5e zondag van de vasten A 2011

ZONDAGSVIERINGEN
vijfde zondag van de vasten A (10/04/2011)


Begroeting

God roept ons weg uit duisternis en dood.
Hij nodigt ons uit
het leven te vieren
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

De dood is een realiteit in ieder mensenleven.
Het evangelieverhaal van vandaag
vertelt ons dat Lazarus, een vriend van Jezus, gestorven is.
Er is rouw en groot verdriet om zijn heengaan,
vooral bij zijn zusters, Martha en Maria.
Het echte wonder in dit verhaal
is evenwel niet de tijdelijke terugkeer van Lazarus naar het leven,
maar het indrukwekkende geloof van Martha:
nu al deel te kunnen hebben aan het verrezen leven van Jezus.
De opdracht van Jezus aan de omstanders
om Lazarus uit zijn zwachtels los te maken
is ook aan ons gericht.
Het is maar de vraag of we dat wel doen:
mensen van hun zwachtels bevrijden,
hun nieuwe levenskansen geven.
Wellicht schieten we daarin geregeld tekort.
Daarom vragen we God om vergeving.


Openingswoord 2

Wie zich bij Mij aansluit zal leven,
ook al is Hij gestorven,
zegt Jezus ons vandaag in het evangelie.
Hij wist van Gods trouw
door dood en duisternis heen,
en Hij ging ons voor op die weg.
Met de opwekking van zijn vriend Lazarus
wilde Hij ons tonen:
mijn woorden wekken tot leven.

Openingswoord 3

De dagen volgen elkaar in snel tempo op.
We hebben vaak de indruk dat het leven aan ons voorbij holt.
En plots wordt er iemand ziek die we liefhebben.
De dood dreigt en doet ons schrikken.
Op zo’n moment komt dan de vraag naar boven:
‘Wat is het leven waard? Wat is de zin van ons bestaan?’
De liturgie van vandaag voert ons mee naar het graf van Lazarus.
Jezus wekt Lazarus, die al vier dagen dood was, ten leven.
Een fantastisch verhaal.
In werkelijkheid gebeurt zoiets niet, denken we.
Er is nog nooit een dode teruggekomen. Of toch?
Terugkomen uit het graf van een mislukte relatie,
van een ongelukkige jeugd,
van teleurstelling en wanhoop.
Jezus haalde Lazarus uit het graf.
Aan ons om, naar Jezus’ voorbeeld, elkaar uit het graf te helpen.
vrij naar Levensecht


Vergevingsmoment 1

– Als wij, christenen, meer de Geest van Jezus zouden uitstralen,
als wij betere getuigen zouden zijn
van het blije en hoopvolle van zijn Boodschap, dan zou het leven van vele anderen er wellicht zinvoller door worden.
Om ons gebrek aan geestdrift:
Heer, ontferm U over ons.

– Christus,
mensen die verdriet hebben of rouwen,
daar lopen wij zo vaak in een grote boog omheen,
gewoon omdat we vrezen
op dat moment geen geschikte woorden van troost te vinden.
Mochten wij die confrontatie iets minder uit de weg gaan, dan zouden zij zich in hun leed wellicht meer door ons gedragen weten.
Om onze gemakzucht:
Christus, ontferm U over ons.

-Heer, er zijn zoveel mogelijkheden om iemand opnieuw levenskansen te geven:
een woord of een gebaar van vergeving of waardering.
Zo zou de ander weer volop kunnen genieten van het leven.
Om ons gebrek aan attentie:
Heer, ontferm U over ons.

Vergevingsmoment 2

Wij zien niet altijd sporen van leven,
omdat wij er niet voor open staan.
Daarom bidden wij om ontferming.

– Tot leven komen is geloven in de levenskracht van God
die ons doet opstaan en nieuwe hoop geeft.
Om ons te kleine geloof:
Heer, ontferm U over ons.

– Tot leven komen is de steen wegrollen
die voor ons hart ligt,
zodat we weer vrije en blije mensen worden.
Om ons tekort aan openheid:
Christus, ontferm U over ons.

– Tot leven komen is ontdekken
waarop het echt aankomt:
beminnen en bemind worden.
Om onze kortzichtigheid:
Heer, ontferm U over ons.

God, laat ons weer tot leven komen,
ontvankelijk blijven voor wat Gij
ons laat zien in mensen.
Wij vragen het U door Christus, onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

God, onze Vader,
uw Zoon kwam op voor hen
die door anderen dood waren verklaard.
Moge zijn voorbeeld ons stimuleren
op te komen voor waarachtig leven,
niet alleen voor onszelf
maar vooral voor mensen in de marge.
Dat vragen we U
door Jezus die met U en de H. Geest
leeft tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.
Diest en Deurne

Openingsgebed 2

God van leven,
Gij moet toch ook zien dat er zoveel dood om ons heen is.
Dood van mensen die niet liefhebben,
dood door mensen die anderen pijn doen en uitbuiten,
dood van mensen die leven zonder toekomst.
Geef ons de moed om te reageren tegen al wat die dood veroorzaakt
en leer ons de weg te gaan van uw Zoon,
een weg naar nieuw en ook eeuwig leven. Amen.
vrij naar Levensecht

Lezingen

Moge God ons hart aanraken als we luisteren naar de woorden uit de Schrift.

Eerste lezing (Ezechiël 37,12-14)
Uit het boek Ezechiël


12       `Zo spreekt de Heer God:
Ik ga uw graven openen;
Ik wek u in grote aantallen uit de dood op
en breng u naar Israëls grond.
13       En als Ik uw graven open
en u in grote aantallen uit de dood opwek
dan zult u erkennen dat Ik de Heer ben.
14       Ik schenk u mijn geest, zodat u weer leeft,
en laat u op uw eigen grond wonen.
Dan zult u erkennen dat Ik, de Heer, doe wat Ik zeg”
– godsspraak van de Heer.’
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Romeinen 8,8-11)

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Broeders en zusters,
8
        Zij die een zondig leven leiden, kunnen God niet behagen.
9        Maar u leidt geen zondig leven meer,
maar u leeft in de Geest,
omdat de Geest van God in u woont.
Iemand die de Geest van Christus niet bezit,
behoort Hem niet toe.
10       Als Christus in u is,
blijft uw lichaam wel door de zonde aan de dood gewijd,
maar uw geest leeft, dankzij de gerechtigheid.
11       Als de Geest van Hem
die Jezus heeft opgewekt uit de doden in u woont,
zal Hij, die Christus uit de doden heeft laten opstaan,
ook uw sterfelijk lichaam levend maken
door de kracht van zijn Geest, die in u woont.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Johannes 11,3-7.17. 20-27.33b-45)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

3
        De zusters van Lazarus stuurden Jezus de boodschap:
`Heer, hier is iemand ziek, iemand van wie U houdt.’
4        Toen Jezus dit hoorde, zei Hij:
`Deze ziekte loopt niet uit op de dood,
maar op de verheerlijking van God,
want de Zoon van God moet erdoor verheerlijkt worden.’
5        Jezus hield veel van Martha, van haar zuster en van Lazarus.
6        Jezus hoorde dus van zijn ziekte;
toch bleef Hij nog twee dagen waar Hij was.
7        Daarna pas zei Hij tegen zijn leerlingen:
`Kom, we gaan weer naar Judea.’
17       Bij de aankomst van Jezus
bleek Lazarus al vier dagen in het graf te liggen.
20       Martha, die gehoord had dat Jezus op komst was,
was Hem tegemoet gegaan;
Maria was thuisgebleven.
21       Martha zei tegen Jezus:
`Heer, als U hier geweest was, zou mijn broer nooit gestorven zijn.
22       Maar ik weet zeker dat U ook nu nog alles aan God kunt vragen
en dat Hij het U zal geven.’
23       `Je broer zal opstaan’, verzekerde Jezus haar.
24       `Dat weet ik,’ zei Martha,
`hij zal opstaan bij de opstanding op de laatste dag.’
25       `Ik ben de opstanding en het leven’, zei Jezus.
`Wie in Mij gelooft mag dan wel sterven, toch zal hij leven;
26       en iedereen die leeft en in Mij gelooft,
zal in eeuwigheid niet sterven.
Geloof je dat?’
27       `Ja Heer,’ antwoordde Martha,
`ik geloof vast dat U de Messias bent, de Zoon van God,
degene die in de wereld komen zou.’
34 `Waar hebt u hem neergelegd?’ vroeg Hij.
`Komt u maar kijken, Heer’, zeiden ze.
35       Jezus begon te huilen,
36       zodat de Joden zeiden:
`Hij moet wel veel van hem gehouden hebben!’
37       Maar sommigen merkten op:
`Had Hij dan niet kunnen zorgen dat hij niet doodging?
Hij heeft toch ook de ogen van de blinde geopend?’
38       Er ging een huivering door Jezus heen toen Hij bij het graf kwam.
Het was een grot, die met een steen was afgesloten.
39       `Neem die steen weg’, beval Hij.
Marta, de zuster van de gestorvene, zei:
`Maar Heer, de stank! Hij ligt er al vier dagen!’
40       Jezus antwoordde:
`Heb Ik je niet gezegd dat je de heerlijkheid van God zult zien
als je maar gelooft?’
41       Toen nam men de steen weg.
Jezus sloeg de ogen op en bad:
`Vader, Ik dank U dat U Mij aanhoord hebt.
42       Voor Mij stond het vast dat U Mij altijd aanhoort,
maar Ik spreek zo met het oog op al die mensen hier,
opdat ze mogen geloven dat U Mij gezonden hebt.’
43       Na dit gebed riep Hij met luide stem:
`Lazarus, kom naar buiten!’
44       En de dode kwam naar buiten,
zijn voeten en handen gebonden met zwachtels
en zijn gezicht in een doek gewikkeld.
`Maak hem los,’ beval Jezus, `en laat hem gaan.’
45       Van de Joden die naar Maria toe waren gegaan
en gezien hadden wat Hij gedaan had,
gingen velen in Hem geloven.
KBS Willibrord 1995


Geloofsbelijdenis

Wij geloven in het evangelie van Jezus,
in zijn woorden en daden,
in zijn trouw jegens God en de mensen.

Wij vertrouwen erop dat in Hem
God-met-ons gesproken heeft,
ons lief en leed van dichtbij delend,
met ons meevoelend als tochtgenoot
in goede en kwade dagen.

Wij geloven in zijn evangelie van gemeenschap zijn,
in zijn spreken over Gods verbond met ons.

Wij vertrouwen in zijn idealen
van liefde en gedeeld leven,
van verbondenheid en eenwording,
van vrede en vrijheid voor alle mensen op aarde.

Hij bleef zijn idealen trouw
ook toen zelfgenoegzamen zijn oproep tot gemeenschap afwezen.
Zijn trouw was sterker dan de dood
waarmee ze Hem het zwijgen wilden opleggen.

Wij geloven dat zijn keuze voor mensen totaal was,
dat Hij zichzelf niet ontzag
om voor anderen leven en vrijheid mogelijk te maken.

En dat Hij daarom leeft.
Met Hem geloven ook wij
dat wie zijn leven ter beschikking stelt,
leven zal vinden.

Wij vertrouwen erop
dat er ook voor ons toekomst zal zijn
als wij doen wat Hij gedaan heeft.
Wij geloven in een nieuwe hemel en een nieuwe aarde
waarin Hij, die ons tot leven riep,
voorgoed ons aller vrede wil zijn. Amen.

Voorbeden 1

God van levenden en niet van doden,
roep ons op om woor­den te spreken en handen te reiken
die mensen uit de duister­nis van het graf bevrijden.

– Bidden wij voor volkeren die met elkaar in oorlog zijn,
die elkaar wantrouwen op grond van ervaringen uit het verleden,
die verwikkeld zijn in ellende zonder uitzicht.
Dat er mensen mogen opstaan die een dialoog op gang brengen,
met respect voor iedereen,
zodat er aan een nieuwe toekomst kan worden gebouwd.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor de plaatselijke geloofsgemeenschappen
die hun kerkgangers langzaam zien vergrijzen,
die zich bezorgd afvragen of er nog wel een toekomst is
of nieuw leven mogelijk is.
Dat zij vertrouwen op Gods Geest,
die waait waar Hij wil.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor mensen die in rouw zijn
om iemand van wie zij veel hielden.
Voor mensen van wie de relatie is stuk gelopen.
Voor mensen die hun baan zijn kwijtgeraakt,
zonder uitzicht op nieuw werk.
Dat zij geduldige, begripvolle mensen mogen ontmoeten,
die hun de tijd gunnen van de lange weg naar opnieuw hoopvol leven.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onszelf.
Dat de veertigdagentijd ons geloof in de verrijzenis mag voeden
zodat wij nieuwe mensen kunnen worden.
Laten wij bidden…
vrij naar Gerard Broekhuijzen

Voorbeden 2

Wij bidden tot God, die als geen ander
begaan is met het lot van mensen.
Hij is een God van leven.

– Bidden we voor mensen die in hun manier van leven
een weg ten dode gaan.
En voor mensen die vast vertrouwen
dat het leven sterker is dan de dood.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor allen die nieuwe wegen durven gaan
omdat hun hart zo groot is,
hun liefde zo diep.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor kansarmen
die omwille van levensomstandigheden
op een dood punt zijn aangekomen.
Voor zieken en gehandicapten
die door pijn en lijden heen,
op een nieuw bestaan blijven hopen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor onszelf die gemeenschap vormen rond Jezus Christus.
Dat ons geloof in de oorsprong en de toekomst van ons bestaan
mag blijven groeien.
Dat we zouden beseffen
dat, in Gods  ogen,
ons kwetsbaar leven kostbaar is.
Laten wij bidden…

God, geef hoop en toekomst aan onze wereld.
Bewaar ons in geloof en vreugde.
Wij vragen het U in Jezus’ naam. Amen.

Voor al deze intenties, voor alles wat ons op het hart ligt, bidden wij:

Gebed over de gaven

Levengevende God,
het brood en de wijn op deze tafel
spreken ons van Jezus, uw Zoon.
Hij heeft zich ten einde toe
belangloos vrijgemaakt voor zijn medemensen.
Hij was er voor hen
en hielp hen over het dode punt heen.
Hij schonk leven
waar mensen elkaar de dood aandeden.
Met deze gaven drukken wij uit
dat wij er willen zijn voor elkaar,
levengevend en hoopvol. Amen.

Tafelgebed

God, onze Heer en Vader,
wij zijn hier bijeen om U te danken,
te loven en te prijzen.
Bij U begint het leven en de liefde;
alles wat wij hebben
hebt Gij ons geschonken.

Gij kent ons, Gij houdt van ons.
Gij zijt de schepper,
Gij zijt het begin en het einde van alles.

Uw Zoon is mens geworden.
Hij heeft ons geleerd wie Gij zijt.
Samen met Jezus Christus en met elkaar
zijn wij hier om tot U te bidden.

Wij danken U voor heel de aarde:
voor de bergen en de bomen,
voor de zon en de zee,
voor alles wat er groeit en bloeit;
voor het leven en de liefde,
voor de mensen hier en overal.

Alle mensen zijn op weg naar U,
naar uw geluk en vrede voor altijd.
Daarom bidden wij samen:

Heilig, heilig, heilig …

Gij die ons de aarde geeft om te bewonen,
Gij weet dat wij tekort schieten
in het verwezenlijken van vrede en gerechtigheid.
Toch roept Gij ons op
om recht te doen en goed te zijn.
Wij bidden voor hen die het meest weerloos zijn:
kinderen, armen, mishandelde en hongerige mensen,
vluchtelingen, zieken en stervenden,
voor mensen zonder toekomst
en voor allen die groot lijden moeten dragen.

Niet voor de dood, maar voor het leven
hebt Gij ons gemaakt.
Zend ons uw Geest,
geef ons de kracht
om beter mens te worden;
dat wij geen leegte najagen,
geen waarheid ontvluchten,
uw naam niet vergeten en uw wil volbrengen.
Wij willen het brood van deze wereld
delen met elkaar
en al het kwaad dat ons wordt aangedaan vergeven
opdat uw rijk kome.

Wij richten onze ogen op Jezus van Nazareth,
die uw naam geheiligd heeft,
uw wil volbracht;
die brood en wijn voor ons geworden is,
voedsel en vreugde,
vergeving van zonden.

Die in de nacht van zijn lijden en dood
brood genomen heeft,
het brak en aan zijn vrienden uitdeelde met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”
Zo nam Hij ook de beker, sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,
dat voor u en allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet
en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Wij bidden U, Heer,
laat de Geest van uw goedheid
onder ons blijven verder leven.
Moge uw leven en dood
ons helpen ook onszelf te geven
en nooit moedeloos te worden.
Mogen wij allen eens opgenomen worden
in het rijk van uw goedheid, vrede en vreugde.

Gij hebt het immers gezegd, Heer,
en wij geloven U,
dat Gij ons nooit verlaat.
Door Christus, met Christus en in Christus
bieden wij U dit dankoffer aan
in de gemeenschap van uw Kerk
zoals Gij het hebt gewild
vandaag en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Jezus leerde ons levenwekkende woorden waarmee wij mogen bidden
tot zijn Vader die ook onze Vader wil zijn:
Onze Vader,…

Leer ons leven, Vader, als nieuwe mensen
die de oude vertrouwde dingen
verstaan met een nieuw hart,
een hart
dat in elk goed woord, in elke goede daad,
het wonder erkent dat leven heet.
Dan zullen wij vol vertrouwen kunnen uitzien
naar de komst van Jezus Messias, uw Zoon,
Want van U is het koninkrijk,….


Vredewens

Heer Jezus,
Gij hebt ons de weg naar vrede voorgeleefd.
In woorden en tekens hebt Gij ons duidelijk gemaakt
dat leven in harmonie en eenheid mogelijk is.
Help ons te bouwen aan die vrede
die onze wereld een mensvriendelijker gezicht kan geven.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
Geven wij elkaar een hartelijke blijk van onze vredeswil.

Lam Gods

Communie

In dit brood breekt en deelt Jezus zich voor ons.
Als christenen aan dezelfde tafel aanzitten,
moeten zij doen zoals Hij
en kunnen zij elkaar niet in de steek laten.
Zie dan dit gebroken en gedeelde brood.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Gelukkig de mensen,
die de oproep van Jezus verstaan en de steen wegrollen
die de andere mens belet mens te worden.

Gelukkig de mensen,
die zich gratis kunnen inzetten
voor het huisgezin dat in grote nood verkeert,
want zij rollen de steen weg die dat gezin belet
uit te groeien tot een menswaardig gezin.

Gelukkig de mensen,
die geregeld bij een zieke op bezoek gaan en hem of haar opbeuren.
Zij rollen de steen weg die hem/haar belet ten volle mens te zijn.

Gelukkig de mensen die elkaar op het werk of op school verstaan
en mekaar willen helpen om de goede geest te bevorderen.
Zij rollen de steen weg,
die belet in een aangename sfeer met elkaar samen te werken.

Gelukkig de mensen die zich in een parochie of geloofsgemeenschap inzetten
en medeverantwoordelijkheid willen dragen voor de uitbouw van Gods Rijk.
Zij rollen de steen weg,
die de parochie of geloofsgemeenschap verhindert van de grond te komen
of verder uit te groeien.

Gelukkig de mensen die achter de schermen werken,
die zich in het verborgene willen inzetten.
Zij rollen dikwijls grote stenen weg,
die een gemeenschap beletten tot echt leven te komen.
Levensecht Lommel

Bezinning 2

Hoe dikwijls zeggen mensen niet:
“Als God erbij was geweest,
zou het niet gebeurd zijn.”
Bij de dood van hen van wie wij houden,
bij een ongeval,
bij ziekte,
bij mislukkingen,
komen zulke gedachten en gevoelens naar boven.
Daar waar wij ons machteloos voelen,
verwachten wij dat God zou tussenkomen.
Als de natuur zijn gang gaat,
schiet God dan tekort?
Laat Hij ons in de steek?
Wie lang ziek is weet
hoe kennissen en vrienden stilaan wegblijven.
Wie ooit op ziekenbezoek ‘moest’
weet ook hoe moeilijk dat kan zijn.
Weinigen onder ons kunnen het opbrengen echt bij een ziekbed,
bij een mislukking, bij ontroostbare mensen te blijven zitten.
Trouw zijn, ook aan aftakelend leven, vergt moed en volharding.
In Jezus leren wij een God kennen
die juist in nood nabij wil zijn.
Overweldigt de storm je, dan wordt Hij wakker.
Wordt een zieke door niemand geholpen, dan heeft Jezus aandacht voor hem.
Snauwt men een blinde toe te zwijgen, Jezus luistert.
Is het graf reeds dicht, Hij maakt het open.
Verwachten wij God niet in de dood,
Jezus durft ons tot in de dood nabij zijn.

Durven wij op Hem vertrouwen?
naar Levensecht


Slotgebed

Goede Vader,
Gij zijt sterker dan de dood.
Als wij in diepe nood zitten,
dan nog brengt Gij hoop wanneer wij ons hart voor U openen.
Help ons in deze vastentijd inzien dat
solidariteit nieuw leven kan brengen,
mensen kan weghelpen uit een doodlopend bestaan.
Stimuleer ons om hoop en toekomst te scheppen voor elke mens op aarde.
Wij vragen het U door Jezus, uw Zoon en ons Voorbeeld. Amen.

Zending en zegen

Moge de God van Leven ons bij de hand houden,
ons oprichten uit alles wat ten dode is en geen toekomst biedt.
Moge Hij, als een betrouwbare gids,
ons voorgaan op de weg van vrede en gerechtigheid.
Moge die God van Leven ons zegenen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.