor? Een momentopname uit het evangelieverhaal dat we zo juist te horen kregen. Er ging een vreemde aantrekkingskracht uit van de afbeelding op het wandtapijt. Jezus geknield – haast dubbel gevouwen – aan de voeten van een rijzige Johannes. Die staat met een schelp met water in de hand gereed om Jezus te dopen. Hij staat daar: niet-begrijpend, welwillend, schroomvallig, teder, toegeeflijk. Je blik komt niet van het wandtapijt los. Je beseft: daar is iets aan de hand. Een mysterieus, bevrijdend gebeuren tussen Jezus en Johannes. Het maakte me gelukkig.

Zou de lectuur van het huidige stukje evangelie ook zo op ons kunnen inwerken? Als we het verhaal horen, denken we:’Ja, we kennen dat; we kunnen het al zelf vertellen’. Maar de vraag is: wat schuilt er tussen de woorden en heeft de kunstenaar-ontwerper van het wandtapijt iets van dat mysterie ontdekt? Als we de tekst meditatief en ontvankelijk lezen, kunnen we inderdaad iets belangrijks op het spoor komen. Er gebeurt iets in Jezus en in Johannes en tussen hen beiden. Wat is dat dan ?

Jezus vertrekt uit Galilea, naar de Jordaan, enkele tientallen kilometer verderop. Hij doet dat doelbewust. We lezen: om door Johannes gedoopt te worden. Heeft hij eerst geaarzeld om zich openlijk als zondaar bij een boetende massa daar bij de Jordaan aan te sluiten? Het is mogelijk. Maar hij heeft beslist: hij zal zich solidair opstellen met mensen die innerlijke bevrijding zoeken. Zijn diepste ik, liefde, verlangt het zo. En hij gaat. Hebben anderen uit zijn omgeving daar kritische vragen bij? Dat kan. In elk geval Johannes wel, die weigert  Jezus te dopen. Johannes is een harde voor zichzelf en voor anderen. Rechtlijnig zonder poespas. Johannes wil Jezus tegenhouden en dit met het nederige argument: “Ik zou door u gedoopt moeten worden”. Als Johannes door Jezus wil gedoopt worden, zoals hij zegt, zal Jezus daaraan tegemoet komen. Jezus zal Johannes dopen, niet met water maar met de H. Geest. Jezus nodigt daarom Johannes uit: ‘Doop mij toch maar om de Liefde die God is. Zo vervullen we samen Gods Gerechtigheid’. Met Gods Gerechtigheid bedoelt Jezus  Gods rechtvaardige liefde. Jezus nodigt Johannes dus uit tot liefde. Toen stemde Johannes ermee in. De hardlijnige boeteprediker. We hoorden hem in de lezing op één van de adventszondagen dreigend en repressief  inbeuken tegen opvattingen van zondaars, deze hardliner, volgt Jezus nu in de Liefde die Gods Gerechtigheid heet. Die boeteprediker uit de woestijn wordt mild, toegeeflijk. Hij doet,wellicht niet helemaal begrijpend, maar – zoals op het wandtapijt – welwillend en schroomvallig,wat van hem gevraagd wordt. Johannes wordt hier bekeerd tot liefde, tot het mededogen van Jezus voor de zondaars. Johannes wordt zo door Jezus als eerste gedoopt met het vuur van de H. Geest omdat hij  erin toestemde Jezus te dopen met water. Ze dopen hier elkaar, ze verheffen elkaar. Dat is wat de Vader wil, dat is een stukje hemel. En daar is dan Gods Heilige Geest aanwezig. Johannes heeft met zijn toestemming dit alles mogelijk gemaakt. ‘Toen stemde Johannes toe’. Dat is de sleutelzin in onze evangelietekst. Jezus en Johannes SAMEN beleven een visioen: de Drievuldigheid van de Liefde, drie –eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest. De nederigheid van Jezus en van Johannes is bron van vreugde voor God. En voor mensen. Dat heeft de kunstenaar van het wandtapijt zelf ervaren en ons meegedeeld.

Het relaas van wat zich een paar duizend jaar geleden afspeelde, daar bij de Jordaan, geeft ons de kans het mysterie tussen de woorden te ontdekken . Tussen de woorden zoals in poëzie. Rik Torfs schrijft ergens: “Poëzie maakt de wereld groter, nooit kleiner. Ze laat zien wat altijd bestaat, maar enkel tijdens heldere uren door mensen wordt waargenomen”. Zo is het ook met evangelieteksten. Ze verwoorden wat bestaat tussen mensen en God. Wat altijd bestaat. Ook vandaag. In ons eigen leven gebeurt het. Dat je het appèl gewaar wordt, noem het misschien ook geweten, of gedrevenheid. Een uitnodiging vanwege de Liefde, die God is. Om iets te doen, iets te ondernemen waar anderen beter van worden. Maar je aarzelt, je vraagt je af waarom. Zijn de omstandigheden wel gunstig? Is het wel te doen? Mijn verstand zegt hier: neen. Maar Jezus en zijn evangelie blijven aandringen. En je gaat mee: het avontuur tegemoet. Want je begrijpt je eigen handelen niet meer, maar je doet het toch, zoals Johannes de Doper.  Uit liefde. Gedoopt met  het vuur van de Heilige Geest.
Helena Oomes

Dit bericht is geplaatst in Onze preken. Bookmark de permalink.