4e paaszondag A 2008


(13 04 2008 )

Begroeting

Mogen wij hier samenzijn
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord

De goede herder en zijn schapen
zijn vertrouwd met elkaar:
Hij noemt ze bij hun naam,
de schapen herkennen zijn stem.
De draagwijdte van dit beeld dringt pas ten volle tot ons door
als wij het concreet op onszelf toepassen:
Jezus kent mij! Ik ben Hem vertrouwd!
Hij kent mijn goede en minder goede kanten,
mijn eigenheden en mijn eigenaardigheden,
en Hij aanvaardt mij zoals ik ben.

Als wij Hem zo dadelijk vergeving zullen vragen
over ons voordurend tekortschieten,
vertellen wij Hem dus niets nieuws.
Hij kent ons immers van binnen en van buiten.
Het betekent wel dat wij ons voor Hem willen openstellen
bewust van onze kleinheid,
hunkerend naar zijn bevestigende liefde.

Openingswoord 2

Vandaag , roepingenzondag,
wordt ook wel aangeduid als de zondag van de goede Herder.
Beter dan wie ook beseft Jezus hoe leiders zich soms gedragen.
Leiders kunnen misbruik maken van hun macht,
kunnen mensen afhankelijk maken.
Zo’n leider wil Jezus niet zijn.
Hij wil herder en hoeder zijn van mensen, alle mensen.
Hij nodigt ons uit om Hem daarin te volgen.
Hij is als het ware de deur
naar nieuwe vormen van leiderschap en gemeenschap.
Moge zijn woorden ons doen beseffen waartoe wij geroepen zijn.

Vergevingsmoment

Als ik geen goede herder ben geweest,
niet uitermate zorgzaam,
niet vriendelijk of niet geduldig
voor wie bij mij hun toevlucht zochten,
Heer, ontferm U over ons.

Als ik niet op mijn stappen terugkeerde
om wie vermoeid was op te halen
en om te troosten wie verstrikt geraakte
in doornen van groot lijden,
als ik niet om vergiffenis vroeg
aan wie ik erg had pijn gedaan,
Christus, ontferm U over ons.

Als ik mij te weinig aan de liefde heb gewaagd
en het herderschap van wie mij liefhadden niet vertrouwde,
Heer, ontferm U over ons.


Lofprijzing

Laten wij de Heer loven en prijzen
en dankbaar zijn voor zijn schepping
waarin Hij ons geschapen heeft naar zijn beeld en gelijkenis.
Danken wij Hem
voor het licht van zon, maan en sterren,
voor de pracht van bloemen en planten,
voor het wisselen van de seizoenen
en voor alle leven hier op aarde.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
omdat Hij zijn Zoon heeft gezonden,
die ons de werkelijke waarden van het leven
heeft kenbaar gemaakt
en ons de weg heeft getoond naar het eeuwig leven.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
in alle mensen die zich met hart en ziel inzetten
voor het geluk en het welzijn van medemensen,
voor de verdere uitbouw van zijn schepping,
voor het blijven uitdragen van zijn boodschap,
voor een wereld van vrede, zonder haat of tweedracht.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen:
voor het geluk dat we mogen vinden in zoveel kleine dingen:
de glimlach van een kind,
een onverwacht teken van liefde,
een luisterend oor,
voor een gebaar van troost,
een woord van dank,
en het warme gevoel bij intens geluk.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Openingsgebed 1

God en Vader,
in Jezus, herder en hoeder van mensen,
zijt Gij ons voorgegaan op de weg van het goede leven.
Versterk onze vertrouwdheid met Hem,
vervul ons met uw en zijn Geest,
overtuig ons van het goede
in elke mens
die zich aangesproken voelt door uw stem,
door uw woord van zorg en geborgenheid,
door uw woord van liefde
voor al wat teer is en klein. Amen.

Openingsgebed 2

God en Vader,
uit kracht van uw naam zijn wij hier bijeen
– mensen voor mensen.
Help ons in dit uur van bezieling,
om elkaar meer nabij te komen.
Dat wij zo hart en oog krijgen
voor elkaars noden en verlangens
want hoe zouden wij U kunnen zoeken
als wij tegelijkertijd elkaar negeren? Amen.

Openingsgebed 3

Heer, onze God,
soms zijn wij als de herder,
soms weer als de vreemde:
vandaag een open deur en morgen een gesloten boek.
Wij bidden U:
maak van ons mensen met een lage drempel en zonder drempelvrees;
mensen, als een open deur
en zonder stok achter die deur.
Wij vragen het U omwille van Jezus die gezegd heeft:
‘Ik ben de deur,
die toegang geeft naar de Vader
door de eeuwen der eeuwen.’ Amen.
(Levensecht)

Lezingen
Luisteren wij naar Gods woord, ons toegesproken in de verhalen uit de Schrift.

Eerste lezing (Handelingen 2,14a.36-41)
Uit de Handelingen van de Apostelen


14       Op de dag van Pinksteren trad Petrus met de elf naar voren,
verhief zijn stem en sprak hen als volgt toe:
36            ‘Heel het huis Israël moet zeker weten
dat God Hem tot Heer en Messias heeft aangesteld,
deze Jezus, die u hebt gekruisigd.’
37       Toen zij dit hoorden kromp hun hart ineen
en ze zeiden tegen Petrus en de andere apostelen:
`Wat moeten wij doen, broeders?’
38       Petrus zei tegen hen:
`Bekeer u!
Ieder van u moet zich laten dopen in de naam van Jezus Christus
tot vergeving van uw zonden.
Dan zult u de gave van de heilige Geest ontvangen.
39       De belofte geldt immers voor u en uw kinderen,
en voor allen ver weg,
die de Heer onze God erbij zal roepen.’
40       Met nog vele andere woorden getuigde hij,
en hij spoorde hen aan met de woorden:
`Laat u redden uit dit ontaarde geslacht!’
41       Zij die zijn woord aannamen, lieten zich dopen;
en op die dag sloten zich
ongeveer drieduizend mensen aan.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Petr., 1, 20b-25)
Uit de eerste brief van de heilige apostel Petrus

Dierbaren,
20bGeduldig verdragen dat u te lijden hebt vanwege uw goede daden,
dát is het wat God behaagt
21 En het is ook uw roeping,
want Christus heeft voor u geleden
en u een voorbeeld nagelaten;
u moet in zijn voetstappen treden.
22       Hij heeft geen zonde gedaan
en in zijn mond is geen bedrog gevonden.
23       Als Hij uitgescholden werd, schold Hij niet terug.
Als men Hem leed aandeed, uitte Hij geen dreigementen.
Hij liet zijn zaak over aan Hem die rechtvaardig oordeelt.
24       In zijn eigen lichaam heeft Hij onze zonden op het kruishout gedragen,
opdat wij afsterven aan de zonden en gaan leven voor gerechtigheid.
Door zijn striemen bent u genezen.
25       Want u was verdwaald als schapen,
maar nu bent u bekeerd tot de herder en behoeder van uw zielen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Johannes 10,1-10)
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
1
        Waarachtig, Ik verzeker u:
wie niet door de deur de hof van de schapen binnenkomt,
maar naar binnen klimt op een andere plaats,
kan alleen maar een dief zijn en een bandiet.
2        Wie wel door de deur binnenkomt,
is de herder van de schapen.
3        Voor hem doet de deurwachter open en de schapen horen zijn stem.
Zijn schapen roept hij ieder bij zijn naam,
en hij brengt ze naar buiten.
4        En als hij zijn schapen allemaal naar buiten heeft gebracht,
trekt hij voor hen uit,
en de schapen volgen hem omdat ze zijn stem kennen.
5        Een vreemde echter zullen ze nooit volgen; integendeel,
ze gaan voor hem op de vlucht,
omdat ze de stem van vreemden niet kennen.’
6        In deze versluierende taal sprak Jezus hen toe,
maar ze begrepen niet wat Hij hun te zeggen had.
7              Jezus ging dus verder:
`Waarachtig, Ik verzeker u:
Ik ben de deur voor de schapen.
8        Al degenen die vóór Mij zijn gekomen, zijn dieven en bandieten,
naar hen hebben de schapen niet geluisterd.
9        Ik ben de deur; wie door Mij binnenkomt zal gered worden:
die kan vrij in en uit gaan en zal weidegrond vinden.
10            Een dief komt alleen maar om te roven en te slachten,
en om verloren te laten gaan;
Ik ben gekomen opdat ze leven mogen bezitten, en wel in overvloed.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

In God die ons kent van nabij
en ons wil omvormen tot zijn volk van gelovigen, hopenden en liefhebbers,
in Hem willen wij ons geloof uitspreken.

Wij geloven in God de Vader,
die zijn schepping in onze handen heeft gegeven
om er een woning van te maken
waarin het goed is om te leven.

Wij geloven in de zoon Jezus Christus,
die bij ons kwam wonen en nu leeft
in de harten van de mensen.
Hij is ons voorbeeld van liefde tot het uiterste.

Wij geloven in Gods Geest,
die ieder van ons de kracht geeft
om aan het rijk van God mee te bouwen.

Wij geloven in een gemeenschap
waarin elkeen zorg draagt voor de ander;
waarin eenieder aan de blijde boodschap
gestalte geeft door woord en daad.

Wij geloven dat een mensenleven
nooit zal eindigen
en dat we hoopvol mogen uitzien
naar het eeuwig geluk bij de Vader. Amen.

Voorbeden

– Laat herders in zachtmoedigheid over uw mensen waken,
ze leiden naar koele wateren van rust,
ze met trage stap de berghellingen laten verkennen,
ze binnenvoeren in het warme land waar Gij hun opwacht.
Laten wij bidden…

– Maak goede herders van wie moeder zijn,
dat zij hun kinderen dragen met liefdevol geduld
en voeden met tedere aanwezigheid.
Laten wij bidden…

– Maak goede herders van wie vader zijn,
dat zij behoedzaam waken over het breekbare geluk
waarvan hun kinderen dromen.
Laten wij bidden…

– Laat er gemeenschap zijn tussen al deze mensen hier,
jong en minder jong, alleen of niet alleen.
Mensen die dromen van geluk
maar soms gebogen lopen onder het gewicht van lijden en verdriet.
Laten wij bidden…

God, herder en hoeder van ons leven,
zie de zorg van mensen voor elkaar,
de liefde waarmee zij elkaar omringen.
Breng ons dichter tot de ander,
leid ons, voorbij de angst, op nieuwe wegen van hoop. Amen.


Gebed over de gaven 1

God en Vader,
in Jezus opent Gij voor ons de deur
en nodigt Gij ons aan uw tafel.
Wij bidden U:
doe ons in dit samenzijn
de overvloed van uw trouw ervaren.
Hecht U aan ons, voorgoed;
neem ons bij de hand
en leid ons op de weg van Jezus,
herder en hoeder van mensen. Amen.

Gebed over de gaven 2

Vader,
Gij zijt slechts uit op ons geluk,
gunt ons leven in overvloed.
Aanvaard onze bescheiden gaven
en maak deze tafelgemeenschap hier
tot een feest van verbondenheid
met U en met elkaar,
in de geest van Jezus van Nazareth,
herder en hoeder van alle leven. Amen.

Tafelgebed

God, hoe wonderlijk zijn de wegen die Gij met ons gaat.
Gij roept ons bij onze naam om medemens te zijn,
om schouder aan schouder de weg van het leven te gaan,
om te groeien naar uw beeld en gelijkenis.

Wij danken U voor allen
die ons woorden van hoop en vrede toespreken,
die ons nabij blijven in uren van angst en onzekerheid,
in uren van pijn en eenzaamheid,
die met ons meegaan
en ons doen groeien tot nieuwe levenskracht.

Wij danken U
voor al het goede en het geluk dat wij mogen ervaren,
voor wat ons mild en hoopvol stemt,
voor wat ons nieuwe perspectieven aanreikt,
voor wat onze diepste levenskrachten aanspreekt.
Daarom richten wij ons tot U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig…

Gij die telkens weer de mens bezielt,
Gij die telkens weer geroepen wordt bij wieg en graf,
bij rouwen en bij ‘ houden van ‘,

Naar U wordt uitgezien als naar een hemel die ons wacht:
Jezus Christus,
die zich als brood voor de wereld heeft geschonken.

Toen de wereld Hem niet meer aanvaardde,
zijn stem niet meer gehoord mocht worden,
zijn genezende aanwezigheid verdwijnen moest,
heeft Hij ten afscheid brood genomen,
het gebroken en gezegd:
“Dit ben ik, mijn leven, mijn droom,
u in handen gegeven,
opdat er leven mag zijn voor iedereen.”

Hij heeft de beker genomen
en doorgegeven met de woorden:
“Neem deze van Mij over en drink eruit,
mijn bloed voor u vergoten, een nieuw begin.
Blijf dit doen om Mij niet te vergeten.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Wij bidden,
open ons hart
voor de vragende aanwezigheid van mensen,
open onze ogen,
opdat wij het zoeken van mensen zouden zien,
open onze oren,
opdat wij het diepste verhaal van mensen zouden horen.
Geef dat wij ons zo bewust mogen worden
dat breken en delen het geheim is van samenleven.

Zo komen wij op het spoor van Jezus,
die mensen doet opstaan uit onmacht en verlamming,
en bouwen wij mee aan een wereld
waar ruimte is voor iedereen,
waar mensen met elkaar de weg van het leven gaan.

Wij bidden voor hen
die een stuk levensweg met ons zijn meegegaan,
voor hen die op ons rekenen,
voor hen die naast ons staan
en ons bemoedigen.
Wij gedenken ook hen
van wie wij afscheid hebben genomen;
ook al zijn zij gestorven,
zij blijven tot ons spreken en ons inspireren.

Beziel ons met uw Geest,
boetseer ons tot mensen voor mensen,
evenbeelden van uw zorg om alles en allen.
Maak onze handen vrij
en leer ons brood breken, wereldwijd;
leer ons hoop schenken
aan de mensen van nu en morgen.

Geef dat het zichtbaar is dat wij uw mensen zijn,
levende wezens van tastbare liefde,
van voelbare toekomst,
van een levende God.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu, en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Richten wij ons vertrouwvol tot onze God,
de Vader van Jezus Christus,
dankzij wie wij bidden mogen:
Onze Vader…

Vader, Moeder van alle schepselen,
Herder en Behoeder van mensen,
wij danken U dat wij uw schepselen mogen zijn.
Laat er ons vreugde in vinden
als wij proberen te leven voor U,
voor elkaar,
voor al wat Gij ons hebt toevertrouwd.
Dan zullen wij mogen uitzien
naar de definitieve wederkomst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U…


Vredewens

Verlos ons Heer, van het kwaad dat drukt op onze wereld.
Open ons hart voor de liefde.
Mét Jezus willen wij ons leven breken zoals dit brood,
om ons geluk te delen met dat van anderen.
Zo kan er vrede komen in heel de wereld.
Moge de vrede van Christus altijd met U zijn!
En wensen wij elkaar die Godsvrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

Jezus zei: “Ik ben de deur voor de schapen.
Wie door Mij binnenkomt, zal gered worden,
die kan vrij in en uit gaan, en weidegrond vinden.”
Gelukkig zijn wij die aan zijn tafel genodigd zijn.
Dit is het Lam Gods…
Heer, ik ben niet waardig….

Bezinning

Het is al eens gebeurd
dat de koude van de winter
moest wijken voor de lente en het nieuwe leven.
Het is al eens gebeurd
dat een dode boom
nieuwe scheuten kreeg
en onverwacht nog vruchtbaar werd.
Dat is al meer dan eens gebeurd.

Het is al eens gebeurd
dat Iemand uit de dood is opgestaan.
“Niemand – zo zei Hij –
heeft grotere liefde dan hij
die zijn leven geeft voor zijn vrienden.”

Waarom zouden wij dan halsstarrig blijven beweren
dat wij machteloos zijn,
dat de dood het laatste woord heeft?

Waar twee of drie in Zijn naam samenzijn,
is het leven niet meer tegen te houden.

Maar waar zijn ze te vinden,
die twee of drie?

Als jij nu eens zou beginnen
met nog iemand
en nog iemand
en nog iemand…

Slotgebed 1

Ik heb je mijn Zoon gegeven – zegt God –
opdat je Mij zou leren kennen en liefhebben,
en opdat je leven zou vinden in overvloed.
Durf te geloven in zijn nabijheid, reddend en bevrijdend.
Vertrouw je aan Hem toe en
probeer te worden zoals Hij: één en al liefde en vrede.
Dan zal je vreugde vinden en gelukkig worden.
En niemand zal je dat geluk ooit nog kunnen afnemen,
omdat het verankerd zit in het diepste van je hart,
waar jij en Ik één zijn
en waar mijn vreugde jouw vreugde wordt. Amen.
Erwin Roosen

Slotgebed 2 (roepingenzondag)

God, onze Vader,
Gij roept ieder van ons op om in Jezus’ voetspoor te treden.
Wij danken U voor allen die ons reeds op die weg zijn voorgegaan.
Geef ons vandaag en morgen
mensen die alles prijsgeven om uw Zoon Jezus te volgen,
want de nood eraan is groot.
Maak ook van ons, Heer, goede herders
naar het voorbeeld van Jezus, uw Zoon.
Dan komt uw koninkrijk weer wat dichterbij. Amen.

Zending en zegen

Zoals een herder voor zijn schapen
had Jezus de Mensenherder,
oog en hart voor de mensen.
Dié zorg en aandacht wil Hij met ons delen.
Dié zorg en aandacht moge ook de onze worden.
Door Hem gehoed en geweid mogen wij behoeders worden
van elkaars welzijn en vrede.
Door zijn Geest vervuld mogen wij herders worden
voor de mensen rondom ons.
Daartoe zegene ons de algoede God
die is + Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.
Diest

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.