2e zondag door het jaar B 2015

18/01/2015

Begroeting

Laten wij hier samenkomen om
– zoals de leerlingen van Jezus –
antwoord te vinden op onze vragen
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Een doodgewone zondag na het feest van Kerstmis en Driekoningen.
Kerstmis: de herders op zoek naar het licht…
Driekoningen: de wijzen op zoek naar het nieuwe…
En dit telkens nadat ze ‘opgeroepen, uitgenodigd’ waren
om op zoek te gaan,
om nieuwe, ongekende en onvermoede wegen te gaan.
Vandaag weer een oproep en een uitnodiging.
Nu aan de mensen die vragen: ‘Jezus, waar houdt Gij verblijf?’
Zijn antwoord  ‘Kom mee om het te zien’
leidt niet zomaar naar een aangename kennismaking,
maar naar een ontmoeting met blijvende, onuitwisbare gevolgen.
Ook wij worden vandaag opgeroepen en uitgedaagd: kom en zie…
vrij naar Levensecht

Openingswoord 2

Vandaag horen we in de lezingen enkele roepingsverhalen:
de kleine Samuel
en de twee ruige vissers: Simon en Andreas.
Roepingsverhalen van lang geleden.
Maar ook het verhaal van onze roeping.
Ook jij en ik zijn geroepen.
Vandaag, hier en nu,
om te groeien en te worden tot wat God in ons ziet.
Dat gaat niet vanzelf.
In onszelf herkennen we
de tweeslachtigheid, de verscheurdheid soms,
om Jezus wel of niet, of half en half na te volgen.
Net als Simon-Petrus zullen we steeds moeten leren wat dat inhoudt,
volgeling van Christus zijn,
christen zijn.
naar Diest

Vergevingsmoment 1

-Telkens wanneer wij ons opsluiten in onze zorg om eigen problemen
in plaats van ons open te stellen voor de anderen,
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Telkens wanneer we vergeten U lief te hebben
in de mens die met ons door het leven gaat,
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Telkens wanneer we als christen in woord en daad
uw Boodschap geweld aandoen,
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Goede God,
spoor ons aan
om als echte volgelingen en getuigen van uw Zoon te leven
en vergeef ons als wij tekort schieten. Amen.
vrij naar Levensecht

Vergevingsmoment 2

-Heer,
als christenen menen we de waarheid al in pacht te hebben
en we luisteren niet echt meer naar de Woorden en de Geest van uw Boodschap.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Christus,
uw uitnodiging ‘Kom en zie’
herhaalt Gij zo dikwijls in ons leven,
maar we lopen er vaak omheen uit achteloosheid,
of uit schrik voor de radicale consequenties.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Heer,
uw apostelen volgden U enthousiast.
Wij zijn in praktijk vaak maar lauwe christenen,
de vonken springen er niet meer af.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Lofprijzing

Met God willen wij samen zijn,
in zijn dienst willen wij leven,
zijn Woord willen wij spreken,
zijn wil vervullen,
zijn naam aanroepen.

Allen zullen erkennen, God,
dat Gij voor ons vrede zijt,
recht doet en vreugde brengt,
zorgt en heelt, omdat in U alle heil is.

De aarde geeft haar grondstoffen,
mensen produceren goederen,
maar uw zegen, God,
begeleidt onze handen.

Allen moeten het horen, God,
en beseffen dat Gij zorg draagt voor de mens. Amen.

Openingsgebed 1

Goede God,
Gij zendt mensen op onze levensweg
die wijzen naar uw Zoon.
Hij spreekt ons aan met naam en toenaam.
Wij bidden U:
geef dat wij in de stem van onze naasten,
uw oproep verstaan
aan elk van ons persoonlijk.
Wij vragen U dit in Jezus’ naam. Amen.

Openingsgebed 2

God, Vader van Jezus Christus,
wie op U vertrouwt
heeft op een rots gebouwd.
Wij bidden U:
leg uw Woord in ons hart opdat wij ervan leven.
Geef ons de moed uw Woord te doen
en door te geven in daden van liefde en gerechtigheid.
Door Christus Jezus, onze Heer. Amen.

Openingsgebed 3

God, wat ziet Gij in mij?
Vaak  aarzel ik om U te volgen.
Meestal zoek ik uw wegen niet
of vind ik geen woorden om over U te spreken.
Ik struikel als ik wil opstaan tegen alles wat terneerdrukt.
Ik heb U nodig.
Laat me bij U rusten,
geef me de warmte van uw liefdevolle blik,
laat me zijn wie ik niet durf zijn:
mens van uw belofte. Amen.
naar 4ingen

Lezingen

In de eerste lezing wordt de kleine Samuël
door de stem van God wakker geschud.
En in het evangelie zetten twee leerlingen van Johannes de Doper
hun eerste stappen in het voetspoor van Jezus.

Eerste lezing (1 Sam. 3, 3b-10. 19)

Uit het eerste boek Samuël

3           De lamp van God was nog niet gedoofd,
en Samuël lag te slapen in het heiligdom van de Heer,
waar de ark van God stond.
4           Toen riep de Heer: `Samuël!’
Samuël antwoordde: `Hier ben ik.’
5           Hij liep haastig naar Eli en zei: `Hier ben ik.
U hebt mij toch geroepen?’
Maar Eli antwoordde: `Ik heb niet geroepen; ga maar weer slapen.’
En hij ging en legde zich te slapen.
6           Toen riep de Heer opnieuw: `Samuël!’
Samuël stond op, ging naar Eli en zei: `Hier ben ik.
U hebt mij toch geroepen?’
Eli antwoordde: `Ik heb niet geroepen, mijn jongen; ga maar weer slapen.’
7           Samuël kende de Heer nog niet:
een woord van de Heer was hem nog nooit geopenbaard.
8           En weer riep de Heer Samuël; nu voor de derde keer.
Samuël stond op, ging naar Eli en zei: `Hier ben ik.
U hebt mij toch geroepen?’
Toen begreep Eli dat het de Heer was die de jongen riep.
9           En hij zei tegen Samuël: `Ga slapen,
en mocht Hij je roepen, dan moet je zeggen:
`Spreek, Heer, uw dienaar luistert.” ‘
Samuël ging dus weer op zijn gewone plaats slapen.
10         Toen kwam de Heer bij hem staan en riep, evenals de vorige keren:
`Samuël, Samuël!’
En Samuël antwoordde: `Spreek, uw dienaar luistert.’
19         Samuël groeide op; de Heer was met hem
en liet niet één van zijn woorden onvervuld.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (1 Kor., 6, 13c-15a. 17-20)

Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de christenen van Korinte

Broeders en zusters,
13         Het lichaam is er echter niet voor de ontucht,
maar voor de Heer, en de Heer voor het lichaam.
14         God heeft niet alleen de Heer opgewekt,
Hij zal ook ons laten opstaan door zijn kracht.
15         U weet toch dat uw lichamen lichaamsdelen zijn van Christus?
17 Maar wie zich met de Heer verenigt,
is met Hem één geest.
18         Vlucht weg van ontucht.
Elke andere zonde die een mens bedrijft,
gaat buiten het lichaam om;
maar de ontuchtige zondigt tegen zijn eigen lichaam.
19            U weet het: uw lichaam is een tempel van de heilige Geest
die in u woont, die u van God hebt ontvangen.
U bent niet van uzelf.
20         U bent gekocht en de prijs is betaald.
Eer God dus met uw lichaam.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Joh., 1, 35-42)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Johannes

35         In die tijd stond Johannes daar; met twee van zijn leerlingen.
36         Hij richtte zijn blik op Jezus, die daar langskwam, en zei:
`Daar is het lam van God.’
37         De twee leerlingen gaven gehoor aan zijn woord en volgden Jezus.
38         Jezus keerde zich om, zag dat ze Hem volgden en sprak hen aan:
`Zoeken jullie iets?’
Ze zeiden: `Rabbi (dat betekent: meester), waar houdt U uw verblijf?’
39         Hij antwoordde: `Kom mee en je zult het zien.’
Ze gingen mee, en zagen waar Hij zijn verblijf hield.
En ze verbleven die dag bij Hem.
Het was ongeveer het tiende uur.
40            Andreas, de broer van Simon Petrus, was een van die twee
die naar Johannes hadden geluisterd en Jezus waren gevolgd.
41         De eerste die hij ging opzoeken was zijn broer Simon.
`We hebben de Messias gevonden!’ zei hij. (Messias betekent: gezalfde.)
42         Daarop bracht hij hem bij Jezus.
Jezus richtte zijn blik op hem en zei:
`Jij bent Simon, de zoon van Johannes;
voortaan zul je Kefas heten.’ (Dat betekent: rots).
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God, de Vader van het leven,
zin en grond van  mijn bestaan,
hoop en uitzicht door alles heen.

Ik geloof in Jezus,
mensgeworden God van liefde,
Mens  voor anderen,
gekruisigd en gedood,
maar levend voorgoed.

Ik geloof in zijn Geest,
die levend maakt en kracht geeft,
hoop en toekomst biedt.
Die werkt in mens en tijd.

Ik geloof in zijn Kerk van mensen,
op weg van donker naar Licht,
van nacht naar dag.
Ik geloof in dit leven
als weg en werkelijkheid
naar Liefde die volkomen is. Amen.

Voorbeden 1

‘Zoek je iets?’ zijn de eerste woorden van Jezus tot Andreas
en ook tot ons.
Spreken we dan biddend onze verlangens uit.

-Dat we ons in onze manier van leven
laten leiden door de ontwapenende levenshouding van Jezus,
Hij die altijd weer op zoek was
naar wat mensen met elkaar verbindt.
Laten wij bidden…

-Voor allen die geen uitweg meer zien in hun leven.
Dat ze mensen mogen ontmoeten
in wie iets van Gods bevrijdende aanwezigheid zichtbaar wordt.
Laten wij bidden…

-Voor alle mensen
die vol enthousiasme getuigenis afleggen van Jezus’ Blijde Boodschap.
Dat ze zich niet laten ontmoedigen
als hun woorden geen indruk maken op anderen.
Dat ze erop vertrouwen dat hun levenshouding
doorslaggevend zal zijn.
Laten wij bidden…

God, Gij hebt ons allen heel verschillend gemaakt.
Geef dat wij op zoek blijven gaan naar uw aanwezigheid in elkaar,
zoals Jezus dat deed. Amen.
Levensecht

Voorbeden 2

God, Gij die mensen roept bij hun naam,
die in mensen het verlangen hebt gelegd
naar een leven waarin zij worden wie zij in uw ogen zijn.

-Wij bidden U:
wees bij ons op onze weg door het leven.
Help ons te worden wie we zijn:
mensen, gemaakt naar uw beeld en gelijkenis,
mensen, geroepen om iets van uw waarheid en liefde
gestalte te geven in hun leven.
Laten wij bidden…

-Wij bidden U:
maak ons tot een geloofsgemeenschap
waarin ieder zichzelf kan zijn.
Een gemeenschap die mensen in staat stelt
hun talenten maximaal aan bod te laten komen,
zodat ieder zijn unieke bijdrage kan leveren
aan de wereld zoals Gij, God, hem droomde.
Laten wij bidden…

-Wij danken U
omdat Gij in ieder van ons iets hebt neergelegd van uw eigen Wezen.
Wij bidden U dat wij dit zouden ontdekken
en zo onze bestemming vinden.
Laten wij bidden…
naar Nol Hogema

Voorbeden 3

Bidden wij tot God.

-Voor hen die de richting in hun leven zijn kwijtgeraakt
en opnieuw op zoek zijn naar de zin van hun bestaan.
Voor allen die onzeker en rusteloos zijn.
Dat zij Gods Woord mogen ervaren als een houvast.
Laten wij bidden…

-Voor hen die zich afsluiten van hun omgeving,
die zich niet aan anderen durven geven.
Voor allen die angstig zijn en in zichzelf opgesloten.
Dat Gods Woord de kracht mag zijn die hen bevrijdt.
Laten wij bidden…

-Voor hen die teleurgesteld zijn in hun medemensen,
verbitterd om wat anderen hun hebben aangedaan.
Voor allen die hun leven als vreugdeloos en kil ervaren.
Dat Gods Woord hun troost en warmte mag schenken.
Laten wij bidden…

-Voor hen die zweren bij het verleden
en elke vernieuwing verdacht vinden.
Voor alle doemdenkers in Kerk en samenleving.
Dat Gods Woord hun uitzicht en vertrouwen mag bieden.
Laten wij bidden…

Eeuwige, onze God,
geef ons geloof, vertrouwen en liefde.
Prent uw Woorden in ons hart,
opdat wij ze zouden omzetten in daden van liefde. Amen.

Voorbeden 4 (internationale bidweek)

Destijds, maar ook nu, vraagt Jezus:
‘Zoeken jullie iets? Wat verlangen jullie van Mij?’
En dus mogen wij al wat ons op het hart ligt voor Hem uitspreken.
 
-Bidden wij voor mensen die op zoek zijn naar de zin van het leven.
Dat zij Jezus vinden
die woorden heeft van eeuwig leven.
Laten wij bidden…

-Bidden wij dat de christelijke Kerken verder naar elkaar mogen toegroeien.
Dat wij eerder oog hebben voor wat ons verbindt
dan dat we ons blindstaren op wat ons scheidt.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor hen die verantwoordelijkheid dragen in onze Kerk.
Dat ontmoediging hun bespaard mag blijven
en dat ze blij het evangelie verkondigen.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor ons allen hier bijeen.
Dat wij samen bouwen aan een Kerk die dienstbaar is,
een Kerk waar men echt leeft als broers en zussen van elkaar.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

Vader,
met deze gaven die wij U aanbieden
spelen wij in op de toekomst
wanneer er brood zal zijn voor iedereen
en allen zullen drinken uit eenzelfde beker.
Voed dat ideaal in ons,
bevestig ons in onze roeping
en doe ons groeien in trouw
aan Hem die Gij gezonden hebt: Jezus, onze Heer. Amen.

Gebed over de gaven 2

Goede God,
Gij die ons wilt opbouwen tot uw huis
waarin velen met elkaar
uw Brood breken en delen,
verenig ons rond deze tafel,
beziel ons met uw liefde,
en schenk ons de kracht
om verzoenend met anderen om te gaan. Amen.

Tafelgebed

Met hart en ziel danken wij U, God,
die door uw Geest
onze geest voortdurend vernieuwt
opdat wij de wereld
mensvriendelijker zouden maken.
Uw Geest stimuleert ons
om te geloven in Jezus
en Hem te belijden voor alle mensen
als de Heer,
als de Hoop van de wereld.
Daarom loven wij U met de woorden
die uw Geest ons heeft ingegeven:

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.

Laat ons nooit vergeten, barmhartige Vader,
dat onze verlosser Jezus Christus
de Heer is,
dat Hij mens is geworden,
die Emmanuel,
dat is: God-met-ons,
genoemd wordt.

Laat ons nooit vergeten
dat Hij de wereld heeft gezien met onze ogen,
dat Hij onze woorden gesproken heeft,
dat Hij onze vreugde en onze nood heeft gekend,
dat Hij het werk van een mens heeft verricht
en dat Hij ons brood gegeten heeft.

Laat ons nooit vergeten
dat Hij de Mensenzoon is
– mens onder de mensen –
die meer heeft geloofd in de mens,
meer heeft gehoopt en bemind
dan wij ooit kunnen.

Laat ons nooit vergeten
dat ons geloof, dwars door alle leed,
dat onze hoop over de dood heen,
dat onze liefde tegen alle machten in,
ons doen gelijken op Hem
die Gods gelijke genoemd mocht worden.

Laat ons nooit vergeten dat ook Hij
weerloos heeft moeten buigen
voor het geweld en de macht.

Laat ons nooit vergeten
dat de machtigen Hem geslagen hebben
tot de dood toe
omdat Hij leerde dat Gij zijn vader zijt,
dat wij gered worden door ons geloof in U,
dat onze hoop op U nooit wordt teleurgesteld,
dat uw liefde geen grenzen kent
en dat vooral de armen en de kleinen
door die Boodschap blij kunnen worden.

Laat ons nooit vergeten
dat Hij op de vooravond
van dat lijden en die dood
in het breken van het brood
en het rondreiken van de beker
het teken heeft gesteld
dat ons in zijn naam en zijn liefde samenbrengt.

Want die avond
heeft Hij het brood in zijn handen genomen,
Hij heeft zijn ogen opgeslagen
naar U, God en Vader,
Hij heeft U dank gezegd,
het brood gebroken
en aan zijn leerlingen uitgedeeld met de woorden:
“Neem en eet,
dit is mijn lichaam voor u.”

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en voor allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet
en uit deze beker drinkt,
doe het dan om Mij te gedenken.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Wij zijn hier bijeen in zijn naam,
omdat wij mensen willen worden zoals Hij,
mensen die geloven in elkaar
en vertrouwen op U,
die hopen dat Gij uw belofte,
van een gelukkig leven zonder einde,
waar zult maken aan ieder van ons
en aan alle mensen van wie Gij houdt
en van wie wij houden,
en van wie wij blijven houden,
ook al zijn zij overleden.

Wij willen het brood breken
en wij zullen het eten,
wij zullen de beker rondreiken en drinken
in zijn naam
om de herinnering aan hem levend te houden
en om niet te vergeten
dat Hij de armen,
de treurenden,
de zachtmoedigen,
de hongerigen,
de barmhartigen,
de zuiveren,
de vredelievenden,
de vervolgden
en al wie hulp nodig heeft,
gelukkig heeft genoemd.

Geef ons die Geest van deemoed en liefde;
dan zullen wij gelukkig en blij worden
en U dankbaar huldigen:
door Christus,
met Christus,
in Christus,
hier rond deze tafel
en overal,
nu en alle dagen die ons gegeven zijn. Amen.

Onze Vader

Laten wij nu bidden zoals Jezus ons leerde,
zodat wij ons, met Hem,
mogen richten tot zijn Vader die ook onze Vader wil zijn:

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Vredeswens 1

Wij eten van hetzelfde brood,
wij wonen op dezelfde aarde.
Wij kijken naar dezelfde lucht,
wij drinken van hetzelfde water.
Eenzelfde Geest doet ons verlangen naar vrede,
goedheid, geduld, medemenselijkheid.
Als mensen broers en zussen zijn,
dan zal de wereld vol van vrede zijn.
Moge Gods vrede over u komen
en u altijd vergezellen.
Wensen wij elkaar die vrede, de vrede van Christus.

Vredeswens 2

Heer Jezus,
Gij nodigt ons uit uw oproep tot vrede
tot de onze te maken.
Neem ons bij de hand
opdat wij, op onze beurt,
onze hand naar de anderen zouden uitsteken
en zo uw vrede doen groeien
over alle grenzen heen.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven wij elkaar een blijk van vrede en vriendschap.

Lam Gods

Communie

Hierin bestaat de liefde:
niet wij hebben God liefgehad,
maar Hij heeft ons liefgehad
en daarom heeft Hij ons zijn Zoon gezonden.
Die nodigt ons nu uit aan zijn tafel.
Heer, ik ben niet waardig….

Bezinning 1

Zien | bewogen worden | in beweging komen

Barmhartigheid is een beweging.
Een beweging van: zien – bewogen worden – in beweging komen.
Een drieslag die telkens weer gebeurt.
De eerste stap is de ander écht zien
in zijn kleinheid en naaktheid
én in zijn menselijke waardigheid en uniek-zijn.
De tweede stap is je door de ander laten raken.
De ander doet je wat. Je laat hem of haar bij je binnen.
En de derde stap is in beweging komen,
oversteken naar de ander,
je tot naaste maken.
Uit:  ‘Met nieuwe ogen’ – Ad Goos

Bezinning 2

Zien en gezien worden

Geloven kan niemand je opdringen.
Het is een kwestie van zien,
van een bepaalde manier tegen dingen
en tegen mensen aanzien.
Geloven is verder zien
dan de horizon van je eigen leven.
Het is: je actief openstellen
voor God en zijn Geest;
je niet afsluiten voor
het getuigenis van anderen.
Het is: rust en stilte vinden
om de samenhang van de dingen
te ontdekken en te bewonderen.

Geloven is ook: gezien worden.
God ziet ons aan;
Hij is met ons begaan;
Hij is onze bondgenoot
in goede en kwade dagen.
Hij heeft zijn hand
op ons leven gelegd.
In Hem mogen we ons
geborgen weten.

Geloven is echter ook
een opgave, een uitdaging.
Het vraagt van ons,
dat wij op weg gaan,
volgeling worden.
Het zet ons op weg naar mensen,
naar God.
Het roept op tot zorg
voor mens en wereld.

Zien en gezien worden:
het zet ons op weg,
op de weg van Jezus van Nazareth.
Wim Holterman osfs

Bezinning 3

Met hart en ziel

In ons leven worden we overstelpt
met allerlei geluiden.
De radio produceert achtergrondmuziek,
die we niet echt horen.
Er is het geluid van het verkeer,
dat de drukte van mensen verraadt.
We horen zo vaak mensen spreken,
maar verstaan hen lang niet altijd.

Echt horen vraagt om ontvankelijkheid,
om stilte en rust in onszelf.
Het vraagt om hartelijke aandacht.
Als we met hart en ziel luisteren
dan horen we meer dan woorden alleen.
De ander komt dan in ons tot leven.
Er is ruimte voor zijn vragen en zorgen,
voor een woord van vergeving ook.
Echt luisteren schept ruimte,
waarin de ander aan het woord komt.
Het werkt bevrijdend, is levengevend.

Samuël, en ook Simon en Andreas,
hebben gaandeweg leren luisteren.
In stille ontvankelijkheid
kregen ze oor voor de stem van God.
Ze leerden zijn woorden verstaan
door met hart en ziel in het leven te staan.
Daardoor kreeg hun leven een nieuwe wending:
ze werden getuigen van de Boodschap.
Hun woorden, hun profetische daden,
kunnen ons deel worden,
als we naar hen luisteren
met hart en ziel,
in bereidwillige ontvankelijkheid.
Wim Holterman osfs

Slotgebed 1

Heer, laat over ons uw Geest van liefde komen.
Dat wij U blijven herkennen in de minsten onder ons.
Hou ons gaande, God, zodat we
– gesterkt door dit samenzijn –
uw toekomst tegemoet zien.
Help ons in woord en daad
Hem te volgen die Gij tot ons hebt gezonden en zendt:
Jezus Messias, uw Zoon en onze Broer. Amen.

Slotgebed 2

Heer God,
Gij die tot ons zegt:
“Kom mee om het te zien,
ga mee om het te doen”
ga mee met ons op weg.
Het kan in de morgen zijn als alles nog vóór ons ligt
en we nog bouwen aan onze toekomst.
Het kan op de middag zijn
als alles om ons heen zo woelig is
en wij met duizend en één dingen bezig zijn.
Het kan ook in de avond zijn
als ons leven daar ligt als een wijde vlakte,
nog beschenen door een ondergaande zon
met hier en daar een schaduw.
Blijf bij ons
en toon ons nog eens
hoe wij ons leven met elkaar kunnen delen,
vandaag en alle dagen. Amen.

Zending en zegen

Mensen kunnen wegwijzers worden voor mensen.
Sommigen waren het voor ons.
Wij kunnen het voor anderen worden.
Moge de hemel ons daartoe zegenen
met wijsheid en geloofwaardigheid,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.