3e zondag door het jaar C 2007

ZONDAGSVIERINGEN
Derde zondag door het jaar (C)(21 01 2007)

Verwelkoming

God wil met ons zijn.
Openen wij ons hart zodat Hij er zijn zegen op kan leggen:
in  de naam + van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord

God heeft zijn Woord gesproken.
Sterker nog,
Het Woord is mens geworden
en het heeft onder ons gewoond.
Zoals het Nieuwe Testament de vervulling is van het Oude,
zo zijn wij verantwoordelijk
voor de vervulling van het evangelie in het hier en nu.
Wij zijn geroepen
om Gods levend evangelie te zijn en te worden.


Vergevingsmoment

Heer, ondanks onze goede bedoelingen
wijken wij wel eens af van de weg die Gij ons toont.
Vaak denken wij sterk genoeg te zijn
om onze eigen koers te varen,
maar regelmatig stellen wij vast dat wij daarbij falen.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Heer, wij herkennen uw beeld niet altijd in onze medemens
en sluiten onze ogen voor de noden van de anderen.
Wij grijpen de hand niet van wie hulp vraagt.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

Heer, in deze wereld zoeken velen uw steun,
uw kracht, uw licht.
Gij vraagt ons
licht en warmte te zijn voor anderen,
maar wij geven te weinig gehoor aan uw oproep.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Heer, vergeef ons onze fouten en tekorten,
roep ons op tot eenheid en waarheid
en doe ons leven in gerechtigheid,
zodat wij elke dag herboren worden en uw stem mogen horen.
Dat vragen wij door Christus, uw zoon en onze Heer. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt.
Amen.

Openingsgebed

Voortgestuwd en enthousiast gemaakt door uw Geest, God,
heeft Jezus,
aan iedereen die het horen wilde,
uw boodschap van hoop en toekomst gebracht.
Vandaag hebt Gij diezelfde opdracht
aan ons toevertrouwd.
Zend ons daarom
– met een hart dat overstroomt van liefde en tederheid –
naar allen die warmte en vriendschap missen.
En geef ons de durf om te laten blijken
dat het ons goed doet
door U bemind te worden. Amen                               naar Erwin Roosen


Lezingen (Nehemia 8,2-4a.5-6.8-10; 1 Korintiërs. 12,12-30; Lucas 1,1-4; 4,14-21)
Laat ons luisteren naar wat God ons te zeggen heeft in de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (Neh., 8, 2-4a. 5-6. 8-10)
Uit het boek Nehemia.

2        Ezra, de priester, bracht in die dagen de leer
bij de vergadering van mannen en vrouwen
en iedereen die de voorlezing kon volgen.
Het was de eerste dag van de zevende maand.
3        Vanaf de dageraad tot de middag
las Ezra eruit voor op het plein voor de Waterpoort,
verstaanbaar voor de mannen en vrouwen
en iedereen die het kon volgen.
Het volk luisterde aandachtig naar de voorlezing
van het boek van de leer.
4        Ezra, de schriftgeleerde, ging op een houten verhoging staan
die voor die gelegenheid gemaakt was.
5        Tegenover heel het volk opende Ezra het boek;
hij stak immers boven iedereen uit.
Op dat ogenblik ging iedereen staan.
6        En Ezra prees de Heer, de grote God,
en heel het volk antwoordde: `Amen, amen!’
Zij staken hun handen omhoog,
zij bogen het hoofd en zij vielen neer voor de Heer,
met het gezicht op de grond.
8        Zij lazen voor uit het boek van Gods leer,
legden het uit en verklaarden de betekenis,
zodat iedereen de lezing begreep.
9        Vervolgens zeiden Nehemia, de landvoogd,
Ezra, de priester en schriftgeleerde,
en de Levieten die de uitleg gaven tegen heel het volk:
`Deze dag is gewijd aan de Heer uw God.
Wees dus niet treurig en ween niet.’
Het hele volk was namelijk in tranen uitgebarsten
toen het de woorden van de leer hoorde.
10       En ze zeiden hun:
`Kom, ga eten en drink er zoete drank bij,
en deel met wie niets heeft,
want deze dag is gewijd aan onze Heer.
Wees niet bedroefd,
maar laat de vreugde die de Heer u schenkt uw kracht zijn.’
© KBS Willibrord 1995

Tweede lezing(1 Kor. 12,12-30)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de christenen van Korinte.

Broeders en zusters,

12            Ons lichaam met zijn vele delen vormt één geheel,
en alle lichaamsdelen, hoe vele ook, zijn samen één lichaam;
zo is het ook met Christus.
13       Want wij allen, Joden en Grieken, slaven en vrijen,
zijn in de kracht van een en dezelfde Geest tot één lichaam gedoopt,
en allen zijn wij doordrenkt van één Geest.
14       Een lichaam bestaat nu eenmaal niet uit één lichaamsdeel, maar uit vele.
15       Veronderstel dat de voet zegt:
`Omdat ik geen hand ben, hoor ik niet tot het lichaam’,
hoort hij dan niet tot het lichaam?
16       En als het oor zou zeggen:
`Omdat ik geen oog ben, hoor ik niet tot het lichaam’,
hoort het dan niet tot het lichaam?
17       Als het hele lichaam oog was, waar bleef dan het gehoor?
Als het helemaal gehoor was, waar bleef dan de reuk?
18       God heeft nu eenmaal de lichaamsdelen elk afzonderlijk
hun plaats in het lichaam toegewezen, zoals Hij het gewild heeft.
19       Als zij allemaal samen één lichaamsdeel vormden,
waar bleef dan het lichaam?
20       In feite echter zijn er vele lichaamsdelen,
maar is er slechts één lichaam.
21       Het oog kan niet tegen de hand zeggen:
`Ik heb je niet nodig’,
en evenmin het hoofd tegen de voeten:
`Ik heb jullie niet nodig.’
22       Nog sterker, juist die lichaamsdelen die het zwakst schijnen te zijn,
zijn onmisbaar.
23       En die lichaamsdelen die wij beschouwen als minder eerbaar,
eren wij des te meer.
Onze minder edele delen worden daarom
met grotere kiesheid behandeld;
24       de andere delen hebben dat niet nodig.
God heeft het lichaam zo samengesteld
dat hij aan het mindere meer eer gaf,
25       opdat er in het lichaam geen verdeeldheid zou zijn
en de lichaamsdelen eensgezind voor elkaar zouden zorgen.
26       Wanneer één lichaamsdeel lijdt, delen alle andere in het lijden;
wordt één lichaamsdeel geëerd, dan delen alle andere in die vreugde.
27       Welnu, u bent het lichaam van Christus,
en ieder van u is van dit lichaam een onderdeel.
28       Nu heeft God in de gemeente allerlei mensen aangesteld,
allereerst apostelen, vervolgens profeten, en verder leraren;
voorts is er de gave om wonderen te doen, te genezen, te helpen,
te besturen en in talen te spreken.
29       Niet iedereen kan apostel zijn, of profeet, of leraar.
Kunt u allen wonderen doen?
30       Hebt u allen de gave om te genezen,
in talen te spreken en uitleg te geven?
© KBS Willibrord 1995


Evangelie
(Lc. 1,1-4; 4,14-21)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas.

1              Velen hebben zich er al toe gezet het verhaal te doen
van wat zich bij ons heeft voltrokken,
2        aan de hand van de overlevering van de oorspronkelijke ooggetuigen
die dienaar van het woord zijn geworden.
3        Nu heb ook ik besloten alles van voren af aan
nauwkeurig na te gaan en voor u, geachte Teofilus,
ordelijk op schrift te stellen,
4        zodat u zich kunt overtuigen
van de betrouwbaarheid van de berichten
die u hebt ontvangen.
14
Jezus keerde terug naar Galilea in de kracht van de Geest.
Zijn faam verbreidde zich over heel die streek.
15 Hij gaf onderricht in hun synagogen en werd door iedereen geëerd.
16 Zo kwam Hij in Nazaret, waar Hij was opgegroeid,
en volgens zijn gewoonte ging Hij op sabbat naar de synagoge.
Hij stond op om voor te lezen,
17 en kreeg een boekrol van de profeet Jesaja aangereikt.
Hij opende de rol en vond de plaats waar geschreven staat:
18 De Geest van de Heer rust op mij;
daartoe heeft Hij mij gezalfd.
Om aan armen de goede boodschap te brengen
heeft Hij mij gezonden,
om aan gevangenen hun vrijlating aan te kondigen
en aan blinden het licht in hun ogen,
om verdrukten in vrijheid te laten gaan,
19 en een jaar af te kondigen dat de Heer welgevallig is.
20 Daarna rolde Hij het boek dicht,
gaf het terug aan de dienaar en ging zitten.
De ogen van allen in de synagoge waren op Hem gericht.
21 Toen begon Hij hen toe te spreken:
`Vandaag is het schriftwoord dat u gehoord hebt in vervulling gegaan.’
© KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Spreken wij ons geloof uit in God
die ons bezielt om, in Jezus’ spoor, de weg te gaan van breken en delen.

Ik geloof in Hem die wij noemen: Ik zal er zijn voor u.

Hij is de kern, de bron van al wat bestaat.
Op Hem wil ik mij richten
en zijn voorbeeld maken
tot de leidraad van mijn leven.

Ik geloof in Jezus.

In Hem heeft onze God een menselijk gelaat gekregen.
In Hem is de belofte van de Vader werkelijkheid geworden.
Ik geloof dat Hij niet vergeefs heeft geleefd
en niet vergeefs is gestorven,
maar dat Hij elke dag opnieuw verrijst
in mensen die zijn liefde belichamen.

Ik geloof in zijn Geest,

die ook vandaag mensen bezielt,
die hen aanzet om zijn manier van leven
tot de hunne te maken,
om de weg te gaan van breken en delen,
van goedheid en verbondenheid,
van recht en vrede,
altijd weer ten bate van iedereen. Amen.

Voorbeden

Bevrijdend en hoopvol klinkt Gods boodschap.
Bidden wij dat zijn Woord ruimte vindt in de harten en levens van velen.

– Goede God, wij bidden U voor uw kerk:
dat zij uw weg mag gaan van bevrijding voor allen.
Geef haar de bezieling en de inspiratie
om velen te brengen tot de dienst van het woord,
om gelovigen hun verantwoordelijkheid te doen beleven.
Geef ons de moed en de wijsheid
om het evangelie te herschrijven voor de wereld van vandaag,
om uw woord te spreken voor onze tijd.
Laten wij bidden…

– Heer Jezus, met U bidden wij voor deze wereld:
dat verdrukten en verslaafden hun bevrijding mogen vieren,
dat blinden gaan zien waar het God om gaat in deze wereld,
dat een nieuwe tijd van genade mag aanbreken
en de verhoudingen tussen mensen en volken
mogen worden zoals God ze bedoeld heeft.
Moge uw vrede ons deel zijn, en uw vreugde in ons volkomen worden.
Laten wij bidden…

– Gij, Geest van God, drijf ook ons uit de woestijn en de kerkers
waarin wij onszelf en elkaar zo dikwijls opsluiten.
Wij bidden voor wie het geen leven is in deze wereld;
maak weer los wat is vastgeroest; genees wat is gewond;
verwarm wat is verkild;
en breng terug wat in kerk en wereld van de rechte weg is afgedwaald.
Laten wij bidden…

Voor al deze intenties, en voor alles wat ons nog op het hart ligt, bidden wij:

Gebed over de gaven

God van alle leven,
Gij verzamelt ons hier rond deze tafel.
In brood en wijn gedenken wij
uw Zoon die zijn leven brak en deelde
en hoopvolle woorden sprak
Leer ons te leven vanuit zijn bevrijdend woord,
Leer ons ons leven te breken en te delen
opdat wij anderen tot genade kunnen zijn. Amen. 

Tafelgebed

Wij danken U dat Gij een God van mensen zijt,
dat wij U mogen noemen: onze God en onze Vader,
dat onze toekomst in uw handen ligt,
dat deze wereld U ter harte gaat.
Gij hebt ons tot leven gewekt.
Gezegend zijt Gij, bron van al wat bestaat.
Daarom prijzen wij uw naam, Heer onze God,
en danken U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig de Heer,…

Wij danken U omwille van uw veelgeliefde Zoon,
die Gij geroepen en gezonden hebt
om ons te dienen en uw weg te tonen,
om aan armen uw blijde boodschap te verkondigen,
om recht te doen aan wie onrecht werd aangedaan,
om voor ons allen, het evenbeeld
en de gestalte te zijn van uw mildheid en uw trouw.

Wij danken U voor deze onvergetelijke Mens,
die alles heeft volbracht wat menselijk is:
het leven en de dood.
Wij danken U dat Hij zich met hart en ziel
gegeven heeft aan deze wereld.

Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd,
heeft Hij het brood in zijn handen genomen.
Hij heeft zijn ogen opgeslagen
naar U, God, zijn Vader.
Hij heeft U dank gezegd, het brood gebroken
en aan zijn vrienden uitgedeeld met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,
dat voor u en allen wordt vergoten tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
zult gij dit doen tot mijn gedachtenis.”

Verkondigen wij de essentie van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Daarom, Heer onze God,
stellen wij hier dit teken van ons geloof,
en daarom gedenken wij nu
het lijden en sterven van uw Zoon,
zijn opstanding uit de dood
en zijn intocht in uw heerlijkheid;
dat Hij, verheven aan uw rechterhand,
voor ons ten beste spreekt
en dat Hij komen zal om recht te doen
aan levenden en doden
op de dag die Gij hebt vastgesteld.

Zend ons uw Geest, die leven is, gerechtigheid en licht.
Gij, die het welzijn van de mensen wilt,
en niet hun ongeluk, niet hun dood,
neem alle geweld weg uit ons midden
en geef vrede op aarde
in naam van Jezus, uw Zoon.
Dan zal uw naam geheiligd zijn,
Heer onze God,
door Hem en met Hem en in Hem
en in de gemeenschap van de Heilige Geest,
dit uur en alle dagen tot in eeuwigheid.
Amen.


Onze Vader
Leggen we biddend ons leven in de handen van God, onze Vader:

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Vredeswens

God van Liefde,
zoals een moeder haar kinderen loslaat en toch bijeenhoudt,
zo brengt Gij ons samen tot uw volk
dat Gij omgeeft met tederheid en zorgzame liefde.
Wees voelbaar in ons midden aanwezig,
overtuig ons van de zachte kracht van uw vrede
opdat wij op onze beurt
uw vrede voor elkaar voelbaar en beleefbaar zouden maken.
Die zachte kracht van Gods vrede zij altijd met u
En wensen wij van harte die Gods vrede aan elkaar toe.

Lam Gods

Communie

Maak ons tot mensen, Heer,
die als zusters en broeders het brood van deze wereld delen,
en elkaar, in woord en daad, tot zegen zijn.
Sterk ons door uw voorbeeld:
uw lichaam, uw leven, gebroken en gedeeld voor ons allen.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning

Ik wil zo graag een open hart
dat vervuld kan worden
van Uw Geest, God.
Ik wil zo graag open handen
om mensen rondom mij
blij te maken met Uw boodschap,
Uw boodschap van bevrijding,
van respect
van waardering.
Ik wil zo graag
eenvoudig getuige zijn van Uw Geest,
die Kracht,
mij gegeven telkens als ik bereid ben
mij met U te laten verbinden.
Laat mij niet vluchten.
Laat mij niet slapen.
Wek mij,
leid mij,
stuur mij,
blijf mij nabij.
Ida Guetens


Slotgebed

Gij hebt gesproken, God, door Jezus uw getuige.
Door stad en land is Hij op weg gegaan
om mensen de ogen te openen voor elkaar,
om vreemden vrienden te doen zijn,
om verdeelden te helen tot gemeenschap,
om uw vrede te delen met allen die Hij op zijn weg ontmoette.
Schep ruimte voor zijn woord in ons midden
opdat wij van harte ruimte scheppen voor elkaar,
hier en nu, en alle dagen die ons gegeven zijn. Amen.
Jacques Verhees

Zending en zegen

Dat wij Gods woorden van licht en leven
in ons mogen meedragen;
dat zij de wereld om ons heen tot vreugde strekken:
in de naam +van de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.