28e zondag door het jaar C 2016

09 10 2016

Begroeting

Van harte welkom u allen
die naar hier zijt gekomen,
elk met zijn lief en leed,
om het toe te vertrouwen aan onze God
die is + Vader, Zoon en H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Elke zondag komen wij hier samen als christenen,
als katholieken, als a.h.w. gelijkgezinden.
En binnen die kring herkennen wij elkaar,
hebben we ‘weet’ van onze voorbeelden,
van de levenswijze waarachter wij willen staan.
Maar in de Bijbellezingen van vandaag zijn het ‘vreemdelingen’
die ons als voorbeeld worden gesteld.
Gerechtigheid, geloof en vertrouwen
komen vaak uit een onverwachte hoek.
Voor de rechtschapen Joden van toen een erg verbijsterende Boodschap,
maar misschien is het ook voor ons een vingerwijzing
dat de handelswijze van een ‘andersdenkende’
soms meer weg heeft van die ene melaatse
die vol dankbaarheid naar Jezus terugkeerde,
dan onze houding van vanzelfsprekendheid
om alles waarmee we worden omringd.

Openingswoord 2

In de lezingen van vandaag springen twee figuren eruit:
Naäman, de Syriër, en een Samaritaan, één van de tien melaatsen.
Beiden zijn ze ziek,
beiden worden genezen.
Voorbij hun genezing
zien ze de diepte van de persoon die hen genezen heeft:
Elisa en Jezus.
Mensen die helen worden voor hen
openbaring van Gods nabijheid.
Typisch dat twee vreemdelingen
model staan voor waarachtig geloven.
Met open ogen mogen we in het leven staan
om flitsen van Gods aanwezigheid te zien
overal waar mensen ‘heel’ worden.
Dit moet ons dankbaar stemmen,
ook in dit samen breken en delen.
Soms vergeten wij dit wel eens
en daarom vragen wij om vergeving.

Gebed om ontferming 1

-Soms veroordelen wij mensen,
behandelen wij hen als ‘melaatsen’.
Zo maken wij het hen moeilijk
om zich in ons midden veilig te voelen.
Laten wij anderen steeds positief benaderen.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Soms sluiten wij ons af voor mensen,
zodat zij geneigd zijn zich als melaatsen te isoleren.
Laten wij hen een plaats geven, niet aan de rand,
maar in ons midden.
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Soms mijden wij mensen.
Melaatsen en zogenaamd melaatsen
hebben we niet graag in onze buurt.
Moge anderen in ons
God ontmoeten die niemand afschrijft.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Moge de Heer ons opnemen in zijn barmhartigheid
en ons weer aan elkaar toevertrouwen,
vandaag, morgen, alle dagen van ons leven. Amen.

Vergevingsmoment 2

God, herschep ons hart,
zodat wij herleven
en elkaar behoeden en doen leven.

-Mensen of gebeurtenissen,
waardoor we verder kwamen in het leven,
die ons geluk brachten,
die ons een knipoog van het leven lieten zien…
we zagen ze niet altijd.
Daarom bidden wij:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Mensen of gebeurtenissen,
die God dichterbij brachten,
die ons een glimp van Hem lieten zien…
we hadden er te weinig aandacht voor.
Daarom vragen wij:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Mensen of gebeurtenissen,
we gingen er achteloos aan voorbij.
We vonden ze vanzelfsprekend.
Daardoor was er nauwelijks plaats
voor verwondering, voor eerbied, voor dankbaarheid.
Daarom bidden wij:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Bevrijdende God, genees niet enkel onze buitenkant,
maar vooral onze binnenkant. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

God, onze Vader,
leer ons tijdens deze viering zien
hoe schoon het leven is
en hoe prachtig uw scheppingsgeschenk, elke dag opnieuw.
Help ons in te zien
dat ons leven de moeite waard is en mooi,
ook al denken wij daar vaak anders over bij tegenslag en verdriet.
Dan zullen wij straks naar huis kunnen gaan als mensen
die dankbaar zijn om duizend dingen. Amen.
Pastonet

Openingsgebed 2

Heer, onze God,
als levend teken van uw goedheid
gaat uw Zoon
zonder onderscheid weldoende rond
voor alle zieken en voor alle gezonden.
Wij bidden U:
maak ons erkentelijk voor alle goede gaven en lieve medemensen
die wij zo vaak in het leven mogen ervaren.
Dit vragen wij U door Jezus die ons verlossing brengt. Amen.

Lezingen

Zowel in de eerste lezing als in het evangelie
worden mensen met een huidziekte genezen.
De klemtoon ligt op de reactie van die mensen.
De Syriër Naäman bekeert zich tot de God van Israël.
Eén van de tien melaatsen uit het evangelie,
een Samaritaan nog wel, wordt volgeling van Jezus.
Luisteren wij met de oren van ons hart naar de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (2 Kon., 5, 14-17)

Uit het boek der koningen

14     In die dagen ging de Syriër Naäman naar de Jordaan
en dompelde zich zevenmaal onder
zoals de man van God gezegd had.
Zijn huid werd weer als die van een klein kind
en hij was gereinigd.
15     Hij keerde met heel zijn gevolg naar de man van God terug,
trad het huis binnen, ging voor hem staan en zei:
`Nu weet ik dat er alleen in Israël een God is
en nergens anders op aarde.
Aanvaard daarom een huldeblijk van uw dienaar.’
16     Maar Elisa antwoordde:
`Zowaar de Heer, die ik dien, leeft, ik neem niets van u aan.’
En hoewel Naäman er bij hem op aandrong iets aan te nemen,
bleef hij weigeren.
17     Toen zei Naäman:
`Geef uw dienaar dan tenminste een last aarde,
zoveel als een koppel muildieren dragen kan,
want uw dienaar wil aan geen andere goden
brand- of slachtoffers meer opdragen
dan aan de Heer.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(2 Tim., 2, 8-13)

Uit de tweede brief van de apostel Paulus aan Timoteüs

8   Houd Jezus Christus in gedachten, Davids nazaat, die uit de doden is opgestaan.
Zo luidt mijn evangelie, dat ik verkondig,
9   en waarvoor ik te lijden heb en als een misdadiger gevangen moet zitten.
Maar het woord van God zit niet gevangen.
10 Daarom ben ik bereid alles te verdragen ter wille van de uitverkorenen,
opdat ook zij redding verwerven in Christus Jezus, en eeuwige heerlijkheid.
11 Dit woord is betrouwbaar:
Want als wij met Hem gestorven zijn, zullen wij met Hem leven.
12 Als wij volharden, zullen wij met Hem heersen.
Als wij Hem verloochenen, zal Hij ons verloochenen.
13 Als wij ontrouw zijn, blijft Hij trouw:
zichzelf verloochenen kan Hij niet.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Lc., 17. 11-19)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

11     Op zijn reis naar Jeruzalem
trok Jezus door het grensgebied van Samaria en Galilea.
12     Toen Hij een dorp inging, kwamen Hem tien melaatsen tegemoet.
Ze bleven op een afstand staan
13     en riepen luidkeels:
`Jezus, Meester, heb medelijden met ons.’
14     Toen Hij hen zag, zei Hij tegen hen:
`Ga u aan de priesters laten zien.’
Onderweg werden ze gereinigd.
15     Een van hen kwam terug toen hij zag dat hij genezen was,
en met luide stem verheerlijkte hij God.
16     Hij wierp zich aan Jezus’ voeten en bedankte Hem.
Dit was een Samaritaan.
17     Jezus zei daarop:
`Er zijn er toch tien gereinigd!
Waar blijven de negen anderen?
18     Is er niemand teruggekomen om God eer te brengen,
alleen deze vreemdeling?’
19     En Hij zei tegen hem:
`Sta op en ga weer; uw vertrouwen is uw redding.’
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God, de Vader van het leven,

Zin en Grond van mijn bestaan,
Hoop en Uitzicht door alles heen.

Ik geloof in Jezus,

mensgeworden God van liefde,
de “Mens  voor anderen”,
gekruisigd en gedood,
maar levend voor goed,
de Mens om nooit te vergeten,
de Christus.

Ik geloof in zijn Geest,

die levend maakt en kracht geeft,
hoop en toekomst biedt.
Die werkt in mens en tijd,
die het kwaad en onrecht aandurft,
en niet ophoudt de liefde waar te maken.

Ik geloof in zijn Kerk van mensen,

op weg van donker naar Licht,
van nacht naar dag,
naar de verlossing toe.
Ik geloof in dit leven
als weg en werkelijkheid
naar de Liefde die volkomen is. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij, bij het begin van deze tafeldienst,
onze gebedsinten­ties en deze van onze hele geloofsgemeenschap
op het altaar van de Heer,
om ze samen met dit brood en deze wijn, en met uw gaven,
aan de Heer aan te bieden.

-Bidden we voor allen die op de zorg van anderen zijn aangewezen,
voor zieken en gehandicapten,
voor opgroeiende kinderen en bejaarden.
Dat hun vragen worden gehoord.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor wie uit onze samenleving worden geweerd,
wie met een scheef oog worden bekeken,
omdat ze niet beantwoorden
aan onze normen van schoonheid en gezondheid
of aan onze cultuurpatronen.
Dat zij erkenning zouden krijgen.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor hen
die ruimte en tijd vrijmaken voor mensen aan de rand.
Dat zijzelf af en toe door een teken van dankbaarheid worden bemoedigd.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor allen die stemloos en verborgen lijden,
voor mensen die geen levens­vreugde kennen,
of mensen voor wie het leven alle zin heeft verloren.
Dat zij die kringloop weten te doorbreken
en zich laten raken door mensen die hen weten op te beuren.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor alle dankbare mensen om ons heen.
We willen van hen leren hoeveel wij van U, God, en van elkaar hebben ontvangen:
ons leven, liefde en vriendschap.
Moge zij gezegend worden met Gods licht en kracht.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

-Bidden wij voor alle zieken.
Dat zij niet aan hun lot worden overgelaten,
maar troost en kracht mogen putten
uit de liefdevolle aandacht en zorg
van hun naasten en allen die hen lief zijn.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor artsen, verpleegkundigen en verzorgenden.
Dat zij van hun beroep een roeping maken
en met hart en ziel het welzijn van hun patiënten behartigen.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor allen
die in Derde-Wereldlanden werkzaam zijn in de gezondheidszorg
en zich inzetten voor de allerarmsten.
Dat zij door hun inzet het geluk en het welzijn van die volkeren bevorderen
en zo de toekomst hoopvoller maken.
Laten wij bidden…

-Bidden wij ook voor onszelf.
Dat wij ons meer bewust worden van alles dat ons zomaar geschonken wordt
en dat wij de kunst van de verwondering en de dankbaarheid
wat meer zouden ontwikkelen.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

God, Gij leert ons uw weg te gaan
van inkeer naar inzet,
van verlangen naar daad,
van uitsluiting naar solidariteit,
van ik naar wij.
Wees nu voor ons brood en wijn,
wees onze kracht om mens te zijn voor anderen,
vooral voor de zwakkeren in ons midden. Amen.

Gebed over de gaven 2

Heer, onze God,
wij zijn hier samen rond uw tafel
om brood te breken en te eten,
en om de wijn van uw Koninkrijk te drinken.
We hopen dat wij door dit gebaar
meer aandacht zullen schenken aan elkaar en aan alle mensen,
vooral aan hen die gemeden worden als melaatsen.
Zo krijgen we oog voor de weg die Gij met ons meegaat. Amen.

Tafelgebed

Heer, onze God,
Schepper van hemel en aarde,
wij danken U
voor alles wat leeft en ademhaalt,
voor het licht van deze dag,
voor het geluk en de liefde
die in ons midden ontstaan;
voor mensen die, zoals Gij,
ons trouw blijven in dagen van lief en leed.
Wij zeggen U dank voor die ene Mens,
Jezus van Nazareth, uw Zoon.
Hij is uw Evenbeeld
omdat Hij er is voor de minste van de mensen.
Hij is er ook voor hen
die het goed hebben in dit leven,
door hen voor te gaan
in een leven van dienstbaarheid tot in de dood.
Daarom zeggen wij U van harte dank
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.


Roep ons op, Vader,
om heilig en goed te zijn
zoals het uw wil is geweest
op de dag dat Gij de mens geschapen hebt;
dat wij worden zoals Gij:
liefde die de wereld schept en draagt
en die zo rijk is dat zij overstroomt in allen.

Roep ons op,
tot gehoorzaamheid en nederigheid;
doe ons luisteren, maak ons aandachtig
voor het Woord van Jezus Christus,
die mens geworden is om U te dienen,
die gehoorzaam was tot het uiterste
en daarom,
sinds zijn dood, verrijzenis en hemelvaart
verheerlijkt wordt
door allen die zijn naam dragen.

Roep ons op door uw scheppend Woord, Vader,
tot kracht en sterkte,
dat wij elkaar elke dag opnieuw
kunnen bezielen en dragen,
zoals Gij ons draagt en in leven houdt;
dat wij, zoals uw Zoon,
een steun kunnen zijn
voor alle zwakken en eenzamen op onze weg;
dat wij, gesterkt door zijn woord en brood,
elkaar kunnen dragen in uren van nood,
als ons kruis zwaar wordt en wij hulp nodig hebben.

Roep ons op, Vader,
tot één gemeenschap
door deel te hebben aan
het lichaam en het bloed van uw Zoon.

Roep ons tot gemeenschap met Hem
in het brood dat Hij dankbaar heeft gebroken
met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn Lichaam voor u.”

Roep ons op tot gemeenschap met Hem
in de beker die Hij dankbaar heeft gezegend
en rondgereikt met de woorden:
“Deze beker is het nieuwe Verbond in mijn Bloed
dat voor u en allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit Brood eet en uit deze Beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Als wij dan eten van dit Brood
en drinken uit deze Beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Roep ons op, God van liefde,
tot dankbaarheid voor de gemeenschap met U,
met elkaar en met alle mensen
die ons tot hier hebben geleid;
die nog met ons meegaan
in geloof, hoop en liefde,
of die ons blijven begeleiden
vanuit uw heerlijkheid
waarheen zij ons zijn voorgegaan.

Roep ons op, Vader,
tot de volle menselijkheid
van uw Zoon Jezus Christus,
die de zieken geneest,
de zonden vergeeft,
de hongerigen spijzigt,
de kleinen tot zich roept,
en voor iedereen woorden heeft
van eeuwig leven;
die ons zijn Geest zendt
om de weg vrij te maken
naar vrede en geluk onder de mensen.
Daarvoor blijven wij U danken
en verheerlijken:
met en door Christus de Heer,
vandaag en alle dagen die U ons geeft. Amen.

Onze Vader

“Wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft”.
Met Jezus mogen we meebidden tot zijn Abba, zijn Vader,
die ook voor ons een Vader wil zijn
Onze Vader,….

Vergeef ons, God,
wanneer we er niet in slagen om dit gebed
daadwerkelijk te beleven.
Moedig ons aan, houd ons hart brandend voor U en door U,
zodat wij hoopvol blijven uitzien naar Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk,…

Vredeswens 1

Jezus, Gij hebt gezegd tot de genezen Samaritaan:
“Sta op en ga weer. Uw vertrouwen is uw redding.”
Gij zegt dat vandaag ook tegen ons.
Schenk ons zo’n groot vertrouwen dat redding brengt.
Doe ons oog hebben voor wie gekwetst en gebroken is.
Zo willen wij uw vrede onder de mensen uitdragen.
Die vredesboodschap van Jezus zij altijd met u.
En geven wij elkaar een teken van verbondenheid en vrede.

Vredeswens 2

Alleen de dankbare, de genezen Samaritaan
hernieuwde het contact met Jezus.
Alleen een dankbaar mens heeft oog voor een ander
en bouwt zo aan een gemeenschap in solidariteit.
Heer Jezus,
Gij wilt dat mensen opstaan om elkaar de hand te reiken,
vrede te stichten en nieuwe relaties op te bouwen.
Schenk ons de moed om barrières te slechten
en vrede uit te dragen.
Die vredesboodschap van Jezus zij altijd met u.
En geven wij elkaar een teken van verbondenheid en vrede.

Lam Gods

Communie

Brood van leven in ons midden,
Brood van leven waarin iemand Zichzelf aan ons schenkt,
opdat wij ons aan elkaar zouden schenken.
Kom aan Tafel en eet van het Lam Gods
dat wegneemt de zonden van de wereld.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Alle tien hadden gemerkt
dat hun een wonder was geschied.
Slechts één van de tien had begrepen
door wie dit wonder was geschied,
en keerde dankend terug.

Er gebeuren zoveel wonderen,
grote, kleine,
elke dag opnieuw,
aan mij,
rond mij.
Meestal zie ik ze niet,
ziet niemand ze.
Doodzonde is het
dat wonderen groot en klein
ongezien voorbijgaan.

Geef me open zintuigen, Heer,
en een open hart vooral
om in het gebeuren van elke dag
uw wonderhand te zien.
Leer me dankbaar door het leven gaan
vanaf nu, vandaag,
tot op mijn laatste dag.
naar Ida Guetens

Bezinning 2

Kijkend door het raam
zie ik mensen voorbijsnellen
ergens, nergens naartoe.

Onbekende mensen,
maar ook veel bekende
uit een of ander huis hier in de rij.

Mensen met een doel
dat niet hier ligt, maar daar,
dat niet vandaag is, maar morgen.

Voor mij is er vaak alleen nog
hier en nu,
stilgevallen tijd,
verkleinde ruimte.

Morgen is enkel vraagteken,
dat mijn thuis is geworden.

Zou er iemand halt houden
aan mijn raam?
Word ik nog gezien,
opgemerkt en aangekeken,
toegesproken
met een woord dat opwekt?

Hoor ik daar de telefoon,
een stem die vraagt:
hoe gaat het nu met jou?

Hoor ik daar de bel,
een gezicht dat vraagt:
mag ik even naast je zitten
en je teder aanraken
met een hand die streelt
met een zoen die blijft?

Daar is de buurman
die even komt vragen:
wat kan ik voor je doen,
wie kan ik voor je zijn?
Ik herleef in zijn nabijheid.

Daar is de buurvrouw
die tijd maakt om te buurten,
zomaar gewoon en zonder doel,
hier en nu,
een oase in de tijd.

Wat is het goed omgeven te zijn
door hier of daar een man,
een vrouw, een kind,
kortom een mens die om je geeft.

Bezinning 3

Mijn wens is dat je minstens één mens mag hebben
bij wie je geborgen bent,
in wie je vertrouwen stelt,
bij wie je thuis kan zijn.

Mijn wens is: dat je minstens elke dag
één fijn moment mag beleven een ontmoeting,
een lach, een uitgestoken hand, een blik vol begrip,
iets schoons, iets goeds, iets dat je boeit,
iets waarbij je herademt, opnieuw moed krijgt,
gaat zingen, danken en dienen,
iets dat je stil maakt, dat je ontroert,
iets dat je bidden doet.

Mijn wens is: dat je minstens één mens
mag gelukkig maken door je spreken,
je luisteren, je goedheid, je aanwezigheid,
je vriendschap.

Mijn wens is: dat je dan elke avond
zachtjes kan zeggen;
het leven is goed,
ik dank U, God.
Ward Bruyninckx


Slotgebed 1

God en Vader,
ga met ons mee op onze levensweg
en geef ons uw Kracht,
opdat we U in alle omstandigheden
dank zeggen voor al het goede
dat we van U hebben gekregen,
voor de vriendschap, de inzet,
de liefde en de zorg van medemensen.
Dat vragen we U door Jezus Christus,
uw Zoon en onze Heer, Amen.
Federatie Kana

Slotgebed 2

Wanneer het leven mij heeft gekwetst, Heer,
en ontgoochelingen en pijn littekens achterlieten in mijn hart,
heb dan medelijden met mij.
Laat me dan delen in uw liefde,
opdat ik een nieuwe mens kan worden.
Weest Gij dan de wind in het zeil van mijn bestaan.
En geef me de durf om af en toe voor anker te gaan
aan de oever van het evangelie,
om met U in dialoog te treden
en mijn hart te laten openbloeien in dankbaarheid.
naar Erwin Roosen

Zending en zegen

Wij hoorden dat God geen melaatsheid wil,
geen mensen die worden uitgestoten.
Zonder onderscheid brengt Hij ze allemaal terug in de kring van het leven.
Moge zijn voorbeeld ons inspireren.
Daartoe zendt Hij ons terug naar onze thuishaven,
zijn zegen rustend op onze schouders:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.