3e zondag door het jaar A 2008

(27 01 2008 )


Begroeting

U die gehoor hebt gegeven aan Jezus’ uitnodiging ‘Kom en volg Mij’,
van harte welkom
in de naam van + de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

Openingswoord

Na de doop door Johannes
gaat Jezus zijn eigen weg,
vertrekkend vanuit Galilea waar “het volk woont dat in duisternis zit”, schrijft de evangelist.
Van begin af aan blijkt
dat de verkondiging dat ‘het Rijk der hemelen ophanden is’
voor Jezus geen eenmanszaak is.
Hij vraagt doorsnee mensen om met Hem mee te doen,
om samen met Hem,
mensen op te vissen
uit hun duisternis en hun eenzaamheid.

Die oproep om medewerking: “Kom achter Mij aan”
herhaalt Hij, generatie na generatie,
een hele mensengeschiedenis lang,
dus ook in onze tijd.
Hoe staat het met onze bereidheid
om onze privé-boot achter ons te laten
en met Hem mee te trekken,
om te doen zoals Hij deed:
anderen uit hun duisternis op te vissen?

Vergevingsmoment

Maak mij wakker, God,
en vergeef mij als ik vaak wegkijk
van andermans verdriet en zorgen,
omdat ik me liever concentreer op mijn eigen wereldje.
Heer, ontferm U over ons.

Maak mij wakker, God,
en open mijn ogen en oren
voor mensen die op mij
een beroep doen of willen doen
maar me niet durven aanspreken.
Christus, ontferm U over ons.

Maak me wakker, God,
en doorprik de voorwendsels
waarachter ik mij verschuil
om niet te moeten ingaan op uw roep:
“Kom achter Mij aan”.
Heer, ontferm U over ons.

De Heer moge ons vergeving schenken voor ons tekortschieten.
Moge Hij ons begeleiden op onze weg door het leven,
opdat wij eenmaal bij Hem thuis mogen zijn. Amen

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

God en Vader,
Gij hebt ons aan elkaar toevertrouwd.
Wij danken U voor de mensen om ons heen,
voor hun zorg, hun steun en hun vriendschap.
Zij leerden ons dat uw boodschap mensen bemoedigt.
Geef ons diezelfde moed,
diezelfde kracht om, op onze beurt,
vreugde uit te dragen, verlossing te brengen en te helen.
Zo zal uw Rijk werkelijkheid worden,
een Rijk van vredevolle, blije mensen,
zoals Gij het destijds hebt gedroomd. Amen

Openingsgebed 2

Eeuwige God,
nog voor wij tot U roepen
komt Gij tot ons met uw Woord
dat ons nodigt tot uw koninkrijk.
Wij vragen U:
bekeer ons tot U
opdat wij uw woord volbrengen
in het voetspoor van Hem
die ons is voorgegaan: Jezus Christus, onze Heer. Amen.
Henk Jongerius

Openingsgebed 3

God,
naar de kleine mensen en zieken,
hebt Gij uw Zoon gezonden.
En ook ons zendt Gij.
Laat ons lichtbrengers en mensenvissers zijn.
Mensen die oog en oor en hart hebben voor elke medemens.
Amen.

Lezingen
Luisteren we naar God die ons toespreekt in de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (Jesaja 8,23b-9,3)
Uit de Profeet Jesaja

23b In het verleden bracht God vernedering
over het land van Zebulon en over het land van Naftali,
In de toekomst brengt hij weervoorspoed in dit gebied aan de zee,
in het land over de Jordaan
en ook in de streek waar de heidenen wonen.
1        Het volk dat ronddwaalt in het donker, ziet een helder licht.
Over hen die wonen in een land vol duisternis
gaat een stralend licht op.
2        Uitbundig laat U hen juichen
en U overstelpt hen met vreugde;
zij verheugen zich voor uw aanschijn
zoals er vreugde is bij de oogst
en gejuich bij het verdelen van de buit.
3        Want het drukkende juk,
de stang op hun schouders,
de stok van de drijver,
U breekt ze stuk als op de dag van Midjan.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Korintiërs 1,10-13.17)

Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte

10       In de naam van onze Heer Jezus Christus, broeders en zusters,
doe ik een beroep op u:
wees allen eensgezind,
laat er geen verdeeldheid onder u zijn;
wees volkomen één van zin en één van gevoelen.
11       Ik heb namelijk van Chloë’s huisgenoten gehoord, broeders en zusters,
dat er onenigheid onder u heerst.
12       Ik bedoel dit:
Ieder van u schijnt zijn eigen leus te hebben:
`Ik ben van Paulus.’
`Ik van Apollos.’ `Ik van Kefas.’
`Ik van Christus.’
13       Is Christus dan in stukken verdeeld?
Is Paulus soms voor u gekruisigd?
Of bent u gedoopt in de naam van Paulus?
14       God zij dank dat ik niemand van u gedoopt heb,
behalve dan Crispus en Gajus.
15       Dus niemand kan zeggen dat u in mijn naam gedoopt bent.
16       O ja, ik heb ook nog het gezin van Stefanas gedoopt;
verder zou ik niet weten dat ik iemand gedoopt heb.
17       Want Christus heeft mij niet gezonden om te dopen,
maar om het evangelie te verkondigen;
en dat niet met geleerde woorden,
want dan had het kruis van Christus zijn kracht verloren.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 4,12-23 of 12-17)
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

12
Toen Jezus hoorde dat Johannes overgeleverd was,
nam Hij de wijk naar Galilea.
13 Met voorbijgaan van Nazaret
vestigde Hij zich in Kafarnaüm bij het meer,
in het gebied van Zebulon en Naftali,
14 opdat vervuld zou worden wat bij monde van de profeet Jesaja gezegd is:
15 Land van Zebulon en land van Naftali,
aan de weg naar zee,
aan de overkant van de Jordaan,
Galilea van de heidenen!
16 Het volk dat in duisternis zit
heeft een groot licht gezien,
en over hen die in het land
en in de schaduw van de dood zitten,
over hen is een licht opgegaan.
17 Vanaf toen begon Jezus te verkondigen.
Hij zei: `Bekeer u, want het koninkrijk der hemelen is ophanden.’
18 Toen Hij eens langs het meer van Galilea liep,
zag Hij twee broers – Simon, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas – het net uitwerpen in het meer;
want het waren vissers.
19 Hij sprak hen aan:
`Kom achter Mij aan,
en Ik zal jullie tot vissers van mensen maken.’
20 Meteen lieten ze hun netten achter en volgden Hem.
21 Verderop zag Hij nog twee broers, Jakobus van Zebedeüs
en zijn broer Johannes;
ze waren in de boot met hun vader Zebedeüs hun netten aan het klaren.
Hij riep hen.
22
 Meteen lieten ze de boot en hun vader achter en volgden Hem.
 23 Hij trok rond in heel Galilea,
terwijl Hij in hun synagogen onderricht gaf,
de goede boodschap verkondigde van het koninkrijk,
en elke ziekte en elke kwaal onder het volk genas.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof dat ik nooit alleen ben
dat God bij mij is, dat Hij mijn Vader is.

Ik geloof dat God zijn Zoon Jezus Christus
gezonden heeft naar de aarde.

Ik geloof dat Jezus Christus is gekomen
om mij te bevrijden van zonden en schuld.

Ik geloof dat de Geest van Christus
in mij leeft en werkt.

Ik geloof dat ik onder de mensen niet alleen ben.
Ik geloof dat om mij heen de grote gemeenschap van de kerk is,
waartoe ook ik wil behoren.

Ik geloof dat ik nooit zo ver van God kan weglopen,
dat terugkeer niet meer mogelijk is.
Ik geloof dat ik nooit zover kan afdwalen,
dat God mij niet naar Zich toe wil trekken.

Ik geloof dat God voor mij het leven wil,
en niet de dood,
de blijdschap en niet het verdriet.

Ik geloof dat Hij bij mij is,
vandaag en altijd,
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlij­ke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer aan te bieden.

– Bidden wij voor mensen
die dreigen weg te zinken in een zee van ver­driet en eenzaamheid.
Dat er vissers van mensen mogen opstaan
die hen bevrijden en een eind met hen meegaan.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor hen die zich, ambtshalve of als vrijwilliger,
willen engageren in de kerkgemeenschap.
Dat ontmoediging hen bespaard moge blijven,
dat zij mogen standhouden ook als zij zich onmach­tig voelen.
Dat zij blijven vertrouwen in Hem
die hen uitzond om als vissers mensen op te vangen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor allen
die het evangelie willen uitdragen in woord en daad.
Dat zij medestanders mogen ontmoeten
die hen bemoedi­gen en hun creativiteit stimuleren.
Laten wij bidden…

– Bidden we, samen met allen die binnen en buiten de christelijke kerken,
onvermoeibaar op zoek zijn naar eenheid,
die streven naar wereldwijde broeder- en zusterschap.
Dat zij gaandeweg mogen ontdekken
dat dit Gods droom is over al zijn mensen.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Wees gezegend, God,
om woorden van licht,
tot ons gekomen door Jezus’ volgelingen,
woordvoerders van uw zorg voor een wereld onderweg.
Laten wij bidden…

– Wees gezegend, God,
om allen die in woord en werk
uw licht voor mensen zijn,
die hen bevrijden van somberheid
en vervullen van geloof in morgen.
Laten wij bidden…

– Wees gezegend, God,
om wat wij verlicht en bemoedigd mogen vieren:
dat Gij in de verrezen Heer – hier in woord en brood aanwezig –
onze leef- en bondgenoot wilt zijn.
Laten wij bidden…

– Blijf ons vervullen, God,
met het licht van uw menslievendheid
waarin we ons voorgoed geborgen mogen weten,
door U gezien, aanvaard, bemind en gezegend.
Laten wij bidden…
geïnspireerd door J. Verhees

Gebed over de gaven 1

God en Vader,
moge in ons huis en in ons hart,
– door U gezegend –
plaats zijn voor velen.
Leer ons mild, bedachtzaam en dankbaar
het brood breken en de beker rondreiken
zoals uw Zoon ons voordeed,
zoals Hij blijft doen
voor ons en voor allen, niemand uitgesloten,
vandaag en alle dagen. Amen.

Gebed over de gaven 2

God onze Vader,
aanvaard in onze gaven onze bereidheid
Jezus te volgen
en laat uw koninkrijk op aarde komen,
vandaag en tot in eeuwigheid. Amen.
Henk Jongerius


Tafelgebed

Heer onze God,
schepper van hemel en aarde,
wij danken U
voor alles wat leeft en ademhaalt,
voor het licht van deze dag,
voor het geluk en de liefde
die in ons midden ontstaan;
voor mensen die, zoals Gij,
ons trouw blijven in dagen van lief en leed.
Wij zeggen U dank voor die ene mens,
Jezus van Nazareth, uw Zoon.
Hij is uw evenbeeld
omdat Hij er is voor de minste van de mensen.
Hij is er ook voor hen
die het goed hebben in dit leven,
door hen voor te gaan
in een leven van dienstbaarheid tot in de dood.
Daarom zeggen wij U van harte dank
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Roep ons op, Vader,
om heilig en goed te zijn
zoals het uw wil is geweest
op de dag dat Gij de mens geschapen hebt;
dat wij worden zoals Gij:
liefde die de wereld schept en draagt
en die zo rijk is dat zij overstroomt in allen.

Roep ons op,
tot gehoorzaamheid en nederigheid;
doe ons luisteren, maak ons aandachtig
voor het woord van Jezus Christus,
die mens geworden is om U te dienen,
die gehoorzaam was tot het uiterste
en daarom,
sinds zijn dood, verrijzenis en hemelvaart
verheerlijkt wordt
door allen die zijn naam dragen.

Roep ons op door uw scheppend woord, Vader,
tot kracht en sterkte,
dat wij elkaar elke dag opnieuw
kunnen bezielen en dragen,
zoals Gij ons draagt en in leven houdt;
dat wij, zoals uw Zoon,
een steun kunnen zijn
voor alle zwakken en eenzamen op onze weg;
dat wij, gesterkt door zijn woord en brood,
elkaar kunnen dragen in uren van nood,
als ons kruis zwaar wordt en wij hulp nodig hebben.

Roep ons op, Vader,
tot één gemeenschap
door deel te hebben aan
het lichaam en het bloed van uw Zoon.

Roep ons tot gemeenschap met Hem
in het brood dat Hij dankbaar heeft gebroken
met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”

Roep ons op tot gemeenschap met Hem
in de beker die Hij dankbaar heeft gezegend
en rondgereikt met de woorden:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Roep ons op, God van liefde,
tot dankbaarheid voor de gemeenschap met U,
met elkaar en met alle mensen
die ons tot hier hebben geleid;
die nog met ons meegaan
in geloof, hoop en liefde,
of die ons blijven begeleiden
vanuit uw heerlijkheid
waarheen zij ons zijn voorgegaan.

Roep ons op, Vader,
tot de volle menselijkheid
van uw Zoon Jezus Christus,
die de zieken geneest,
de zonden vergeeft,
de hongerigen spijzigt,
de kleinen tot zich roept,
en voor iedereen woorden heeft
van eeuwig leven;
die ons zijn Geest zendt
om de weg vrij te maken
naar vrede en geluk onder de mensen.
Daarvoor blijven wij U danken
en verheerlijken:
met en door Christus de Heer,
vandaag en alle dagen die U ons geeft. Amen.

Onze Vader

“Kom achter Mij aan. Ik zal van jullie vissers van mensen maken.
Kom en bid met Mij tot mijn en uw Vader, zoals Ik het u geleerd heb”:
Onze Vader…

Waar wij onszelf zoeken, God,
klinkt uw woord: “Gooi uw netten uit om mensen op te vangen”.
Waar uw opdracht ons zwaar valt,
zegt Gij: “Vreest niet. Ik ben met u”.
Blijf ons nabij met uw woord en uw genade
die ons tot doeners van uw boodschap maken.
Dan zullen wij vol vertrouwen mogen uitzien
naar de wederkomst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van u is het koninkrijk,…

Vredewens

God van liefde,
zoals een moeder haar kinderen loslaat en toch bijeenhoudt,
zo brengt ook Gij ons samen tot uw éne volk
dat Gij omgeeft met tederheid en zorgzame liefde.
Wees voelbaar in ons midden aanwezig,
overtuig ons van de zachte kracht van uw vrede
opdat wij op onze beurt
uw vrede voor elkaar voelbaar en beleefbaar zouden maken.
Die zachte kracht van Gods vrede zij altijd met u.
En wensen wij elkaar van harte die Godsvrede toe.

Lam Gods

Communie

Maak ons tot mensen, Heer,
die als zusters en broeders het brood van deze wereld delen
en elkaar, in woord en daad, tot zegen zijn.
Sterk ons door uw voorbeeld:
uw lichaam, uw leven, gebroken en gedeeld tot voedsel voor ons allen.
Heer, ik ben niet waardig…


Bezinning 1

Zoals de nieuwe bloesem van de lente
nog in de winterknop zit…
Zo sluimert God in onze grijze dagen.
Zijn liefde is de dageraad
lang voor de dag begint.

Zei Jezus tot de eerste vrienden:
“Laat je netten los
en laat je bootje achter op het water.
Geloof dat God al bezig is,
Hij komt, geruisloos als de lente.
Hij breekt de winterknoppen
van je leven open.
En doet de koude ijslaag
van het kwaad ontdooien.
En waar je hart nog bedroefd was
breekt nu de blijdschap open.”

“Laat je netten los…
Blijf niet verstrikt in alledaagse  dingen.
Laat God,
in al zijn heerlijkheid,
de felle lente zijn
die in jouw korte leven
een grote liefde
doet ontspringen.”
Manu Verhulst

Bezinning 2

Heer,
wij zijn al lang geen vissers meer
onze roep is verstomd
en onze kerken lopen leeg

maar
telkens wij uw naam durven noemen
komt er iets
als de smaak van zout
in onze mond
en het verlangen naar de open zee

Heer,
wij hebben de hele nacht gezwoegd
en niets gevangen
maar op uw woord
en aangespoord door uw Geest
werpen wij vandaag nog
de netten over een andere boeg

dan bezingen wij opnieuw
de kracht van het water
en de golven waarop het Petrus droeg

schenk ons één woord, Heer,
dat is genoeg
Christina Ceulemans


Slotgebed 1

Soms is het
alsof ik in mijn binnenste
uw stem hoor, Heer,
en ik me uitgenodigd voel
U van dichtbij te volgen
en in uw naam zorg te dragen voor medemensen.
Ik zou op uw verzoek graag willen ingaan
maar vaak schrik ik terug
voor de radicaliteit van die keuze.
Wil het dan niet opgeven met mij, God!
Blijf aandringen,
blijf kloppen op de deur van mijn hart,
totdat ik de schrik overwin
om mij helemaal aan U te geven.
Dank, Heer, voor uw geduld met mij. Amen.

Slotgebed 2

Goede God,
wij hebben hier uw Woord beluisterd en uw roepstem gehoord.
Maak dat ook wij nu bereid zijn
onze netten achter te laten en U te volgen.
Maak ons tot getuigen van uw Liefde
en help ons om uw Rijk van vrede en vreugde op te bouwen.
Dat vragen wij U in Jezus’ naam.

Zending en zegen

“Vissers van mensen maak Ik van jullie” zegt Jezus tot zijn vrienden.
Naar zijn woord en voorbeeld moeten ook wij weldoende rondgaan:
zieken genezen, voedsel geven aan wie hongeren naar gerechtigheid,
lam geslagenen weer leren lopen,
en wie gevangen zitten in zichzelf, bevrijden.
Daartoe zegene ons + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.