7e paaszondag B 2009

ZONDAGSVIERINGEN
zevende paaszondag B (24 05 2009)

Begroeting

Moge Gods zegen ons nabij zijn
nu wij als geloofsgemeenschap samen zijn
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.


Openingswoord

In het evangelie van vandaag horen we Jezus bidden voor zijn leerlingen.
“Vader, behoed hen voor de macht van het kwaad.
Zij zijn in de wereld,
maar niet van de wereld,
zoals ook Ik niet van de wereld ben.”
Van de wereld: we hoeven het nieuws maar te beluisteren
en dan horen we het wel:
strijd om macht, prestige, bezit…
en vaak worden mensen gebruikt en misbruikt voor die doeleinden.
Jezus weet wel dat we vatbaar zijn
voor wat er in de wereld te koop is,
maar Hij hoopt dat we aan die wereld niet het laatste woord geven.
Hopelijk geven we, naar Jezus’ voorbeeld, voorrang aan andere zaken zoals:
mensen tot hun recht laten komen,
macht en economie gebruiken voor het welzijn van elke mens,
en voor de zwaksten het eerst,
en trouw en liefde beleven, zodat mensen kunnen gelukkig zijn.
Dit ideaal van Jezus is soms nog ver te zoeken
en daarom vragen we God en elkaar om vergeving
voor die keren dat we tekortschoten.
naar Levensecht

Vergevingsmoment

– Heer, we denken vaak dat we onze eigen boontjes kunnen doppen
zonder ons open te stellen voor uw bezielende Geest.
Daarom bidden wij:
Heer, ontferm U over ons.

– Christus, onze gehechtheid aan onmiddellijk materieel geluk
verduistert dikwijls onze blik op de toekomst die Gij ons aanreikt.
Doe ons inzien wat leven echt zinvol maakt.
Daarom vragen wij:
Christus, ontferm U over ons.

– Heer, ons egocentrisme weegt vaak zwaarder door
dan uw opdracht tot inzet voor het Rijk van vrede en gerechtigheid.
Daarom bidden wij:
Heer, ontferm U over ons.

God wil ons oprichten uit onze kleinmenselijkheid.
In Jezus toonde Hij ons de weg naar eenheid en verbondenheid. Amen.

Lofprijzing

Laten wij de Heer loven en prijzen
en dankbaar zijn voor zijn schepping
waarin Hij ons geschapen heeft naar zijn beeld en gelijkenis.
Danken wij Hem
voor het licht van zon, maan en sterren,
voor de pracht van bloemen en planten,
voor het wisselen van de seizoenen
en voor alle leven hier op aarde.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
omdat Hij zijn Zoon heeft gezonden,
die ons de werkelijke waarden van het leven
heeft kenbaar gemaakt
en ons de weg heeft getoond naar het eeuwig leven.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
in alle mensen die zich met hart en ziel inzetten
voor het geluk en het welzijn van medemensen,
voor de verdere uitbouw van zijn schepping,
voor het blijven uitdragen van zijn boodschap,
voor een wereld van vrede, zonder haat of tweedracht.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen:
voor het geluk dat we mogen vinden in zoveel kleine dingen:
de glimlach van een kind,
een onverwacht teken van liefde,
een luisterend oor,
voor een gebaar van troost,
een woord van dank,
en het warme gevoel bij intens geluk.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Openingsgebed 1

God, onze Vader,
leer ons in eenvoud te leven,
in liefde voor elkaar
zoals de eerste christenen:
eensgezind in liefde en gebed
en in het breken van het brood.
Zo kunnen we anderen misschien overtuigen
dat Gij de bron van alle liefde zijt. Amen.


Openingsgebed 2

God die ons kent,
Gij weet hoe wij op zoek zijn
naar woorden van troost en bemoediging,
naar tekenen van uw nabijheid.
Zend ons uw Geest, uw persoonlijke levenskracht.
Door Hem zullen wij U kennen zoals Gij zijt,
als een God van Liefde,
als een God van mensen
vandaag, morgen en altijd. Amen.

Lezingen
In de schriften spreekt God luisterende harten toe.

Eerste lezing (Handelingen 1,15-17.20a.20c-26)

Uit de Handelingen der Apostelen

15          In die dagen stond Petrus op te midden van de broeders
– er was een groep bijeen van ongeveer honderdtwintig personen –
en hij zei:
16          `Broeders! Het schriftwoord moest in vervulling gaan,
dat de heilige Geest bij monde van David tevoren heeft gesproken
met het oog op Judas, de gids van hen die Jezus arresteerden.
17          Immers, hij werd tot onze kring gerekend
en had deel aan onze taak.
20          Want in het boek van de psalmen staat geschreven:
Iemand anders moet zijn ambt overnemen.
21             Daarom moet er van de mannen
die steeds met ons zijn opgetrokken,
al die tijd dat de Heer Jezus onder ons verkeerde,
22          vanaf het begin, vanaf de doop van Johannes,
tot de dag waarop Hij van ons is weggenomen,
van hen dus moet er één samen met ons getuige worden
van zijn opstanding.’
23          Ze stelden er twee voor:
Jozef Barsabbas, bijgenaamd Justus, en Mattias.
24          Ze spraken dit gebed uit:
`Heer, U die het hart van alle mensen kent,
wijs aan wie van deze twee U hebt uitgekozen
25             om in ons apostolisch werk de plaats in te nemen
die Judas heeft verlaten om zijn eigen weg te gaan.’
26             Daarop lieten ze hen loten,
en het lot viel op Matthias,
en zo werd hij aan de elf apostelen toegevoegd.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Johannes 4,7-10)
Uit de eerste brief van de apostel Johannes

7           Vrienden, laten wij elkaar liefhebben,
want de liefde komt van God.
Iedereen die liefheeft is uit God geboren,
en kent God.
8           De mens zonder liefde kent God niet,
want God is liefde.
9           En de liefde die God is,
is onder ons verschenen
doordat Hij zijn enige Zoon in de wereld gezonden heeft,
om ons door Hem het leven te brengen.
10          Hierin bestaat de liefde:
niet wij hebben God liefgehad,
maar Hij heeft ons liefgehad,
en Hij heeft zijn Zoon gezonden om onze zonden uit te wissen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Johannes 17,11b-19)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Johannes

11b Jezus sloeg zijn ogen ten hemel en bad:
Heilige Vader, bewaar hen in uw naam,
die U Mij hebt toevertrouwd,
opdat ze één mogen zijn zoals Wij.
12          Zolang Ik bij hen was,
was het mijn taak hen te bewaren in uw naam,
die naam die U Mij hebt toevertrouwd;
Ik heb over hen gewaakt, en geen van hen is verloren gegaan,
behalve degene die verloren moest gaan,
opdat de Schrift in vervulling zou gaan.
13          Nu kom Ik naar U toe,
maar terwijl Ik nog in de wereld ben,
zeg Ik dit alles opdat ze volkomen vervuld mogen zijn van mijn vreugde.
14          Ik heb hun uw woord doorgegeven,
en de wereld is hen gaan haten,
want ze zijn niet van de wereld,
zoals Ik niet van de wereld ben.
15          Ik vraag U niet hen uit de wereld weg te nemen,
maar hen te behoeden voor de macht van het kwaad.
16          Zij zijn niet van de wereld, zoals Ik niet van de wereld ben.
17          Maak hen toegewijd aan U in de waarheid;
uw woord is waarheid.
18          Zoals U Mij naar de wereld hebt gezonden,
zo heb Ik hen naar de wereld gezonden,
19          en voor hen wijd Ik mijzelf toe aan U,
opdat ook zij U toegewijd zullen zijn in de waarheid.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Wij zijn niet van maar in de wereld
om te getuigen dat de Heer onder ons leeft.
Laten wij dit geloof samen uitspreken.

Ik geloof in God,
schepper van hemel en aarde,
Vader van alle mensen.

Ik geloof in Jezus Christus,
die gekomen is
om te bemoedigen en te genezen,
om ons te bevrijden van alle onrecht,
om Gods vrede bij de mensen te verkondigen.

Hij heeft zich gegeven voor de wereld.
Hij is in ons midden de levende Heer.

Ik geloof in Gods Geest,
die werkzaam is
in alle mensen die er ontvankelijk voor zijn.

Ik geloof in de kerk van Christus,
die, uitgerust met de kracht van de Geest,
gezonden is om de mensen te dienen.

Ik geloof in de vergevende liefde van God,
die de macht van de zonde zal breken
in ons en in alle mensen.

Ik geloof dat de mens zal leven
van Gods leven voor altijd.
Amen.

Voorbeden 1

Bidden wij tot de Heer, die ook voor ons gebeden heeft…

– Bidden wij dat het ooit waar mag worden:
genoeg brood voor allen die honger hebben,
gelijke kansen voor iedereen die in ons midden vertoeft,
mensen die zich écht verantwoordelijk weten voor elk ander.
Laten wij bidden…

– Bidden wij dat het ooit waar mag worden:
warmte en bezieling die de hele Kerk doorstroomt,
van top tot grondvlak:
mannen en vrouwen, die, geïnspireerd door hetzelfde evangelie,
eenheid bevorderen in waarheid en trouw.
Laten wij bidden…

– Bidden wij dat het ooit waar mag worden:
dat ons samenkomen in Jezus’ naam niet vrijblijvend is,
dat ons breken en delen hier
breken en delen wordt in ons leven van elke dag.
Laten wij bidden…

– Bidden wij om de goede gaven van Gods Geest:
om liefde en vreugde bij ieder thuis,
om verdraagzaamheid en vrede bij ieder in de buurt,
om welwillendheid en geduld in onze omgang met elkaar.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden we om wijsheid
voor allen die in deze wereld leiding geven
en over het lot van velen te beslissen hebben.
Bidden we om vreugde
voor allen die met anderen begaan zijn
en zorg dragen voor hun medemensen.
Laten wij bidden…

– Bidden we om enthousiaste bezieling voor heel de Kerk.
Bidden we voor allen
die dezelfde Heer willen volgen,
hetzelfde evangelie willen belijden.
Laten wij bidden…

– Bidden we om de gaven van de Geest
voor onze zieken,
voor allen die wanhopig geworden zijn
omwille van de hardheid van anderen,
voor allen die vechten voor een menselijk bestaan.
Laten wij bidden…

God,
Gij die alle harten kent,
wij bidden U slechts om dit ene:
zend tot ons wie Gij beloofd hebt
om deze wereld te herscheppen:
uw heilige Geest. Amen.


Gebed over de gaven 1

Gij die ons kent,
neem deze gaven aan, brood en wijn,
en aanvaard ook allen hier
die – volhardend in gebed – de komst van uw Geest verwachten.
Wij bidden
dat wij – brekend en delend – een gemeenschap worden
waar liefde woont
en waar Gij verblijf houdt,
vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.


Gebed over de gaven 2

God en Vader,
als wij van elkaar houden
woont Gij in ons
en krijgen wij deel aan uw Geest.
Laat deze gaven een teken zijn
dat wij elkaar liefhebben
zoals Gij ons het eerst hebt liefgehad
in Jezus Christus, onze Heer. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen delen
om anderen een menswaardig bestaan te verzekeren,
voor hen die hun huis gastvrij openstellen.

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen luisteren
naar het leed van anderen,
die wonden genezen
door de pijn te helpen dragen;
voor mensen die kunnen troosten.

Wij danken U, God,
voor mensen die rust en stilte brengen,
die oog hebben voor kleine dingen,
die zich verheugen in de grootheid van anderen.

Wij danken U, God,
voor mensen die hongeren naar gerechtigheid,
die lijden omwille van het onrecht
dat anderen wordt aangedaan.

Wij danken U, God,
voor mensen die mild zijn in hun oordeel,
die eerbied hebben voor het leven,
die hun hart openen voor vergeving en verzoening.

Wij danken U, God,
voor mensen die zuiver zijn in hun bedoelingen,
die oprecht zijn in hun woorden,
die trouw blijven aan hun vrienden.

Wij danken U, God,
voor mensen die zich spiegelen
aan de levenswijze van Jezus.
Met hen getuigen en loven wij U, God:

Heilig, heilig, heilig …

Geen andere zekerheid is ons gegeven, Heer God,
dan op weg te zijn naar U.
.
Ons zoeken naar U
maakt ons tot een volk onderweg.
Mensen die verdwalen worden toegesproken
door Jezus, uw Zoon,
die de Weg, de Waarheid en het Leven is.
En als wij ons nestelen in onze zelfgenoegzaamheid,
Heer, roep ons dan weer op.

Toen Jezus die laatste avond met zijn vrienden aan tafel zat
gaf Hij hun een heilig teken:
Hij nam wat brood, dankte U, Vader,
brak het, deelde het uit en zei:
“Neem en eet hiervan, dit is mijn lichaam,
voor u gebroken, aan u toevertrouwd.”

Na de maaltijd nam Hij ook de beker, zegende die,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hieruit, dit is mijn bloed,
mijn levenskracht, voor u vergoten
tot vergeving van zonden,
tot verbondenheid onder mensen.
Kom samen, en doe dit telkens opnieuw,
en weet dan dat Ik bij u ben.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Wij bidden U, Heer God,
stuur ons op weg in de geest van Jezus, uw Zoon:
dat wij nieuwe wegen van goedheid banen,
paden van gerechtigheid en onderlinge vrede;
dat wij het leven leefbaar maken
en het puin ruimen van ons egoïsme.

Doe onder ons profeten opstaan
die het vuur van uw goedheid brandend houden,
die uw licht laten stralen,
ook in donkere momenten van ons leven.
Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn, Heer onze God,
die ons doet leven dank zij uw Geest,
hier en nu en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Onze Vader

Heer, leer ons bidden,
zonder grote woorden,
in de stilte van ons hart.

Dat uw naam mag klinken
alle dagen van ons leven,
als een zegen voor alles wat leeft.

Dat uw rijk zichtbaar mag worden
in ons zoeken naar gerechtigheid,
in ons geloof dat bergen verzet.

Dat uw wil,
mag geschreven zijn in ons hart;
dat wij trouw mogen zijn aan uw verbond.

Wees voor ons dagelijks brood,
dat wij met anderen delen.

Wees voor ons vergeving en verzoening;
wil ons aanvaarden, maak ons nieuw
en geef dat wij anderen hun fouten vergeven.

Wees voor ons bevrijding van alle kwaad:
open ons hart en onze geest,
dat wij voor anderen,
een zegen mogen zijn. Amen.

Vredewens

Vrede begint waar de één zijn hand legt op de schouder van de ander,
waar de kloof tussen de  klassen overbrugd wordt,
waar men elkaar eerbiedigt,
waar men voor elkaar een hulp is in tijden van nood,
waar mensen elkaar beleven als zussen en broers van dezelfde Vader.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven we elkaar een blijk van vrede en solidariteit
.

Lam Gods

Communie

Niets is zo vertrouwd,
niets is zo broodnodig
als brood in lief en leed, dagelijks gebroken.
Brood waarvan Jezus zei:
Dit is mijn lichaam. Ik wil er zijn voor u.
Heer, ik ben niet waardig …


Bezinning

Ik wil mij steeds weer oefenen in de hoop.
Ik hoop dat ik in mensen het goede kan zien.
Ik hoop dat ik in deze tijd
tekenen van hoop kan zien.
Ik hoop dat ik niet door wanhoop
overspoeld zal worden.

Ik wil mij steeds weer oefenen in de hoop.
Ik hoop dat ik mensen kan aanmoedigen en verwarmen.
Ik hoop dat ik anderen
niet zal afbreken met mijn woorden.
Ik hoop dat ik mild
en terughoudend blijf in mijn oordeel.

Ik wil mij steeds weer oefenen in de hoop.
Ik hoop dat ik kan blijven openstaan voor anderen.
Ik hoop dat ik kan luisteren
naar het innerlijke van de mens.
Ik hoop dat er iemand is
die mij altijd weer steunt.

Ik wil mij steeds weer oefenen in de hoop.
Ik wil leven uit vertrouwen en liefde.
Ik wil doorgeven
wat opbouwend en hoopgevend is.
Ik hoop op mensen
die samen met mij leven vanuit de goede hoop.
Manu Verhulst

Slotgebed 1

Heer Jezus, wij zijn uw Kerk, uw gemeenschap.
Gij hebt beloofd die Kerk op een rots te bouwen
en toch wankelt de grond geregeld onder onze voeten.
Sterk ons geloof in deze Kerk,
blijf ons er steeds opnieuw aan herinneren
dat wij samen-kerk-zijn,
en dat wij dus medeverantwoordelijk zijn
voor de geloofwaardigheid van uw aangezicht in deze wereld.
Versterk onze hoop opdat wij niet ten onder gaan aan moedeloosheid.
Versterk onze liefde voor wie met ons meebouwen,
maar hou ons ook verbonden met wie ontmoedigd afhaken.
Want liefde en verbondenheid zijn het cement van eenheid. Amen.


Slotgebed 2

Als ik het zelf niet meer kan
omdat mijn ongeloof te groot is geworden,
of als ik er de woorden niet meer voor vind
omdat tegenwerking en kritiek
elke stem in mij onmogelijk hebben gemaakt,
laat Jezus dan voor mij bidden, God,
en U vragen dat Gij mij behoedt
voor de macht van het kwaad
en mij zegent.
En hopelijk vind ik dan opnieuw de kracht
om enthousiast christen te zijn,
ondanks alles soms.
Erwin Roosen


Zending en zegen

Jezus bad tot zijn Vader:
“Zoals Gij Mij in de wereld gezonden hebt
zo zend Ik hen in de wereld.
Mogen zij in waarheid aan U toegewijd zijn”.
Laten wij van hier weggaan
bewust van deze zendingsopdracht,
en wetend dat Gods zegen met ons is:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.