4e paaszondag B 2009

ZONDAGSVIERINGEN
Vierde paaszondag B (03 05 2009)

Begroeting

Komen wij hier bijeen rond de tafel van de Heer
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

Hartelijk welkom op deze vierde zondag na Pasen.
Vandaag verzekert Jezus ons:
“Ik ben de Goede Herder en Ik ken mijn schapen”.
De draagwijdte van dit woord dringt pas ten volle tot ons door
als wij het concreet op onszelf toepassen:
Jezus kent mij! Ik ben Hem vertrouwd!
Hij kent mijn goede en minder goede kanten,
mijn eigenheden en mijn eigenaardigheden
en Hij aanvaardt mij zoals ik ben.
Als wij Hem vergeving vragen over ons geregeld tekortschie­ten,
vertellen wij Hem dus niets nieuws.
Hij kent ons immers van binnen en van buiten.
Het betekent wel dat wij ons voor Hem willen openstellen,
bewust van onze kleinheid,
wetend dat zijn liefde voor ons niet onze verdienste is.

Openingswoord 2

Vandaag gedenken wij Jezus als de goede Herder.
Daarom is het ook Roepingenzondag,
want een gelovige gemeenschap kan niet zonder mensen
die als herders zorgen voor hun volk.
Vaak bedoelen wij met ‘herders’
zij die leiding geven aan de geloofsgemeenschap
en zij die voorgaan
maar ook wij allemaal zijn geroepen
om voor mekaar zorg te dragen.
Wij moeten elkaars herders zijn
door elkaar in het geloof te ondersteunen en te bemoedigen.
Lummen

Vergevingsmoment

Voor iedere keer dat ik geen goede herder was,
niet zorgzaam genoeg was, niet lief en geduldig
voor wie bij mij zijn toevlucht zocht:
Heer, ontferm U over ons.

Voor iedere keer dat ik niet op mijn stappen terugkeerde
om wie vermoeid was op te halen
en om te troosten wie verstrikt raakte in doornen van groot lijden:
Christus, ontferm U over ons.
Voor iedere keer dat ik me veel te weinig aan de liefde heb gewaagd,
het herderschap van wie mij liefhebben niet vertrouwde
en te trots was om mijn vrienden om hulp te vragen:
Heer, ontferm U over ons.

De barmhartigheid en trouw van de Goede Herder
is grenzeloos.
Op Hem mogen we rekenen.
Hij zal ons leiden naar nieuwe weiden. Amen.
naar M. Weemaes

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge.

Wij loven U, Vader,
scheppende kracht,
bron van liefde.
Wij loven U, Jezus Christus,
zoon van God,
Weg, Waarheid en Leven.
Wij loven U, Heilige Geest,
vuur, brandende liefdeskracht.

Eer aan God in de hoge.

Vrede op aarde
voor mensen die eenvoudig zijn,
voor mensen die zachtmoedig zijn,
voor mensen die barmhartig zijn,
voor mensen die luisteren
naar het woord van God
en het onderhouden.

Eer aan God in de hoge.

Vrede op aarde
en liefde onder alle mensen:
liefde die nieuw maakt en heelt,
liefde die hoopt en duldt,
liefde die blijft in tijd en eeuwigheid. Amen.

Openingsgebed 1

God en Vader,
in Jezus, herder en hoeder van mensen,
zijt Gij ons voorgegaan op de weg van het goede leven.
Versterk onze vertrouwdheid met Hem,
vervul ons met uw en zijn Geest,
overtuig ons van het goede
in elke mens die – hoe onvolmaakt ook –
zich aangesproken voelt door uw stem,
door uw woord van zorg en geborgenheid,
door uw woord van liefde
voor al wat teer is en klein. Amen.

Openingsgebed 2

Onuitsprekelijke God,
in uw naam zijn wij hier bijeen –
mensen voor mensen.
Help ons hier
in dit uur van bezieling
om elkaar als mensen
meer nabij te komen.
Dat wij meer en meer oog mogen hebben
voor elkaars noden en verlangens,
want wij kunnen toch niet zoeken naar U
en tegelijkertijd niets willen weten van elkaar?

Lezingen
Luisteren wij naar Gods woord,
ons toegesproken doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing
(Handelingen 4,8-12)
Uit de Handelingen der Apostelen

8           Petrus werd vervuld van de heilige Geest
en zei tegen de leiders, de oudsten en de schriftgeleerden:
`Leiders van het volk en oudsten!
9           Als wij vandaag naar aanleiding van een weldaad aan een zieke
ondervraagd worden over de oorzaak van zijn redding,
10          dan moet u allen en heel het volk Israël goed weten:
door de naam van Jezus Christus de Nazoreeër,
die u hebt gekruisigd, maar die God heeft opgewekt uit de doden,
staat hij hier gezond voor u.
11          Hij is de steen die door u, de bouwlieden,
werd verworpen, maar de hoeksteen is geworden.
12          Door niemand anders komt de redding,
want er is onder de hemel geen andere naam aan mensen gegeven
waardoor wij ons kunnen laten redden.’
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Johannes 3,1-2)
Uit de eerste brief van de apostel Johannes

Vrienden,
1           Hoe groot is de liefde die de Vader ons betoond heeft!
Wij worden kinderen van God genoemd, en we zijn het ook.
De wereld kent ons niet, omdat zij Hem niet heeft erkend.
2           Geliefden, nu al zijn wij kinderen van God,
en wat wij zullen zijn is nog niet verschenen; maar wij weten dat,
wanneer Hij zal verschijnen, wij aan Hem gelijk zullen zijn;
want wij zullen Hem zien zoals Hij is.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Johannes 10,11-18)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Johannes

Jezus sprak tot zijn leerlingen:
11          Ik ben de goede herder.
Een goede herder geeft zijn leven voor zijn schapen.
12          Maar een huurling, geen echte herder dus,
als die een wolf ziet komen,
laat hij de schapen in de steek en gaat ervandoor
– het zijn zijn eigen schapen niet! –
en de wolf overvalt ze en drijft ze uiteen.
13          Hij is immers een huurling
en bekommert zich niet om de schapen.
14          Ik ben de goede herder:
Ik ken mijn schapen en mijn schapen kennen Mij,
15          zoals de Vader Mij kent en Ik de Vader ken;
Ik geef dan ook mijn leven voor mijn schapen.
16          Ik heb nog andere schapen dan die uit deze hof.
Ook voor hen moet Ik een herder zijn:
ze zullen luisteren naar mijn stem.
Zo wordt het: één kudde met één herder.
17          Daarom heeft de Vader Mij lief,
omdat Ik mijn leven geef,
om het daarna weer terug te nemen.
18          Niemand neemt het Mij af,
Ik geef het uit eigen vrije wil.
Daartoe immers heb Ik de macht,
zowel om het te geven als om het terug te nemen.
Dat is de opdracht die Ik van mijn Vader heb ontvangen’.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

In God die ons kent van nabij,
die ons wil omvormen tot zijn volk van gelovigen,
in Hem willen wij ons geloof uitspreken.

Ik geloof in God,
schepper van hemel en aarde,
Vader van alle mensen.

Ik geloof in Jezus Christus,
die gekomen is
om te bemoedigen en te genezen,
om ons te bevrijden van alle onrecht,
om Gods vrede bij de mensen te verkondigen.

Hij heeft zich gegeven voor de wereld.
Hij is in ons midden de levende Heer.

Ik geloof in Gods Geest,
die werkzaam is
in alle mensen die er ontvankelijk voor zijn.

Ik geloof in de kerk van Christus,
die, uitgerust met de kracht van de Geest,
gezonden is om de mensen te dienen.

Ik geloof in de vergevende liefde van God,
die de macht van de zonde zal breken
in ons en in alle mensen.

Ik geloof dat de mens zal leven
van Gods leven voor altijd. Amen.


Voorbeden 1

Onze zorgen en bekommernissen mogen wij toevertrouwen
aan onze God en Herder.
Wij leggen ze op deze tafel om ze, samen met uw gaven, en dit brood en deze wijn aan Hem op te dragen.

– Bidden we voor de herders in de Kerk.
Dat zij mogen herderen met visie, in dienstbaarheid, met geloof en met liefde.
Dat zij vertrouwen durven stellen in
en veel begrip opbrengen voor
hen die zij mogen hoeden en behoeden.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor de herders van de wereld.
Moge zij hun machtsdenken en hun eigen gelijk relativeren
en zich bekeren tot dienaars van de vrede
en tot be­harti­gers van het welzijn van allen – in het bijzonder van de zwaksten.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor zovelen die zich, onder welke vorm dan ook,
belangeloos inzetten voor deze geloofsgemeenschap.
Dat zij mogen rekenen op onze medewer­king en waarde­ring.
Wij denken vooral aan hen,
die tijd en aandacht geven aan gehandi­capten, zieken en bejaarden.
Dat zij in hun zorg de liefde van Christus zichtbaar maken.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

Op deze roepingenzondag klinkt nog altijd Gods stem.

– De roep klinkt om mannen en vrouwen
die zich, met heel hun persoonlijkheid, willen inzetten voor Gods Rijk.
Laten we daarom bidden…

– De roep klinkt om werkers van gerechtigheid
die mensonterende structuren aanklagen
en die zich inzetten voor het welzijn van iedereen,
de zwaksten eerst.
Laten we daarom bidden…

– De roep klinkt om goede herders in de Kerk
die een bevrijdende boodschap uitdragen
en Gods zorg en liefde voor de mensen gestalte geven
door hun levenswijze.
Laten we daarom bidden…

– De roep klinkt binnen onze geloofsgemeenschap om mensen
die aan die gemeenschap willen bouwen
en zo een bakermat vormen voor eigentijds geloofsleven.
Laten we daarom bidden…
vrij naar Levensecht

Voorbeden 3

Laten wij op zoek gaan naar de stem van de Goede Herder
en naar Hem luisteren.

– Bidden we voor mensen die alleen in het leven staan
en gekwetst in de liefde, hopeloos op zoek zijn naar een luisterend oor
of een zorgzame arm om hun schouder.
Laten wij voor hen bidden…

– Bidden we voor mensen die hard werken, jachtig leven
en geen tijd maken om zich ernstig bezig te houden
met de stem van de Herder.
Laten wij voor hen bidden…

– Bidden we voor mensen die ziek zijn en oud,
voor mensen die afhankelijk zijn van anderen.
Dat zij steeds mensen mogen vinden
die hen respectvol en liefdevol nabij willen zijn.
Laten wij voor hen bidden…
vrij naar Levensecht

Gebed over de gaven 1

Goede Herder,
Gij nodigt ons aan uw tafel
en vult onze beker tot aan de rand.
Wij bidden U:
doe ons in dit samenzijn
de overvloed van uw trouw ervaren.
Neem ons bij de hand
en leid ons op de weg van Jezus,
Herder en Hoeder van mensen. Amen.

Gebed over de gaven 2

God van mensen,
in het teken van brood en wijn
gedenken wij
dat Jezus zijn leven geeft voor de zijnen.
Help ons zó op Hem te gelijken
dat Gij in ons de goede herder herkent. Amen.

Tafelgebed

God, hoe wonderlijk zijn de wegen die Gij met ons gaat.
Gij roept ons bij onze naam om medemens te zijn,
om schouder aan schouder de weg van het leven te gaan,
om te groeien naar uw beeld en gelijkenis.

Wij danken U voor allen
die ons woorden van hoop en vrede toespreken,
die ons nabij blijven in uren van angst en onzekerheid,
in uren van pijn en eenzaamheid,
die met ons meegaan
en ons doen groeien tot nieuwe levenskracht.

Wij danken U
voor al het goede en het geluk dat wij mogen ervaren,
voor wat ons mild en hoopvol stemt,
voor wat ons nieuwe perspectieven aanreikt,
voor wat onze diepste levenskrachten aanspreekt.
Daarom richten wij ons tot U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Gij die telkens weer de mens bezielt,
Gij die telkens weer geroepen wordt bij wieg en graf,
bij rouwen en bij ‘ houden van ‘,

Naar U wordt uitgezien als naar een hemel die ons wacht:
Jezus Christus,
die zich als brood voor de wereld heeft geschonken.

Toen de wereld Hem niet meer aanvaardde,
zijn stem niet meer gehoord mocht worden,
zijn genezende aanwezigheid verdwijnen moest,
heeft Hij ten afscheid brood genomen,
het gebroken en gezegd:
“Dit ben ik, mijn leven, mijn droom,
u in handen gegeven,
opdat er leven mag zijn voor iedereen.”

Hij heeft de beker genomen
en doorgegeven met de woorden:
“Neem deze van Mij over en drink eruit,
mijn bloed voor u vergoten, een nieuw begin.
Blijf dit doen om Mij niet te vergeten.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Wij bidden,
open ons hart
voor de vragende aanwezigheid van mensen,
open onze ogen,
opdat wij het zoeken van mensen zouden zien,
open onze oren,
opdat wij het diepste verhaal van mensen zouden horen.
Geef dat wij ons zo bewust mogen worden
dat breken en delen het geheim is van samen-leven.

Zo komen wij op het spoor van Jezus,
die mensen doet opstaan uit onmacht en verlamming,
en bouwen wij mee aan een wereld
waar ruimte is voor iedereen,
waar mensen met elkaar de weg van het leven gaan.

Wij bidden voor hen
die een stuk levensweg met ons zijn meegegaan,
voor hen die op ons rekenen,
voor hen die naast ons staan
en ons bemoedigen.
Wij gedenken ook hen
van wie wij afscheid hebben genomen;
ook al zijn zij gestorven,
zij blijven tot ons spreken en ons inspireren.

Beziel ons met uw Geest,
boetseer ons tot mensen voor mensen,
evenbeelden van uw zorg om alles en allen.
Maak onze handen vrij
en leer ons brood breken, wereldwijd;
leer ons hoop schenken
aan de mensen van nu en morgen.

Geef dat het zichtbaar is dat wij uw mensen zijn,
levende wezens van tastbare liefde,
van voelbare toekomst,
van een levende God.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu, en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Richten wij ons vol vertrouwen tot onze God, de Vader van Jezus Christus,
dankzij wie wij mogen bidden:
Onze Vader…
Vader, Moeder van alle schepselen, onze Herder en Behoeder,
wij danken U dat wij uw schepselen mogen zijn.
Laat ons er vreugde in vinden
als wij proberen te leven voor U,
voor elkaar,
voor al wat Gij ons hebt toevertrouwd.
Dan zullen wij mogen uitzien naar de definitieve wederkomst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…


Vredewens

In de maatschappij en in de Kerken
zijn er nog vele tegenstellingen.
Jezus’ grote wens was
dat alle mensen één zouden worden,
als één kudde onder één herder.
Moge die innige vredewens van Jezus altijd met u zijn!
En laat ons die vrede van harte aan elkaar doorgeven.

Lam Gods

Communie

“Ik ben de Goede Herder, zegt de Heer.
Ik ken de mijnen en de mijnen kennen Mij.
Ik geef mijn leven voor de schapen.”
Gelukkig zijn wij die aan de tafel van de Herder worden uitgenodigd.
Dit is het Lam Gods…
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Indien ik je dragen kon
over de diepe grachten van je gesukkel en je angsten heen
dan droeg ik je
uren en dagen lang.

Indien ik woorden kende
om antwoord te geven op je duizend vragen
over leven, over jezelf,
over liefhebben en gelukkig worden,
dan praatte ik met je,
uren en dagen lang.

Indien ik vrede in je hart kon planten
door geduldig te wachten en te hopen
tot het zaad van vrede in je openbrak
dan wachtte ik, uren en dagen lang.

Indien ik genezen kon
wat omgaat in je hart
aan onmacht, ontevredenheid en onverwerkt verdriet,
dan bleef ik naast je staan,
uren en dagen lang.

Maar ik ben niet groter,
niet sterker dan jij,
en ik weet niet alles
en ik ken niet zoveel;
ik ben maar een vriend op je weg,
al uren en dagen lang.

En ik kan alleen maar hopen
dat je dit weet:
je hoeft niet alleen te vechten en te huilen
als je een vriend hebt voor uren en dagen lang.
Marcel Weemaes


Bezinning 2

De roeping van een christen
ligt samengevat in die ene zin:
‘Ik ben de goede herder’.
Dit woord moet je zeggen
en moet je doen.
Herder zijn
is houden van allen die ons zijn toevertrouwd
en dag in dag uit je leven voor hen geven.
Tot Kerk van herders zijn wij geroepen.

Schaap zijn is onze bestemming niet,
want schapen hoeven niets te doen,
alleen te wachten
tot een ander voor hen zal zorgen.
Ze hoeven niet te denken
alleen maar over te nemen
wat een ander hen heeft voorgedacht.
Tot schapenkerk zijn we niet geroepen.

Huurling zijn
is onze bestemming niet.
Want huurlingen willen wel iets voor een ander doen,
zolang het niet te lastig wordt,
zolang het hun eigen belang niet schaadt
of ze hun leven niet hoeven te veranderen.
Tot huurlingenkerk zijn we niet geroepen.

Kerk van herders horen wij te zijn,
vanuit die Ene die onze Herder is,
en die ons zendt om zijn herderswerk voort te zetten
en onvermoeibaar de zorg om mensen
in beide handen te nemen.
Ward Vanoverbeke


Bezinning 3

Er is een stem die roept
en die kun je horen.
Ik hoop dat ook ons dat overkomt,
net als de leerlingen van Jezus.
Dat we geroepen worden
en weggehaald uit ons eigen kringetje.
Uit onze angst misschien,
uit onze eenzaamheid,
uit gevangenschap en onderdrukking.

Dat we opengaan en meegaan
met iets dat van buiten komt
en wat écht belangrijk is om voor te leven,
de moeite waard.

Jezus roept de leerlingen één voor één.
En zo roept Hij ook ons,
één voor één bij onze naam.

Maar je wordt nooit alleen geroepen.
Je wordt één voor één samen geroepen.
Je mag elkaar bij de hand houden,
zodat je het beter aankunt.
naar Levensecht

Slotgebed

Goede Herder,
Gij hebt onze namen geschreven in de palm van uw hand.
Wij bidden U:
maak ons, in de geest van Jezus,
tot herders en hoeders voor elkaar.
Maak ons tot een gemeenschap
die zich terecht tooit met de naam van Jezus de Christus,
Herder en Hoeder van mensen. Amen.

Zending en zegen

Jezus is niet gekomen om gediend te worden maar om te dienen.
Laten wij van hier weggaan om Hem na te volgen.
Moge Gods zegen blijvend op ons rusten:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.