30e zondag door het jaar A 2017

29 oktober 2017                 (Viering)

Houden van…

De joodse godsdienst ten tijde van Jezus was voor veel mensen gereduceerd tot het navolgen van de wet. De Tora telde niet minder dan 248 geboden en 365 verboden: samen goed voor 613 wetsbepalingen. Vandaag wordt aan Jezus -die zich overal lijkt te kunnen uitpraten- gevraagd welk gebod nu het grootste, het belangrijkste is. Hij herleidt heel de Wet en de profeten tot twee geboden, een samenvatting waar studenten aan de rechtsfaculteit in juni alleen maar van kunnen dromen. ‘God liefhebben met heel uw hart, met heel uw ziel en met heel uw verstand. En uw naaste liefhebben als uzelf.’ Laten we dat  dubbelgebod eens onder de loep nemen.
Eigenlijk kunnen we zelfs nog een stapje verder gaan en stellen dat uiteindelijk liefde het criterium is: liefde tegenover God en liefde tegenover medemensen. Daarmee kennen we dus de kern, de basis van ons geloof:  ‘houden van’. We moeten God beminnen met heel ons hart en met heel onze ziel, dus met alles wat we zijn, met heel ons wezen. En ten slotte ook met heel ons verstand, want van God houden is geen bevlieging maar een weloverwogen keuze. Daarnaast moeten we ook onze naaste beminnen, op dezelfde manier waarop we van God en van onszelf houden. Met andere woorden, dat ‘houden van’ wordt een soort driehoeksverhouding tussen God, onszelf en onze naaste. Geen van die drie hoekpunten mag verwaarloosd worden, want anders valt de driehoek in elkaar. Het is dus onmogelijk wel van God, maar niet van je naaste te houden of jezelf te haten, en toch van God en je naaste te houden. Nee, houden van is een werkwoord dat naar de drie richtingen uitgaat. Dit is psychotherapie van de bovenste plank: een goed evenwicht, een perfecte balans.
Maar wat is ‘liefhebben’? Het is iemand zo graag zien dat je er alles voor over hebt. Is dat zo in onze liefde tot God? Wat hebben wij voor onze God over zonder te vervallen in extremisme? De mannen en vrouwen van IS zijn er ook van overtuigd dat ze van Allah houden. Toch voelen de meeste mensen aan dat dit niet klopt. Je kan je liefde niet opdringen aan een ander, dat is geen liefde, dat is eerder een vorm van verkrachten en dat kan Gods bedoeling toch niet zijn?
Wat is God liefhebben dan wel? Hoe uit zich dat? Laten we eens in eigen hart kijken. Is onze relatie tot God een relatie die met liefde te maken heeft of is het eerder een verstandshuwelijk? Is bidden -ons spreken tot God- onze tweede adem geworden of is het enkel een zuurstofmasker als het leven ons onze adem beneemt? Allemaal belangrijke vragen die je niet op één, twee, drie kan beantwoorden. En als het inderdaad zo is dat wij God proberen lief te hebben met al wat we hebben en zijn, hoe tonen we dat dan want God is onzichtbaar voor onze ogen?
Het tweede gebod biedt ons meer soelaas want God liefhebben en van de mens houden is evenwaardig. Een deel van onze liefde tot God kunnen we zichtbaar maken in de liefde voor de mens, onze medemens die beeld is van God. In de eerste lezing van vandaag onderneemt men al een lovenswaardige poging om dat concreet te maken. Het is een liefde die wij vertalen als ‘caritas’: zorgzaam en respectvol omgaan met elkaar. Elke tijd, elke cultuur, elke godsdienst kent en toont mensen die daartoe meer dan een verdienstelijke poging hebben gedaan. Maar elke tijd, cultuur en godsdienst moet ook erkennen dat er nog heel wat werk aan de winkel is. Het is allemaal goed en wel dat Jezus stelt dat alles uiteindelijk te herleiden is tot liefde voor God en de mensen, maar vaak hebben andere motieven duidelijk meer overtuigingskracht. Hoe vaak wint hebzucht, jaloezie, haat, oorlog, heerszucht en machtsdrang het niet van onbaatzuchtige liefde? Erger nog, hoe vaak wordt de liefde tot God niet misbruikt om de machtsdrang en de geldingsdrang van sommige mensen te dienen? Hoe kunnen we de mensheid in het spoor van Jezus krijgen? In Zijn visie draait alles om liefde. Jezus’ boodschap is een uitnodiging, een levenshouding van liefde: niet in de zin van zoete romannetjes, de liefde is meer dan een aangenaam gevoel. Liefde is voor hem radicaal, vraagt verantwoordelijkheid en is onvoorwaardelijk. Steeds weer vertelt Hij verhalen waarin God naar voren komt als Liefde, Mededogen en Barmhartigheid voor iedereen, vooral voor zwakke, weerloze mensen.
Om te groeien tot zo’n echte liefde, kunnen we ons laten inspireren aan de onvoorwaardelijke liefde die Jezus de mensheid heeft voorgeleefd. De twee zinnen waarin Hij de wet samenvat, heeft Hij in zijn eigen leven waargemaakt. Dat maakt Jezus zo uniek. Hoe kan een méns zo iets? Het kan misschien helpen ons te laten  doordringen van Gods liefde voor ons. Wat wij ook doen, God blijft ons liefhebben zoals een vader en een moeder hun kinderen liefhebben, ook al doen ze soms verkeerde dingen. Niet omdat ze hiermee akkoord gaan, maar omdat het nu eenmaal hun kinderen zijn, en ze die kinderen doodgraag zien.
We dienen onze naaste dus te omarmen zoals hij of zij is, met al zijn goede en minder goede kanten, met zijn karaktereigenschappen, zijn ambities, zijn voorkeuren en ideeën. Het is elkaar vasthouden in goede maar ook in moeilijke dagen. In goede dagen is dat gemakkelijk, dan gaat het bijna vanzelf, maar in moeilijke dagen zal het een zware opgave zijn. Elkaar omarmen is elkaar vasthouden maar niet fijn knijpen. Tegelijk moet je de ander de ruimte geven om zichzelf te mogen zijn want anders werkt een omarming verstikkend.

Zolang haat, jaloezie, macht, bezit, … belangrijke drijfveren blijven, zijn we het aan onszelf en de anderen verplicht de strijd te voeren om de liefde weer voorrang te geven.
Zo bekeken is dat dubbelgebod zeker en vast niet eenvoudig, maar een uitdaging die we elke dag moeten aangaan om Gods Rijk een beetje meer te laten doorbreken. Alles wat de naastenliefde betreft, start bij onszelf. Enkel wie liefde in zich heeft, is bij machte liefde te geven. En die liefde kan elke christen in zich ervaren van mensen om zich heen maar ook van God zelf die ons bemint.
Ik wens u allen veel warme liefde toe zoals Miel Cools het reeds zong in de jaren zestig: Houden van … houden van …, ‘t is vaak niet bijzonder, ‘t is vaak niet zo’n wonder maar geen mens die zonder kan …
Monique Van Caenegem-Suys

Kategorie(n): Onze preken

Comments are closed.