6e zondag door het jaar A 2011

ZONDAGSVIERINGEN
zesde zondag A (13/02/2011)

Begroeting

Moge dit samenzijn gezegend worden
door God + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord

Naar de kerk komen op zondag of op zaterdagavond
is voor een aantal mensen nog steeds een ‘zondagsplicht’.
Voor anderen is dat geen zaak van ‘moeten’
maar van ‘willen’, van ‘behoefte hebben aan’,
behoefte om de Heer te ontmoeten,
om zich door Hem te laten toespreken.

Jezus legt ons vandaag uit dat Hem navolgen,
niet zozeer een kwestie is van ‘je houden aan regels en plichten’,
maar een hartsaangelegenheid is:
een hart dat het geluk voor anderen betracht,
een hart dat God en de medemens daadwerkelijk liefheeft,
een hart dat waarheid spreekt
en vooral waarheid doet.

Omdat wij daaraan vaak niet toekomen
bidden wij God en elkaar om ontferming.

Vergevingsmoment 1

Leven naar Gods wil
is een weg van vallen en opstaan.
Wij zijn kwetsbare mensen.
Zonder verzoening met God en met elkaar
kunnen wij niet echt tot gastvrijheid komen.
Maken wij het daarom stil en bidden wij om ontferming.

– Heer, wij komen tekort in het liefhebben.
We laten ons vaak beïnvloeden
door de visies en de trends van onze maatschappij
die soms mijlenver van uw Boodschap staan.
Heer, ontferm U over ons.

– Heer, wij komen tekort in het liefhebben.
We houden soms te weinig rekening
met de draagkracht van onze medemens en staan erop dat onze wensen zo snel mogelijk in vervulling gaan.
Christus, ontferm U over ons.

– Heer, wij komen tekort in het liefhebben.
We hebben het moeilijk met mensen
die in onze ogen de verkeerde weg opgingen
en voelen ons niet bereid hen te aanvaarden
of hun een nieuwe kans te geven.
Heer, ontferm U over ons.

Moge God ons telkens weer genadig zijn,
onze ware bedoelingen uitzuiveren
en ons geleiden tot nieuw en eeuwig leven. Amen.


Vergevingsmoment 2

Wij hebben allen onze goede en kwade dagen.
Laten wij bij de aanvang van deze viering
ons daarom bezinnen over onze houding tot de anderen
en willen wij elkaar vergeving vragen en schenken.

– Omdat wij onvoldoende begrip opbrengen voor elkaar,
en ons te weinig inzetten voor het geluk van anderen.
Heer, ontferm U over ons.

– Omdat wij, uit zwakheid of onverschilligheid,
zo vaak voorbijgaan aan wie ons oprecht liefhebben,
omdat wij vergeten dankbaar te zijn.
Christus, ontferm U over ons.

– Om alles wat we voor onze medemens
hadden kunnen doen en zijn,
om alles wat ongezegd bleef en ongedaan.
Heer, ontferm U over ons.

Laten wij elkaar vergeving schenken
en moge de barmhartige God ons in zijn liefde opnemen
en geleiden tot het eeuwig leven. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge.

Wij loven U, Vader,
scheppende kracht,
bron van liefde.
Wij loven U, Jezus Christus,
zoon van God,
Weg, Waarheid en Leven.
Wij loven U, Heilige Geest,
vuur, brandende liefdeskracht.

Eer aan God in de hoge.

Vrede op aarde
voor mensen die eenvoudig zijn,
voor mensen die zachtmoedig zijn,
voor mensen die barmhartig zijn,
voor mensen die luisteren
naar het woord van God
en het onderhouden.

Eer aan God in de hoge.

Vrede op aarde
en liefde onder alle mensen:
liefde die nieuw maakt en heelt,
liefde die hoopt en duldt,
liefde die blijft in tijd en eeuwigheid. Amen.

Openingsgebed 1

Heer, onze God, Gij dwingt nooit.
Gij nodigt alleen maar uit
en laat het aan onze vrije wil over
om al dan niet op uw uitnodiging in te gaan.
Wij bidden U:
dat wij onze vrijheid niet misbruiken
om enkel na te jagen wat ons goed uitkomt.
Doe ons ook inzien
dat wij ons niet mogen verschuilen
achter ‘zo hoort het’ en andere regels van ‘goed fatsoen’.
Moge onze gerechtigheid verder reiken
dan plichtsbetrachting,
verder dan ‘moeten’, ‘mogen’ of ‘niet mogen’.
Moge in ons en door ons
uw droom werkelijkheid worden:
een wereld met een hart,
een wereld waarin mensen mogen groeien in liefde en vrede. Amen.

Openingsgebed 2

God, het is niet gemakkelijk
trouw de weg te volgen
waartoe Gij ons geroepen hebt door uw Zoon.
Leer ons nederig aanvaarden
dat wij dikwijls een misstap maken,
omdat wij zijn Boodschap veronachtzamen.
Want wij geloven toch
dat wij bij U het ware geluk vinden,
zoals Gij ons beloofd hebt
voor nu en voor later. Amen.

Lezingen

God gaf ons zijn geboden en de kracht om ze te onderhouden,
zo horen wij in de eerste lezing.
Maar denk erom, leert Jezus ons,
dat God dienen betekent:
niet alleen nalaten wat verboden is,
maar vooral zich positief inzetten voor onze medemen­sen.
Luisteren wij nu naar die woorden uit de Schrift.

Eerste lezing (Jezus Sirach 15,15-20)

Uit het boek Sirach

15       Als je wilt, kun je de geboden onderhouden
en het is verstandig te doen wat Hem behaagt.
16       Hij heeft vuur en water voor je neergezet:
je kunt je hand uitstrekken naar wat je verkiest.
17       Vóór de mensen liggen het leven en de dood,
en dat waar een mens genoegen in schept.
18       Want groot is de wijsheid van de Heer;
zijn macht is geweldig en Hij ziet alles.
19       Zijn ogen zijn gericht op degenen die Hem vrezen
en iedere daad van de mens is Hem bekend.
20       Hij heeft niemand de opdracht gegeven te zondigen
en Hij heeft niemand toestemming gegeven kwaad te doen.
KBS Willibrord 1995


Tweede lezing (1 Korintiërs 2,6-10)

Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de christenen van Korinte

Broeders en zusters,
6        Over wijsheid spreken wij wel onder de ingewijden, maar dat is niet de wijsheid van deze wereld of van de machten van deze wereld, die onttroond zullen worden.
7 Maar wij verkondigen Gods geheimnisvolle wijsheid, het verborgen plan dat door God van alle eeuwigheid af is ontworpen, en bestemd is voor onze verheerlijking.
8 Geen van de machten van deze wereld heeft ervan geweten. Als zij ervan geweten hadden, zouden zij de Heer der heerlijkheid niet gekruisigd hebben.
9 Hierover zegt de Schrift: Wat geen oog heeft gezien, geen oor heeft gehoord, wat in geen mensenhart is opgekomen, dat heeft God bereid voor wie Hem liefhebben.
10 Ons heeft God dat geopenbaard door de Geest. Want de Geest doorgrondt alles, zelfs de diepste geheimen van God.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 5,17-37)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Mattheus

17 Denk niet dat Ik gekomen ben om de Wet of de Profeten op te heffen.
Ik ben niet gekomen om ze op te heffen, maar om ze te vervullen.
18 Want Ik verzeker jullie; eer hemel en aarde vergaan, zal er niet één punt of komma van de wet afgaan voor het allemaal gebeurd zal zijn.
19 Wie één van die geringste geboden ontkracht en dat de mensen leert, zal de geringste genoemd worden in het koninkrijk der hemelen. Maar wie ze onderhoudt en leert, zal groot genoemd worden in het koninkrijk der hemelen.
20 Want Ik zeg jullie: als jullie gerechtigheid niet méér betekent dan die van de schriftgeleerden en farizeeën, zul je het koninkrijk der hemelen zeker niet binnengaan.
21 Jullie hebben gehoord dat tot de ouden gezegd is:
U zult niet doden. Wie doodt, zal uitgeleverd worden aan het gerecht.
22 Maar Ik zeg jullie: ieder die zijn broeder een kwaad hart toedraagt,
zal uitgeleverd worden aan het gerecht. Wie `leeghoofd” zegt tegen zijn broeder, zal uitgeleverd worden aan het Sanhedrin.
En wie `domkop” zegt, zal uitgeleverd worden aan het hellevuur.
23 Dus als je je offergave naar het altaar brengt, en je herinnert je daar dat je broeder iets tegen je heeft,
24 laat dan je offergave daar voor het altaar achter, en ga je eerst verzoenen met je broeder, en kom dan terug om je offergave te brengen.
25 Wees je tegenpartij welgezind zolang het nog kan en zolang je met hem onderweg bent, opdat je tegenpartij jou niet uitlevert aan de rechter,
en de rechter aan de gerechtsdienaar, die je in de gevangenis zet.
26 Ik verzeker je, je zult daar niet uitkomen voor je de laatste cent hebt betaald.
27 Jullie hebben gehoord dat er gezegd is: U zult geen echtbreuk plegen.
28 Maar Ik zeg jullie: ieder die begerig naar een vrouw kijkt,
heeft in zijn hart al echtbreuk met haar gepleegd.
29       Maar als je rechteroog je doet struikelen, ruk het dan uit en gooi het weg. Want het is beter voor je dat een van je ledematen verloren gaat, dan dat heel je lichaam in de hel wordt gegooid.
30       En als je rechterhand je doet struikelen, hak haar dan af en gooi haar weg. Want het is beter voor je dat een van je ledematen verloren gaat, dan dat heel je lichaam naar de hel gaat.
31       Ook is er gezegd:
Wie zijn vrouw verstoot, moet haar een scheidingsbrief geven.
32       Maar Ik zeg jullie: ieder die zijn vrouw verstoot, behalve in geval van ontucht, brengt haar tot echtbreuk, en wie trouwt met een vrouw die is verstoten, pleegt echtbreuk.
33       Verder hebben jullie gehoord dat tot de ouden gezegd is:
U zult uw eed niet breken, maar u houden aan uw eed voor de Heer.
34       Maar Ik zeg jullie helemaal niet te zweren.
Niet bij de hemel, omdat die de troon van God is.
35       Niet bij de aarde, omdat die zijn voetbank is.
Niet bij Jeruzalem, omdat dat de stad is van de grote koning.
36       Zweer ook niet bij je eigen hoofd,
omdat je niet één haar wit of zwart kunt maken.
37       Maar je ja zij ja en je nee zij nee.
Wat daar nog bij komt, is uit den boze.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Heiligheid heeft alles met vrede, leefbaarheid en warme menselijkheid te maken.
Maar dat is een kwestie van vallen en opstaan.
Spreken wij samen ons geloof uit in onze God van liefde en vergeving.

Wij geloven in God, die wil dat wij leven
die ons in liefde bij de hand
en ons wegen van leven wijst.

Niet via wetten en regels
maar door geloof, hoop en liefde
wordt Gods Koninkrijk werkelijkheid.

Wij geloven in Christus, de Levende,
die ons leerde leven als kinderen van de Vader,
die in ons leeft als kracht van liefde,
die ons opwekt tot een nieuw bestaan.

Niet de oude mens leeft in ons voort,
maar Christus zelf brandt in ons hart als vuur.

Wij geloven in de Geest, Trooster en Helper,
die ons gaande houdt op weg naar vrede.

Niet de geest van geld en macht,
maar de Geest van liefde en gastvrijheid
brengt ons tot gemeenschap
en maakt ons tot mensen naar Gods hart. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer op te dragen.

– Bidden we voor de verkondigers van Gods Woord.
Dat de Blijde Boodschap die zij uitdragen
ook werkelijk blij en bevrijdend mag klinken.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor de mensen die in het verleden bezwaard werden
met het beeld van een straffende God.
Dat zij mogen inzien dat de God van het evangelie,
een God van liefde en verzoening is,
een God die mensen bevrijdt van dwang, verplichting en verknechting.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor hen die, ‘in naam der wet’, leed en onrecht laten voortbestaan.
Mogen zij beseffen dat onze God, als Heer van de sabbat,
het heil van mensen hoger acht
dan het zich farizeïsch verschuilen achter wetten en regels.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor de Kerk van Christus
en vragen wij God vergeving om het onrecht dan wij, in naam van het evangelie, onze oudste broeders, de joden, hebben aangedaan.
Mo­ge wij openstaan voor wat God zegt tot ons, christe­nen,
in de boeken van Israël, zijn volk.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Laten we bidden voor de gemeenschap van de Kerk
en in het bijzonder voor haar leiders.
Dat ieder op zijn en haar plaats
steeds weer de oren opent
voor wat de Geest tot de Kerk zegt.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onszelf.
Dat we de moed hebben wijs te worden voor God
en dwaas naar de maatstaven van de wereld.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor mensen die ongevraagd ons pad kruisen.
Dat we ons in die ontmoeting
laten gezeggen door de Geest van Jezus
en niet door de afpalende wijsheid van mensen.
Laten wij bidden…

– Bidden we om meer durf en minder angst
in de omgang tussen mensen
en in het bijzonder tussen mensen die vreemd zijn voor elkaar,
opdat zij kinderen worden van de Vader in de hemel.
Laten wij bidden…
Martien Vijverberg

Gebed over de gaven

God van het verbond,
gedragen door uw Geest,
scharen wij ons in de kring
waar uw warmte de hoop levendig houdt,
waar liefde gedeeld wordt zonder onderscheid,
waar brood gebroken en de beker rondgereikt wordt
zonder aanziens des persoons.
Weest Gij onze Gast
die ons aan deze tafel voorgaat.
Dan zullen wij leven,
met Jezus, uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Tafelgebed

God, wij danken U
omdat Gij een God van liefde zijt,
een God die oog en hart heeft
voor ons, zoekende mensen.

Wij danken U
omdat Gij de naam van elke mens geschreven hebt
in de palm van uw hand.
Wij danken U omdat Gij herkenbaar zijt
in elke goede mens,
in ogen vol mildheid,
in een teder gebaar.
Overduidelijk hebt Gij dat getoond in Jezus,
uw mensgeworden Zoon.
Als geen ander gaf Hij
gestalte aan uw goedheid en uw liefde voor de mensen.

Gij zijt de hand op onze schouder,
de stem die ons moed inspreekt of tactvol corrigeert.
In alle mensen die om ons bekommerd zijn,
die ons vergeven en aanmoedigen,
mogen wij de warmte van uw hart vermoeden.
Als liefde ook ons hart beroert,
onthullen wij  iets van uw gelaat.
Omdat wij dit mochten ervaren
danken wij U schroomvol met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Wij danken U voor Jezus, de Christus,
de man uit Nazareth,
die U ‘Abba’, zijn lieve Vader noemde.
Nooit was er van U zoveel te zien en te ervaren
als toen Hij op onze aarde was.

Gedreven door gerechtigheid en goedheid
openbaarde Hij uw naam in deze wereld.
Door zijn woorden van begrip en vergeving,
door zijn attentie voor gekwetste mensen,
door blinden uitzicht te geven en lammen veerkracht,
toonde Hij uw menslievendheid.

Hij was met mensen begaan,
deelde hun vreugde, maar ook hun verdriet.
Hij veroordeelde niet,
maar gaf mensen nieuwe kansen.

Vooral in de nacht, die de laatste van zijn leven werd,
heeft Hij een subliem gebaar van liefde gesteld.

Hij nam brood in zijn handen en dankte U.
Hij brak het brood en gaf het aan zijn vrienden en zei:
“Neem en eet hiervan gij allen.
Dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.”

Zo nam Hij ook de beker.
Hij sprak een dankgebed en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,
dat voor u en voor allen wordt vergoten
tot vergeving van de zonden.
Blijf dit doen om Mij te gedenken.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Vader, wij zijn U dankbaar
omdat wij in deze tekenen van brood en beker
Jezus van Nazareth mogen gedenken.
Zend ons zijn Geest
opdat ook wij voor elkaar genade zouden zijn,
hoe onvolkomen ook.

Geef dat wij elkaar waarderen,
dat we niet blind zijn voor de mens naast ons
of doof en onverschillig voor zijn nood.

Dan zal er vreugde zijn op aarde
liefde, vrijheid  en vriendschap in Jezus’ naam.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God,
in de eenheid van de heilige Geest,
hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Laten wij ons leiden door de gezindheid van Jezus van Nazareth
en met Hem bidden tot zijn en onze Vader:
Onze Vader….

Laat uw Rijk komen, God,
uw wil werkelijkheid worden in ons midden,
zodat uw geheiligde naam
kan worden doorgegeven in gerechtigheid en vrede,
van mens tot mens,
van land tot land
over heel de wereld.
Dan zal de mensheid vreugdevol kunnen uitzien
naar de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens 1

Heer, geef ons de moed
om holle woorden en al wat niet echt is
achter ons te laten.
Geef ons de kracht om wat minder af te breken
en wat meer op te bouwen.
Geef ons de eerlijkheid
om te erkennen dat er zoveel is dat we konden doen,
maar niet deden.
Geef ons het geloof dat elke vraag om vergeving
door U beantwoord wordt met liefde.
Dan zal uw vrede, Heer, met ons zijn…
En geven wij die vrede Gods aan elkaar door.


Vredewens 2

Heer, maak dat wij vredestichters mogen zijn,
die eerder het goede bevestigen dan het kwade aanrekenen.
Moge wij, daar waar we kunnen,
de eerste stap zetten om recht en verzoening te bewerken.
Geef dat volkeren ook deze stappen zetten.
Weest Gij onze Gids en ga ons voor.
De vrede van de Heer zij altijd met u.
En wensen wij elkaar die Godsvrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

Getrouw aan Gods wet en belofte
deelde Jezus brood en wijn,
zijn leven en zijn vreugde uit.
Zo wilde Hij voor ons het Lam zijn dat onze zonden wegdraagt.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning

Wat is het evangelie anders
dan de graffiti van God
op de muur van de mensengeschiedenis.
Geen zwaar theologisch betoog
maar kreten en tekens
– eenvoudig, vol goedheid,
soms ontroerend naïef –
geloof in het licht
ondanks de duisternis,
geloof in de mens
ondanks het beest.

Een mens die zich bekeert
en gelooft in het evangelie
is niets anders dan een teken
op de muur van de geschiedenis:
een klein naïef tekeningetje,
een graffito,
dat vertelt van blijdschap in verdriet,
van rijkdom in armoede
en van vergeving in plaats van haat.

Zo werkt God verder aan zijn graffiti
op de lange muur van onze geschiedenis.
Niemand ziet wanneer
en niemand weet waarom.
Manu Verhulst


Slotgebed

Niets of niemand kan je verplichten om lief te hebben – zegt God .
Maar als je in Mij gelooft dan kun je niet anders!
Je ‘ja’ aan Mij is immers ook onvermijdelijk
een ‘ja’ aan je medemensen, wie ze ook zijn.
Durf je daarom klein te maken
en dienstbaar te zijn aan het levensgeluk van velen.
Zelfs als mensen je uitlachen
of als je eigen beperktheid je parten speelt,
dan nog zal Ik er voor je zijn
en Ik zal je ‘groot’ maken:
een mens naar mijn droom,
een mens om lief te hebben – zegt God.
Erwin Roosen

Zending en zegen

De radicaliteit van het evangelie gaat dus veel verder dan
‘zich houden aan de regels en zijn plichten vervullen’.
Om te bouwen aan Gods weg naar meer mensvriendelijkheid,
leefbaarheid en warmte in deze wereld
schenkt God ons zijn kracht, zijn genade en zijn zegen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.