2e zondag van de advent B 2011

ZONDAGSVIERINGEN
tweede zondag advent B (4/12/2011)


Begroeting

Vandaag, op deze tweede zondag van de advent
horen we de roep van verschillende stemmen.
Laten we ernaar luisteren
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.
4ingen

Aansteken adventskaars

Waar wij ook gaan of staan
wil Hij, die wij God-met-ons mogen noemen,
ons bemoedigend nabij zijn.
Zijn woord verlicht ons levenspad,
zodat wij elkaar kunnen zien
met nieuwe ogen.
Als teken dat wij verlangend uitzien naar de geboorte van Gods Woord,
steken wij de tweede kaars van onze adventskrans aan.

Openingswoord

In de tweede week van de Advent lezen we uit het Marcusevangelie.
Marcus opent zijn Blijde Boodschap
met een oproep van de profeet Jesaja:
‘Bereid de weg van de Heer,
maak zijn paden recht.’
En hij voert Johannes ten tonele,
de man die de oproep van Jesaja gestalte gaf in Jezus’ tijd.
De ‘voorloper’, ‘de doper’, ‘de wegbereider’,
die zelf de weg van de Heer ging.
Laten wij ons in deze voorbereiding op Kerstmis
raken door zijn boodschap en voorbeeld.
naar Levensecht

Vergevingsmoment 1

Wij worden uitgenodigd om  de paden van de Heer te effenen.
Vragen wij aan elkaar en aan de Heer om ontferming.

– Er liggen vaak zoveel hindernissen op onze weg.
Soms missen wij de moed en de kracht
om ze op te ruimen.
We gaan er in een boog omheen,
en alles blijft zoals het was.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

– Er zijn zoveel stenen waaraan wij ons kunnen stoten,
zovele heuvels die onze krachten opeisen,
zovele dalen waarin wij ons verschuilen.
Uw woord van vandaag daagt ons uit.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.

– Het valt ons dikwijls moeilijk om onze wegen te verlaten:
de macht der gewoonte.  Het is altijd zo geweest: houden zo!
Gij roept ons op tot ommekeer.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

Moge de barmhartige God zich over ons ontfermen,
onze fouten niet aanrekenen
en ons begeleiden op weg naar nieuw leven. Amen.


Vergevingsmoment 2

– Onze wereld is nog verre van ideaal.
Asielzoekers schepen we af,
hen werk aanbieden,
zodat ze een menswaardig bestaan kunnen opbouwen,
daarvoor doen we niet eens de moeite.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

– Onze wereld is nog verre van vredevol.
Onze rijke landen leveren nog steeds wapens
aan conflictgebieden.
Geweld op TV of in computerspelletjes
vinden we allang geen probleem meer,
of we zijn te laks
en nemen geen maatregelen om ze weg te houden uit onze huiskamer.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.

– Onze wereld staat meestal nog veraf van het Rijk Gods.
God heeft niet alleen in de wereld,
maar ook in ons eigen leven, een kleinere plaats gekregen.
Vaak denken we alleen maar aan Hem als we in nood zitten
en is de Adventperiode voor ons meer een aanloop naar het feestvieren
dan een voorbereiding op de komst van de Heer.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

Heer, vergeef ons onze lauwe houding als christenen
en kom ons tegemoet met uw liefde en barmhartigheid. Amen.

Openingsgebed 1

Gij die ongeziene mensen ziet,
Gij die U met hen verbonden hebt,
Gij die weet hebt van ons ‘niet willen’ en ‘niet durven’ zien
en van de onmacht en de twijfel
die door ons hoofd spookt en aan onze handen  kleeft,
doe ons zien,
maak ons begaan met mensen,
zet ons op het spoor van betrokkenheid,
help ons onze grote woorden te vertalen in kleine daden.
Leer ons een nieuw begin te maken,
vandaag nog als het kan. Amen.

Openingsgebed 2

Heer, onze God,
wij willen U danken voor de mooie toekomst
die Gij ons in de lezingen van vandaag belooft:
wolf en lam wonen samen,
kinderen kunnen spelen bij het hol van de slang.
Houd uw Geest in ons werkzaam en houd het vuur brandend.
Maak dat onze woorden en daden hun oorsprong vinden in uw wijsheid.
Dat willen wij samen doen en beleven met Jezus Christus, uw Zoon
en onze Heer. Amen.
4ingen

Lezingen

Luisteren wij nu naar de woorden uit de Schrift.

Eerste lezing (Jesaja 40,1-5. 9-11)
Uit de Profeet Jesaja

1        `Troost, troost mijn volk’, zegt uw God.
2        `Spreek tot het hart van Jeruzalem
en roep het toe dat zijn diensttijd voorbij is,
dat zijn schuld is voldaan,
dat het uit de hand van de Heer een dubbele straf
voor al zijn zonden ontvangen heeft.’
3        Luister, iemand roept:
`Bereid de Heer een weg in de woestijn,
in het dorre land, een rechte baan voor onze God.
4        Elk dal moet worden opgehoogd,
en elke berg en heuvel moet worden afgegraven;
oneffen plekken moeten vlak gemaakt worden
en ruige gronden worden een vlakte.
5        De heerlijkheid van de Heer zal zich openbaren,
en alle mensen zullen haar zien,
want de mond van de Heer heeft gesproken.’
9        Klim op een hoge berg, met uw boodschap van vreugde, Sion,
verhef met kracht uw stem, Jeruzalem, bode van vreugde,
verhef haar, en wees niet bang.
Zeg tegen de steden van Juda: `Hier is uw God.’
10 Hier is de Heer God. Hij komt in kracht;
de heerschappij is in zijn hand;
kijk, zijn loon draagt Hij met zich mee,
en zijn werk gaat voor Hem uit.
11 Als een herder zal Hij zijn kudde weiden;
in zijn arm brengt Hij de lammeren samen
en Hij draagt ze aan zijn borst
terwijl Hij de ooien leidt.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (2 Petrus 3,8-18)

Uit de tweede brief van de apostel Petrus

Vrienden,
8 Eén ding, geliefden, mag u niet ontgaan:
voor de Heer is één dag als duizend jaren
en duizend jaren als één dag.
   9 De Heer talmt niet met zijn belofte,
zoals sommigen menen die van vertraging spreken,
maar Hij heeft geduld met u,
omdat Hij wil dat allen tot inkeer komen
en niemand verloren gaat.
10 Maar de dag van de Heer zal komen als een dief.
Dan zullen de hemelse sferen dreunend vergaan
en de elementen door vuur worden verteerd;
en de aarde, en de op aarde verrichte daden
zullen nog gevonden worden.
11 Wanneer alles zo vergaat,
hoe moet u dan uitmunten door een heilig en vroom leven!
12 Kijk vol verwachting uit naar de dag van God en bespoedig zijn komst.
Op die dag zullen de hemelse sferen in vlammen opgaan
en de elementen wegsmelten in de vuurgloed.
13 Maar volgens zijn belofte verwachten wij
een nieuwe hemel en een nieuwe aarde,
waar gerechtigheid zal wonen.
14
Nu u dit verwacht, geliefden, moet u uw best doen
om onbevlekt en onberispelijk te worden aangetroffen, in vrede.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Marcus 1,1-8)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus

1          Begin van de goede boodschap van Jezus Christus, Zoon van God.
2        Zoals geschreven staat bij de profeet Jesaja:
Zie, Ik zend mijn bode voor U uit,
om uw weg te banen;
3          een stem roept in de woestijn:
Bereid de weg van de Heer,
maak zijn paden recht,
4        zo trad Johannes op.
Hij doopte in de woestijn en verkondigde een doop van bekering
tot vergeving van zonden.
5        Heel Judea en alle inwoners van Jeruzalem liepen naar hem uit.
Ze lieten zich door hem dopen in de rivier de Jordaan,
en beleden hun zonden.
6        Johannes ging gekleed in kameelhaar
en had een leren gordel om zijn middel,
en hij leefde van sprinkhanen en wilde honing.
7        Hij kondigde aan:
`Na mij komt iemand die krachtiger is dan ik;
ik ben te min om mij te bukken en de riem van zijn sandalen los te maken.
8        Ik heb u gedoopt met water, maar Hij zal u dopen in heilige Geest.’
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in een levende geloofsgemeenschap,
waar ieder zich thuis voelt bij de ander,
waar gastvrijheid heerst, waar zorg is om de ander,
waar de eenzame mens contacten krijgt,
waar de zieke mens bezocht wordt,
waar de oudere mensen geholpen worden…

Ik geloof in een levende geloofsgemeenschap,
waar het samenkomen in het weekend
een levendig gebeuren is, waar mensen durven bidden
voor de nood in de eigen omgeving en ver daarbuiten,
waar we in gebed en zang
ons echte geloven in Jezus Christus
uitzeggen en uitzingen….

Ik geloof in een levende geloofsgemeenschap,
waar mensen bewust gemaakt worden van de levensweg van het evangelie.
Waar zij zich de moeite getroosten
om zich te bezinnen op het concreet beleven
van de christelijke levensstijl.

Ik geloof in een levende geloofsgemeenschap,
waar mensen niet alleen oog hebben voor de grote welvaart
en het niet te druk hebben met bijkomstigheden,
maar met fantasie en ondernemingszin
bezig zijn vrede en solidariteit vorm te geven.

Ik geloof in een levende geloofsgemeenschap,
waar kleine groepen bij elkaar komen
voor bezinning en verdieping
en zó aantrekkelijk vuur en enthousiasme wekken,
bezield door de geest van Jezus Christus. Amen.
4ingen

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlij­ke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer aan te bieden.

– Bidden wij om Gods zegen over de wereld van vandaag en morgen.
Dat zijn licht moge doorbreken,
dat Gods menslievendheid gestalte moge krijgen in mensen
die op hun beurt licht worden voor hun omgeving.
Laten wij bidden…

– Bidden wij om Gods zegen over hen die nooit echte kansen kregen,
mensen die door hun verleden getekend zijn,
die nooit zichzelf konden zijn.
Dat ze stem krijgen, gehoor vin­den, beluisterd worden,
zodat ze tot hun recht komen
en weer met het hoofd rechtop door het leven kunnen gaan.
Laten wij bidden…

– Bidden wij om Gods zegen
over wie in onze samenleving gediscri­mineerd worden:
slachtoffers van seksisme, van racisme, van religieuze discriminatie.
Dat ze ruimte krijgen om zichzelf te zijn of te worden.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

God belooft ons bevrijding.
Daarom mogen wij bidden:

– Bidden we voor hen die hun levensweg nog moeten vinden,
voor alle jonge mensen
die met veel verwachtingen hun toekomst tegemoet gaan.
Dat zij niet verloren lopen,
maar in hen die hen omringen
iets mogen ondervinden van U, God,
Gij die bevrijdt.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor hen die hun weg in het leven gevonden hebben,
voor alle mensen in de kracht van hun jaren.
Dat zij niet zelfgenoegzaam worden,
maar in hun omgang met de anderen
beeld zijn van U, God,
Gij die bevrijdt.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor hen die reeds een lange tocht hebben afgelegd,
voor ouderen en bejaarden, door het leven gerijpt.
Dat zij zich niet opsluiten in hun eigen kleine kring,
maar met hun levenservaring en relativeringsvermogen
onze samenleving van dienst blijven,
om zo in woord en daad te getuigen van U, God,
Gij die bevrijdt.
Laten wij bidden…

Heer,
zet jong en oud op weg naar uw toekomst
die komen zal en duren tot in eeuwigheid. Amen.
naar Gerard Kock

Gebed over de gaven 1

God, Gij die onze toekomst zijt,
maak van dit brood en deze wijn
tastbare en feestelijke tekens
van uw droom met mensen.
Maak van dit brood
voedsel van verbondenheid met onze omgeving.
Geef aan deze wijn de kracht
om aan kleinen en aan zwakken
hun plaats te geven.
Zend uw Geest over dit samenzijn,
zodat deze viering kan uitgroeien
tot een volmondig ‘ja’ op uw uitnodiging. Amen.

Gebed over de gaven 2

Heer, onze God,
op deze plaats kan toekomst beginnen.
Wij hopen dat wat wij hier vieren,
werkelijkheid mag worden:
een tafel met brood en wijn
en iedereen welkom,
niemand uitgesloten,
niemand meer waard dan een ander.
Allen eensgezind en vol vertrouwen bij elkaar.
Zo, Heer, verwachten en hopen wij
dat het eens werkelijkheid zal zijn in onze wereld. Amen.
Olen

Tafelgebed

Wij danken U, God en Vader,
voor iedere mens met wie we mochten meegaan
door de tijd die voorbij is,
voor de ontelbare tekens van goedheid,
voor woorden en stilte waarin Gij woonde,
voor mensen met wie we deelden
lief en leed,
brood en beker,
leven en hoop.

Wij danken U, Herder en Hoeder,
voor alle mensen die ons nauw aan het hart liggen,
bij wie we thuis mogen komen.
Wij danken U voor de kinderen op onze weg,
fonteinen van hoop,
die ons steeds opnieuw het leven leren.

Wij danken U voor elkeen
met wie we in de hemel en op aarde
verbonden zijn door U.

En wij bidden om vrede en geborgenheid voor iedereen,
om kracht en blijdschap en om vuur in het hart.
Dat wij allen dienend
gelukkig door het leven mogen gaan,
en U loven en eren:

Heilig, heilig, heilig …

Wij danken U omwille van uw veelgeliefde Zoon,
die Gij geroepen en gezonden hebt
om ons te dienen en uw weg te tonen,
om aan armen uw blijde boodschap te verkondigen,
om recht te doen aan wie onrecht werd aangedaan,
om voor ons allen, het evenbeeld
en de gestalte te zijn van uw mildheid en uw trouw.

Wij danken U voor deze onvergetelijke mens,
die alles heeft volbracht wat menselijk is:
het leven en de dood.
Wij danken U dat Hij zich met hart en ziel
gegeven heeft aan deze wereld.

Want in de nacht waarin Hij werd overgeleverd,
heeft Hij het brood in zijn handen genomen.
Hij heeft zijn ogen opgeslagen
naar U, God, zijn Vader.
Hij heeft U dank gezegd, het brood gebroken
en aan zijn vrienden uitgedeeld met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed,
dat voor u en allen wordt vergoten tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
zult gij dit doen tot mijn gedachtenis.”

Verkondigen wij de essentie van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Daarom, Heer onze God,
stellen wij hier dit teken van ons geloof,
en daarom gedenken wij nu
het lijden en sterven van uw Zoon,
zijn opstanding uit de dood
en zijn intocht in uw heerlijkheid;
dat Hij, verheven aan uw rechterhand,
voor ons ten beste spreekt
en dat Hij komen zal om recht te doen
aan levenden en doden
op de dag die Gij hebt vastgesteld.

Zend ons uw Geest, die leven is, gerechtigheid en licht.
Gij, die het welzijn van de mensen wilt,
en niet hun ongeluk, niet hun dood,
neem alle geweld weg uit ons midden
en geef vrede op aarde
in naam van Jezus, uw Zoon.
Dan zal uw naam geheiligd zijn,
Heer onze God,
door Hem en met Hem en in Hem
en in de gemeenschap van de Heilige Geest,
dit uur en alle dagen tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Op weg gaan, het parcours volgen dat Jezus heeft uitgetekend,
betekent ook:
soms even halt houden om nieuwe energie op te doen.
En dus trok Jezus zich af en toe terug om te bidden.
Wij mogen met Hem meebidden tot zijn en onze Vader:
Onze Vader,…

Vergeef ons, Vader, wanneer wij dreigen af te haken.
Moedig ons aan.
Houd ons hart brandend door U en voor U, zodat wij hoopvol blijven uitzien naar de komst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens 1

Vrede is het woord van de Heer
voor zijn volk,
voor zijn getrouwen.
Moge die vrede ons tegemoet komen,
waar wij op weg gaan naar elkaar.
De vrede van God die tegemoet komt, zij altijd met u.
En geven wij deze vrede door aan elkaar.

Vredewens 2

Er is maar vrede als er een wereldwijd web van solidariteit is.
Vrede is verankerd in gerechtigheid en liefde,
is verankerd in God zelf.
Daarom is het goed dat wij hier elke week Gods vrede doorgeven,
om mee te nemen in ons hart en onze manier van leven.
Gods vrede zij altijd met u.
En geven wij die vrede door aan elkaar.
naar Don Boscovieringen

Lam Gods

Communie

Ik ben het levende brood dat uit de hemel is neergedaald – zegt God.
Wie van dit brood eet, zal leven in eeuwigheid.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Op de grens van het beloofde land,
een grens die Mozes met zijn volk niet mocht oversteken.
Jozua, die na Mozes kwam, mocht dat wel.
Hij gaat binnen in dat nieuwe land,
niet meer het land van de droom, van de belofte,
maar van de concrete werkelijkheid.
Tussen die twee werelden in ligt de Jordaan.

En midden in die rivier staat Johannes de Doper,
als een paal boven water.
Hij probeert mensen te overhalen over te steken,
door de Jordaan heen, naar het beloofde land
om van dat gedroomde Rijk van God
echt werk te maken.
Er is veel angst en aarzeling daar bij de Jordaan
want wie wil oversteken maakt belangrijke keuzes…

In de Advent
staan ook wij bij Johannes de Doper in de Jordaan.
Hij probeert ook ons te overhalen
het beloofde land binnen te trekken,
over te stappen van droom naar daad.
Trek je mee om het geluk te vinden
van een leven in rechtvaardigheid en liefde ?

Bezinning 2

God heeft een gezicht

Er was een tijd dat de mensen
in de korte dagen
bij het schemerlicht,
en bij het halfopen deksel
van de kachel
niets anders deden
dan verlangen:
een oeroud verlangen
naar de lente
en het lengen van de dagen.

Nu scheppen wij iets
van dezelfde sfeer
met schemerlicht
en gekleurde kaarsen.
Maar ons verlangen
is zoveel meer,
reikt zoveel verder
dan de lente
en het lengen van de dagen.

Wij verlangen
in de duistere berichten
van de laatste dagen
naar een land
en naar een leven
zonder angst
en zonder leugen.

Laat morgen
al het duister
opgehelderd zijn,
de diepste oorzaken
ervan bekend,
de juiste besluiten gevallen
en oordelen geveld,
zodat ons land gezond,
herademt.

Er zit in elke duisternis
een eigen dynamiek,
onweerstaanbaar groeit
de morgen uit de nacht,
de lente uit de winter.
Zo heeft God zijn schepping
uitgedacht.

Diezelfde rusteloze dynamiek
zit in de verdwazing
van de mensen.
Onweerstaanbaar groeit bij
elke ongerechtigheid
een onbehagen
en een weerstand
en die rebelse wil
om eindelijk
en voorgoed
gerechtigheid te maken.

Wij bidden om advent,
om licht dat groter is
dan het licht van de mensen,
en om liefde uit den hoge,
mooier dan de lente.
Manu Verhulst


Bezinning 3

Zij bestaan,
de mensen zonder rechten:
geen recht op woning, werk, zekerheid of waardering.
Zij worden het recht ontzegd om iemand te zijn.
Zonder zin en zonder doel,
niets of niemand om voor te leven,
losgeslagen in de leegte.
zonder de ander als steunpilaar,
zelf geen steunpilaar voor anderen.
Ze worden overal vergeten,
vallen tussen de mazen van het net.
Nooit in orde, zegt de wet.
Mensen zonder naam.
Zij bestaan, die mensen,.
Zij dragen, Heer,
uw kruis,
elke dag opnieuw.
In ’t kruis dat mensen dragen, lijdt Gij en kijkt ons aan.
Waarom? zo blijft Gij vragen, en aan wiens kant wij staan.

Slotgebed 1

God, Vader met een moederhart,
geef me de durf om geregeld de woestijn van de stilte op te zoeken
en met U alleen te zijn.
Leg uw droom in mijn binnenste
en laat me ontdekken wat Gij van mij wilt.
Want alleen dan kan ik in uw naam
vreugde brengen aan mensen
en ‘begin van de Goede Boodschap’ zijn voor armen en kleinen.
Ik weet wel dat ik niet heel de wereld kan en moet veranderen,
maar laat me al beginnen met mezelf,
zodat Gij ook in mij mens kunt worden. Amen.
Erwin Roosen


Slotgebed 2

Heer, onze God,
Gij hebt uw visioen van vrede in ons hart gelegd.
Laat ons dan niet terneergeslagen worden
door de overmacht van wat ons op de schouders drukt.
Leer ons oog hebben
voor alles wat gebeurt, hier en nu,
voor alles wat uw toekomst dichterbij brengt.
Laat het geloof groeien dat deze krachten sterker zijn,
dat ze voor ons een hart onder de riem zijn
op onze weg naar de voltooiing
van wat Gij in Jezus met ons begonnen zijt. Amen.

Zending en zegen

Wij hebben het verhaal van het ‘Begin van de Goede Boodschap’ gehoord.
Nu worden wij gezonden om van het ‘Vervolg van die Goede Bood­schap’
werk te maken.
God wil ons daarbij tot steun zijn met zijn zegen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.