32e zondag door het jaar C 2010

ZONDAGSVIERINGEN
twee-endertigste zondag C (07/11/2010)

Begroeting

Moge God hier bij ons zijn
als een God van levenden
die geen mens verloren laat gaan.
De God op wie wij vertrouwen: Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

We naderen stilaan het einde van het kerkelijk jaar.
Vandaag en de komende zondagen,
nodigt de liturgie ons uit om ons te bezinnen
over een aantal belangrijke levensvragen.

Op de agenda staat vandaag: ‘En wat na onze dood?’
Kernpunt van het antwoord op deze vraag
horen we bij het einde van de evangelielezing:
“De Heer is geen God van doden maar van levenden,
want voor Hem leven ze allemaal.”

Natuurlijk zouden we graag weten
hoe dat leven na de dood er uit ziet.
Maar die nieuwsgierigheid wordt niet bevredigd.
Jezus rekent op ons groot geloof,
het geloof dát Hij ons opwacht aan de andere kant.

Wij hopen op Gods barmhartigheid
omdat ons geloof
lang niet altijd zo groot is als Jezus van ons hoopt.
Daarom bidden we om vergeving.

Openingswoord 2

Na elke nacht daagt de morgen.
Na herfst en winter bloeit nieuw lenteleven open.
En vandaag horen we
dat zij die sterven met geloof in hun hart,
zullen verder leven bij Hem
aan wie zij hun vertrouwen schonken:
onze God van levenden.
Aldus Iemand die, door dood en duisternis heen,
ons op die weg is voorgegaan.
Openen wij ons hart voor Jezus’ getuigenis.

Vergevingsmoment 1

Onze tekorten, ons falen,
onze kleinmoedigheid mogen wij hier uitspreken.
We vragen om Gods vergevende liefde.

– Vergeef ons,
als wij onrecht en verdrukking zo dikwijls
stilzwijgend laten gebeuren.
Heer, ontferm U over ons.

– Vergeef ons,
als wij soms rechtstreeks of onrechtstreeks
bijdragen tot uitsluiting van mensen.
Christus, ontferm U over ons.

– Vergeef ons,
als wij vaak handelen als beheersers van uw schepping
in plaats van als beheerders.
Heer, ontferm U over ons.

Levende God,
kom ons nabij
opdat wij opstaan en leven.
Kom ons bevrijden. Amen.

Vergevingsmoment 2

Elk mensenleven is getekend door goedheid en door tekorten.
Bij het begin van deze viering willen wij dan ook om vergeving vragen
aan God en aan elkaar voor die momenten waarop wij tekortschoten.

– Wij hebben elkaar veel meer nodig dan we laten blijken.
Wij hebben elkaar veel meer te bieden dan we gewoonlijk geven.
Wij hebben elkaar veel meer te zeggen dan we meestal uitspreken.
God, wees ons nabij.
Heer, ontferm U over ons.

-Wij kunnen elkaar veel meer troosten dan we beseffen.
Wij kunnen elkaar veel meer danken dan we vermoeden.
Wij kunnen elkaar veel meer steunen dan we tot nu toe deden.
God, wees onze kracht.
Christus, ontferm U over ons.

– We zouden elkaar veel meer moeten aanmoedigen in het goede.
Wij zouden elkaar veel meer moeten bewonderen in het schone.
Wij zouden elkaar veel meer moeten helpen in het moeilijke.
God, vergeef ons onze tekortkomingen.
Heer, ontferm U over ons.


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed 1

God van levenden en niet van doden,
vervul ons met het vertrouwen
dat wie leeft in verbondenheid met U,
door dood en duisternis heen
bij U geborgenheid zal vinden.
Maak ons vertrouwd met Jezus’ woord
dat Gij allen die zich vol verwachting aan U toevertrouwen,
met vrede tegemoet treedt. Amen.


Openingsgebed 2

God, Vader van alle mensen,
Wij zijn begrensd en sterfelijk
en daarom gaat uw belofte van eeuwig leven
ons menselijk begrip te boven.
Wij bidden U:
richt ons dagelijks leven op wat blijvend is voor U,
op wat eeuwigheidswaarde heeft.
Dat vragen we U voor vandaag en voor alle dagen van ons leven. Amen.
naar Lovendegem

Lezingen

Luisteren wij dan nu naar God die ons toespreekt in de woorden van de Schrift.

Eerste lezing
(2 Makkabeeën 7,1-2.9-14)

Uit het tweede boek der Makkabeeën

1        In die dagen werden zeven broers aangehouden,
samen met hun moeder,
en op bevel van de koning
sloeg men ze met stokken en riemen
om ze zo te dwingen het verboden varkensvlees te eten.
2        Een van hen vroeg de koning namens hen allemaal:
`Wat verlangt u van ons en wat wilt u van ons leren?
Wij zijn eerder bereid om te sterven,
dan de leer van onze voorvaderen te overtreden.’
9
        Alvorens te sterven zei hij nog:
`Jij, ontaarde boosdoener,
je ontneemt ons nu wel het leven,
maar de koning van de wereld zal ons, die voor zijn Wet sterven,
opwekken voor een eeuwig leven.’
10       Na hem werd de derde gemarteld.
Op verzoek stak hij onmiddellijk zijn tong uit
en onverschrokken bood hij ook zijn handen aan.
11       Fier zei hij:
`Van de hemel heb ik ze gekregen,
maar omwille van Gods leer doe ik er graag afstand van,
in de hoop ze eens van Hem terug te krijgen.’
12       Zelfs de koning en zijn gevolg
waren verbaasd over de moed van de jonge man,
die ondanks de pijnen niet kreunde.
13       Toen deze gestorven was,
pijnigden en folterden ze de vierde op dezelfde wijze.
14       De dood nabij zei hij:
`De dood door de handen van mensen wordt begerenswaardig
door de hoop die God ons geeft;
dat Hij ons weer laat opstaan.
Maar voor u zal er geen opstaan zijn om te leven.’
KBS Willibrord 1995


Tweede lezing
(2 Tessalonicenzen 2,16-3, 5)

Uit de tweede brief van de apostel Paulus aan de christenen van Tessalonica

Broeders en zusters,
16       Laat onze Heer Jezus Christus zelf,
laat God, onze Vader,
die ons zijn liefde heeft betoond
en ons in zijn genade eeuwige troost
en goede hoop heeft geschonken,
17       u bemoedigen en u sterken
bij elk goed werk en elk goed woord.
1
        Voorts, broeders en zusters,
bid voor ons,
opdat het woord van de Heer overal, zoals bij u,
zijn zegetocht mag volbrengen,
2        en wij verlost worden van die verkeerde en slechte mensen;
want niet allen hebben deel aan het geloof.
3        Maar de Heer is getrouw,
Hij zal u sterken en behoeden voor de boze.
4        In de Heer vertrouwen wij op u,
dat u doet wat wij bevelen en dit ook zult blijven doen.
5        Laat de Heer uw harten richten op de liefde van God
en de standvastigheid van Christus.
KBS Willibrord 1995


Evangelie
(Lucas 20,27-38)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

27       In die tijd kwamen er enkele Sadduceeën bij Jezus met een vraag.
Zij bestrijden dat er een opstanding is.
28       `Meester,’ zeiden ze,
`Mozes heeft ons dit voorgeschreven:
als een getrouwd man sterft zonder dat hij kinderen heeft,
moet zijn broer trouwen met die vrouw
en nakomelingen verwekken voor zijn broer.
29       Nu waren er eens zeven broers.
De eerste trouwde met een vrouw en stierf kinderloos.
30       Ook de tweede
31       en de derde trouwden met haar, en zo alle zeven,
maar ze stierven allen zonder kinderen na te laten.
32       Nadien stierf ook de vrouw.
33       Wiens vrouw zal zij nu zijn bij de opstanding?
Ze hebben haar toch alle zeven als vrouw gehad.’
34       Jezus zei tegen hen:
`De kinderen van deze wereld huwen en worden uitgehuwelijkt,
35       maar zij die waardig zijn bevonden
om deel te krijgen aan de andere wereld
en aan de opstanding uit de doden,
huwen niet en worden niet uitgehuwelijkt.
36       Zij kunnen immers niet meer sterven,
want ze zijn aan engelen gelijk,
en als kinderen van de opstanding
zijn het kinderen van God.
37       Dat de doden worden opgewekt,
heeft Mozes zelf te verstaan gegeven
in het verhaal van de doornstruik,
waarin hij de Heer aanduidt als de God van Abraham,
de God van Isaak en de God van Jakob.
38       Hij is geen God van doden maar van levenden,
want voor Hem leven ze allemaal.’
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Wij geloven in het verhaal van God met de mensen:

dat Hij ons tot leven riep,
dat Hij ons bestemde voor elkaars geluk en vrede.

Wij geloven in een wereld zonder grenzen,
in mensen die samen op weg willen gaan.

Wij geloven in open handen van mensen
die elkaar groeten met woorden van vrede,
die in vertrouwen elkaars vreugde willen zijn
.

Wij geloven in de houding van mensen wereldwijd
die elkaar bevestigen en bemoedigen.

Wij geloven in de goedheid van mensen
die in liefde elkaar alle ruimte bieden
om vrije en gelukkige mensen te worden.

Wij geloven in de hand die deelt,
in het woord dat vrijspreekt,
in de liefde die in mensen is neergelegd,
opdat wij elkaars bondgenoten worden
op weg naar morgen.

Wij geloven in God met ons,
die mensen voorgaat
en die met ons meegaat in Jezus, de Messias.

Wij geloven dat Hij zal voltooien
wat Hij in mensen begonnen is:
wij, godsvolk wereldwijd,
en Hij, God met ons voorgoed.

Wij geloven in toekomst die ons wordt toegezegd:
“een nieuwe hemel en een nieuwe aarde,
tranen gedroogd en waar de dood niet meer zal zijn.
Want zie, Hij maakt alles nieuw”. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer aan te bieden.

– Bidden wij voor hen die leven met een groot lijden of verdriet:
voor de ongeneeslijk zieke,
voor de partner die alleen is achter gebleven.
‘Je komt er wel doorheen’ zeggen de mensen vriendelijk,
maar daarna vergeten ze je zo vlug.
Bidden wij dat God geen enkele naam vergeet.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die jong stierven.
‘Geniet maar nu je jong bent, later kan het niet meer’ zeggen de mensen.
Maar ineens is er geen later meer.
Maar jij, die achterbleef, draagt nu de pijn alleen.
Wij bidden dat jij Gods medelijden mag voelen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij samen met hen die blijvend getuigen van het visioen
van vrede op aarde en een rechtvaardige wereld voor iedereen.
Dat wij blijven geloven in Gods evangelie.
Laten wij bidden…
naar Jan Brok

Voorbeden 2

– Bidden we voor mensen die gefolterd worden
omwille van hun overtuiging of levenswijze
en die door Amnesty International uit de vergetelheid worden gehaald.
Dat wij mogen helpen hun leven en vrijheid terug te schenken.
Laten we bidden…

– Bidden we voor depressieve mensen
die de zin van hun leven verloren hebben of
mensen die verdwalen in een schijnwereld van consumptie en roes.
Dat wij hen mogen helpen hun ware roeping te ontdekken.
Laten we bidden…

– Bidden we voor mensen die leven in angst en eenzaamheid
door zware ziekte of verwonding,
door een relatiebreuk,
door werkloosheid of door materiële tegenslag.
Dat wij hen mogen helpen hun leven weer op de rails te zetten
of hun gemoedsrust te schenken door onze troostende nabijheid.
Laten we bidden…

– Bidden we voor terminaal zieken.
Dat wij hen mogen helpen om hun afscheid van het leven
iets minder pijnlijk te maken
door hun onze blijvende liefde en waardering te tonen.
Laten we bidden…

-Bidden we voor onze geliefde overledenen.
Dat zij het kindschap van God nu ten volle mogen beleven.
Laten we bidden…
Marcel Verhelst

Gebed over de gaven 1

Heer, aan elkeen hebt Gij uw gaven uitgedeeld.
Geef dat wij met elkaar delen
wat wij van U gekregen hebben.
Laat ons waakzaam blijven en trouw
tot alles in liefde is volbracht
en Gij ons voorgoed binnenleidt in uw vrede. Amen.

Gebed over de gaven 2

God en Vader,
in dit brood en deze beker
vragen wij U ons te zegenen
met de Geest van Hem
die ons over de dood heen
naar het leven voert:
Jezus, onze Broeder. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, barmhartige God,
omdat Gij een God van mensen zijt,
dat Gij onze God genoemd wil worden,
dat Gij ons kent bij onze namen,
en dat Gij de wereld in uw handen houdt.

Want daarom hebt Gij ons geschapen
en geroepen in dit leven:
dat wij met U verbonden zouden zijn,
wij, uw mensenvolk op aarde.

Gezegend zijt Gij,
schepper van al wat bestaat;
gezegend zijt Gij,
die ons ruimte geeft en tijd van leven;
gezegend zijt Gij om het licht in onze ogen
en om de lucht die wij ademen.

Wij danken U voor heel de schepping,
voor alle werken van uw handen,
voor alles wat Gij gedaan hebt in ons midden
door Jezus Christus, onze Heer.

Daarom huldigen wij uw naam,
Heer onze God,
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar wij mogen U wel ontmoeten
waar mensen van elkaar houden,
genade zijn voor elkaar
en uw schepping eerbiedigen.

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar Gij geeft Uzelf aan ons,
in een medemens, in een geliefde,
in een reisgezel, in een zieke,
in Jezus, de dienaar van de wereld.


De avond voor zijn lijden en dood
zat Hij met zijn vrienden aan tafel.
Toen nam Hij brood als teken van zijn leven
brak het, deelde het rond en zei:
“Neem en eet hiervan gij allen
want dit is mijn lichaam, mijn leven,
voor u gegeven, voor u gebroken.”

Toen nam Hij de beker met wijn,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hier allen uit,
want dit is de beker van het nieuwe en eeuwige verbond.
Dit is mijn bloed dat voor u vergoten wordt
opdat het kwaad uit de wereld zou verdwijnen,
opdat er vreugde en toekomst zou zijn voor alle mensen.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Verkondigen wij de kern van ons geloof:

Heer, Jezus, wij verkondigen uw dood,
en belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Om dit te herdenken
blijven wij het brood breken voor elkaar,
zoals zovelen reeds voor ons deden.
Wij bidden voor de mensen
die een bijzondere plaats innemen in ons hart,
ook voor hen die van ons zijn heengegaan.
Laat uw mensen nooit verloren gaan,
bewaar hen in uw liefde,
schrijf hun namen in de palm van uw hand.

Zend uw Geest uit over uw kerk.
Geef ons hoop, God.
Geef ons vrede omwille van Jezus Christus.
Met Hem en in Hem
zijn wij uw mensen,
zijt Gij onze Vader,
nu en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Levensecht christen zijn en doen
is zijn en doen zoals Jezus.
En dus ook bidden zoals Hij.
Onze Vader,….

Vader, verlos onze wereld van kwade demonen
die ons binden aan handen en voeten
en die vaak onoverwinnelijk lijken.
Wees barmhartig voor ons
zoals ook wij barmhartig willen zijn voor elkaar.
Geef ons oog voor de mens in de ander
en doe ons zien dat wij allen leven vanuit dezelfde Geest.
Dan zullen we weer hoopvol kunnen wachten
op de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk en de kracht…


Vredewens 1

Heer, maak dat wij vredestichters mogen zijn,
die eerder het goede bevestigen dan het kwade aanrekenen.
Moge wij, daar waar we kunnen,
de eerste stap zetten om recht en verzoening te bewerken.
Geef dat volkeren ook deze stappen zetten.
Weest Gij onze Gids en ga ons voor.
De vrede van de Heer zij altijd met u.
En wensen wij elkaar die Godsvrede van harte toe.


Vredewens 2

Heer God, de wereld jaagt ons op en leidt ons af.
Leer ons tijd maken voor anderen en voor U.
Schenk ons uw vrede,
zodat we tot rust komen
en zien waar het werkelijk op aankomt.
Zo zullen wij vredestichters worden
in navolging van Jezus, uw Zoon en onze Broeder.
De vrede van de Heer zij altijd met u.
En wensen wij elkaar van harte die Godsvrede toe.

Lam Gods

Communie

Opdat wij zouden beseffen dat wij voor elkaar delende mensen moeten zijn,
heeft God zijn Zoon naar de mensenwereld gezonden
om daar zichzelf te breken
en uit te delen tot voedsel voor ons allen.
Zie het Lam Gods dat de zonden van onze wereld draagt.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Leven is…
van bloesem tot volle bloei,
tot vrucht komen,
rijpe vrucht in de zomerjaren:
blaken van levenslust, onvermoeibaar,
gaaf, sterk en recht.

En dan stilaan…
wat meer doorbuigen,
rimpels krijgen,
van kleur verschieten,
moe worden in de levensherfst.

En uiteindelijk…
tot rust komen,
in slaap vallen,
stilaan uit handen laten gaan,
overlaten aan anderen,
weten dat zal komen wat men ‘heengaan’ noemt.
En toch niet treurig worden,
want dit heengaan
is een gaan naar een nieuwe, eeuwige lente,
waar de bloesem nooit verbleekt
omdat de God in wie wij geloven,
een God van mensen is,
die samen wil zijn
met jou
en mij.


Bezinning 2

Je vraagt je af hoe de mens zal overleven,
wat jij jezelf daarbij moet voorstellen.
Een begrijpelijke vraag, maar toch…

Met eigen ogen zie je dagelijks om je heen
dat al wat je zaait
en wat rust in de grond
door te sterven openbaart
wat erin leeft.
Uit wat je zaait
– of het nu gras is of graan –
groeit heel iets anders dan het zaad deed vermoeden.

Uit gras groeit geen koren
en uit koren geen gras.
Want alle zaad kent zijn eigen wasdom
Zoals iedere boom zijn eigen vrucht.

Zo is het ook met de mens.
Klein en kwetsbaar
en voor een korte tijd komt hij op de wereld.
Als zaad is hij aan de aarde gebonden.
Maar door te sterven wordt openbaar
wat in hem verborgen ligt:
het nieuwe leven,
hemels en geheeld voorgoed.
naar Peer Verhoeven

Slotgebed 1

God van levenden en niet van doden,
kom nader tot ons in uw Heilige Geest.
Word geboren in ons, telkens opnieuw.
Wees de grond van ons bestaan
zodat wij niet wankelen,
zodat wij niet verzinken in het eeuwig niets.
Klop aan de deur van ons hart, voortdurend,
zodat wij niet aan U voorbij leven,
onszelf niet inperken
tot wat zichtbaar en berekenbaar is.
Maak ons tot één gemeenschap van mensen,
levenden en doden,
samen levend met U en bij U,
alle dagen en in eeuwigheid. Amen.


Slotgebed 2

God,
wij danken U
voor de woorden van hoop en leven,
ons verkondigd in het evangelie.
Wij danken U voor alle mensen
die met ons hun leven delen.
We hopen en bidden
dat we opgenomen worden in uw toekomst,
vandaag en elke dag opnieuw. Amen.
Lovendegem

Zending en zegen

Gesterkt door Gods belofte van eeuwig leven,
gaan we terug naar ons dagelijks leven.
Anderen zijn ons daarin voorgegaan.
En wij geloven dat zij bij God in vrede zijn.
Woorden van leven,
ook voor ons die nog onderweg zijn.
Er zal toekomst zijn,
Gods nieuwe hemel en nieuwe aarde,
gezegend door + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
vrij naar Helchteren

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.