5e paaszondag A 2008

(20 04 2008 )

Begroeting

Moge God, die soms zo ver lijkt,
en ons toch heel nabij wil zijn, ons zegenen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Geloven is al lang niet meer vanzelfsprekend.
Waar is Gods rechtvaardigheid
als het kwaad goede mensen treft?
Waar is zijn geloofwaardigheid
als zij die Hem moeten verkondigen
geen geloofwaardigheid uitstralen?

Hedendaagse vragen die ook voor de leerlingen van Jezus
hoogst actueel waren:
hoe konden zij blijven geloven in iemand
die zichzelf de Weg, de Waarheid en het Leven noemt,
op het ogenblik dat
zijn leven klaarblijkelijk op een fiasco uitdraait.

Daarover gaat het in deze viering:
als God in ons leven ‘een vraag’ is,
hoe kan Hij voor ons dan opnieuw
‘bevrijdend antwoord’ worden?

Openingswoord 2

In deze viering willen wij,
aan de hand van de lezingen,
nadenken over ‘wat is Kerk?’,
over taken binnen de kerkgemeenschap
en over verschillende strekkingen binnen de Kerk.
Zijn ze een goede zaak
of vormen ze een bedreiging voor de Kerk?

Wij worden er ook op gewezen
dat het mogelijk moet zijn allemaal samen te werken
aan een parochiegemeenschap
die een afspiegeling wordt van de evangelische waarden.

Wegwijzer hierbij is de Heer
die zichzelf aanbiedt als
“de Weg, de Waarheid en het Leven”.

Openingswoord 3
Mensen van onderweg zijn we, van gisteren naar morgen en verder.
Waar hopen wij ooit aan te komen ?
‘ In Gods huis van de toekomst is ruimte voor velen ‘, zegt Jezus vandaag.
En zichzelf noemt Hij de Weg daar naartoe.
Woorden vol toekomst horen wij vandaag.
Wij mogen er vol hoop en verwachting naar luisteren.

Vergevingsmoment

Als wij ons moedwillig afkeren
van de weg die Jezus ons voorhoudt.
Heer, ontferm U over ons.

Als wij weglopen voor waarheid.
Christus, ontferm U over ons.

Als we niet ten volle durven leven.
Heer, ontferm U over ons.
Peter Denneman


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

Heer God, doe ons beseffen
dat Gij groter zijt dan wij kunnen vermoeden
en dat er in mensen meer schuil gaat dan wij vaak denken.
Help ons daarbij
en til ons boven onze beperktheid en onmacht uit.
Dat vragen wij U
in goed vertrouwen op het woord van uw Zoon,
die zich aan ons openbaart als
“Weg, Waarheid en Leven”. Amen.

Openingsgebed 2

Heer God,
het evangelie van uw Zoon
eist bovenmenselijke inspanning.
Onze pogingen lopen telkens uit
op fouten en vergissingen.
Help ons de levende Christus voortdurend voor ogen te houden.
Blijf uw Kerk nabij door uw Zoon,
die mens geworden is voor ons
en eens zal wederkeren in heerlijkheid
om ons bij U te brengen voor altijd. Amen.

Lezingen
Luisteren we met de oren van ons hart naar Gods woord in de Schriften.

Eerste lezing (Handelingen 6,1-7)
Uit de Handelingen van de Apostelen


1        In die dagen, toen het aantal leerlingen steeds groter werd,
begonnen de hellenisten te mopperen op de Hebreeën;
ze vonden dat hun weduwen bij de dagelijkse ondersteuning
werden achtergesteld.
2        De twaalf riepen daarop de hele groep leerlingen bij elkaar en zeiden:
`Het is onverantwoord dat wij het woord van God verwaarlozen
om te kunnen zorgen voor de ondersteuning.
3        Zie daarom uit, broeders, naar zeven personen uit jullie midden,
die goed bekend staan, vol van de Geest en van wijsheid.
Hen zullen wij dan met deze taak belasten,
4        terwijl wíj ons blijven toeleggen op het gebed en de bediening van het woord.’
5        De hele groep stemde met dit voorstel in.
Zij kozen Stefanus, een man vol geloof en heilige Geest,
en verder Filippus, Prochorus, Nikanor,
Timon, Parmenas en Nikolaüs, een proseliet uit Antiochië.
6        Ze droegen hen voor aan de apostelen,
en die legden hun na gebed de handen op.
7        Het woord van God bleef zich verbreiden;
het aantal leerlingen in Jeruzalem werd nog veel groter,
en ook een grote groep priesters aanvaardde het geloof.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Petrus 2,4-9)
Uit de eerste brief van de heilige apostel Petrus

Dierbaren,
4        Treed toe tot Hem, de levende steen,
door de mensen verworpen
maar uitverkoren door God en kostbaar in zijn ogen.
5        Laat u als levende stenen opbouwen tot een geestelijke tempel,
tot een heilig priesterschap dat geestelijke offers opdraagt,
die welgevallig zijn aan God door Jezus Christus.
6        Daarom staat er in de Schrift:
Zie, Ik leg in Sion een kostbare hoeksteen,
die door Mij is uitverkoren.
En degene die op Hem vertrouwt,
zal niet worden teleurgesteld.
7        Kostbaar, dat geldt voor u die gelooft.
Maar voor de ongelovigen geldt:
De steen die de bouwlieden hebben afgekeurd,
die is de hoeksteen geworden,
8        maar ook een steen waaraan men zich stoot,
een rots waarover men struikelt.
Zij stoten zich omdat zij het woord weigeren te gehoorzamen;
en daartoe waren zij ook bestemd.
9        Maar u bent een uitverkoren geslacht,
een koninklijk priesterschap,
een heilige natie, een volk dat zijn bijzonder eigendom werd
om de roemruchte daden te verkondigen van Hem
die u uit de duisternis heeft geroepen tot zijn wonderlijk licht.
KBS Willibrord 1995

Evangelie(Johannes 14,1-12)
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
1
        Jullie moeten je niet zo laten verontrusten.
Jullie geloven in God; geloof zo ook in Mij!
2        In het huis van mijn Vader kunnen velen hun verblijf houden.
Zou Ik anders gezegd hebben dat Ik wegga
om voor jullie een plaats gereed te maken?
3        Ja, Ik moet weggaan en voor jullie een plaats gereedmaken,
maar Ik kom terug, en dan neem Ik jullie bij Me op,
zodat daar waar Ik ben, ook jullie zullen zijn.
4        En waar Ik heen ga – de weg daarheen is jullie bekend.’
5        `Maar Heer,’ zei Tomas,
`we weten niet eens waar U heen gaat;
hoe zou de weg ons dan bekend kunnen zijn?’
6              Jezus antwoordde:
`Ik ben de weg, en de waarheid en het leven.
Alleen door Mij heeft men toegang tot de Vader.
7        Als jullie Mij hebben leren kennen,
zul je ook mijn Vader leren kennen.
Sterker, nu al kennen jullie Hem en heb je Hem gezien.’
8        Hierop zei Filippus:
`Laat ons de Vader zien, Heer, dan zijn we tevreden!’
9        En Jezus weer:
`Ik ben al zo lang bij jullie, Filippus,
en je hebt Me nog niet leren kennen?
Wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien.
Hoe kun je dan nog zeggen:
`Laat ons de Vader zien”?
10            Geloof je niet dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij?
De woorden die Ik tot jullie spreek,
spreek Ik niet uit Mijzelf:
het zijn daden van de Vader, die in Mij blijft.
11 Geloof Me toch:
Ik ben in de Vader en de Vader is in Mij;
of geloof het anders op grond van de daden.
12       Waarachtig, Ik verzeker jullie:
wie in Mij gelooft, zal de daden die Ik verricht, ook zelf verrichten;
ja nog grotere zal Hij verrichten,
want zelf ga Ik naar de Vader.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Mag ik u uitnodigen om samen ons geloof uit te spreken
in onze God die van mensen houdt
.

Ik geloof in God, mijn Schepper,

die man en vrouw gemaakt heeft naar zijn beeld;
die mij liefheeft als een vader
en voor mij zorgt als een moeder;
die mij troost en vergeeft
en die mij altijd de mogelijkheid geeft
opnieuw te beginnen.

Ik geloof in Jezus Christus,

die, door God gezonden, mens is geworden,
om ons nabij te zijn;
die, helend en genezend,
ons de liefde heeft voorgeleefd.

Ik geloof in de Heilige Geest,

die bezielt en vreugde brengt,
die de mensen hoop geeft,
die de bron is van mijn geloof.

Ik geloof dat de mensen elkaar nodig hebben
om samen God te dienen,
om de schepping voor iedereen leefbaar te maken
door samen te delen en in eenvoud te leven,
en zo te werken aan de komst van Gods rijk.
Amen.

Voorbeden 1

Jezus zei: “Wat je ook zult vragen in mijn naam, het zal je gegeven worden”. Daarom durven we bidden:

– Bidden wij voor mensen die door verdriet en zorgen zo vertwijfeld zijn geraakt dat ze Gods nabijheid niet meer voelen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor sceptische zoekers die God in vraag stel­len.
Dat Hij hen mensen laat ontmoeten
die hen kunnen wegleiden uit de doolhof van het leven.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onszelf en allen,
die zich ergeren aan het kleinmenselijke in onze Kerk.
Dat we ons daarop niet blind staren
maar zoeken naar begaanbare wegen die ons wegvoeren  uit de crisis,
wetende dat liefde ook lijden impliceert.
Laten wij bidden…

– Bidden wij dat wij,
door gestalte te geven aan de liefde zoals Jezus ons heeft liefgehad,
levende wegwijzers mogen zijn naar onze liefdevolle God.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

Richten wij ons tot God, in het besef dat Gods Geest waait waar Hij wil
en ons allen roept tot dienst aan elkaar.

– Bidden wij voor hen
die in de kerk van vandaag
omwille van hun afwijkende mening niet gewaardeerd worden.
Mogen zij – in Gods Naam – in ons midden blijven
en steeds opnieuw onze aandacht vestigen
op wie en wat wij dreigen uit het oog te verliezen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen
die vergeten, achtergesteld of niet erkend worden.
Moge gerechtigheid en liefde
vooral gestalte krijgen daar waar dat ze hardst nodig zijn.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven

Heer God,
als zusters en broeders
verzamelt Gij ons rond deze tafel
waar het brood wordt gebroken
en het bestaan wordt gedeeld.
Wij bidden U:
laat ons doen wat recht is en wat de vrede dient
en doe ons leven in de geest van Jezus, voor altijd. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, God,
om de wondere wegen
die mensen voor elkaar kunnen zijn.
Wij danken U voor allen die Gij gezonden hebt
om de weg te wijzen doorheen het leven;
voor uw uitnodiging om,
doorheen tekort en onvolkomenheid,
te werken aan de mens en zijn wereld.

Wij danken U om uw aanwezigheid
in goede en kwade dagen,
om de hoop en de toekomst die Gij zijt.
Wij danken U om de mens Jezus,
die ons voorgaat en nabij blijft
en wiens Geest kracht is om te leven.

Daarom willen wij U danken, God,
samen met al wat bestaat
op aarde en in de hemel.

Heilig, heilig, heilig…

Heer onze God,
Gij zijt heilig en goed,
Gij hebt onze namen geschreven in uw hand.

Geen mens zult gij vergeten
dank zij Jezus Christus, de Zoon van uw genade,
die Gij hebt uitgezonden
om tranen te drogen
van mensen die geslagen zijn,
om het hart te helen
van mensen die gebroken zijn,
om brood te worden voor vandaag
en vrede zelf te zijn.
Wij danken U
omdat Gij ons ruimte geeft en vrijheid schept
voor heel ons leven, ten einde toe.

Want in de nacht dat Hij zijn leven gaf
nam hij brood in zijn handen,
Hij zegende en brak het
en gaf het aan zijn leerlingen met de woorden:
“Neem en eet hiervan, gij allen,
want dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt.”

Ook nam Hij de beker, zegende hem,
en gaf hem aan zijn leerlingen met de woorden:
“Neem deze beker en drink hier allen uit
want dit is de beker van het nieuwe,
altijddurende verbond;
dit is mijn bloed
dat voor u en alle mensen wordt vergoten
tot vergeving van de zonden.
Blijf dit doen om Mij te gedenken.”

Verkondigen wij het mysterie van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert,
dat Gij verrezen zijt.

Heer onze God,
zo gedenken wij Hem
die weet wat lijden is
en de dood heeft gezien;
die Gij hebt opgewekt
en een naam gegeven hebt
hoog boven alle namen:
Jezus de Heer is Hij,
die is en blijven zal, uw rechterhand.
Door deze beker en door dit brood dat wordt gedeeld
verkondigen wij Hem totdat Hij komt.

Wij bidden U,
zend ons uw Geest,
die over deze aarde gaat
en maak ons tot een volk
dat recht doet om gerechtigheid;
maak leven en welzijn
toch groter dan oorlog en dood;
laat ons mensen zijn
die woningen bouwen voor uw stad van vrede
en breng ons thuis bij U.
Dan zal uw naam geheiligd zijn op aarde,
en uw koninkrijk zal komen door Hem en met Hem,
met uw Geest tot in eeuwigheid. Amen.


Onze Vader

Telkens we ons biddend richten tot God onze Vader,
mogen wij ons herbronnen aan het voorbeeld van zijn Zoon, mens zoals wij.
Bidden wij daarom samen:

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Vredewens

Beziel ons met uw Geest van barmhartigheid en van respect voor allen.
Zolang wij met de goederen van deze wereld
geen goede wereld maken
kan uw vrede zich onder ons niet vestigen.
Als wij ons laten bezielen door uw Geest
kunnen wij de hopelozen een boodschap van hoop aanbieden,
uw boodschap van vrede en solidariteit.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven wij die boodschap van vrede en solidariteit aan elkaar door.

Lam Gods

Communie

De Heer wil voor ons zijn:
de weg, de waarheid en het leven.
Hij deelt zichzelf uit als levend voedsel
opdat wij zouden leven.

Daarom zijn wij gelukkig want wij zijn genodigd aan zijn tafel:
Dit is het Lam Gods, dat wegneemt…

Bezinning 1

God, geef ons zaaiers die hun korrels niet tellen
en die geloven in de oogst die ze niet zien.

Geef ons gidsen die ons hun wegen niet opdringen
maar ons helpen uw weg-voor-ons te ontdekken.

Geef ons genezers die besef hebben van hun eigen wonden en littekens,
die waken bij zieke mensen
en ze met hun woorden en hun zwijgen
helpen op te staan.

Geef ons vaders:
ze dagen ons uit en sturen ons de toekomst tegemoet.

Geef ons moeders:
ze dragen ons,
zijn ons nabij en herbergen ons.

Geef ons zusters en broeders:
dat ze ondervinden hoe deugddoend het is
in één huis samen te wonen.

God, als we woorden uitspreken
als zaaier, gids, genezer, vader, moeder,
spreken we dan ook iets uit van Uw naam?
Mogen we U ontmoeten in hen allen
met dankbaarheid en vertrouwen.


Bezinning 2

Wie dwaalt er al niet eens in de woestijn
van eigen onmacht en onzekerheid
en hoort – verdwaasd en van ver –
als een refrein uit een vergeten lied,
die verwaarloosde stem die fluistert:
“Bereid de weg van de Heer…”.

En tegelijk welt er weelde én dreiging in je hart:
de warmte van een vredig leven zodra het doel bereikt is,
én de angst voor de uitdaging om nu op-weg te gaan.

De kronkelpaden
die je voeren langs onverschilligheid en onbetrokkenheid
moeten recht getrokken worden
met houwelen van warme aandacht
en zonnige attenties.
De ruwe wegen van je prikkelbaarheid
en storende jaloersheid worden geëffend
met de borstels van tedere mildheid.

En heel de mensheid in je eigen omgeving
zal op de rechte en effen wegen
van jouw mildheid en deemoed
Gods redding zien…

Slotgebed 1

Heer God, maak ons tot mensen ‘vol van uw Geest en van uw wijsheid’
opdat de wereld in ons handelen
iets van uw goedheid zou kunnen herkennen,
opdat de wereld zou mogen worden:
een huis voor allen,
waar het kleine wordt opgemerkt,
het kwetsbare wordt beschermd
en al wat geknakt is, niet wordt gebroken.
Dan zullen allen erkennen
dat Gij de Weg, de Waarheid en het Leven zijt. Amen.

Slotgebed 2

Laat me in Jezus’ voetspoor treden, God,
want Hij is de weg
waarop ik de waarheid over mijn leven kan ontdekken:
dat ik uw kind ben,
dat ik nu al, maar ook later in eeuwigheid,
bij U thuiskomen mag.
Alleen door Hem
kan ik U beter leren kennen, God,
en stilaan mijn hart aan U geven
omdat Hij uw warmhartigheid
op een bijzondere manier zichtbaar heeft gemaakt.
Leer mij van elke mens,
wie hij of zij ook is,
te houden
zoals U van mij houdt. Amen.
Erwin Roosen

Slotgebed 3

God onze Vader,
leer ons in eenvoud te leven,
vol liefde voor elkaar,
zoals de eerste christenen:
eensgezind in het gebed
en in het breken van het brood.
Dan zal de wereld geloven in Hem die Gij gezonden hebt:
Jezus Christus, onze Heer. Amen.
Lovendegem 2005

Zending en zegen

“Het woord van God bleef zich verbreiden
en het aantal leerlingen in Jeruzalem werd nog veel groter.”
Laten we dat woord van God, dat leven geeft,
uitdragen in het besef dat Gods zegen op ons rust:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige. Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.