3e zondag door het jaar C 2010

ZONDAGSVIERINGEN
derde zondag C (24 01 2010)

Verwelkoming

God wil met ons zijn.
Openen wij ons hart voor zijn zegen
in  de naam + van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

In zijn eerste grote optreden in de synagoge van Nazareth
doet Jezus eigenlijk niets anders
dan de tekst van de profeet Jesaja
actualiseren en toepassen op zichzelf.
De Schrift is een boek voor alle tijden.
Maar de oude woorden die daarin staan
moeten wel met de ogen van nu gelezen worden.
Dan kunnen zij voor ons,
mensen van deze tijd,
nog steeds een goede boodschap zijn.


Openingswoord 2 (eenheid der christenen)

Deze week gaat de aandacht speciaal
naar de eenheid onder de christenen.
Het is pijnlijk te moeten vaststellen
dat mensen dezelfde liefhebbende God verkondigen
en tegelijk niet in staat zijn om hun meningsverschillen te overbruggen.
Toch leert de Schrift
dat christenen elkaar nodig hebben
om de beloften van Jezus van Nazareth waar te maken.
Dit kan
als wij, christenen, naar elkaar willen luisteren,
als wij bereid zijn met elkaar te dialogeren,
als wij de handen in elkaar slaan om te streven naar eenheid.


Vergevingsmoment 1

We weten wel
dat we handen en voeten moeten geven aan Jezus’ evangelie.
En soms lukt ons dat
maar vaak moeten onze idealen en onze goede wil het afleggen
tegen onze fouten en tekortkomingen.
Daarom bidden we om vergeving.

– We geven het eerlijk toe:
soms zien we niet
waar en hoe we mensen kunnen helpen en troosten.
omdat we gemakshalve de andere richting uitkijken.
Heer, ontferm U dan over ons.

–  We geven het eerlijk toe:
soms zijn wij hardhorig
omdat we alleen luisteren naar wat we graag horen
en doof blijven voor moeilijke vragen van mensen in nood.
Christus, ontferm U over ons.

– We geven het eerlijk toe:
soms komen we er niet toe stappen te zetten naar onze medemens
omdat we duizend en één zogezegd belangrijker bezigheden laten voorgaan.
Heer, ontferm U over ons.

God, als onze handen en voeten aarzelen
om uw boodschap in daden van liefde om te zetten,
geef ons dan opnieuw vertrouwen
zodat we met open geest en open hart kunnen leven voor elkaar. Amen.

Vergevingsmoment 2  (eenheid der christenen)

– We zijn ervan overtuigd
dat eenheid onder alle christenen heilzaam is voor onze wereld,
maar veel doen wij daarvoor niet.
Heer, ontferm U over ons.

– We hebben het vaak
over eenheid onder broers en zusters
en dat God Vader is van ons allemaal,
maar daarom is dat nog niet de taal van ons hart.
Christus, ontferm U over ons.

– We kennen het gebed en het verlangen van Jezus
“Mogen allen één zijn”,
maar hoe vaak zetten we echt stappen naar anderen toe?
Heer, ontferm U over ons.

Moge de Heer samenbrengen wat verdeeld is.
Moge Hij ons voorgaan
op de weg die leidt naar eenheid en verbondenheid. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed 1

God van alle leven,
doorheen de geschiedenis hebt Gij U laten kennen
als bevrijder voor de verdrukten.
Gij hebt ons Jezus gegeven
als uw grootste woord en daad van bevrijding.
Richt onze aandacht op Hem
opdat ook wij, door zijn Geest bezield,
met een blij hart uw bevrijdende kracht mogen doorgeven. Amen.


Openingsgebed 2 (eenheid der christenen)

God van Liefde,
wij richten ons tot U:
wijs ons de weg om mensen te worden
met een open oog voor elkaar,
met handen die bereid zijn om te helpen,
met een stem die opkomt voor rechtvaardigheid
en met een hart waarin ruimte is voor de medemens. Amen.


Lezingen

Laten wij luisteren naar wat God ons te zeggen heeft
in de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (Nehemia 8,2-4a.5-6.8-10)
Uit het boek Nehemia

2           Ezra, de priester, bracht in die dagen de leer
bij de vergadering van mannen en vrouwen
en iedereen die de voorlezing kon volgen.
Het was de eerste dag van de zevende maand.
3           Vanaf de dageraad tot de middag
las Ezra eruit voor op het plein voor de Waterpoort,
verstaanbaar voor de mannen en vrouwen
en iedereen die het kon volgen.
Het volk luisterde aandachtig naar de voorlezing
van het boek van de leer.
4           Ezra, de schriftgeleerde, ging op een houten verhoging staan
die voor die gelegenheid gemaakt was.
5           Tegenover heel het volk opende Ezra het boek;
hij stak immers boven iedereen uit.
Op dat ogenblik ging iedereen staan.
6           En Ezra prees de Heer, de grote God,
en heel het volk antwoordde: `Amen, amen!’
Zij staken hun handen omhoog,
zij bogen het hoofd en zij vielen neer voor de Heer,
met het gezicht op de grond.
8           Zij lazen voor uit het boek van Gods leer,
legden het uit en verklaarden de betekenis,
zodat iedereen de lezing begreep.
9           Vervolgens zeiden Nehemia, de landvoogd,
Ezra, de priester en schriftgeleerde,
en de Levieten die de uitleg gaven tegen heel het volk:
`Deze dag is gewijd aan de Heer uw God.
Wees dus niet treurig en ween niet.’
Het hele volk was namelijk in tranen uitgebarsten
toen het de woorden van de leer hoorde.
10          En ze zeiden hun:
`Kom, ga eten en drink er zoete drank bij,
en deel met wie niets heeft,
want deze dag is gewijd aan onze Heer.
Wees niet bedroefd,
maar laat de vreugde die de Heer u schenkt uw kracht zijn.’
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing(1 Korintiërs 12,12-30)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de christenen van Korinte

Broeders en zusters,
12             Ons lichaam met zijn vele delen vormt één geheel,
en alle lichaamsdelen, hoe vele ook, zijn samen één lichaam;
zo is het ook met Christus.
13          Want wij allen, Joden en Grieken, slaven en vrijen,
zijn in de kracht van een en dezelfde Geest tot één lichaam gedoopt,
en allen zijn wij doordrenkt van één Geest.
14          Een lichaam bestaat nu eenmaal niet uit één lichaamsdeel, maar uit vele.
15          Veronderstel dat de voet zegt:
`Omdat ik geen hand ben, hoor ik niet tot het lichaam’,
hoort hij dan niet tot het lichaam?
16          En als het oor zou zeggen:
`Omdat ik geen oog ben, hoor ik niet tot het lichaam’,
hoort het dan niet tot het lichaam?
17          Als het hele lichaam oog was, waar bleef dan het gehoor?
Als het helemaal gehoor was, waar bleef dan de reuk?
18          God heeft nu eenmaal de lichaamsdelen elk afzonderlijk
hun plaats in het lichaam toegewezen, zoals Hij het gewild heeft.
19          Als zij allemaal samen één lichaamsdeel vormden,
waar bleef dan het lichaam?
20          In feite echter zijn er vele lichaamsdelen,
maar is er slechts één lichaam.
21          Het oog kan niet tegen de hand zeggen:
`Ik heb je niet nodig’,
en evenmin het hoofd tegen de voeten:
`Ik heb jullie niet nodig.’
22          Nog sterker, juist die lichaamsdelen die het zwakst schijnen te zijn,
zijn onmisbaar.
23          En die lichaamsdelen die wij beschouwen als minder eerbaar,
eren wij des te meer.
Onze minder edele delen worden daarom
met grotere kiesheid behandeld;
24          de andere delen hebben dat niet nodig.
God heeft het lichaam zo samengesteld
dat hij aan het mindere meer eer gaf,
25          opdat er in het lichaam geen verdeeldheid zou zijn
en de lichaamsdelen eensgezind voor elkaar zouden zorgen.
26          Wanneer één lichaamsdeel lijdt, delen alle andere in het lijden;
wordt één lichaamsdeel geëerd, dan delen alle andere in die vreugde.
27          Welnu, u bent het lichaam van Christus,
en ieder van u is van dit lichaam een onderdeel.
28          Nu heeft God in de gemeente allerlei mensen aangesteld,
allereerst apostelen, vervolgens profeten, en verder leraren;
voorts is er de gave om wonderen te doen, te genezen, te helpen,
te besturen en in talen te spreken.
29          Niet iedereen kan apostel zijn, of profeet, of leraar.
Kunt u allen wonderen doen?
30          Hebt u allen de gave om te genezen,
in talen te spreken en uitleg te geven?
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Lucas 1,1-4.4,14-21)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

1              Velen hebben zich er al toe gezet het verhaal te doen
van wat zich bij ons heeft voltrokken,
2           aan de hand van de overlevering van de oorspronkelijke ooggetuigen
die dienaar van het woord zijn geworden.
3           Nu heb ook ik besloten alles van voren af aan
nauwkeurig na te gaan en voor u, geachte Teofilus,
ordelijk op schrift te stellen,
4           zodat u zich kunt overtuigen
van de betrouwbaarheid van de berichten
die u hebt ontvangen.
14
Jezus keerde terug naar Galilea in de kracht van de Geest.
Zijn faam verbreidde zich over heel die streek.
15 Hij gaf onderricht in hun synagogen en werd door iedereen geëerd.
16 Zo kwam Hij in Nazaret, waar Hij was opgegroeid,
en volgens zijn gewoonte ging Hij op sabbat naar de synagoge.
Hij stond op om voor te lezen,
17 en kreeg een boekrol van de profeet Jesaja aangereikt.
Hij opende de rol en vond de plaats waar geschreven staat:
18 De Geest van de Heer rust op mij;
daartoe heeft Hij mij gezalfd.
Om aan armen de goede boodschap te brengen
heeft Hij mij gezonden,
om aan gevangenen hun vrijlating aan te kondigen
en aan blinden het licht in hun ogen,
om verdrukten in vrijheid te laten gaan,
19 en een jaar af te kondigen dat de Heer welgevallig is.
20 Daarna rolde Hij het boek dicht,
gaf het terug aan de dienaar en ging zitten.
De ogen van allen in de synagoge waren op Hem gericht.
21 Toen begon Hij hen toe te spreken:
`Vandaag is het schriftwoord dat u gehoord hebt in vervulling gegaan.’
KBS Willibrord 1995


Geloofsbelijdenis

Spreken wij ons geloof uit in God
die ons bezielt om, in Jezus’ spoor, de weg te gaan van breken en delen.

Ik geloof in Hem die wij noemen: Ik zal er zijn voor u.

Hij is de kern, de bron van al wat bestaat.
Op Hem wil ik mij richten
en zijn voorbeeld maken
tot de leidraad van mijn leven.

Ik geloof in Jezus.

In Hem heeft onze God een menselijk gelaat gekregen.
In Hem is de belofte van de Vader werkelijkheid geworden.
Ik geloof dat Hij niet vergeefs heeft geleefd
en niet vergeefs is gestorven,
maar dat Hij elke dag opnieuw verrijst
in mensen die zijn liefde belichamen.

Ik geloof in zijn Geest,

die ook vandaag mensen bezielt,
die hen aanzet om zijn manier van leven
tot de hunne te maken,
om de weg te gaan van breken en delen,
van goedheid en verbondenheid,
van recht en vrede,
altijd weer ten bate van iedereen. Amen.

Voorbeden 1

Bevrijdend en hoopvol klinkt Gods boodschap.
Bidden wij dat zijn Woord ruimte vindt in het hart en het leven van velen.

– Bidden we voor al die mensen
die in onze maatschappij niet meetellen:
vreemdelingen, vluchtelingen,
de kleine mensen die ongezien worden voorbijgelopen.
Dat wij doordrongen worden van het besef
dat God hen hoog acht en groot zal maken.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor al die mensen
die het slachtoffer zijn van economisch winstbejag,
die moeten vechten voor een dagelijkse homp brood
en voor de zieken in landen zonder behoorlijk uitgebouwde gezondheidszorg.
Dat wij doordrongen worden van het besef
dat God rijken heen zal zenden met lege handen en hongerigen zal verzadigen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor al die mensen
die vernederd worden,
onder de voet gelopen alsof ze het vuil van de straat zijn,
mensen die overal op de laatste plaats komen.
Dat wij doordrongen worden van het besef
dat God machtigen van hun troon zal stoten
en geringen zal verheffen.
Laten wij bidden…


Voorbeden 2

Bidden we  tot God, Vader en Moeder van al wat leeft.

– Voor ons allen,
dat we ons niet opsluiten in onszelf
maar het andere en de anderen tot ons laten doordringen.
Dat we open staan
voor argumenten,
voor noodkreten
en voor het getuigenis van bewogen mensen.
Laten wij bidden…

– Voor politici en industriële machthebbers.
Dat ze in toenemende mate gedragen mogen worden
door een evangelische gemeenschap,
zodat ze hun overtuigingskracht en macht inzetten
voor een rechtvaardiger verdeling van de goederen op aarde.
Laten wij bidden…

– Voor de armen.
Dat ze gezien en gehoord worden,
zodat het visioen van het Rijk Gods geen illusie blijft
maar een inspiratiebron voor maatschappelijke inzet.
Laten wij bidden…
Ad Willems o.p.


Voorbeden 3

Goede God, wij bidden U.

– Voor de mensen die zich met overgave inzetten voor uw Kerk.
Dat zij niet zoeken naar eigen roem en eer,
maar zich dienstbaar maken aan de komst van uw Rijk.
Laten wij bidden…

– Voor degenen die zich inzetten voor de samenleving.
Dat zij niet gericht zijn op invloed of macht,
maar zij zich dienstbaar inzetten voor wie zwak en kwetsbaar zijn.
Laten wij bidden…

– Voor ieder die behoefte heeft aan waardering en erkenning.
Dat zij zich niet groter of belangrijker maken dan zij zijn,
maar zich gezien en gekend mogen weten.
Laten wij bidden…

– Voor ons zelf.
Dat wij gevoelig blijven voor elkaars vragen en noden.
Laten wij bidden…

Goede God, wij bidden voor al uw mensen.
Gij die ons geschapen hebt, Gij weet wie en hoe wij zijn.
Ken onze verlangens en diepste wensen, God,
geef ons het vermogen geluk te vinden in liefde die anderen ten dienste staat.
Laat ons zo uw mensen zijn, deze dag en alle dagen,
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.


Voorbeden 4 (eenheid der christenen)

Moge allen één zijn,
en moge de wereld geloven
dat Ik door U, Vader, gezonden ben, bad Jezus.
De Heer verwacht van ons
dat wij, christenen, ons daadwerkelijk inzetten
voor eenheid in verscheidenheid.

– Bidden wij voor allen
die samen dat éne lichaam van Christus vormen.
Dat wij elkaar bemoedigen
om te blijven geloven in die eenheid.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor alle christenen:
protestanten, anglicanen, orthodoxen en katholieken.
Dat zij zich niet laten leiden door onderlinge verschillen
maar met respect en liefde zoeken naar wat hen bindt.
Laten we bidden…

– Bidden we voor de leiders van de christelijke Kerken.
Dat zij, geïnspireerd door het Woord van de Schrift,
concrete stappen zetten naar mekaar toe
zodat de Kerken kunnen uitgroeien tot één grote gemeenschap rond Christus.
Laten we bidden…

God,
dit zijn onze wensen:
dat uw Kerk een thuis mag worden voor velen
en een levend teken van eenheid en vrede. Amen.
Voor al deze intenties, en voor alles wat ons nog op het hart ligt, bidden wij:


Gebed over de gaven 1

Wij openen onze handen, Heer,
en bieden U onze gaven aan:
ons werk, onze dromen, ons samenzijn.
Wij reiken brood en wijn aan
als teken van vreugde en van leven.
Hou ons bij elkaar.
Laat ons delen met hen die arm zijn
en een beroep doen op onze zorg.
Dan worden we ooit uw stad van vrede hier op aarde. Amen.


Gebed over de gaven 2

God van alle leven,
omdat wij uw mensen zijn
en wij U ter harte gaan,
verzamelt Gij ons rond uw tafel.
Smeed ons aaneen,
hoe verschillend wij ook zijn,
en maak ons tot uw gemeenschap
in Jezus’ naam. Amen.


Gebed over de gaven 3 (eenheid der christenen)

Heer,
Gij roept uw volk bijeen rond uw tafel.
Laat de eenheid van dit brood
en de vreugde van deze beker
alle verdeeldheid uit ons midden wegnemen.
Spreek tot ons uw scheppend woord
en maak ons tot het ene lichaam van Christus, onze Heer. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U dat Gij een God van mensen zijt,
dat wij U mogen noemen: onze God en onze Vader,
dat onze toekomst in uw handen ligt,
dat deze wereld U ter harte gaat.
Gij hebt ons tot leven gewekt.
Gezegend zijt Gij, bron van al wat bestaat.
Daarom prijzen wij uw naam, Heer onze God,
en danken U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Wij danken U omwille van uw veelgeliefde Zoon,
die Gij geroepen en gezonden hebt
om ons te dienen en uw weg te tonen,
om aan armen uw blijde boodschap te verkondigen,
om recht te doen aan wie onrecht werd aangedaan,
om voor ons allen, het evenbeeld
en de gestalte te zijn van uw mildheid en uw trouw.

Wij danken U voor deze onvergetelijke Mens,
die alles heeft volbracht wat menselijk is:
het leven en de dood.
Wij danken U dat Hij zich met hart en ziel
gegeven heeft aan deze wereld.

Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd,
heeft Hij het brood in zijn handen genomen.
Hij heeft zijn ogen opgeslagen
naar U, God, zijn Vader.
Hij heeft U dank gezegd, het brood gebroken
en aan zijn vrienden uitgedeeld met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,
dat voor u en allen wordt vergoten tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
zult gij dit doen tot mijn gedachtenis.”

Verkondigen wij de essentie van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Daarom, Heer onze God,
stellen wij hier dit teken van ons geloof,
en daarom gedenken wij nu
het lijden en sterven van uw Zoon,
zijn opstanding uit de dood
en zijn intocht in uw heerlijkheid;
dat Hij, verheven aan uw rechterhand,
voor ons ten beste spreekt
en dat Hij komen zal om recht te doen
aan levenden en doden
op de dag die Gij hebt vastgesteld.

Zend ons uw Geest, die leven is, gerechtigheid en licht.
Gij, die het welzijn van de mensen wilt,
en niet hun ongeluk, niet hun dood,
neem alle geweld weg uit ons midden
en geef vrede op aarde
in naam van Jezus, uw Zoon.
Dan zal uw naam geheiligd zijn,
Heer onze God,
door Hem en met Hem en in Hem
en in de gemeenschap van de Heilige Geest,
dit uur en alle dagen tot in eeuwigheid.  Amen.

Onze Vader 1

Leggen we biddend ons leven in de handen van God onze Vader:

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Onze Vader 2 (eenheid der christenen)

Als er één gebed is
dat door alle christenen gekend en gebeden wordt,
dan is dat het ‘Onze Vader’,
het gebed dat Jezus zelf aan zijn leerlingen leerde.
Laten we dat nu samen bidden.
Onze Vader, …

Vredewens

God van Liefde,
zoals een moeder haar kinderen loslaat en toch bijeenhoudt,
zo brengt Gij ons samen tot uw volk
dat Gij omgeeft met tederheid en zorgzame liefde.
Wees voelbaar in ons midden aanwezig,
overtuig ons van de zachte kracht van uw vrede
opdat wij op onze beurt
uw vrede voor elkaar voelbaar en beleefbaar zouden maken.
Die zachte kracht van Gods vrede zij altijd met u
En wensen wij van harte die goddelijke vrede aan elkaar toe.

Lam Gods

Communie

Maak ons tot mensen, Heer,
die als zussen en broers het brood van deze wereld delen,
en elkaar, in woord en daad, tot zegen zijn.
Sterk ons door uw voorbeeld:
uw lichaam, uw leven, gebroken en gedeeld voor ons allen.
Heer, ik ben niet waardig…


Bezinning 1

De mens fluisterde:
‘God, zeg toch iets’
En een leeuwerik zong.
Maar de mens hoorde die niet.

Daarop riep de mens:
‘God, spreek tot mij.’
En de donder rolde door de lucht.
Maar de mens luisterde niet.

Hij keek rond en zei:
‘God, laat U zien.’
En een ster straalde
Maar de mens had er geen oog voor.

De mens vroeg toen:
‘God, toon me een wonder.’
En leven werd geboren.
Maar de mens nam er geen nota van.

Hij riep in wanhoop uit:
‘God, raak me aan.’
En God kwam naar beneden.
Maar de mens schudde de vlinder van zich af en stapte verder.

Opnieuw bad de mens:
‘God laat U kennen. Ik heb U nodig.’
Een e-mail kwam met goed nieuws en veel bemoediging.
Maar de mens duwde op de toets ‘delete’
en ging verder met roepen en smeken…


Bezinning 2

De Geest van God

Huizen van macht of grootse tempels
bewoont Hij niet, de Geest van God.
Hij is het teer begin, de allereerste adem
die uit de oernevel van leegte en chaos
tevoorschijn riep
alles wat goed was en naar licht verlangde.
Hij is de stem die God te kennen gaf
aan een berooid en zwervend volk.
Hartstocht en staf om water uit de rots te slaan.
En op de lange weg van honger naar bevrijding
de droom te zijn of verre einder,
die mensen gaande houdt en telkens weer verzamelt.

Hij is de kracht die uitging van de zoon van Maria.
Naar God genoemd en als een broer herkenbaar.
Zijn geest bezielde Hem, Hij werd erdoor gedreven
zover, tot waar geen mens had kunnen gaan.
En ging er als een zaad verloren.
Maar tussen onmacht en vertrouwen hield God Hem vast.

De Geest van God gebeurt. Tot op vandaag.
Hij heeft een aangezicht. Hij spreekt en zwijgt.
In alledaagse feiten en in het verhaal dat mij ter harte gaat,
is Hij de vinger die beroert, mijn onrust en mijn geweten.
Hij wekt verwondering. Is onvervuld verlangen.
Maar tegelijk de taaiheid en het stille verweer.
De geest van God herstelt en herbegint.
Met niets. Als gist in ons bestaan.
En verder dan wij zien, door armoe en benauwenis,
wordt Hij de ruimte om te leven.
Chris Gelaude


Slotgebed 1

God, open onze ogen
voor de ongelijkheid en het onrecht in onze wereld.
Maak ons ontvankelijk
voor uw visioen van een nieuwe wereld
waar alle mensen een menswaardig leven kunnen leiden.
Hou die droom in ons levendig
zodat wij groeien in solidariteit
en consequent blijven zoeken
naar wegen om de kloof tussen arm en rijk
een beetje kleiner te maken. Amen.


Slotgebed 2 (eenheid der christenen)

God,
Gij wilt niet de God van één volk zijn
maar een Licht voor alle volkeren.
Jezus is in brood en wijn één met ons geworden.
Laten wij uw liefde zichtbaar maken
in onze zorg voor elkaar.
En verenig ons allen in Jezus
die ons hoop en toekomst geeft. Amen.

Zending en zegen

Eens vertelde een  joodse grootvader aan zijn kleinzoon:
“Aan een van de poorten van een grote stad
zit een bedelaar, die wacht en die wacht en die wacht…
Die bedelaar, jongen, dat is de Messias.”
“Op wie wacht hij dan?” vroeg het kind.
“Op jou, mijn jongen.”
Moge ook wij, gesterkt door Gods zegen,
op weg gaan naar Hem die op ons wacht
+ de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.