6e zondag door het jaar B 2009

ZONDAGSVIERINGEN
zesde zondag B (15 02 2009)

Begroeting

Goede morgen.
Blij u weer te zien want ik heb goed nieuws vandaag.
Maar eerst willen we dit bijeenzijn plaatsen
onder het teken van het kruis:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord

De man die in het evangelie van vandaag
door Jezus van zijn melaatsheid wordt genezen,
kon niet anders dan zijn geluk uitzingen op alle hoeken van de straat,
ondanks Jezus’ spreekverbod.
Maar niet iedereen was even enthousiast over Jezus’ optreden.

Goed nieuws voor de ene
is niet altijd goed nieuws voor de andere.
Het geluk van de ene,
kan een ander pijn doen, soms zelfs ergeren.
Dat hangt af  van iemands inge­steld­heid.

Vandaag breng ik goed nieuws:
de verkondiging van het evangelie, de Goede Boodschap.
Of dat bij u enthousiasme oproept of schuldgevoelens of erger­nis
hangt van u af,
want de boodschap op zich is en blijft ‘goed nieuws’.

Vergevingsmoment

Jezus was bewogen om mensen.
Wij creëren vaak afstand.
Bidden we daarom om vergeving.

– Diep ontroerd heeft Jezus
de zieke in al zijn kwetsbaarheid opgemerkt.
Onze aandacht is zelden zo groot.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

– Diep ontroerd raakt Jezus
de melaatse met beide handen aan.
Wij houden onze handen vaak thuis.
Zoveel nabijheid brengen wij doorgaans niet op.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.

– Diep ontroerd heeft Jezus
de zieke weer met de gemeenschap verbonden.
Wij klasseren zieken dikwijls bij de niet-productieven.
Van samenhorigheidsgevoel is nauwelijks sprake.
Heer, ontferm U over ons.

God van leven, genees ons,
wees ons genadig en vergeef ons,
zodat wij uw boodschap opnieuw kunnen ontvangen en doorgeven,
nu en alle dagen. Amen.


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.


Openingsgebed

Heer onze God,
moge uw boodschap ons versterken
zodat wij kunnen weerstaan
aan het negatieve dat zich diep in onze ziel geworteld heeft.
Wij bidden U:
maak ons tot een vruchtbare voedingsbodem voor uw woord,
opdat wij het goede nieuws van heil en geluk
zouden uitdragen naar allen
voor wie wij iets kunnen betekenen,
naar allen, zonder onderscheid.
Pas dan zullen wij leven,
vandaag en alle dagen tot in uw eeuwigheid. Amen.

Lezingen
Luisteren wij samen naar het goede nieuws uit de Schrift.

Eerste lezing (Leviticus 13, 1-2. 45-46)
Uit het boek Leviticus

1           De Heer sprak tot Mozes en Aäron:
2           `Heeft iemand een gezwel, uitslag
of een vlek op zijn huid
en het gaat lijken op huidziekte,
dan moet men hem bij de priester Aäron
of bij een van zijn zonen brengen.
45          Iemand die aan huidziekte lijdt,
moet in gescheurde kleren lopen
en zijn haren los laten hangen.
Hij moet zijn baard bedekken en roepen:
`Onrein, onrein!”
46          Zolang de ziekte duurt is hij onrein;
hij moet apart wonen en buiten het kamp blijven.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Korintiërs 10, 31-11,1)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de christenen van Korinte

Broeders en zusters,
31          Of u dus eet of drinkt, of wat dan ook doet,
doe alles tot eer van God.
32          Geef geen aanstoot,
noch aan Joden noch aan Grieken noch aan Gods kerk.
33          Ook ik tracht allen zoveel mogelijk ter wille te zijn,
en zoek niet mijn eigen voordeel,
maar dat van anderen,
opdat allen gered worden.
1           Wees mijn navolgers, zoals ik het ben van Christus.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Marcus 1,40-45)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Marcus

40          Zekere dag kwam er een melaatse op Jezus af, die om hulp vroeg.
Hij viel op zijn knieën en zei:
`Als U wilt, kunt U me rein maken.’
41          Diep ontroerd stak Hij zijn hand uit en raakte hem aan.
`Ik wil het, word rein’, zei Hij.
42          Meteen verdween zijn melaatsheid, en hij werd rein.
43          Bars stuurde Hij hem meteen weg,
44          met de woorden:
`Zorg dat u er met niemand over praat,
maar ga u aan de priester laten zien
en breng als offer voor uw reiniging
wat Mozes voorgeschreven heeft;
dat zal hun het bewijs leveren.’
45          Maar eenmaal vertrokken,
begon hij volop te verkondigen
en dit verhaal rond te vertellen,
zodat Jezus niet meer openlijk in een stad kon komen,
maar buiten bleef op eenzame plaatsen.
En ze kwamen overal vandaan naar Hem toe.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Spreken wij ons geloof uit in God
die in zijn Zoon Jezus ons een voorbeeld gaf
van liefde en barmhartigheid zonder grenzen.

Ik geloof in God,
die er voor ons wil zijn,
die naar ons luistert,
die ons nabij wil zijn.

Ik geloof in Jezus,
die mens is geworden,
die oog had voor kwetsbare mensen,
die niemand in de kou liet staan.

Ik geloof in de Geest
die ons bezielt om Jezus na te volgen.

Ik geloof ook in de mensen om mij heen,
dat zij zoeken naar geluk,
dat zij door U, God, bemind worden.

Ik geloof ook in mijn eigen leven,
en dat Gij, God, mij bemoedigt en beschermt.

Ik geloof dat Gij ons allen een leven hebt gegeven,
dat sterker is dan de dood. Amen.

Voorbeden 1

Biddend richten wij ons tot de God van alle mensen,
een God die geen verschil kent tussen blank of zwart,
man of vrouw, hetero of  holebi,
al dan niet door anderen aan­vaard  of uitgestoten.
Hij kent elkeen bij naam,
tot in het diepste van hun hart.

– Velen worden als zondebokken geslachtofferd
op de altaren van het ‘goed fatsoen’,
van regeltjes of van vooroordelen.
Wij bidden U, God van barmhartigheid,
leer ons de grenzen tussen mensen afbreken.
Laten wij bidden…

– Velen zijn ziek en op zoek naar herstel en genezing,
anderen zijn op zoek naar bemoediging en kracht.
Wij bidden U, God van mededogen,
leer ons onze handen uitsteken
om hen te genezen en te steunen.
Laten wij bidden…

– Velen zijn verhard en versteend geraakt in het leven,
anderen laten zich verblinden door wat geen goeds brengt.
Wij bidden U, God van hoop,
leer ons voor hen een bron van hoop en vertrouwen te zijn.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Heer onze God, uw Rijk kome op aarde.
En het is onze taak als geloofsgemeenschap om daaraan bij te dragen.
Sta niet toe dat wij mensen klasseren in hokjes,
wel of niet passend bij elkaar.
Laten we luisteren naar elkaar, elkaar proberen te begrijpen, elkaar de hand reiken.
Laten wij bidden…

–  Heer onze God,
geef dat wij spreken en handelen in de lijn van uw bedoelingen
en sta niet toe dat wij medemensen als melaatsen behandelen:
* die 6% landgenoten die onder de armoedegrens leven;
* zij die blij zijn als ze wekelijks een warme maaltijd toege­schoven krijgen
door een organisatie voor armen of daklozen;
* de tienduizenden die in krotten hokken en daarmee rijke huisjesmelkers nog rijker maken;
*diegenen die uit pure ellende hun lot in de handen leggen van gewe­tenloze mensenhande­laars;
en nog zovele anderen…
Laten wij bidden…

–  Als machtigen elkaar bedreigen met oorlog,
kunnen wij niet veel meer doen dan bidden:
God van vrede, ontdooi verharde en versteende harten.
Luister naar ons
als wij mach­teloos onze solida­riteit uit­schreeuwen met volkeren
voor wie dood en vernie­ling realiteit worden
en met al die jonge mensen die bang afwachten
of ze de strijd worden inge­jaagd,
een strijd die ze meestal niet zelf hebben gewild.
Laten wij bidden…

Voor al deze intenties, voor alles wat ons op het hart ligt, bidden wij:

Gebed over de gaven 1

God die ons aanraakt als een vader of een moeder,
dit brood en deze wijn
spreken ons van verbondenheid
van mens tot mens,
van U met ons, van ons met U.
Wij bidden U:
maak ons tot mensen naar uw hart,
mensen die door breken en delen
uw liefde vermenigvuldigen,
naar het voorbeeld van Jezus, uw Zoon,
die ons voorging in liefde
en die ons in liefde blijft voorgaan,
vandaag en morgen en altijd. Amen.


Gebed over de gaven 2

Goede Vader,
wij bieden U dit brood en deze wijn aan,
samen met onze goede voornemens.
Het is het beste wat we U kunnen aanbieden:
onze goede wil.
Het is iets van onszelf.
Neem het aan, Vader,
en zend er uw zegen over. Amen.

Tafelgebed

Gij, God, soms zo onbereikbaar ver
en toch zo sprankelend aanwezig
in liefde tussen mensen,
in helpende handen,
in vragende ogen.
Wij willen U danken.

Wij danken U
omdat wij iets van U op het spoor mogen komen
in het gelaat van iedere naaste,
in iedere handdruk,
in elke oogopslag.

Gij, God, Gij zijt verborgen aanwezig
waar mensen zorgend elkaar dragen,
waar mensen een thuis bouwen voor elkaar,
waar mensen samen spreken over U
en over alles wat gelukkig maakt.
Wij danken U
omdat Gij ons zó en niet anders hebt gemaakt.

Wij danken U, God,
omwille van Jezus, uw Zoon,
die aan de zijde van kleine mensen stond.
In hen komt Hij altijd weer midden onder ons.
Dank U,
wanneer wij in verlaten mensen
iets mogen herkennen van Hem en van U.
Samen loven wij U:

Heilig, heilig, heilig…

Wij zien U aan het werk
in Jezus, uw Zoon:
de woorden die Hij sprak,
waren uw woorden
en worden nu de onze.
Zijn keuze voor de kleine mensen was uw keuze
en wordt nu de onze.

In Hem hebt Gij uw droom
in onze handen gelegd:
dat lammen niet lam blijven
en doven niet doof.
Dat er voor elke mens
leven mogelijk is,
leven in overvloed.

Hem willen wij hier noemen
als inspiratie,
als wegwijzer voor ons leven,
als blijvende oproep om te doen
wat Hij heeft gedaan.

Die avond,
vlak voor zijn dood,
vatte Hij zijn leven samen,
toonde Hij wie Hij was
en wie Hij blijven wou
voor ons.
Hij nam het brood en verdeelde het
onder zijn vrienden en zei:
“Neem van dit brood en eet ervan.
Dit ben Ik, mijn leven,
mezelf aan U gegeven. Doe dat ook.”

Hij nam de beker met wijn in zijn handen,
dankte en zei:
“Dit is de beker met mijn bloed,
mijn leven voor u uitgedeeld.
Drink ervan en doe dat ook.
In uw breken en delen
blijf Ik leven in uw midden.”

Daarom bidden wij U:
beziel ons met uw Geest.
Dat wij vanuit zijn inspiratie
weten wat groeikracht geeft.
Dat wij midden de ontmoediging
de fantasie bewaren
en wegen blijven vinden naar de nieuwe toekomst
die Gij ons in handen hebt gegeven.
Dat onze hand niet slaat,
dat onze mond niet verraadt,
dat wij geen mens verloochenen.

En dat wij niet vergeten
hen die op ons blijven rekenen:
zij van wie wij houden
en zij van wie wij nog niet genoeg houden.
Dat wij hen niet vergeten
die naast ons staan,
ons voorgaan en bemoedigen,
en hen met wie wij samen op weg zijn
naar menselijker samenleven.

Dat wij hen evenmin vergeten die van ons zijn heengegaan:
dat zij tot ons blijven spreken,
ons verder oproepen en inspireren,
ook nu zij gestorven zijn.

Beziel ons met uw Geest,
dat wij elkaar bewaren
en voortstuwen in de richting van menswaardigheid.
Dat wij waakzaam zijn
om de tekens van hoop te zien
en dat wij zelf zo een teken mogen worden.

Daarvoor willen wij ons inzetten,
-samen-,
met U en voor U
vandaag en alle dagen. Amen.

Onze Vader

In Jezus van Nazareth heeft God ons de ogen geopend.
Met Jezus willen we God bidden
dat Hij ons hart mild en barmhartig maakt,
dat Hij ons leert brood, tijd en liefde te delen met elkaar.

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Vredewens

Maak van ons vernieuwde mensen, God,
liefde- en lichtdragers in de duisternis,
bruggenbouwers, gelouterd en gezuiverd,
mensen die hun leven durven delen
met allen die zussen en broers zijn van dezelfde Vader.
Dan zal er vrede heersen,
de vrede die Gij voor ons hebt gedroomd.
Die vrede van de Heer, zij altijd met u.
En geven wij die vrede van harte aan elkaar door.

Communie

Gods liefde is onder ons mens geworden.
Die Liefde is eeuwig.
Daarom blijft Gods Geest onder ons als voedsel tot eeuwig leven.
Dit is het Lam Gods…

Bezinning 1

Ziek…
al zolang
of pas geworden,
kortstondig
of uitzichtloos.

Zie hen,
bezoek hen,
help hen,
hoor hen aan.
En bid
met hen en voor hen.

Gehandicapt…
naar ziel of lichaam,
zwaar of licht,
van kindsbeen af
of ooit geworden.

Ga met hen mee,
waardeer hen,
acht hen hoog.
En bid
met hen en voor hen.

Eenzaam…
wie niet,
wie nooit?
Eenzaam geraakt,
eenzaam gemaakt,
achtergebleven,
alleen gelaten.

Ga naar hen toe,
reik hen de hand,
neem de tijd.
En bid
met hen en voor hen.
            naar Peer Verhoeven

Bezinning 2

God geve je
Sterke schouders om de zorgen
van vandaag en morgen te dragen
en om de pijn te ondersteunen die je voelt.

Alerte oren om de roepstem van je hart te horen
en om de noden van je buren
te herkennen.

Onvermoeibare voeten om je eigen levensweg te stappen
en om de mens die je verwacht
te bezoeken.

Stralende ogen om het mooie in de Schepping te zien
en om de Heer in de mens naast je
te ontmoeten.

Open handen om wat mensen je in vertrouwen bieden
te ontvangen
en om je eigen overvloed te delen.

Een glimlach om je grote en kleine zorgen te relativeren
en om wie stil langs de weg blijft zitten
aan te moedigen.

Een kloppend hart om biddend te danken
in de geborgenheid van de Heer;
een hart, ruim genoeg voor wie er even
wil schuilen.


Slotgebed 1

God, uw Zoon Jezus genas vele kwalen
en zond ook zijn leerlingen daartoe uit.
Laat uw zegen rusten op alle pogingen
om kwalen te voorkomen en te genezen.
Geef dat wij onze gaven en talenten
in dienst durven stellen
van hen die genezing behoeven.
Dat vragen wij U door Jezus
die weldoende rondging
en vele ziekten en kwalen genas. Amen.
Kees Pannekoek

Slotgebed 2

Als je heel eerlijk bent en durft te kijken
tot in het diepste binnenste van je leven,
dan zul je merken dat je op een of andere manier
ook zelf nood hebt aan genezing – zegt God.
Misschien ben je blind voor de kansarmoede in je eigen buurt,
of doof voor het levensverhaal van mensen rondom je.
Misschien draagt je hart sporen van melaatsheid
vanwege domme fouten uit het verleden,
of wordt heel je leven getekend door kwetsuren van pijn en on­macht.
Laat Mij je dan aanraken – zegt God –
en je nieuw leven geven.
Erwin Roosen


Zending en zegen

Laten we deze week in onze ogen iets meedragen van de aandacht van Jezus.
Laten we in onze houding iets meedragen van zijn helpende hand.
Daarbij gesteund en gesterkt door de zegen van onze menslievende God,
+ de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.