5e zondagdoor het jaar B 2009

ZONDAGSVIERINGEN
vijfde zondag B (08 02 2009)

Begroeting

Wees welgekomen, hier bijeen, in het huis van de Heer,
die wij mogen noemen + Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.


Openingswoord 1

Er zijn zo van die dagen,
– vele dagen na elkaar misschien –
dat we ons niet lekker voelen in ons vel.
Er loopt niets echt fout.
Wat we moeten doen, proberen we goed te doen
en toch kunnen we dat ondefinieerbaar gevoel van onbehagen
niet van ons afzetten.

Misschien moeten wij dan een stap opzij zetten,
bezijden de weg van onze dagelijkse drukdoenerij.
Ons even terugtrekken in de stilte,
zoals Jezus,
die in eenzaamheid ging bidden als,
ondanks zijn inzet voor de Blijde Boodschap,
dat ondefinieerbaar gevoel van onbehagen Hem bekroop.

Bezijden de weg van dagelijkse drukdoenerij
kunnen we dan de Vader om ontferming bidden.

Openingswoord 2

Lijden, pijn, verdriet…
het kan een mens tot wanhoop drijven…
hem doen uitschreeuwen: “Waarom toch? Waaraan heb ik het ver­diend?”
Noodkreten waarvoor onze samenleving geen oor heeft.
Die wil dergelijke vragen liever toedekken, doodzwijgen,
uitbannen met zegebulletins over wetenschap
die alsmaar meer overwinningen boekt,
steeds meer ziekten geneest en voorkomt,
steeds beter de pijn weet te bestrijden.

De Bijbel ziet zulke diep menselijke drama’s wel onder ogen.
Job, in de eerste lezing, is het prototype van de mens
die lijdt en er niets van begrijpt.
Tegenover zoveel uitzichtloosheid presenteert Jezus zijn boodschap:
Hij stapt naar zieke en lijdende mensen toe,
neemt ze bij de hand en doet hen opstaan.

Openingswoord 3

De evangelist Marcus vertelt ons
een dag en een nacht uit het leven van Jezus.
Zijn beschrijving is summier,
niet veel meer dan een opsomming.
Maar dat is genoeg.
Uit die passage is de enig mogelijke conclusie:
dag en nacht was Jezus ‘met mensen begaan’.


Vergevingsmoment 1

– Als wij onze levenstaak te zeer afstemmen op onszelf,
op onze eigen verlangens en behoeften
en de mensen in nood niet zien of in de kou laten staan,
Heer, ontferm U dan over ons.

– Als wij maar blijven jachten en jagen
en geen tijd maken om ons even te bezinnen,
om even te bidden,
Christus, ontferm U dan over ons.

– Als wij ons leven vaak zwaar en zonder toekomst ervaren,
als wij geen hoop meer vinden in uw boodschap,
Heer, ontferm U dan over ons.

Vergevingsmoment 2

Als wij hier bijeen zijn
weten we dat we geen supermensen zijn,
maar dat we fouten en gebreken hebben.
Het is dan goed om te beseffen wat we verkeerd deden
en daarover spijt te hebben,
maar we moeten ook bereid zijn om anders te gaan leven.

Jezus trok zich regelmatig terug om te bidden.
Hij was dan met heel zijn hart bij de Vader.
Vergeef ons Heer, als we zo weinig tijd
vrijmaken voor een gebed.
En meestal bidden we dan nog alleen als we U nodig hebben
om ons te depanneren.
Heer, ontferm U over ons.

Waar verdriet, ziekte en eenzaamheid te vinden was,
daar bracht Jezus troost, genezing en vreugde.
Vergeef ons, Heer, dat wij zo weinig op U gelijken
en te weinig bekommerd zijn om de mensen rondom ons
die onze hulp nodig hebben.
Christus, ontferm U over ons.

Jezus heeft dikwijls zijn hand uitgestoken om te zeggen
“jij hoort er ook bij”.
Vergeef ons, Heer, als wij vaak een uitgelezen vriendenclubje koesteren
en om diverse redenen een heleboel mensen buitensluiten.
Heer, ontferm U over ons.

Moge God ons laten inzien
hoe wij iets kunnen doen aan onze fouten en gebreken.
Zo kunnen wij verder op weg met zijn deugddoende vergeving. Amen.


Lofprijzing

Laten wij de Heer loven en prijzen
en dankbaar zijn voor zijn schepping
waarin Hij ons geschapen heeft naar zijn beeld en gelijkenis.
Danken wij Hem
voor het licht van zon, maan en sterren,
voor de pracht van bloemen en planten,
voor het wisselen van de seizoenen
en voor alle leven hier op aarde.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
omdat Hij zijn Zoon heeft gezonden,
die ons de werkelijke waarden van het leven
heeft kenbaar gemaakt
en ons de weg heeft getoond naar het eeuwig leven.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
in alle mensen die zich met hart en ziel inzetten
voor het geluk en het welzijn van medemensen,
voor de verdere uitbouw van zijn schepping,
voor het blijven uitdragen van zijn boodschap,
voor een wereld van vrede, zonder haat of tweedracht.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen:
voor het geluk dat we mogen vinden in zoveel kleine dingen:
de glimlach van een kind,
een onverwacht teken van liefde,
een luisterend oor,
voor een gebaar van troost,
een woord van dank,
en het warme gevoel bij intens geluk.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Openingsgebed 1

God,
crisismomenten maken ons bang en onzeker.
Maar crisistijd kan ook genadetijd zijn.
Open onze ogen voor de nieuwe kansen die daarin besloten liggen.
Spreek ons moed in
om ons leven weer te oriënteren
naar de eenvoudige waarden van het evangelie.
Dan mogen wij erop vertrouwen
dat Gij ons nabij zult zijn,
vandaag en alle dagen van ons leven. Amen.


Openingsgebed 2

Crisismomenten maken ons bang en onzeker.
Het is net alsof de zon voor altijd is ondergegaan.
Laat U toch zien, God, in die duistere nacht.
Maak dat een wanhopig hart U herkent als een sprankeltje hoop,
net genoeg om een mens in beweging te brengen
zodat Hij naar Jezus kan gaan
om door Hem genezen te worden van zijn uitzichtloosheid.
Alle donkerte ten spijt mogen wij erop vertrouwen
dat Gij ons nabij zijt en blijft,
vandaag en alle dagen van ons leven. Amen.

Lezingen

Luisteren wij nu hoe God ons toespreekt doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing
(Job, 7,1-4, 6-7)
Uit het boek Job

1           Moet een mens niet zwoegen op aarde
en dagen maken van een dagloner?
2           Zoals een slaaf verlangt naar schaduw,
en zoals een dagloner uitziet naar zijn loon,
3           zo ken ik vruchteloze maanden,
en nachten vol getob zijn mij toebedeeld.
4           Wanneer ik lig zeg ik: Zal ik opstaan?
Maar de avond duurt lang.
En tot de ochtend ben ik vol onrust.
6           Mijn dagen verschieten sneller dan een weversspoel,
ze lopen af, zonder hoop.
7           Bedenk, mijn leven is een zucht,
ik zal geen geluk meer zien.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Korintiiërs 9,16-19.22-23)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de Christenen van Korinte

Broeders en zusters,
16          Dat ik het evangelie predik,
is voor mij niets om me op te beroemen:
ik kan niet anders.
Wee mij als ik het evangelie niet verkondigde!
17          Als ik het uit eigen beweging zou doen,
dan had ik recht op loon;
maar ik doe het niet uit eigen beweging,
het is een taak die mij is toevertrouwd.
18          Wat is dan mijn loon?
Dat ik het evangelie kosteloos verkondig
en geen gebruik maak van het recht
dat het evangelie mij geeft.
19          Hoewel ik van niemand afhankelijk ben,
heb ik me toch de slaaf gemaakt van allen,
om zoveel mogelijk mensen voor Christus te winnen.
22 Met de zwakken ben ik zwak geworden
om de zwakken te winnen.
Ik ben alles wat je maar wilt
om in elk geval een paar mensen te redden.
23 En ik doe alles voor het evangelie
om er ook zelf deel aan te krijgen.
KBS Willibrord 1995


Evangelie
(Marcus 1,29-39)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Marcus

29          Vanuit de synagoge ging Jezus regelrecht
naar het huis van Simon en Andreas,
samen met Jakobus en Johannes.
30          De schoonmoeder van Simon lag met koorts op bed,
en meteen spraken ze met Hem over haar.
31          Hij ging naar haar toe,
pakte haar bij de hand en liet haar opstaan.
De koorts verliet haar, en ze bediende hen.
32          ’s Avonds, toen de zon was ondergegaan,
brachten ze allen bij Hem die ziek waren
en die van demonen te lijden hadden.
33          Heel de stad was samengestroomd voor de deur.
34          Hij genas vele zieken van allerlei kwalen,
en Hij dreef veel demonen uit;
Hij stond de demonen niet toe te spreken,
omdat ze wisten wie Hij was.
35          En in alle vroegte, het was nog nacht,
stond Hij op, ging naar buiten naar een eenzame plaats
en bleef daar bidden.
36          Simon en zijn metgezellen gingen Hem achterna,
37          en ze vonden Hem en zeiden tegen Hem:
`Iedereen zoekt U.’
38          Hij zei hun: `Laten we ergens anders heen gaan,
naar de dorpen in de buurt,
zodat Ik ook daar kan verkondigen.
Want met dat doel ben Ik weggegaan.’
39          En Hij ging in heel Galilea in hun synagogen verkondigen
en dreef de demonen uit.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

In mensen, die lijdende medemensen nabij zijn,
kunnen we de trouw van onze God herkennen.
Laten we samen ons geloof in Hem uitspreken.

Ik geloof in God
die als een vader is,
die begaan blijft met mij
en met heel deze wereld van mensen .

Ik geloof in Jezus van Nazareth
die begaan was met mensen,
vooral met de gekwetste mens ,
en die aan mensen
nieuw vertrouwen gaf om te leven.

Ik geloof in zijn Geest
die mij aanzet om zorgend met mensen  om te gaan
en niet op  te geven
om aanwezig te zijn daar waar het leven pijn doet.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer op te dragen.

– Bidden we voor lichamelijk en psychisch zieken,
voor hen die lijden aan het leven,
voor mensen die moeten opboksen tegen het noodlot.
Dat zij mogen worden aangeraakt door warme handen.
Dat zij open harten mogen ontmoeten
die hen spreken van onze God die mensen nabij wil zijn.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor ons allen, die de naam ‘christen’ dragen.
Dat wij, in het voetspoor van Jezus,
Gods genezende nabijheid uitdragen
naar mensen die eenzaam verkommeren in verkilde relaties
of die proberen zich los te worstelen uit verslaving of depressie.
Laten wij bidden…

– Niet om gevrijwaard te blijven van tegenslag bidden wij U,
maar om kracht en moed om telkens weer opnieuw te beginnen.
Niet om een ongestoord bestaan bidden wij U,
maar om een leven waarin liefde en dank de boventoon voert.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

Keren wij ons hart tot God en bidden wij:

– Heer, geef ons handen om aan te raken
al wie ziek en hulpbehoevend is
en een hart om waar te maken
dat elkaar helpen steeds een vreugde is.
Laten wij bidden…

– Geef ons ogen om te kijken
naar wat mensen nog ontbreekt
en een hart om aan te reiken
wat een ander moed inspreekt.
Laten wij bidden…

– Geef ons oren om te horen
lief en leed, verborgen pijn
en een hart om te geloven
in Jezus de Christus, brood en wijn.
Laten wij bidden…

– Geef ons aandacht voor onze geloofsgemeenschap:
dat wij elkaar opbeuren en op de been houden.
Voor hen die gestorven zijn
dat zij ons weer doen geloven in leven, sterker dan de dood.
Laten wij bidden…


Gebed over de gaven 1

Helen en helpen, nabij zijn,
mensen bevrijden en meer mens maken.
Zo gaf Jezus gestalte aan Gods droom.
Aanvaard, Heer, dit brood en deze wijn
als blijk van onze bereidheid
om brekend en delend
de weg van uw Zoon te gaan.
Dan zal uw droom over ons
werkelijkheid worden:
een gemeenschap van mensen
die mekaar de hand reiken,
mekaar doen opstaan,
mekaar doen verrijzen,
mekaar tot hoop zijn. Amen.


Gebed over de gaven 2

Barmhartige God,
een klein gebaar, een klein teken,
kan een gebroken hart helen
en genezing brengen in een bedrukt gemoed.
Geef dat het delen van uw brood en wijn
zó voor ons allen heilzaam mag zijn. Amen.

Tafelgebed

God, wij danken U
omdat Gij duidelijk aan het werk zijt
daar waar mensen elkaar vinden en van elkaar houden;
daar waar mensen de handen in elkaar slaan
en samen kleine stappen zetten
om deze wereld om te bouwen tot een wereld zoals Gij hem droomt.
Wij danken U
omdat Gij aan het werk zijt
in de ontluikende liefde tussen mensen,
in de groeiende solidariteit en volgehouden inzet
voor vrede en rechtvaardigheid.
Daarom loven wij uw naam
met deze woorden:
Heilig, heilig, heilig…
God, wij danken U voor uw Zoon Jezus
die ons menselijk leven met zijn beide handen aanvaardde
en het deelde met al de zijnen.
Met eenvoudige woorden en verhalen
toonde Hij ons de weg naar U.
Hij was barmhartig
en vol aandacht en begrip
voor allen die in nood verkeerden
of niet van tel waren.
Op de avond vóór zijn sterven zei Hij aan zijn vrienden:
“Kom nog één keer met Mij aan tafel,
want Ik wil graag nog een laatste maal met jullie eten.”
Toen nam Hij simpel dagelijks brood, zegende het, brak het en zei:
“Ik ben als dit brood, Ik breek Mij voor de mensen.
Kom, eet ervan, Ik ben het en Ik blijf bij u, altijd.”
Zo gaf Hij hun ook te drinken uit de beker wijn en zei:
“Kom, drink ervan, Ik geef Mij er helemaal in weg.
Vergeet Mij niet en doe wat Ik heb gedaan.”
Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren totdat Hij komt.
Wellicht is het dan stil geworden,
zoals bij elk afscheid.
Maar dit brood en deze wijn zijn tekens geworden,
tekens van een nieuwe manier van leven,
tekens van hoop voor alle mensen.

Daarom bidden wij U:
beziel ons met de Geest die ook uw Zoon dreef.
Dat wij vanuit zijn inspiratie, ook bij tegenslagen,
wegen blijven vinden naar een nieuwe toekomst
die Gij ons in handen hebt gegeven.

Steeds weer zult Gij ons uitdagen om Jezus’ voorbeeld te volgen:
goedheid, respect en verbondenheid met elke mens.
Geef ons de moed, de kracht en de sterkte om dit vol te houden.
En dan kan uw Rijk komen.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn, Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de H. Geest
nu en alle dagen tot in uw eeuwigheid. Amen.


Onze Vader

Jezus stond op, ging naar buiten
en begaf zich naar een eenzame plaats om er te bidden.
Laten wij met Hem meebidden en zeggen/zingen:
Onze Vader…

Vergeef ons Heer, wanneer wij kronkelwegen gaan.
Neem ons, in uw barmhartigheid, bij de hand
en houd ons op de rechte weg.
Maak ons hart onrustig
wanneer wij dreigen de ogen te sluiten als mensen elkaar onrecht aandoen.
Geef ons rust en hoop
wanneer wij bang zijn en opgesloten zitten in onszelf.
Omdat Gij ons nabij wilt zijn
mogen wij hoopvol wachten op de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens 1

Vrede en alle goeds zijn je toegewenst,
vrede, diep in je hart,
vrede, die je de ogen opent voor de schepping,
voor de kleine dingen,
voor al wie je mag ontmoeten langs je weg.
Moge de eenvoud, de verwondering, de verbondenheid en de vriendschap
ons vervullen met Gods vrede,
vandaag, morgen en altijd.
Die vrede van de Heer, zij altijd met u.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Vredewens 2

Onvermoeid en ongebroken
trok Jezus rond om allen wel te doen,
om mensen op te roepen tot een leven van eenheid en vrede.
Daarom bidden wij:
Heer Jezus, laat uw aanwezigheid in ons midden, deze dag, dit uur,
niet vruchteloos zijn.
Wees bij ons met uw vrede die alles te boven gaat
en maak ons tot een gemeenschap die leeft in verbondenheid.
En die vrede van de Heer, zij altijd met U.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

Brood en wijn,
voedsel en vrede,
recht op leven
en menselijkheid voor al die velen.
Wat wij diep in ons beleven
en toch zo moeizaam kunnen zijn.
Heer, leer ons het leven breken en delen.
Heer, ik ben niet waardig …


Bezinning 1

Bij het aanbreken van de dag gingen zij op zoek naar Hem.
Ze vonden Hem heel alleen in de bergen.
Hij was in gebed.
Midden in de nacht was Hij daarvoor opgestaan. [Mc. 1,35]

Is dit maar een kleine anekdote
in Jezus’ leven?
Neen, het centrale gegeven!
Het scharnier
waarop heel zijn dag opendraaide!

In de stilte onder de sterren
was Hij in voeling
met de Kracht
die alles draagt,
geen naamloze straling
maar Iemand,
persoonlijk
en vertrouwelijk nabij.
Hij sprak er tegen,
zei gewoon: Vader,
en wist zich bemind
en gedragen.

In het donker
zag Hij de dingen scherper.
Heel alleen
was Hij minder eenzaam.
De kracht van Vader
gloeide in zijn handen
en de grote vreugde van God
kwam op zijn lippen
en werd één blijde boodschap
Manu Verhulst

Bezinning 2

God is een verborgen God,
groot en niet te begrijpen.
God is een mysterie,
het grootste mysterie waarmee mensen geconfronteerd worden.

Mensen zoeken God.
Wie en waar bent U, God?
Helpt U mij?

Mensen vertellen van hun God.
Ze hebben namen voor hun God.
Ze spreken met hun God.
Ze vereren Hem.
Sommigen maken afbeeldingen van Hem
en anderen niet.

Mensen vragen naar God.
Waar is Hij?
Er is één antwoord.
Waar je Hem binnenlaat, daar is God.
Waar geloof is, daar is God.
Waar liefde is, daar is God.

Slotgebed 1

Heer Jezus,
Gij waart een man van gebed.
Daaruit putte Gij de kracht om crisissen te boven te komen
en U te heroriënteren in dienst van Gods droom.
Verdiep ons zwak en wankel geloof in U.
Als wij U achterna gaan,
is het meer om te krijgen voor onszelf
dan om te delen met anderen.
Geef ons de kracht
opdat ook wij ons zouden heroriënteren tot echte christenen:
mensen van gebed én inzet
– beide samen –
hoopvol wachtend op en werkend aan
de komst van uw koninkrijk. Amen.

Slotgebed 2

Barmhartige God,
als het ons goed gaat,
dan zijn we U één en al dankbaarheid.
Als het ons tegenzit
lijkt U zo ver weg.
Vergeef ons onze wispelturigheid.
Sterk ons vertrouwen
dat Gij, in voor- en tegenspoed,
ons bij de hand houdt
ons trouw nabij zijt. Amen.


Zending en zegen

Ook vandaag weer hoorden we
hoe Jezus dag en nacht voor mensen in de weer was.
Zijn boodschap aan ons luidt:
ga en wees dag en nacht in de weer voor de mensen om u heen,
voor al diegenen die aan uw zorg zijn toevertrouwd.
Koester en zegen hen.
Dan zal God, die liefde is, u zegenen
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.