Allerheiligen A 2008



Begroeting

Wij zijn hier bijeen rond het Woord en de Tafel.
Moge God in ons midden zijn,
Hij die ‘Zalig spreekt’, en voor ons is:
+ Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.

Openingswoord

Als plots iemand naar voren zou komen en zou vragen
of er hier een dokter aanwezig is,
dan zouden de meeste hoofden ronddraaien
om te zien of dokter X of Y aanwezig is
want die is hier toch ook geregeld in de viering.

Als ik zou vragen of hier soms een heilige aanwezig is
dan zou het fijn zijn
als er ook werd rondkeken
in deze kerk,
in eigen kring, in eigen parochie,
om te zien of we hem of haar eruit konden pikken
om vandaag in de bloemetjes te zetten
op het feest van alle heiligen.

Maar ik vrees dat we niemand vooraan zullen krijgen.

De vraag zelf of er onder ons heiligen zijn
mag ons dan al wat onwennig maken,
toch is het een serieuze zaak.
Het heeft immers alles met ons christen-zijn te maken.
En dus moeten wij toch maar eens rondkijken
of er soms geen heiligen in ons midden zijn.

Die zijn slechts te zien met de ogen van een zuiver hart.
Bidden wij daarom God om ontferming.

Vergevingsmoment

Wanneer wij over heiligen spreken
dan spreken wij niet over mensen die nooit iets verkeerds hebben gedaan.
Wij spreken wel over mensen
die ooit in hun leven tot het besef kwamen
dat de weg naar God en de weg naar Jezus
ook hun weg moest worden.
Daarom keerden zij zich naar God en het evangelie
en vroegen zij God om vergeving om wat fout ging.

– Ook wij vragen vergeving, Heer,
en kiezen voor wat Jezus ons vraagt,
maar wij vinden het soms zo moeilijk.
Wij durven niet voor ons geloof uitkomen.
Wij willen wel meer moeite doen om actiever te worden
en ons meer in te zetten voor andere mensen,
maar de eerste stap zetten is de moeilijkste
en van uitstel komt afstel.
Daarom: Heer, ontferm U over ons.

– Niet alleen onze inzet is soms ver te zoeken, Heer,
ook ons gebed blijft vaak achterwege.
Wij laten U zo weinig tot ons spreken
omdat wij zo weinig met U praten
en geen tijd maken om naar uw boodschap te luisteren.
Daarom: Christus, ontferm U over ons.

– Als wij zien hoe sommige mensen zich inzetten voor de Kerk,
voor het bezoek aan zieken,
voor de zorg voor arme mensen,
voor catechese….
dan denken wij soms: “laat hen het maar doen”.
Wij vergeten hen aan te moedigen
en steken maar zelden een handje toe.
Daarom: Heer, ontferm U over ons.

Goede God, vergeef ons onze zwakheid, onze aarzeling en onze onmacht.
Maak ons gevoelig voor uw woord
en geef ons een hart dat leert
hoe wij mensen kunnen vergeven
en van elkaar kunnen houden, zoals Gij dat doet. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.
Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed

God – Vader, Moeder, Geest –
neem ons beschermend bij de hand,
uw hand, waarin onze namen geschreven staan.
Als angst en schaamte ons verlammen,
wees dan de schaduw waarin wij rusten.
Als anderen langs ons heen kijken,
wees dan de hoop die ons doet leven.
Als wij behoefte hebben aan begrip en troost,
wees dan de ander die wij zoeken.
Als wij vol vragen en twijfels zitten,
wees dan de stem die antwoord geeft.
Als wij zoeken naar vaste grond,
wees dan de weg waarop wij mogen gaan.

Gij komt ons tegemoet in mensen.
Wees er, in de mensen die wij ontmoeten.
Wees er, bij alles wat wij zoeken,
en verwarm ons hart als anderen bij ons warmte zoeken. Amen.


Lezingen
Luisteren wij naar God die ons toespreekt doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (Openbaringen 7,1-2.9-14)
Uit de openbaring van de apostel Johannes

2        Ik, Johannes, zag een andere engel opstijgen van de opgang van de zon,
met het zegel van de levende God.
Hij riep met luide stem tot de vier engelen,
aan wie macht gegeven was
om schade toe te brengen aan land of zee:
3        `Breng geen schade toe aan land of zee of aan de bomen
voordat wij de dienstknechten van onze God
met het zegel op hun voorhoofd getekend hebben.’
4        Daarop vernam ik het aantal getekenden:
honderdvierenveertigduizend uit alle stammen van de Israëlieten.
9        Daarna zag ik een grote menigte, die niemand tellen kon,
uit alle rassen en stammen en volken en talen.
Zij stonden voor de troon en voor het lam,
in witte kleren en met palmtakken in de hand,
10       en luid riepen zij:
`De redding komt van onze God,
die op de troon zetelt, en van het lam!’
11       Alle engelen stonden rondom de troon,
samen met de oudsten en de vier dieren,
en zij wierpen zich neer voor de troon en aanbaden God:
12       `Amen! Lof en heerlijkheid en wijsheid en dank
en eer en macht en sterkte aan onze God
tot in alle eeuwigheid, amen!’
13       Toen richtte zich een van de oudsten tot mij en zei:
`Wie zijn dat in die witte kleren en waar komen zij vandaan?’
14       Ik antwoordde hem:
`Heer, dat weet ú.’
Toen zei hij:
`Dat zijn degenen die uit de grote verdrukking komen,
die hun kleren hebben wit gewassen in het bloed van het lam.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(1 Johannes 3,1-3)
Uit eerste brief van de apostel Johannes

Vrienden,
1        Hoe groot is de liefde die de Vader ons betoond heeft!
Wij worden kinderen van God genoemd,
en we zijn het ook.
De wereld kent ons niet,
omdat zij Hem niet heeft erkend.
2        Geliefden,
nu al zijn wij kinderen van God,
en wat wij zullen zijn is nog niet verschenen;
maar wij weten dat,
wanneer Hij zal verschijnen,
wij aan Hem gelijk zullen zijn;
want wij zullen Hem zien zoals Hij is.
3        Wie dit van Hem verwacht,
maakt zich rein,
zoals Jezus rein is.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Matteüs 5.1-12)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Matteüs

1        Bij het zien van deze menigte ging Jezus de berg op,
en toen Hij was gaan zitten,
kwamen zijn leerlingen bij Hem.
2        Hij nam het woord en onderrichtte hen met deze toespraak:
3        `Gelukkig die arm van geest zijn,
want hun behoort het koninkrijk der hemelen.
4        Gelukkig die verdriet hebben,
want zij zullen getroost worden.
5        Gelukkig die zachtmoedig zijn,
want zij zullen het land erven.
6        Gelukkig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid,
want zij zullen verzadigd worden.
7        Gelukkig die barmhartig zijn,
want zij zullen barmhartigheid ondervinden.
8        Gelukkig die zuiver van hart zijn,
want zij zullen God zien.
9        Gelukkig die vrede brengen,
want zij zullen kinderen van God genoemd worden.
10       Gelukkig die vervolgd worden vanwege de gerechtigheid,
want hun behoort het koninkrijk der hemelen.
11       Gelukkig zijn jullie, als ze jullie uitschelden en vervolgen
en je van allerlei kwaad betichten vanwege Mij.
12       Wees blij en juich,
want in de hemel wacht jullie een rijke beloning.
Zo hebben ze immers de profeten vóór jullie vervolgd.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Als leden van de gemeenschap van alle heiligen
scharen wij ons rond onze God, en belijden wij ons geloof.

Ik geloof in de mens,
in de innerlijke goedheid van de mens.
Ik geloof in een wereld waar wij allen kunnen leven
in respect en eerbied voor elkaar, wie we ook zijn.

Ik geloof niet in oorlog, onverschilligheid en hardheid
als basis voor ons bestaan;
maar in goedheid, liefde, vergeving en vrede.
Ik geloof dat we samen aan deze wereld van liefde
moeten bouwen, in woord en daad.

Ik geloof dat Jezus Christus ons de weg heeft getoond
om dit in deze wereld waar te maken.
Ik geloof dat Hij door zijn leven, lijden en dood
ons deed inzien welke de echte waarden zijn in het leven.

Ik geloof ook dat ik door navolging van Hem
opgenomen word in de verbondenheid met Hem
die Jezus Christus zijn Vader noemde.
En ik geloof op grond van de verrijzenis van de Heer
in de voltooiing van de wereld
wanneer wij allen in liefde zullen samenleven
in de Geest van de Vader en de Zoon. Amen.


Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en dit brood en deze wijn aan Hem aan te bieden.

– Voor heiligen in ons midden bidden wij:
mensen die glimlachen,
mensen die luisteren,
mensen die troosten,
mensen die een opbeurend woord spreken.
Dat zij bevestigd en bemoedigd worden in hun heilig pogen.
Laten wij bidden…

– Voor heiligen in ons midden bidden wij:
mensen die in alle eenvoud barmhartig zijn,
die altijd bereid zijn tot vergeving,
mensen die anderen weer op weg helpen.
Dat zij bevestigd en bemoedigd worden in hun heilig pogen.
Laten wij bidden…

– Voor heiligen in ons midden bidden wij:
mensen die zieken genezen,
mensen die zieken verzorgen,
mensen die vreemdelingen onderdak geven, mensen die hun stem verheffen tegen het onrecht dat anderen wordt aangedaan.
Dat zij bevestigd en bemoedigd worden in hun heilig pogen.
Laten wij bidden…

– Op dit feest van Allerheiligen bidden wij ook voor onszelf:
wij, die maar al te goed weten dat we er nog lang niet zijn.
Heer, maak ons bewust van onze mogelijkheden
zodat wij elkaar ondersteunen overal waar het enigszins kan.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor mensen uit onze kring
die hun partner verloren hebben,
voor hen die hun kind ten grave moesten dragen;
voor kinderen die het zonder hun ouders moeten rooien.
Dat hun lieve doden blijven voortleven
in hun hart en in hun levensmoed,
in hun gedachten en in hun geweten.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

Laten we nu tot God bidden om ons met zijn Geest te versterken
zodat wij getuigen kunnen zijn van de Blijde Boodschap van zijn Zoon:

– Bidden we om geloof in het leven
en in U, God van alle leven:
om geloof in een leven over de dood heen.
Om geloof in onszelf:
dat we taal en teken mogen zijn voor elkaar
van een leven dat niet sterven kan.
Laten wij bidden…

– Bidden we om hoop die alle leven draagt
en die ons heel nabij komt:
dat wij vol vertrouwen in het leven durven staan,
dat wij mensen die wanhopen met grote eerbied benaderen,
dat wij voor hen het licht zijn dat zij zelf niet meer zien.
Laten wij bidden…

– Bidden we om liefde
voor allen die ons heel nabij zijn:
dat zij niet moeten wachten op de dood
om te voelen hoe graag wij hen zien.
Laten wij bidden…

– Bidden we om liefde
voor al de mensen met wie we omgaan:
dat wij hen zeggen en herhalen
hoe fijn het is met hen op weg te gaan.
Laten wij bidden…

God, geef ons liefde voor U en onze medemensen
en wees ons nabij.


Gebed over de gaven

Oneindig lieve God,
in het spoor van zovelen die ons zijn voorgegaan,
willen wij vandaag opnieuw
het brood breken en de beker rond reiken.
Moge dit eeuwenoud gebaar
ons heiligen in uw naam
zodat wij waardige erfgenamen worden van onze Vader,
wier lief­de geen maat en geen grenzen kent. Amen.

Tafelgebed

Met hart en ziel danken wij U, God,
die door uw Geest
onze geest voortdurend vernieuwt
opdat wij de wereld
mensvriendelijker zouden maken.
Uw Geest stimuleert ons
om te geloven in Jezus
en Hem te belijden voor alle mensen
als de Heer,
als de hoop van de wereld.
Daarom loven wij U met de woorden
die uw Geest ons heeft ingegeven:

Heilig, heilig, heilig …

Laten wij nooit vergeten, barmhartige Vader,
dat onze verlosser Jezus Christus
de Heer is,
dat Hij mens is geworden,
die Emmanuel,
dat is: God-met-ons,
genoemd wordt.

Laten wij nooit vergeten
dat Hij de wereld heeft gezien met onze ogen,
dat Hij onze woorden gesproken heeft,
dat Hij onze vreugde en onze nood heeft gekend,
dat Hij het werk van een mens heeft verricht
en dat Hij ons brood gegeten heeft.

Laten wij nooit vergeten
dat Hij de Mensenzoon is
– mens onder de mensen –
die meer heeft geloofd in de mens,
meer heeft gehoopt en bemind
dan wij ooit kunnen.

Laten wij nooit vergeten
dat ons geloof, dwars door alle leed,
dat onze hoop over de dood heen,
dat onze liefde tegen alle machten in,
ons doen gelijken op Hem
die Gods gelijke genoemd mocht worden.

Laten wij nooit vergeten dat ook Hij
weerloos heeft moeten buigen
voor het geweld en de macht.

Laten wij nooit vergeten
dat de machtigen Hem geslagen hebben
tot de dood toe
omdat Hij leerde dat Gij zijn vader zijt,
dat wij gered worden door ons geloof in U,
dat onze hoop op U nooit wordt teleurgesteld,
dat uw liefde geen grenzen kent
en dat vooral de armen en de kleinen
door die boodschap blij kunnen worden.

Laten wij nooit vergeten
dat Hij op de vooravond
van dat lijden en die dood
in het breken van het brood
en het rond reiken van de beker
het teken heeft gesteld
dat ons in zijn naam en zijn liefde samenbrengt.

Want die avond
heeft Hij het brood in zijn handen genomen,
Hij heeft zijn ogen opgeslagen
naar U, God en Vader,
Hij heeft U dank gezegd,
het brood gebroken
en aan zijn leerlingen uitgedeeld met de woorden:
“Neem en eet,
dit is mijn lichaam voor u.”

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en voor allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet
en uit deze beker drinkt,
doe het dan om Mij te gedenken.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Wij zijn hier bijeen in zijn naam,
omdat wij mensen willen worden zoals Hij,
mensen die geloven in elkaar
en vertrouwen op U,
die hopen dat Gij uw belofte,
van een gelukkig leven zonder einde,
waar zult maken aan ieder van ons
en aan alle mensen van wie Gij houdt
en van wie wij houden,
en van wie wij blijven houden,
ook al zijn zij overleden.

Wij willen het brood breken
en wij zullen het eten,
wij zullen de beker rondreiken en drinken
in zijn naam
om de herinnering aan hem levend te houden
en om niet te vergeten
dat Hij de armen,
de treurenden,
de zachtmoedigen,
de hongerigen,
de barmhartigen,
de zuiveren,
de vredelievenden,
de vervolgden
en al wie hulp nodig heeft,
gelukkig heeft genoemd.

Geef ons die Geest van deemoed en liefde;
dan zullen wij gelukkig en blij worden
en U dankbaar huldigen:
door Christus,
met Christus,
in Christus,
hier rond deze tafel
en overal,
nu en alle dagen die ons gegeven zijn. Amen.

Onze Vader

In het vertrouwen dat God ook ons vaderlijk nabij wil zijn,
mogen wij tot Hem bidden met de woorden die Jezus ons heeft voorgezegd.
Onze Vader…

Verlos ons, Heer, van alle kwaad.
Geef ons tekenen van hoop
wanneer moedeloosheid ons bedreigt.
Laat ons mensen ontmoeten die ons door hun inzet laten zien
dat de kracht van uw nabijheid sterker is dan onze weerbarstigheid.
Dan zullen wij voor elkaar een stukje hemel op aarde kunnen zijn
en hoopvol kunnen uitzien naar de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…


Vredewens

Heer Jezus Christus,
Gij prijst hen gelukkig die zoeken naar vrede en gerechtigheid.
Daarom bidden wij U:
maak ons hier op aarde tot vredestichters
en geef ons eens deel aan de vrede
die duurt tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.
De vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven we elkaar een hartelijke blijk van Gods vrede.

Lam Gods

Communie

Gelukkig als wij hongeren en dorsten naar gerechtigheid
want dan zullen wij verzadigd worden door de Heer die zichzelf tot voedsel gaf.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Heiligen
Heiligen lijken schaars te worden.
’t Is ook moeilijk ze te herkennen.
Hier en daar wordt er eens ééntje herkend,
meestal na zijn of haar dood.
Net als bij kunstenaars.

Helden zijn gemakkelijker te herkennen.
We lezen in de krant
hoe zij hun voetbalploeg naar de top hebben geschopt.
Anderen glitteren op het filmfestival van Cannes
Nog anderen worden oorverdovend grijsgedraaid op CD’s .
Om van oorlogshelden maar te zwijgen.

Onlangs las ik dat heiligen drie eigenschappen hebben:

Ten eerste zien ze hun eigen fouten.
Dat is mooi, ze hebben dus fouten.
Daar kunnen u en ik wat moed uit putten.

Vervolgens proberen ze niet iets te worden door prestaties,
maar ze nemen het leven aan als een gift van God.
Dat lijkt gemakkelijker dan het is.
Moet u eens proberen.
’t Geeft in elk geval grote rust.

En ten slotte weten ze te dienen.
Dat laatste is wellicht het moeilijkste,
ook al hebben we daar de mond van vol.
Echt dienen.
Niet ‘het ene plezier is het andere waard’.
Belangeloos.

Er stond nog iets bij op het eind.
Dat ze voortdurend behoefte hebben aan genade.
Dat laatste is wellicht hun diepste geheim.
naar Eduard Pijlman

Bezinning 2

Wat een geluk
wanneer je niets te verliezen hebt,
want dan hoor je bij God thuis.

Wat een geluk
wanneer je niet oppervlakkig over alle ellende heen leeft,
want je zult worden getroost.

Wat een geluk
wanneer je een mild mens bent,
want je zult het beloofde land bezitten.

Wat een geluk
wanneer je verlangt dat alles terecht komt,
want je zult het overvloedig zien gebeuren.

Wat een geluk
wanneer je vrede sticht,
want God zal je zijn kind noemen.

Wat een geluk
wanneer je lijdt om te bereiken dat alles terecht komt,
want dan hoor je bij God thuis.
Kees Harte


Slotgebed

God,
in gebed voelden wij ons verbonden
met de duizenden en duizenden
die ons zijn voorgegaan in Jezus’ spoor.
Gij hebt hen getekend met uw zegel van trouw.
Zegen ons tot voortrekkers in geloof, hoop en liefde.
Dan zullen ook wij geroepen worden
om, met alle heiligen,
rondom uw troon
U te aanschouwen van aangezicht tot aangezicht. Amen.

Zending en zegen

Kijk op naar de heiligen die ons zijn voorgegaan,
kijk uit naar de heiligen onder ons,
geniet van hen en volg hen na.
Dan rust Gods zegen op ons:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.