4e zondag van de vasten A 2017

26 03 2017


Begroeting

Welkom, beste mensen, op deze vierde zondag van de vasten.
Halfvasten, want de veertigdagentijd is inderdaad al halfweg.
God wil ons de ogen openen
opdat wij Hem met nieuwe ogen zouden zien
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Met het evangelieverhaal over de blindgeborene horen we vandaag
hoe de aanwezigheid van Jezus de ogen opent van mensen,
zodat ze weer ‘mens onder de mensen’ kunnen worden,
hoe zij ‘heel’ kunnen worden.
De genezende kracht van Jezus laat zich niet aan banden leggen.
Farizeeën en wetgeleerden hebben dat wel geprobeerd.
Volgens hen was genezing onmogelijk,
want blind zijn heeft te maken met zondigheid, zegden ze.
Maar Jezus doorbreekt die gedachtegang
en brengt de mensen thuis bij God
over wie geschreven staat dat Hij ‘licht’ schept in de duisternis.
Sluiten wij onze ogen voor die Jezus
of gaan wij in het ‘licht’ staan dat Hij om zich heen wil verspreiden
door zijn barmhartige woorden en daden?
naar Jongerius

Openingswoord 2

Vandaag is het roze zondag in de kerk.
Het is een eeuwenoude traditie
dat zowel de advent als de vasten hun roze zondag hebben
om aan te duiden dat die tijden aan hun helft zijn.
De liturgische kleur van de voorbije zondagen van de vasten
was paars.
Paars, het kleur dat ontstaat door het mengen van rood en blauw.
Rood, de kleur van de passie en de liefde
en blauw dat staat voor de rust en innerlijk diepte.

Het is geen toeval dat deze kenmerken in Jezus samenkomen:
de dieprode passie voor al wat mensen dichter bij elkaar en bij God brengt
en anderzijds de innerlijke blauwe helderheid
die Hij telkens weer uitstraalt op de cruciale momenten van zijn keven.
De paarse kleur brengt ons langzaam, maar zeker,
naar de dramatische gebeurtenissen van de Goede Week.

Maar vandaag mengen we doorheen het paars
een portie wit.
Pasen komt al voorzichtig, maar toch kordaat doorschemeren
en neemt de donkere nevels weg.
Het is als bij de blinde, straks in het evangelie,
van wie de schellen van de ogen vallen.
Roze zondag dus, een voorbode voor het licht
dat ons te wachten staat met Pasen:
onzichtbaar voor wie blind is,
maar genezend voor wie het toelaat in zijn leven.
vrij naar Ten Bos

Vergevingsmoment 1

Omdat wij beseffen hoe moeilijk het is
om elkaar kansen te geven in het leven,
willen we eerst bidden en vragen om vergeving,
vergeving aan God en aan elkaar.

-We vragen U om vergeving Heer,
voor de vele keren dat wij anderen verdriet deden
en alleen aan onszelf dachten.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-We vragen U om vergeving Heer,
voor al die keren dat wij zijn vergeten dankbaar te zijn
voor de zon, de regen, de bloemen en de vruchten,
een glimlach, een traan, een handdruk en een zoen, een liefdevol woord.
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Wij vragen vergeving Heer,
voor al die keren dat wij zijn vergeten
ons het lot van zieken, eenzamen en verstoten mensen aan te trekken.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Moge de Goede God zich over ons ontfermen,
onze zonden vergeven en ons geleiden tot het eeuwig leven. Amen.

Vergevingsmoment 2

-Heer, elke keer opnieuw nemen wij ons voor
om elkaar niet te vlug te beoordelen en te veroordelen
en mekaar het licht in de ogen te gunnen.
Maar zo vaak loopt ons goed voornemen weldra weer fout.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Christus, uw aandacht ging altijd uit naar de mensen die het moeilijk hadden,
die, in de ogen van anderen, niets waard waren.
Wij daarentegen zijn meestal onder de indruk van mensen met juist veel macht,
aanzien en geld.
Ze verblinden ons, maken ons ziende blind.
Daarom proberen we ook zelf zoveel mogelijk te doen
om de beste, de knapste, de snelste te zijn
en laten we de kans voorbij gaan ons innerlijk, onze ziel, onze relatie met U
te verrijken.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Heer, door onze jacht naar steeds meer en steeds sneller,
verliezen wij uit het oog dat mensen met minder kansen,
door onze houding en levenswijze
nog dieper zinken naar een totale uitzichtloosheid
en zo maken we ongewild de kloof onder de mensen nog groter.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

God van alle mensen,
moge deze veertigdagentijd een keerpunt worden in onze levenswijze
naar een meer rechtvaardige wereld voor iedereen. Amen.

Openingsgebed 1

Heer, onze God,
Gij wilt dat wij mensen van het licht zijn
op wie de duisternis geen vat heeft.
Genees ons van onze blindheid voor pijn en leed
in mensen rondom ons,
blindheid voor al wat in onze wereld misloopt
en mensen kapot maakt – ook letterlijk.
Zeg ook tegen ons:
‘Effata’, ga open
en doe ons wegen zien
die leiden naar huizen van eenheid,
naar dorpen van vrede,
naar steden van gerechtigheid. Amen.

Openingsgebed 2

God van licht en leven,
niet voor verblinding hebt Gij ons gemaakt
niet voor schemerdonker en beneveling,
maar voor het volle licht.
Gij oordeelt niet naar het uiterlijke en de schone schijn.
Kijk naar ons met uw ogen van liefde
en laat ons met al onze talenten en beperkingen
de levenswijze volgen van uw Zoon Jezus.
Dan kan uw Rijk komen. Amen.
vrij naar Broederlijk Delen

Lezingen

In de eerste lezing horen wij
het verhaal van Davids uitverkiezing.
Om in deze herdersjongen
de toekomstige koning naar Gods hart te zien,
moet Samuël leren kijken met Gods ogen.

Zien met gelovige ogen:
daarover gaat ook de evangelielezing.
De blindgeborene ziet Jezus en gelooft in Hem;
de Farizeeën daarentegen blijven ziende blind.
Kerk in Herent

Eerste lezing (1 Sam. 16, 1b. 6-7, 10-13a)

Uit het eerste boek Samuël

1           De Heer sprak tot Samuël:
Vul een hoorn met olie:
Ik zend u naar Isaï de Betlehemiet,
want een van zijn zonen heb Ik voor het koningschap bestemd.’
6           Toen zij aankwamen, viel zijn blik op Eliab en hij dacht:
`Die daar voor de Heer staat is ongetwijfeld zijn gezalfde!’
7           Maar de Heer zei tegen Samuël:
`Ga niet af op zijn voorkomen of zijn rijzige gestalte; hem wil Ik niet.
Want God ziet niet zoals een mens ziet;
een mens kijkt naar het uiterlijk,
maar de Heer kijkt naar het hart.’
10         Zo stelde Isaï zeven van zijn zonen aan Samuël voor,
maar Samuël zei tegen Isaï:
`Geen van hen heeft de Heer uitverkoren.’
11         Daarop vroeg hij aan Isaï: `Zijn dat al uw jongens?’
Hij antwoordde:
`Alleen de jongste ontbreekt; die hoedt de schapen.’
Toen zei Samuël tegen Isaï:
`Laat die dan halen, want we gaan niet aan tafel voordat hij hier is.’
12         Isaï liet hem dus halen.
De jongen was rossig, had mooie ogen en een prettig voorkomen.
Nu zei de Heer: `Hem moet u zalven: hij is het.’
13         Samuël nam dus de hoorn met olie
en zalfde hem te midden van zijn broers.
Vanaf die dag was de geest van de Heer over David.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Ef. 5, 8-14)

Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Efeze

Broeders en zusters,
8
           Eens was u duisternis,
maar nu bent u licht door uw verbondenheid met de Heer.
Leef als kinderen van het licht,
9           want de vrucht van het licht kan alleen maar zijn:
goedheid, gerechtigheid, waarheid.
10         Probeer te ontdekken wat de Heer welgevallig is.
11         Neem geen deel aan de onvruchtbare praktijken van de duisternis,
stel ze liever aan de kaak.
12         Want wat deze mensen in het geheim uitvoeren,
is zo schandelijk dat men er maar beter niet over kan spreken.
13         Alles wat door het licht aan de kaak wordt gesteld, wordt openbaar.
14         En alles wat openbaar wordt, is licht.
Daarom wordt gezegd:
Ontwaak, slaper, sta op uit de doden,
en Christus zal over u stralen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Joh. 9, 1. 6-9, 13-17, 34-3Smilie: 8)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

1
           In die tijd zag Jezus een man die al vanaf zijn geboorte blind was.
6           Hij spuwde op de grond,
maakte wat slijk van zand en speeksel
en streek dat op de ogen van de blinde.
7           Daarna zei Hij tegen hem:
`Vooruit, ga u wassen in het Siloambad.’ (Siloam wil zeggen: gezondene.)
De man ging ernaartoe, waste zich en kwam ziende terug.
8           Zijn buren en degenen die hem voordien vaak hadden gezien
hij was namelijk een bedelaar – zeiden:
`Is dat niet de man die altijd zat te bedelen?’
9           `Inderdaad’, zeiden sommigen.
`Welnee,’ zeiden anderen, `maar hij lijkt er wel op.’
Maar hijzelf zei: `Toch wel, ik ben het.’
13         Ze brachten de man die blind geweest was bij de farizeeën.
14         Nu was de dag waarop Jezus slijk had gemaakt en zijn ogen had geopend,
een sabbat.
15         Daarom stelden ook de farizeeën hem de vraag
hoe het kwam dat hij nu kon zien.
Hij antwoordde:
`Hij deed wat slijk op mijn ogen,
ik heb me gewassen en nu zie ik.’
16         `Zo iemand komt niet van God,’ oordeelden sommige farizeeën,
`want Hij houdt de sabbat niet.’
Anderen merkten op:
`Maar hoe zou een zondaar zulke tekenen kunnen verrichten?’
Kortom, er was verdeeldheid onder hen.
17                     Ze richtten zich toen opnieuw tot de blinde:
`Wat denk jij ervan? Hij heeft toch je ogen geopend!’
`Dat Hij een profeet is’, antwoordde hij.
34         Toen voeren ze tegen hem uit:
`Wat? Jij die vanaf je geboorte een en al zonde bent, jij wilt ons de les lezen?’
En ze gooiden hem eruit.
35         Jezus hoorde dat ze hem eruit gegooid hadden,
en toen Hij hem teruggevonden had, zei Hij:
`Gelooft u in de Mensenzoon?’
36         Hij antwoordde:
`Wie is dat, Heer? Dan zal ik in Hem geloven.’
37         Toen zei Jezus:
`U hebt Hem ontmoet: het is degene die met u spreekt.’
38         `Heer, ik geloof’, zei hij,
en hij wierp zich voor Hem neer.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Een blinde gelooft in de zon,
niet omdat hij ze ziet, maar omdat hij ze voelt.
Moge we ooit zó in God kunnen geloven.
Die hoop willen we nu samen uitspreken.

Ik geloof in God die met mensen op weg gaat,
die van mensen houdt,
die mensen aan mensen toevertrouwt,
die ons Jezus heeft gezonden.

Ik geloof in de verrezen Christus.
Naar zijn voorbeeld moeten wij voor elkaar dienstbaar zijn.
Ik geloof in zijn droom mensen gelukkig te maken
in een wereld van vriendschap, van recht en van gerechtigheid.

Ik geloof in de Geest die ons tot verbondenheid oproept.
Hij schenkt ons aan elkaar als licht en hoop,
als brood en wijn, als dank en vergeving.

Hij roept ons samen in de gemeenschap van de Kerk.
Hij blijft ons trouw, over de grenzen van de dood heen. Amen.

Voorbeden 1

Bidden wij voor de politieke verantwoordelijken.
Dat ze zich inzetten voor de noden van hun volk,
vooral voor de zwaksten in de maatschappij.
Dat ze maatregelen nemen tegen straffeloosheid en blind geweld
en dat ze daadwerkelijk zorgen voor vrede en democratie.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor alle christenen
die het positieve niet meer kunnen zien
dat in onze Kerk en in onze samenleving van vandaag gebeurt.
Dat deze veertigdagentijd
hun hart zou raken
en hun ogen doen opengaan
om Gods aanwezigheid ook in onze tijd te ontdekken.
Laten wij bidden…

-Bidden om doorzettingsvermogen voor gewone mensen,
overal ter wereld,
die niet gezien worden,
maar dag in dag uit werken en zwoegen
om van deze wereld een betere plek te maken.
Laten wij bidden…

-Bidden we om geloof en moed voor ons allen.
Dat we doen wat we kunnen om het talent en de plannen
van mensen in het Zuiden kansen te geven,
niet enkel en alleen in deze vastentijd,
maar ons hele leven door.
Laten wij bidden…

God,
leer ons steeds meer kijken met uw ogen.
Dat wij ons niet blindstaren op uiterlijk vertoon,
maar kijken naar het hart. Amen.

Voorbeden 2

Naast dit brood en deze wijn, en naast uw gaven,
leggen we ook de intenties neer waarvoor we God willen bidden.

-Bidden wij voor wie licht brengen waar het donker is,
die getuigen van leven dat sterker is dan de dood.
Dat zij zich niet laten ontmoedigen,
maar inspiratie blijven putten
uit de Geest Gods die waait waar Hij wil.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor diegenen in ons midden die zich,
als kleine moderne profeten,
onver­moeibaar inzetten om ons te doen inzien
dat wij niet leven zoals het hoort,
dat de wereld nog lang niet
die eerlijk bewoonde en gedeelde aarde is, waarvan God droomt.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor hen die verantwoordelijkheid dragen in de Kerk.
Dat zij luisteren naar wat leeft onder de mensen
in wiens dienst zij staan.
Dat zij het nodige respect weten op te brengen
voor de eigenheid van elke mens.
Dat zij mensen bemoedigen en zoekend geloven stimuleren.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

Heer, onze God,
in dit brood en deze wijn,
biedt Gij U aan
als ons Voedsel voor onderweg,
als Medicijn
die ons genezen wil van onze selectieve blindheid en doofheid,
van het krampachtig vasthouden aan onszelf.
Brood en wijn,
tekenen van verbondenheid en eenheid,
symbolen van gegeven zijn aan elkaar,
zoals Jezus zich geeft aan ons. Amen.

Gebed over de gaven 2

God en Vader, wij zijn vaak onhandig.
Wij willen het goede wel doen,
maar door onze onmacht mislukken we vaak.
Geef ons licht en inzicht,
open onze ogen,
genees onze blindheid,
zodat wij brood en wijn voor elkaar zijn,
zoals Jezus het ons heeft voorgedaan. Amen.
naar Schiplaken

Gebed over de gaven 3

Goede God,
aanvaard in deze gaven al wat wij zijn
en schenk ons de kracht
om te leven in het voetspoor van Hem,
die ons Licht is, Jezus Messias,
dit uur en alle dagen van ons leven. Amen.

Tafelgebed

Gezegend zijt Gij, God,
Begin en Einde,
Bron van liefde en vreugde.

Wij danken U
omdat Gij altijd weer bij ons zijt
door de werken van uw handen.

Gij geeft ons brood om van te leven,
bewogen mensen om ons heen,
een wereld waarin wij voor elkaar
liefde en vreugde mogen zijn.

Gij geeft ons ook uw Zoon, Jezus Christus.
Midden onder ons heeft Hij geleefd.
Hij was Mens voor anderen:
ten volle een bewogen Mens.

Hij nodigde ons uit om in beweging te komen
en naar mensen toe te gaan,
zoals Hij heeft gedaan.

Aan blinden gaf Hij het vermogen
de bloemen en de mensen te zien
en alles wat goed en hoopvol is in deze wereld.
Aan stommen gaf Hij de kracht
een woord van goedheid te spreken.
Aan armen schonk Hij een rijker hart.
Gevangenen werden van zichzelf bevrijd.
Mislukten reikte Hij de hand.
Ontmoedigden werden door Hem getroost.

Bij Hem voelde iedereen zich aanvaard.
Die laatste avond van zijn leven
was zijn verlangen om blijvend mens bij de mensen te zijn
zo sterk dat Hij brood in zijn handen heeft genomen,
zijn ogen opsloeg naar U, God zijn Vader,
Hij dankte U,
brak het brood en deelde het uit aan zijn vrienden
en zei:
“Neem het en eet,
dit ben Ik voor u.”

Hij nam ook de beker,
dankte zijn Vader opnieuw, en zei:
“Neem deze beker en drink hieruit.
Dit is de beker van ons Verbond,
mijn Bloed,
vergoten tot vergeving van de zonden,
tot verbondenheid tussen u en Mij
en tussen ons en alle mensen.
En telkens gij van dit Brood eet en uit deze Beker drinkt, ben Ik met u.”

Verkondigen wij het hart van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert,
dat Gij verrezen zijt.

Vader, zo is uw Zoon in ons midden aanwezig
in dit herdenkend samenzijn
waar we, Hem gedenkend,
eten van zijn Brood en drinken uit zijn Beker .

Zijn Geest blijft onder ons wonen.
Daarom bidden wij vandaag tot U:
wees met ons, uw Kerk van bewogen mensen,
onderweg in deze wereld.
Draag zorg voor allen,
laat geen mens verloren gaan
die U met een oprecht hart zoekt.

Denk ook aan hen die gestorven zijn .
Ontvang hen met liefde in uw huis.

Help ons uw Zoon voor elkaar aanwezig te stellen
in het breken en delen van onze tijd en ons bezit,
in onze aandacht en betrokkenheid
rijkelijk en mild aan iedereen besteed.
Help ons niemand te kwetsen.
Geef dat wij niemand uitsluiten
en menswaardige levensruimte creëren voor elke mens.

Dan zullen wij kunnen geloven en getuigen
dat Jezus in ons midden leeft.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn Heer, onze God, barmhartige Vader,
in de eenheid van de heilige Geest
hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen

Onze Vader

Laten wij onze ogen openen,
zodat we zien dat de Vader ons barmhartig nabij wil zijn.
Openen wij onze handen, zodat Hij ons bij de hand kan nemen.
En bidden wij samen de woorden
die Jezus zo nauw aan het hart lagen:
Onze Vader,…

Vader, genees onze blindheid
en richt onze ogen op U en op elkaar.
Doe ons inzien
waardoor vrede in onze wereld wordt geblokkeerd.
Leer ons uw weg gaan van vrede en rechtvaardigheid,
van eenheid en solidariteit met de zwakken.
Dan zullen wij samen kunnen uitkijken
naar de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk…

Vredeswens 1

Beziel ons met uw Geest van barmhartigheid
en van respect voor allen.
Zolang wij met de goederen van deze wereld
geen mensvriendelijke wereld maken,
kan uw vrede zich niet vestigen onder ons.
Als wij ons laten begeesteren door uw Geest
kunnen wij de hopelozen
een boodschap van hoop aanbieden,
uw boodschap van vrede en solidariteit.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven wij die boodschap van vrede en solidariteit aan elkaar door.

Vredeswens 2

Wij bidden om vrede, God,
om vrede die elk mensenhart tot rust brengt,
vrede die onze wereld doet herademen.
Wij bidden om die vrede
die ons werd toegezegd door Jezus, uw Zoon en uw Vredesbode.
Moge zijn vrede altijd met u zijn.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

Vijf broden, twee vissen,
Hij brak ze
en deelde,
deelde tot allen verzadigd waren.
Wie dorst heeft, hij kome tot Mij
en Ik zal hem te drinken geven.
Gelukkig wij die genodigd zijn aan de maaltijd die de Heer heeft bereid.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Jij bent een wonder,
ik ben een wonder,
maar we zien het niet meer.
We lopen elkaar voorbij,
gehuld in jeans en confectiegedachten.
Ik kijk jou niet aan en jij kijkt mij niet aan.

We gaan ieder ons eigen gangetje.
We laten ons leven beheersen door lawaai en vervuiling.
We staan beschreven in kaartsystemen.
Ik heb een fiche over jou
en jij over mij,
maar jou zelf ken ik niet meer.

We gaan aan het leven voorbij.
We komen maar uit die verstikking los
als jij over mijn muurtje mag kijken
en ik over het jouwe.
Wanneer we elkaar opnieuw in de ogen gaan kijken
en woorden gaan spreken van warmte en begrip,
dan zullen we elkaar ontdekken
en zullen we opnieuw het wonder zien
dat jij en ik enig zijn,
en waardevol.

Bezinning 2

In de donkerte van de aarde,
in de kale boom,
in de kern van elke pit,
zit er ondanks het schijnbaar levenloze
steeds kiemkracht en groei.

In de koelste blik,
in het scherpste woord,
in de zoutste traan,
in de grootste verlatenheid,
zit er ondanks het dodende
kans tot verandering.

In het oprecht aankijken,
in het open luisteren,
in het hartverwarmend spreken,
in de uitgestoken hand,
in de dragende zorg,
zit er hoop en opstanding.

Telkens weer
sprankels leven,
Pasen en verrijzenis
dichterbij.
Kathleen Boedt

Slotgebed 1

God en Vader,
soms zijn wij ziende blind.
Wij denken begaan te zijn met de noden en de zorgen van mensen,
maar eigenlijk zijn wij meer bezig met de gedachten en de woorden daarrond,
dan met ons hart of met onze inzet.
Help ons om de daad bij het woord te voegen
en goed te luisteren naar de anderen
zodat wij hen werkelijk kunnen helpen in hun noden.
Dat vragen wij U omdat wij Jezus willen navolgen
die ons erop wijst
dat wij onze ogen moeten openen voor onze medemens. Amen.
naar viering : Zien met je hart

Slotgebed 2

God,
Gij schenkt Gij uw Licht aan elke mens.
Help ook ons uw Licht uit te dragen naar onze naaste,
dichtbij of ver weg.
Dan kunnen wij uw Rijk van liefde, zoals Gij het hebt gedroomd,
wat dichterbij brengen. Amen.

Zending en zegen

Als wij bereid zijn mee te werken,
wil God ons de ogen openen
zodat wij inzien
hoe wij zijn liefde voor elke mens en voor de hele schepping
handen en voeten kunnen geven
in ons leven en werken van elke dag.
Moge wij zijn zegen uitdragen in de week die voor ons ligt:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Categorieen(n): Zondagsvieringen
Tags:

Comments are closed.