Beloken Pasen A 2017

23 04 2017

Begroeting 

‘Vrede voor jullie’, zegt Jezus als Hij plots midden tussen zijn leerlingen staat.
Laten wij vandaag deze vrede vieren,
de vrede die met ons is:
in de naam van + de Vader,  de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Reeds kort na Jezus’ dood en verrijzenis kwamen zijn leerlingen samen,
eigenlijk nog altijd als bange mensen voor eventuele represailles van de Romeinen
of machtige Farizeeën.
Er is niets te ervaren van euforisch geloof in de verrijzenis.
En dan is daar plots Jezus:
Geen verwijten in de trant van ‘kleingelovigen’,
maar begrip voor hun toestand en bemoediging: ‘Vrede’.
Blijkbaar geen enkel aarzeling meer bij de leerlingen.
Ineens zijn ze vol enthousiasme.
Maar Thomas was er niet bij en hij is een nuchter man:
‘Ik geloof niet meer in sprookjes.
Vertellen jullie maar wat jullie willen, eerst zien en dan pas geloven!’
Ook voor Thomas’ standpunt heeft Jezus begrip en Hij zegt liefdevol:
‘Thomas, leg je hand maar in mijn wonden,
voel maar. Ik ben het echt.’
En Thomas was blijkbaar niet de enige die zo reageerde,
want in het evangelie staat dat Jezus daarna nog vele tekenen deed
opdat de mensen zouden geloven dat Hij de Messias was, de Zoon van God.
Wellicht reageren ook wij vaak zoals Thomas en heel wat andere leerlingen.
Vragen we daarom eerst om vergeving.

Openingswoord 2

Thomas, de scepticus onder de apostelen,
had na Golgotha en de perikelen rond het lege graf
zijn oude job weer opgenomen.
Zo kwam het
dat hij er niet bij was
toen Jezus de eerste keer aan zijn leerlingen verscheen.
Toen zijn vrienden hem bij zijn thuiskomst
het grote nieuws vertelden,
werd de psycholoog in hem wakker:
‘Wat is er hier gebeurd? Hallucinaties? Massahysterie?’
Zulke grote woorden zal hij wel niet hebben gebruikt,
maar toch kwam het ongeveer daarop neer.
Hij legde de vinger op de wonde
toen hij tot zijn vrienden zei: “Eerst zien en dan geloven.”

Een week later beleefde Thomas de dag van zijn leven.
Blozende kaken, van vreugde en van verlegenheid.
Het was dan toch waar!
Hij kreeg van Jezus wel te horen:
“Beste Thomas,
gelukkig zij die zonder gezien te hebben toch tot geloof komen”.
Maar die veeg uit de pan nam hij er op de koop toe bij.

Misschien kan Jezus tot ons hetzelfde zeggen.
Misschien ook niet.
Daarom willen we bidden om zijn ontfermende aanwezigheid onder ons.

Gebed om ontferming 1

-Heer, ook wij aarzelen en twijfelen vaak,
want vóór alles willen we harde bewijzen in handen hebben
en geloven kan niet onder die noemer worden geklasseerd.
Wij durven ons niet zomaar op uw Woord aan U toevertrouwen.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Christus, zoals uw leerlingen zijn ook wij dikwijls bang
voor de mogelijke kritiek van anderen.
Wij durven er vaak niet voor uitkomen dat we volgelingen van U zijn.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Heer, Gij hebt uw Zoon Jezus mens laten worden
om ons te laten zien hoezeer Gij ons liefhebt,
om te tonen dat de dood niet het laatste woord heeft
en dat geven doet leven.
Een Blijde Boodschap,
maar de enthousiaste verkondiging ervan in ons dagdagelijkse leven
staat vaak op een laag pitje.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Barmhartige en liefdevolle God,
vergeef ons onze kleingelovigheid
en neem ons bij de hand
om echte, overtuigde christenen te worden. Amen.

Gebed om ontferming 2

-Misschien behoren we
tot het slag van de eeuwige twijfelaars,
draaien we rond de pot, onzeker over onszelf.
Het slag van mensen dat alles in vraag stelt.
Toch hopen wij de Levende Heer te mogen zien.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Misschien behoren we
tot het slag van de zelfverzekerden die nooit twijfelen,
die altijd weten, en beter weten.
Het slag van mensen dat overal een uitroepteken bij plaatst.
Toch hopen wij de Levende Heer te mogen zien.
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Misschien zwalpen we voortdurend tussen zekerheid en twijfel,
met wankele hoop uitkijkend naar de toekomst,
met alle vragen van dien.
Toch hopen wij de Levende Heer te mogen zien.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

God, bij wie liefde het eerste en het laatste woord is,
vouw ons open
zodat wij voor U en voor elkaar toegankelijk worden. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
Schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn Boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

Op Jezus’ Woord zijn wij hier bijeen,
samengeroepen tot gemeenschap.
Creëer in ons midden, Heer, de nodige ruimte
opdat de vrede die Jezus ons toewenst,
ons mag verwarmen
en wij haar mogen delen met velen.
Laat gebeuren wat Hem voor ogen stond:
dat wij een volk van vriendschap en vrede worden,
van gedeelde vrijheid en gedeelde levensvreugde. Amen.
Jacques Verhees

Openingsgebed 2

God en Vader,
uw Zoon hebben we nooit met eigen ogen gezien,
nooit met eigen handen aangeraakt.
We werden nooit meegesleept
door woorden gesproken door zijn eigen mond…
Toch  vragen wij U:
vervul ons met zijn Leven,
zodat wij ons door Hem laten raken
en dan opstaan
en in beweging komen. Amen.

Lezingen

In de eerste lezing schetst Lucas ons de eerste Kerk van Jeruzalem
als een eensgezinde, solidaire gemeenschap.
Het evangelie verhaalt hoe Jezus op Pasen aan zijn leerlingen verschijnt,
en acht dagen later ook aan Thomas.
Laten we samen luisteren naar de lezingen uit de Schrift.
naar Kerk in Herent

Eerste lezing (Hand., 2, 42-47)

Uit de Handelingen van de Apostelen

42         De eerste christenen wijdden zich trouw aan het onderwijs
dat de apostelen gaven,
en aan de onderlinge gemeenschap,
het breken van het brood en het gebed.
43         Vrees beving iedereen en er gebeurden vele wonderen
en tekenen door toedoen van de apostelen.
44         Allen die het geloof hadden aangenomen,
bleven bijeen en bezaten alles gemeenschappelijk.
45         Ze verkochten have en goed
en verdeelden dat onder allen naar ieders behoeften.
46         Dagelijks gingen ze trouw en eensgezind naar de tempel,
braken bij iemand aan huis het brood,
gebruikten samen hun maaltijden in blijdschap
en eenvoud van hart,
47         loofden God en stonden in de gunst bij heel het volk.
De Heer breidde hun kring dagelijks uit;
steeds meer mensen werden gered.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Petr., 1, 3-9)

Uit de eerste brief van de heilige apostel Petrus

Dierbaren,
3
          Gezegend is God, de Vader van onze Heer Jezus Christus,
die ons in zijn grote barmhartigheid herboren liet worden
tot een leven van hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de dood,
4           tot een onvergankelijke, onbederfelijke en onaantastbare erfenis,
die voor u is weggelegd in de hemel.
5              In Gods kracht geborgen door het geloof,
wacht u op de redding
die al gereed ligt
om op het einde van de tijd geopenbaard te worden.
6           Daarom bent u vol vreugde,
ook al hebt u nu, als het zo moet zijn,
voor een korte tijd te lijden onder allerlei beproevingen.
7           Die dienen om de deugdelijkheid van uw geloof te bewijzen,
dat zoveel kostbaarder is dan vergankelijk goud,
dat toch ook door het vuur gelouterd wordt.
Dan zullen, wanneer Jezus Christus zich openbaart,
lof, heerlijkheid en eer uw deel zijn.
8           Hem hebt u lief zonder Hem ooit gezien te hebben.
U gelooft in Hem, hoewel u Hem ook nu niet ziet,
en u zult vervuld zijn van een onuitsprekelijke en hemelse vreugde,
9           wanneer u het einddoel van uw geloof, uw redding, bereikt.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Joh. 20, 19-31)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

19
        Op de avond van die eerste dag van de week
waren de leerlingen bij elkaar.
Hoewel de deur op slot was uit vrees voor de Joden,
kwam Jezus. Ineens stond Hij in hun midden en zei:
`Vrede!’
20         Na deze groet toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde.
Vreugde vervulde de leerlingen toen ze de Heer zagen.
21         `Vrede’, zei Jezus nogmaals.
`Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik jullie.’
22         Na deze woorden ademde Hij over hen.
`Ontvang de heilige Geest’, zei Hij.
23         `Als jullie iemand zijn zonden vergeven, dan zijn ze ook vergeven;
als jullie ze niet vergeven, dan blijven ze behouden.’
24         Tomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd,
was er niet bij toen Jezus kwam.
25         De andere leerlingen vertelden hem: `We hebben de Heer gezien.’
Maar hij zei:
`Ik wil zijn handen zien, met de gaten van de spijkers erin;
ik wil ze met mijn vingers voelen.
Ik wil met mijn hand de opening in zijn zijde voelen.
Anders geloof ik niet.’
26         Acht dagen later waren de leerlingen weer bijeen,
en nu was Tomas erbij.
Hoewel de deur op slot was, kwam Jezus.
Ineens stond Hij in hun midden en zei: `Vrede!’
27         Vervolgens richtte Hij zich tot Tomas:
`Kijk maar, hier zijn mijn handen; kom nu maar met je vinger.
En kom met je hand om de opening in mijn zijde te voelen.
Wees niet langer ongelovig, maar gelovig.’
28         Hierop zei Tomas: `Mijn Heer! Mijn God!’
29         Jezus zei: `Omdat je Me gezien hebt geloof je?
Gelukkig zij die zonder gezien te hebben toch tot geloof komen.’
30         Nog veel andere tekenen heeft Jezus voor de ogen van zijn leerlingen verricht,
die niet in dit boek zijn neergeschreven.
31         Die welke u hier vindt, zijn neergeschreven
opdat u zult geloven dat Jezus de Messias is, de Zoon van God,
en opdat u door te geloven leven zult bezitten in zijn naam.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Thomas erkende in Jezus zijn Heer en zijn God.
Laten wij samen datzelfde geloof uitspreken.

Ik geloof dat het leven mij geschonken werd
door God, onze Vader, Bron van liefde.
Ik geloof dat ik geroepen ben
om mee te werken aan een toekomst
die voor elke mens menswaardig is.

Ik geloof in die uitzonderlijke Mens
die niet geleefd heeft voor Zichzelf.
Ik geloof in die Mens
die wij kennen als Zoon van mensen
en Zoon van God,
die een ereplaats gaf aan mensen
die over het hoofd werden gezien.

Ik geloof dat zijn Geest onder ons werkt
als wij in zijn naam samen zijn
en wij elkaar levenskansen geven.
Ik geloof dat zijn Geest
ons telkens weer aanspoort
om naar elkaar om te zien
en zo mensen te worden met en voor elkaar.

Ik geloof dat ons leven
niet zal eindigen in het zinloze niets,
maar dat wij eens zullen leven
bij de Bron van liefde die ons dit leven schonk. Amen.

Voorbeden 1

-Bidden we voor nuchtere en kritische mensen.
Dat zij ons verhinderen om al te snel te juichen
en ons eraan herinneren
dat, indien de Blijde Boodschap van de Heer
werkelijkheid wil worden in deze wereld,
wij onze handen uit de mouwen moeten steken
en onze handen moeten uitsteken
naar de gewonde en gekwetste mensen om ons heen.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor de van optimisten-van-nature,
die dwars door alle duisternis heen,
de horizon zien oplichten met het licht van een nieuwe dag.
Dat zij ons verhinderen zo geobsedeerd te worden
door het lijden en het onrecht,
dat we onze ogen ervoor sluiten
omdat we er wanhopig van worden.
Moge zij niet vluchten in dromen,
maar hun optimisme blijven hooghouden
als een lichtje in de duisternis.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor de leiders van Kerken en volkeren.
Dat zij de velen die aan hun verantwoordelijkheid zijn toevertrouwd
mogen leiden op een weg naar vrede en welzijn.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor allen
die door onrecht, ziekte of oorlog gekraakt zijn.
Dat ook voor hen nieuw leven en verrijzenis mag aanbreken.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor onszelf.
Dat er in ons een gezond evenwicht mag groeien
tussen kritisch denken en gelovig vertrouwen,
zodat we geloofwaardige getuigen kunnen zijn van de Verrezen Heer.
Laten wij bidden…
naar Leon De Jong o.p.

Voorbeden 2

Bidden we tot God
die ons in zijn barmhartigheid herboren doet worden
tot een leven van hoop
door de opstanding van Jezus uit de dood.

-Bidden we voor de twijfelaars
die net als Thomas verlangen naar een zichtbaar teken
dat hen tot geloof kan brengen.
Dat zij op hun levensweg medemensen mogen ontmoeten
die hen uitnodigen om, ondanks onzekerheden,
te komen tot de geloofsbelijdenis van Thomas.
Laten we bidden…

-Bidden we dat wij mogen geloven in een werkelijkheid
die je niet hoeft te betasten of te bewijzen.
Dat er vriendschap is en liefde tussen mensen.
Dat ons geloof in de Verrezen Heer ons mag inspireren
om elkaar op te bouwen tot één gemeenschap in onderlinge liefde en trouw.
Laten we bidden…

-Bidden we voor onszelf.
Dat wij, net als de apostelen,
eensgezind zijn in gebed en het breken van het brood.
Dat wij elkaar mogen herkennen als broers van Thomas,
om uiteindelijk, zoals hij,
te kunnen belijden:
Gij zijt mijn Heer en mijn God.

Barmhartige God,
hoor onze gebeden en vragen.
Luister naar wat er leeft in ons hart
en wat Gij beter weet
dan wij kunnen zeggen.
Help ons, zoals Thomas, te geloven in U
en moge ons verder leven vervuld zijn
van uw vrede en aanwezigheid. Amen.
Bert Robben o.p.

Gebed over de gaven 1

God, samen aan tafel gaan,
hetzelfde brood eten en uit dezelfde beker drinken,
is zeggen dat we bij elkaar horen
en het willen opnemen voor elkaar.
Zo kan Jezus, telkens weer,
als Bevrijder verrijzen,
en ons oproepen
om in zijn geest met elkaar om te gaan
en om ons in te zetten om anderen tot opstanding te helpen komen.  Amen.

Gebed over de gaven 2

Wij hebben U nooit gezien, God.
Toch wordt Gij zichtbaar in deze gaven,
het brood en de wijn op deze tafel.
Maak ze voor ons tot teken van uw grote liefde
en vermeerder ons geloof. Amen.
naar Thomasvieringen

Tafelgebed 1

Wij danken U, barmhartige God,
omdat Gij een God van mensen zijt,
dat Gij onze God genoemd wil worden,
dat Gij ons kent bij onze namen,
en dat Gij de wereld in uw handen houdt.

Want daarom hebt Gij ons geschapen
en geroepen in dit leven:
dat wij met U verbonden zouden zijn,
wij, uw mensenvolk op aarde.

Gezegend zijt Gij,
Schepper van al wat bestaat;
gezegend zijt Gij,
die ons ruimte geeft en tijd van leven;
gezegend zijt Gij om het licht in onze ogen
en om de lucht die wij ademen.

Wij danken U voor heel de schepping,
voor alle werken van uw handen,
voor alles wat Gij gedaan hebt in ons midden
door Jezus Christus, onze Heer.

Daarom huldigen wij uw naam,
Heer, onze God,
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar wij mogen U wel ontmoeten
waar mensen van elkaar houden,
genade zijn voor elkaar
en uw schepping eerbiedigen.

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar Gij geeft Uzelf aan ons,
in een medemens, in een geliefde,
in een reisgezel, in een zieke,
in Jezus, de Dienaar van de wereld.

De avond voor zijn lijden en dood
zat Hij met zijn vrienden aan tafel.
Toen nam Hij brood als teken van zijn leven
brak het, deelde het rond en zei:
“Neem en eet hiervan gij allen
want dit is mijn Lichaam, mijn Leven,
voor u gegeven, voor u gebroken.”

Toen nam Hij de beker met wijn,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hier allen uit,
want dit is de beker van het nieuwe en eeuwige Verbond.
Dit is mijn Bloed dat voor u vergoten wordt
opdat het kwaad uit de wereld zou verdwijnen,
opdat er vreugde en toekomst zou zijn voor alle mensen.
Telkens als gij van dit Brood eet en uit deze Beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Verkondigen wij de kern van ons geloof:

Heer, Jezus, wij verkondigen uw dood,
en belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Om dit te herdenken
blijven wij het Brood breken voor elkaar,
zoals zo velen reeds voor ons deden.
Wij bidden voor de mensen
die een bijzondere plaats innemen in ons hart,
ook voor hen die van ons zijn heengegaan.
Laat uw mensen nooit verloren gaan,
bewaar hen in uw liefde,
schrijf hun namen in de palm van uw hand.

Zend uw Geest uit over uw Kerk.
Geef ons hoop, God.
Geef ons vrede omwille van Jezus Christus.
Met Hem en in Hem
zijn wij uw mensen,
zijt Gij onze Vader,
nu en tot in eeuwigheid. Amen.

Prefatie  2 (alternatief)

Wij danken U, God,
voor een mens zoals Thomas
die, ondanks zijn traag geloof,
ook inzag dat de dood geen eindpunt is,
maar een nieuw begin.
Thomas, die ondanks alle ontgoochelingen en littekens,
toch weer de moed vond om te getuigen.

Dank U, God,
voor die man Thomas,
die aarzelend en onbegrijpend
zijn weg zocht …
en vond.

Wij danken U, God,
om de verrijzenis van Jezus, uw Zoon,
Hij leeft verder hier in ons midden,
in ieder van ons.

Jezus was en blijft
voor ons een Mens van geloof, hoop
en eindeloos vertrouwen,
een mens van totale inzet,
die Zich met hart en ziel
gegeven heeft voor God en mens.

Tot het uiterste is Hij gegaan:
liefde,
alleen maar liefde
tot de dood erop volgde.
Hij bracht hoop
waar mensen het niet meer zagen zitten.
Zo blijft Hij ook ons de weg naar morgen wijzen.
Dankbaar roemen wij zijn grote daden
en heffen ons loflied aan:

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.

Barmhartige Vader,
wij danken U voor Jezus Christus,
die één van ons is geworden.

Na zijn dood
hebben zijn leerlingen erkend
dat zijn Geest aanwezig is
overal waar liefde woont,
overal waar mensen in elkaar durven geloven,
overal waar mensen vergeving schenken
en elkaar de hand reiken.

Zij hebben begrepen dat Jezus met hen meeging
als zij met elkaar dezelfde weg gingen.
Zij hebben Hem herkend, Vader,
bij het breken van het Brood
toen zij maaltijd hielden
om Jezus’ liefde onder elkaar levend te houden.

In de nacht waarin Hij werd overgeleverd
heeft Hij hun immers een teken gegeven
van zijn liefde tot het uiterste.

Aan tafel nam Hij brood in zijn handen, dankte U,
brak het en deelde het uit aan zijn vrienden
met de woorden:
“Neem en eet hiervan,
want dit is mijn Lichaam,
dat voor u gebroken wordt.”

Toen nam Hij ook de beker, dankte U,
en reikte hun de beker aan met de woorden:
“Drinkt allen hiervan
want dit is de beker van het nieuwe Verbond,
bezegeld met mijn Bloed,
dat voor U en voor allen vergoten wordt.
Eet van dit Brood, en drink uit deze Beker om Mij te gedenken.”

Als wij dan eten van dit Brood
en drinken uit deze Beker,
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Trouw aan Jezus’ Woord, Vader,
breken wij hier dit Brood
en danken U voor deze Beker.

Wij gedenken al wat Jezus ons heeft voorgeleefd
en maken zijn voorbeeld tot het onze.

Gedenk in uw goedheid allen die ons zijn voorgegaan.
Zij leven in onze gedachten,
maar, meer nog, zijn zij levend bij U.

Laat uw Geest rusten op deze gaven.
Dat deze heilige symbolen
ons mogen spreken van Jezus’ dood die tot leven wekt,
dat wij mogen openstaan
voor alles wat Jezus ons geleerd heeft,
dat wij vervuld mogen worden van zijn liefde.
Dan zal er vreugde zijn op aarde,
vrijheid en vrede in Jezus’ naam.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer, onze God, barmhartige  Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu, en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

‘Zoals de Vader Mij heeft gezonden, zo zend Ik u’ zei Jezus.
Als gezondenen willen wij, in Jezus’ spoor,
bidden tot zijn en ons aller Vader:
Onze Vader …

Eeuwige God,
Gij kent ons geloof en onze twijfels,
onze goede wil en ons menselijk falen.
Richt ons op, voorgoed, en keer ons tot leven.
Dan zullen wij hoopvol kunnen uitzien
naar de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk …

Vredeswens 1

“Ik wens jullie vrede!”
Zo sprak Jezus ons toe in het evangelie.
Geen goedkope of onderhandelde vrede,
maar een diepe hartenwens van Hem die onschuldig is gestorven.
Kijkend naar de wereld om ons heen, dichtbij en veraf,
beseffen wij hoe kostbaar die vrede is.
Laten wij daarvan werk maken.
De vrede van de Heer zij met u.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Vredeswens 2

‘Vrede zij U’.
Met deze woorden, Jezus,
hebt Gij uw leerlingen begroet.
Met deze woorden
hebt Gij ook hun angst doorbroken.
Schenk ook ons uw vrede.
Maak ons één van hart,
zodat wij die vrede uitstralen in deze wereld.
Die Jezusvrede zij altijd met u.
En wensen wij elkaar nu die vrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

Zalig en gelukkig zijn wij
die welkom zijn aan de gastvrije tafel van de Heer.
Zie het Lam van God,
het gebroken brood van het heil,
de Heer zelf levend in ons midden.
Heer, ik ben niet waardig..

Bezinning 1

Vrede zij met u!
Jij met je zoeken en twijfelen.
Jij, Thomas,
ook Didymus, Tweeling, genoemd,
want je schippert tussen
‘wel willen geloven’
en ‘niet kunnen geloven’,
tussen ‘eerst zien en daarna geloven’
en ‘geloven zonder te zien’.

Vrede zij met u.
Laat Gods Geest maar binnen in je leven.
En weet:
als je vergeeft, dan is ’t vergeven,
en als je niet vergeeft,
dan blijft het kwade woekeren.

Vrede zij met u.
Steek je handen uit
en leg ze in de wonden
van de lijdende medemens.
Want dat zijn vandaag
de wonden van de Christus.
Alleen door je te laten raken
kan je tot geloof komen.
Zo sprak de Verrezene
en zo spreekt Hij nog altijd.

Bezinning 2

Ik ben een mens,
enthousiast en nuchter,
vol geloof en ongeloof tegelijk.
Ik stel lastige vragen.
Ik pieker over ‘wat er niet is…’
over wat voorbij is en geen keer neemt…
Mijn naam is Thomas.

Ik laat me nooit zomaar meeslepen.
Jezus boeide me
en ik trok met Hem mee.
Maar ineens is alles mislukt.
Ik heb verkeerd gegokt,
de boot gemist.
Ik voel me in de kou staan.
Ze zeggen wel dat Hij leeft…maar ik wil het eerst zien!

Mijn naam is Thomas.
Vaak sta ik er eenzaam en ontredderd bij.
Ik zie een kind sterven,
een jonge mens verongelukt.
Ik hoor over mensen die gefolterd worden.
Jawel, Christus wordt weer gekruisigd.
Ik zie de littekens van oorlog en verdrukking,
het verdriet van zoveel mensen…
en uit de dood is nog niemand teruggekeerd.
Ik zie mensen verkommeren achter gesloten deuren en vensters,
eenzaam op kleine kamertjes in een grote stad.
Ik zie mensen die deuren en vensters dichtklappen.
Ik zie mensen die doen alsof ze leven,
maar eigenlijk zijn ze dood.
Ik kan het niet verwerken.
Ze zeggen wel dat Hij leeft…maar ik wil het eerst zien!

Mijn naam is Thomas.
Ik zie een Kerk van bange mensen,
een kleine kudde, een handvol maar…
Zovelen zijn weggebleven – geruisloos – en zoveel kerken leeg…
Hij heeft ooit wel gezegd:
“Waar twee of meer in mijn naam samen zijn,
daar leef Ik in hun midden…”,
maar ik wil het eerst zien…
Rijmenam

Slotgebed 1

Mijn Heer en mijn God,
soms voel ik in mijn hart
dat er in mezelf heel wat ongeloof leeft
en dat ik vruchteloos op zoek ben
naar bewijzen van uw bestaan.
Wil me dan helpen
opnieuw met heel mijn hart in U te geloven
en aan U mijn vertrouwen te geven.
Open mijn ogen om te zien
hoe en waar Gij in mijn leven aanwezig komt.
En geef me dan de durf
om van dat geloof ook te getuigen
en een mens van vreugde te worden.
Erwin Roosen

Slotgebed 2

Gij, die hoop op leven wekt,
leer ons te geloven in Hem
die wij nooit hebben gezien,
die onze handen nooit hebben aangeraakt,
Jezus, de Levende, uw Zoon.
Moge zijn Woorden onder ons
gemeenschap stichten vandaag en heel ons leven. Amen.

Zending en zegen
Heer, onze God,
denkend aan Thomas keren wij naar huis terug.
We weten het wel:
lijden en dood,
aftakeling en angst blijven om ons heen
en de sporen ervan worden zo moeilijk uitgewist.
Wij bidden U:
laat niet toe dat wij ons opsluiten achter deuren en vensters.
Moge onze getuigenis sterker zijn dan onze ontmoediging,
ons geloof net iets groter dan ons ongeloof.
Begeleid ons met uw zegen Heer,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Categorieen(n): Zondagsvieringen
Tags:

Comments are closed.