24e zondag door het jaar C 2007

gagZONDAGSVIERINGEN
vierentwintigste zondag C-jaar (16 09 2007)

Begroeting

Van harte welkom u allen,
die met elkaar gemeenschap willen vormen rond het altaar van de Heer.
Wees gezegend in de naam + van de Vader, de Zoon en de heilige. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Samen gemeenschap vormen.
Het is mooi… maar het blijft vaak mooie theorie.

Want hoe reageren wij op mensen, of groepen van mensen, die ons niet liggen
en die dichter in onze buurt komen dan ons lief is,
of die een taak kregen toegewezen
waardoor wij met hen geregeld te maken zullen hebben?

Niet zelden gaan mensen zich dan afschermen.
Indachtig het spreekwoord dat de aanval de beste verdediging is,
komt onder gelijkgezinden dan vaak het roddelcircuit op gang:
“Waar halen ze het uit om die binnen te halen? Die deugt niet voor dat werk”
Of: “Die deugt niet, tout court”.
Samen ageren tegen een gemeenschappelijke vijand
creëert naar binnen een gevoel van solidariteit,
en is naar buiten toe dikwijls een succesvolle tactiek: ‘waar rook is, is vuur’.

Dat fenomeen komt ons zeker bekend voor:
in onze buurt, in onze familie, op het werk.
Ook in onze parochiegemeenschap klinkt wel eens
een eigentijdse variant van de beginwoorden van de evangelietekst van vandaag:”De Farizeeën en Schriftgeleerden morden en zeiden:
‘Die man ontvangt zondaars en eet met hen.’
Hoe reageert Jezus daarop?
Daarover willen wij ons in deze eucharistie bezinnen.

Maar laten wij aanvangen met God om vergeving te vragen
en aan elkaar vergeving te schenken.

Openingswoord 2

Toen de jongste zoon,
na te zijn verloren gelopen in de wijde wereld,
met een klein hartje naar huis terugkeerde,
zei de vader:
“Feest en vrolijkheid moet er zijn
want mijn zoon was dood en is weer levend geworden,
hij was verloren, en is teruggevonden.”

Met deze parabel leert Jezus ons
dat zijn Vader ons steeds barmhartig opwacht
telkens we ons falen erkennen
en de moed opbrengen
om naar Hem terug te keren.
Laten we dit samen biddend uitspreken.

Vergevingsmoment 1

Wij vinden alles wat we hebben zo vanzelfsprekend
dat we er nauwelijks nog bij stilstaan
dat we zoveel mogelijkheden hebben om te genieten,
om dankbaar te zijn.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

Wij oordelen zo gemakkelijk over mensen
die in onze ogen van het goede pad zijn afgedwaald.
We sluiten mensen vaak uit omwille van hun verleden.
We wanen ons zo gemakkelijk beter dan een ander.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.

Wij komen zo moeilijk tot oprecht berouw.
We halen dan allerlei argumenten aan
om wat we fout deden, aannemelijk te maken.
Zo geven we God niet de kans ons hart te toetsen.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

God, neem de hardheid weg uit ons hart,
en vervang die door goedheid en mededogen voor alle mensen. Amen.

Vergevingsmoment 2

Omdat God van ons houdt, mogen we
ook met onze kwetsbaarheid en onze kleine kanten
tot bij Hem gaan:

Omdat we vaak de grootste moeite hebben
om te begrijpen dat God van elke mens houdt …
Heer, ontferm U over ons.

Omdat onze liefde voor medemensen
vaak té berekend is …
Christus, ontferm U over ons.

Omdat we vaak onze eigen weg gaan
en denken dat we God niet meer nodig hebben …
Heer, ontferm U over ons.

Moge God zijn mantel van liefde om ons heen slaan.
En moge Hij ons eens voor altijd
bij Hem laten thuiskomen om eeuwig te leven. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed

God, onze Vader, voor wie alle mensen gelijk en evenwaardig zijn,
in Jezus hebt Gij ons een voorbeeld gegeven
hoe wij de scheidsmuren moeten afbreken
die wij uit zelfgenoegzaamheid hebben opgericht;
hoe wij zwakkeren tot steun kunnen zijn,
en hoe wij uitgestotenen de hand kunnen reiken.
Als wij Hem op die weg volgen
zal uw rijk van vrede komen,
reeds hier en nu, en tot in eeuwigheid. Amen.

Lezingen

In de eerste lezing herinnert Mozes God aan zijn trouw tegenover zijn volk.
Op grond van die trouw is God bereid tot vergeving en barmhartigheid.

In de tweede lezing spreekt Paulus zijn dankbaarheid uit omdat hij door God uit zijn zondig bestaan werd gered.

In de evangelielezing leert Jezus ons dat Gods liefde stand houdt,
ook als de mens God de rug toekeert.

Eerste lezing (Exodus 32,7-11.13-14)
Uit het boek Exodus

7          In die dagen sprak de Heer tot Mozes:
`Ga nu naar beneden, want het volk dat u uit Egypte hebt geleid,
is tot zonde vervallen.
8          Ze zijn nu al afgeweken van de weg
die Ik hun had voorgeschreven:
ze hebben een stierkalf gemaakt,
ze buigen zich daarvoor neer,
ze dragen er offers voor op en schreeuwen:
`Israël, dit is de god die u uit Egypte heeft geleid.” ‘
9          Ook sprak de Heer tot Mozes:
`Ik zie nu hoe halsstarrig dit volk is.
10         Laat Mij begaan,
dan zal Ik hen in mijn brandende toorn vernietigen.
Maar van u zal Ik een groot volk maken.’
11         Mozes trachtte de Heer zijn God gunstig te stemmen en vroeg:
`Waarom, Heer, zou U uw toorn laten woeden tegen uw volk,
dat U met grote kracht en sterke hand uit Egypte hebt geleid?
13         Denk aan uw dienaren Abraham, Isaak en Israël,
aan wie U onder ede beloofd hebt:
`Ik zal uw nakomelingen talrijk maken als de sterren aan de hemel,
en heel het land waarover Ik heb gesproken
zal Ik uw nakomelingen voor altijd in bezit geven.
Het zal voor eeuwig hun erfdeel zijn.” ‘
14         Toen zag de Heer af van het onheil
waarmee Hij zijn volk had bedreigd.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Timoteüs 1,12-17)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan Timoteüs

Dierbare,
12         Ik zeg dank aan Hem die mij gesterkt heeft, Christus onze Heer,
omdat Hij mij vertrouwen heeft geschonken,
door mij in zijn dienst te nemen,
13         hoewel ik vroeger een godslasteraar was,
een vervolger en een overmoedige.
Maar ik heb barmhartigheid ondervonden,
omdat ik, nog ongelovig, handelde in onwetendheid.
14         De genade van onze Heer heeft mij overstelpt,
en daarmee het geloof en de liefde die in Christus Jezus zijn.
15         Dit woord is betrouwbaar en verdient volledige instemming:
`Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaars te redden.’
En de eerste van hen ben ik.
16         Daarom juist heb ik barmhartigheid ondervonden:
Christus Jezus wilde aan mij als eerste
heel zijn lankmoedigheid tonen,
als een voorbeeld voor allen die in de toekomst
op Hem zouden vertrouwen,
omwille van het eeuwige leven.
17         Aan de koning van de eeuwen,
aan de onvergankelijke, onzichtbare, enige God
zij de eer en de glorie tot in alle eeuwigheid! Amen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Lucas 15.1-32)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

1          Telkens kwamen alle tollenaars en zondaars naar Jezus luisteren.
2          De farizeeën en schriftgeleerden spraken daar schande van en zeiden:
`Die man ontvangt zondaars en eet met hen.’
3          Maar Hij vertelde hun deze gelijkenis:
4          `Als een van u honderd schapen heeft en er één van verliest,
laat hij dan niet de negenennegentig andere schapen
in de eenzaamheid achter om op zoek te gaan naar het verloren schaap,
totdat hij het vindt?
5          En als hij het gevonden heeft,
neemt hij het vol blijdschap op zijn schouders;
6          thuisgekomen roept hij zijn vrienden en buren en zegt hun:
`Deel in mijn blijdschap
want ik heb mijn verloren schaap weer teruggevonden.”
7          Ik zeg u, zo zal er in de hemel meer blijdschap zijn
over één zondaar die zich bekeert,
dan over negenennegentig rechtvaardigen
die geen bekering nodig hebben.
8          Of als een vrouw die tien drachmen heeft, er één verliest,
steekt ze dan niet een lamp aan,
veegt het huis en zoekt zorgvuldig totdat zij die drachme vindt?
9          En als zij die gevonden heeft,
roept ze haar vriendinnen en buren en zegt:
`Deel in mijn blijdschap, want de drachme die ik verloren had,
heb ik teruggevonden.”
10 Zo, zeg Ik u, is er blijdschap bij de engelen van God
over één zondaar die zich bekeert.’
11         Hij zei: `Iemand had twee zonen.
12         De jongste zei tegen zijn vader:
`Vader, geef mij mijn deel van de erfenis.”
En hij verdeelde zijn vermogen onder hen.
13         Niet lang daarna vertrok de jongste zoon met al zijn bezit naar een ver land,
waar hij het verkwistte in een losbandig leven.
14         Toen hij alles opgemaakt had, kwam er een zware hongersnood over dat land
en ook hij begon gebrek te lijden.
15         Hij zwierf rond tot hij in dienst trad bij een van de inwoners van dat land;
die stuurde hem het veld in om varkens te hoeden.
16         Graag had hij zijn honger gestild met het voer dat de varkens aten,
maar niemand gaf hem wat.
17         Toen kwam hij tot zichzelf en zei:
`Zoveel dagloners van mijn vader hebben brood in overvloed,
en ik verga hier van de honger!
18         Ik ga terug naar mijn vader.
Ik zal hem zeggen:
Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en tegen u;
19         ik ben het niet meer waard om uw zoon te heten,
behandel me als een van uw dagloners.”
20         En hij ging terug naar zijn vader.
Toen hij nog ver van huis was, zag zijn vader hem al en werd ontroerd;
snel liep hij op hem toe, viel hem om de hals en kuste hem.
21         `Vader,” zei de zoon tegen hem,
`ik heb gezondigd tegen de hemel en tegen u;
ik ben het niet meer waard om uw zoon te heten.”
22         Maar de vader zei tegen zijn slaven:
`Haal vlug de mooiste kleren en trek ze hem aan,
doe een ring aan zijn vinger en schoenen aan zijn voeten.
23         Haal het gemeste kalf en slacht het; laten we eten en feestvieren,
24         want mijn zoon hier was dood en is weer levend geworden,
hij was verloren en is teruggevonden.” En het feest begon.
25         Maar zijn oudste zoon was nog op het land.
Toen hij naar huis kwam, hoorde hij muziek en dans.
26         Hij riep een van de knechten en vroeg wat er te doen was.
27         Die antwoordde:
`Uw broer is thuisgekomen en uw vader heeft het gemeste kalf geslacht,
omdat hij hem gezond en wel terug heeft.”
28         Toen werd hij kwaad en hij wilde niet binnenkomen.
Daarop kwam zijn vader naar buiten
en probeerde hem tot andere gedachten te brengen.
29         Maar hij gaf zijn vader ten antwoord:
`Ik dien u nu al zoveel jaren en nooit heb ik een gebod van u overtreden,
maar mij hebt u nog nooit een bokje gegeven
om met mijn vrienden feest te vieren.
30         Maar nu die zoon van u is thuisgekomen,
die uw vermogen met hoeren heeft verbrast,
hebt u voor hem het gemeste kalf geslacht.”
31         Maar hij zei :
`Jongen, jij bent altijd bij me en alles wat ik heb is van jou.
32         We moeten feestvieren en blij zijn,
want die broer van je was dood en is weer levend geworden,
hij was verloren en is teruggevonden.” ‘
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God, die liefde is
en ons de wereld schenkt.

Ik geloof ook dat God ons roept en zendt
om van deze wereld een thuis te maken:
een wereld zonder honger,
zonder oorlog, zonder haat,
een wereld vol goedheid,
rechtvaardigheid en vrede.

Ik geloof in Jezus Christus,
die geroepen en gezonden werd
om lief en leed met ons te delen
om, geborgen in Gods liefde,
zich te geven aan de mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om lief en leed te delen in liefde met elkaar.

Ik geloof dat de Heer zijn Geest van liefde
schenkt aan alle mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om van zijn blijde boodschap te getuigen
in woord en daad;
opdat alle mensen van de wereld
broers en zusters zouden worden
in de kerk van zijn liefde,
op weg naar zijn rijk van vrede
en vriendschap voor altijd. Amen.

Voorbeden 1

Moge God ons verhoren wanneer we bidden voor wat echt goed is
voor onszelf en voor de toekomst van onze samenleving.

– Bidden wij dat het ooit mag gebeuren
dat niemand een ander nog kleineert of naar zijn hand zet,
dat wij durven kiezen voor wie laag geacht wordt
dat we echt delen met de minderbedeelden
en hun niet enkel een aalmoes toeschuiven,
dat christenen reageren wanneer gerechtigheid geweld wordt aangedaan.
Laten wij bidden…

– Bidden wij dat het ooit mag gebeuren
dat niemand zich neerlegt bij verdeeldheid,
ook niet bij verdeeldheid onder christenen,
dat barrières worden geslecht en alle kloven worden gedempt,
dat gemeenschappelijkheid het wint
van misverstanden en de zelfgenoegzame zekerheid van het eigen gelijk.
Laten wij bidden…

– Bidden wij dat het ooit mag gebeuren
dat wij afstand doen van onze trots,
dat wij erkennen wanneer wij fanatiek waren,
dat wij onze vooroordelen afleggen,
dat wij liever onze tong afbijten dan over anderen te roddelen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij dat het ooit mag gebeuren
dat wij elkanders bondgenoten worden
als gerechtigheid moet worden gedaan,
als vrede moet worden gesticht,
als handen moeten worden gereikt,
als liefde moet worden gezaaid,
zodat Gods wil kan geschieden op aarde als in de hemel.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden wij voor allen
die zich niet geaccepteerd weten,
die kennelijk niet mogen zijn zoals ze zijn;
voor allen die zich afgeschreven voelen,
vastgepind op hun verleden:
dat er mensen voor hen opstaan
die het voor hen opnemen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen
die verdwaald zijn in hun eigen problemen;
voor allen die hun gevoel voor eigenwaarde hebben verloren:
dat zij door mensen, vol begrijpende liefde, terug op weg gezet worden
naar een positieve toekomst.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen
die elkaar zijn kwijtgeraakt;
voor allen die in onmin leven met anderen
en dat soms al jaren:
dat ze de moed opbrengen de eerste stap terug naar elkaar te zetten.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven

God, onze Vader,
maak ons bereid
om in deze maaltijd
elkaar het brood van vergeving
en de beker van gemeenschap
aan te bieden,
omwille van Hem die Gij ons tot voorbeeld hebt gegeven:
Jezus Christus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Tafelgebed

Heer onze God,
schepper van hemel en aarde,
wij danken U
voor alles wat leeft en ademhaalt,
voor het licht van deze dag,
voor het geluk en de liefde
die in ons midden ontstaan;
voor mensen die, zoals Gij,
ons trouw blijven in dagen van lief en leed.
Wij zeggen U dank voor die ene mens,
Jezus van Nazareth, uw Zoon.
Hij is uw evenbeeld
omdat Hij er is voor de minste van de mensen.
Hij is er ook voor hen
die het goed hebben in dit leven,
door hen voor te gaan
in een leven van dienstbaarheid tot in de dood.
Daarom zeggen wij U van harte dank
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Roep ons op, Vader,
om heilig en goed te zijn
zoals het uw wil is geweest
op de dag dat Gij de mens geschapen hebt;
dat wij worden zoals Gij:
liefde die de wereld schept en draagt
en die zo rijk is dat zij overstroomt in allen.

Roep ons op,
tot gehoorzaamheid en nederigheid;
doe ons luisteren, maak ons aandachtig
voor het woord van Jezus Christus,
die mens geworden is om U te dienen,
die gehoorzaam was tot het uiterste
en daarom,
sinds zijn dood, verrijzenis en hemelvaart
verheerlijkt wordt
door allen die zijn naam dragen.

Roep ons op door uw scheppend woord, Vader,
tot kracht en sterkte,
dat wij elkaar elke dag opnieuw
kunnen bezielen en dragen,
zoals Gij ons draagt en in leven houdt;
dat wij, zoals uw Zoon,
een steun kunnen zijn
voor alle zwakken en eenzamen op onze weg;
dat wij, gesterkt door zijn woord en brood,
elkaar kunnen dragen in uren van nood,
als ons kruis zwaar wordt en wij hulp nodig hebben.

Roep ons op, Vader,
tot één gemeenschap
door deel te hebben aan
het lichaam en het bloed van uw Zoon.

Roep ons tot gemeenschap met Hem
in het brood dat Hij dankbaar heeft gebroken
met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn lichaam voor u.”

Roep ons op tot gemeenschap met Hem
in de beker die Hij dankbaar heeft gezegend
en rond gereikt met de woorden:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Als wij dan eten van dit brood en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Roep ons op, God van liefde,
tot dankbaarheid voor de gemeenschap met U,
met elkaar en met alle mensen
die ons tot hier hebben geleid;
die nog met ons meegaan
in geloof, hoop en liefde,
of die ons blijven begeleiden
vanuit uw heerlijkheid
waarheen zij ons zijn voorgegaan.

Roep ons op, Vader,
tot de volle menselijkheid
van uw zoon Jezus Christus,
die de zieken geneest,
de zonden vergeeft,
de hongerigen spijzigt,
de kleinen tot zich roept,
en voor iedereen woorden heeft
van eeuwig leven;
die ons zijn Geest zendt
om de weg vrij te maken
naar vrede en geluk onder de mensen.
Daarvoor blijven wij U danken
en verheerlijken:
met en door Christus de Heer,
vandaag en alle dagen die U ons geeft. Amen.

Onze Vader

Vanuit ons geloof in Jezus als Gods Zoon,
maken wij zijn woorden tot de onze
en bidden tot zijn en onze Vader:
Onze Vader…

Laat uw barmhartigheid over ons stralen, God.
Keer U naar ons en wacht ons op met open armen.
Stimuleer het goede dat in ons sluimert
en maak ons even liefdevol en attent tegenover de anderen,
zoals Jezus ons voordeed,
Hij, uw Zoon, de Messias.
Want van U is het koninkrijk…

Vredeswens

In een wereld waarin macht regeert
en plezier telt,
ging Jezus het smalle pad van eenvoud, dienstbaarheid,
vergevingsgezindheid en mildheid
en toonde ons daarin zijn vrede.
Die vrede zij altijd met u
en wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Communie

Jezus gaf zichzelf aan ons tot voedsel voor onderweg.
Wanneer wij de weg gaan
van oog om oog en tand om tand
naar oog in oog en hand in hand,
dan gaan wij de weg op die leidt naar het beloofde land.
Dit is het Lam Gods…

Bezinning

Het gebeurt nog elke dag:
kinderen lopen weg van huis,
lappen de ouderlijke raad aan hun laars,
bouwen hun eigen leventje
en lopen in zeven sloten tegelijk.

Het gebeurt nog elke dag:
mensen hebben hun straf uitgezeten,
horen de gevangenisdeur achter zich dichtvallen
en vinden nergens een open deur,
niemand die vergeeft en vergeet.

Het gebeurt nog elke dag:
omwille van de eer en de goede naam van de familie
worden broers en zussen afgeschreven,
geschrapt van de verjaardagskalender.
Het gebeurt nog elke dag
doen dom en verdwalen;
ze zoeken barmhartige vaders
maar vinden slechts enghartige broers.
Peer Verhoeven

Slotgebed 1

God, onze Vader,
Help ons te leven in het besef dat U genadig naar ons op zoek bent.
Sterk ons vertrouwen in uw zorg en barmhartigheid die groter zijn dan ons falen.
Wijs ons – elke dag opnieuw –
de weg van Jezus uw Zoon,
die ons thuis doet zijn bij U,
onze Vader tot in eeuwigheid. Amen.

Slotgebed 2

Wij strekken onze hand naar een toekomst die niet eeuwig kan uitblijven.
Wij wedden op de kracht van alle strijders voor gerechtigheid,
van alle zoekers naar vrede.
Wij strekken onze hand uit naar U, God,
om samen uw droom tot werkelijkheid te maken:
een aarde die behoort aan allen. Amen.

Slotgebed 3

Soms, als ik ervaar dat ik een verkeerde weg heb gekozen in mijn leven,
dan hoop ik dat U toch nog op de uitkijk staat, God,
en dat U mij in de verte al ziet aankomen.
Vraag me dan niet om alles onder woorden te brengen,
maar wil me omarmen
als een liefdevolle Vader en een tedere Moeder.
Geef me alsjeblieft een nieuwe kans als ik U ontgoocheld heb.
En blijf het mij in mijn oor en in mijn hart fluisteren:
“Menslief, Ik hou van jou”.
Erwin Roosen

Zending en zegen

Wie van dwaalwegen terugkeren
worden door God ontvangen met feest en vrolijkheid.
Ook zij die menen dat ze altijd trouw Gods wegen bewandelen
worden uitgenodigd om in die blijdschap te delen.
Met die boodschap gaat ieder van ons weer zijn eigen weg.
Als wij op die weg in Zijn voetspoor lopen
zal onze God van vreugde ons zegenen:
in de naam + van de Vader, de Zoon en de heilige Geest Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.