22e zondag door het jaar C 2007

ZONDAGSVIERINGEN
Twee-entwintigste zondag C-jaar (02 09 2007)

Begroeting

Van harte welkom.
We mogen verheugd zijn dat wij samen eucharistie mogen vieren
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord

‘Hij staat aan de kant van de armen
en trekt zich het lot van de zwakken aan’.
Zo wordt God getypeerd in de Bijbel.
Hij geeft voorrang aan wie achterop loopt,
aan wie achteruit wordt gesteld.
Vandaag vraagt Hij ons te kiezen zoals hij kiest,
en ons het lot aan te trekken van hen die niet aan de bak komen.
Hij daagt ons uit om zo goed als God te zijn.

‘Goed als God zijn’,
het klinkt pretentieus
maar het vergt veel bescheidenheid,
zo veel dat wij die vaak niet kunnen of niet willen opbrengen.
Daarom doen wij er goed aan
om in alle nederigheid
voor Hem en voor elkaar onze schuld te erkennen.

Vergevingsmoment

Er is iets aan de hand
als wij alleen maar onze vrienden groeten
zonder het op te nemen voor jou,
die door Jan en alleman verlaten bent,
zonder dak, zonder menselijke contacten…
Daarom vragen wij:
Heer ontferm U over ons.

Er is iets aan de hand
als wij weer eens over ‘liefde’ praten
zonder het op te nemen voor jou,
die ontmoedigd of verbitterd ronddoolt…
Daarom bidden wij:
Christus, ontferm U over ons.

Er is iets aan de hand
als wij hier, binnen eigen kring, binnen eigen kerk,
knusjes en zelfs een tikkeltje zelfvoldaan,
bidden en eucharistie vieren,
zonder het op te nemen voor jou,
die niet terecht kunt in een kerkgebouw.
Daarom vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed 1

Al wat klein en nederig is, Heer,
wordt door u verheven.
Wij beseffen vaak onvoldoende
hoe arm en hulpbehoevend wij zijn,
en toch hebt Gij ons rond uw tafel samengebracht.
Wij bidden U om zorg, zorgvuldigheid en bewogenheid;
maak ons stil en ontvankelijk
zodat wij kunnen luisteren met de oren van ons hart
naar het woord dat U tot ons spreekt
in Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 2

Heer, onze God,
wij zijn dankbaar voor onze vrienden en relaties,
voor het geluk met hen samen te zijn aan één tafel.
Maar wij bidden U:
mogen wij, in navolging van uw Zoon,
aan onze tafel ook anderen welkom heten:
de kleinen, de armen,
de mensen die ons niets kunnen teruggeven.
Zo alleen werken wij aan een rechtvaardige wereld,
aan wat Gij hebt bedoeld,
aan het evangelie dat Jezus ons heeft voorgeleefd.


Lezingen
Luisteren we hoe God ons in de woorden van de Schrift oproept tot nederigheid

Eerste lezing (Jezus Sirach 3,17-18. 20.28-29)

Uit het boek Ecclesiasticus

17         Wat je doet, mijn kind, doe dat met zachtheid
en je zult meer bemind worden
dan iemand die geschenken geeft.
18         Hoe hoger je staat,
des te kleiner moet je je maken,
en je zult genade vinden bij de Heer.
20         Want groot is de barmhartigheid van de Heer
en aan de nederigen toont Hij zijn geheimen.
28         Voor de kwaal van de hoogmoedige bestaat geen genezing,
want de plant van de slechtheid heeft wortel geschoten in hem.
29         Het hart van de verstandige mens denkt na over de spreuken;
wat de wijze voor zichzelf wenst is een oor dat luistert.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Hebreeën 12,18-19.22-24a)

Uit de brief aan de Hebreeën

Broeders en zusters,
18         U bent niet genaderd tot een tastbaar en laaiend vuur,
met duisternis, donderwolken en stormwind,
19         waar de trompet klonk en de stem de woorden sprak,
en de toehoorders smeekten
dat zij niet langer tot hen zou spreken.
22
         Nee, u bent genaderd tot de berg Sion
en de stad van de levende God, het hemelse Jeruzalem,
tot duizenden engelen, de feestelijke
23         vergadering van de eerstgeborenen
die in de hemel zijn ingeschreven,
tot God, de rechter van allen,
tot de geesten van de rechtvaardigen
die de voleinding bereikt hebben,
24         en tot Jezus, de middelaar van een nieuw verbond.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Lucas 14,1.7-14)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

1          Op een sabbat ging Jezus bij een van de leiders van de farizeeën thuis eten;
zij letten scherp op Hem.
7
         Omdat Hij zag hoe de genodigden de ereplaatsen uitzochten,
hield Hij hun een gelijkenis voor:
8          `Wanneer u op een bruiloft bent genodigd,
ga dan niet op de ereplaats zitten.
Misschien heeft de gastheer iemand uitgenodigd
die belangrijker is dan u,
9          en dan zal hij naar u toe komen en zeggen:
`Sta uw plaats aan hem af.”
Vol schaamte moet u dan achteraan gaan zitten.
10         Ga liever, als u ergens uitgenodigd bent, achteraan zitten.
Dan zal de gastheer naar u toe komen en zeggen:
`Vriend, kom meer naar voren.”
Dat zal een eer voor u zijn in het oog van al uw disgenoten.
11         Iedereen immers die zich verheft zal vernederd worden,
maar wie zich vernedert zal verheven worden.’
12         Hij zei ook nog, nu tegen zijn gastheer:
`Wanneer u ’s middags of ’s avonds een feestmaal geeft,
roep dan niet uw vrienden bij elkaar,
of uw broers, of uw familie, of rijke buren.
Die zouden u op hun beurt uitnodigen, om iets terug te doen.
13         Nodig liever, als u een feest aanricht, armen uit,
gebrekkigen, kreupelen en blinden.
14         Wat een geluk voor u dat zij er niets tegenover kunnen stellen.
Want het zal u teruggegeven worden
bij de opstanding van de rechtvaardigen.’
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof in God, die liefde is
en ons de wereld schenkt.

Ik geloof ook dat God ons roept en zendt
om van deze wereld een thuis te maken:
een wereld zonder honger,
zonder oorlog, zonder haat,
een wereld vol goedheid,
rechtvaardigheid en vrede.

Ik geloof in Jezus Christus,
die geroepen en gezonden werd
om lief en leed met ons te delen
om, geborgen in Gods liefde,
zich te geven aan de mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om lief en leed te delen in liefde met elkaar.
Ik geloof dat de Heer zijn Geest van liefde
schenkt aan alle mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om van zijn blijde boodschap te getuigen
in woord en daad;
opdat alle mensen van de wereld
broers en zusters zouden worden
in de kerk van zijn liefde,
op weg naar zijn rijk van vrede
en vriendschap voor altijd.
Amen.

Voorbeden 1

Richten wij ons biddend tot God,
die iedere mens uitnodigt aan zijn tafel:

– Bidden wij voor de hongerigen en de dorstigen,
voor de zoekers naar onderdak en geborgenheid;
dat wij hen niet over het hoofd zien
maar een uitnodigende hand naar hen uitsteken.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor hen die een plaats zoeken aan Gods tafel,
voor hen die Gods tafel de rug hebben toegedraaid.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor hen die meer interesse hebben in hebben dan in zijn,
voor hen die niet de kans krijgen zichzelf te zijn,
voor hen die genoeg hebben aan zichzelf en geen oog hebben voor een ander.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor deze geloofsgemeenschap:
dat rangorde geen rol daarin zou spelen
en dat de deuren van deze kerk zouden open staan voor iedereen
zodat mensen mogen ervaren dat ze hier altijd welkom zijn.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden wij voor de hoogmoedigen,
voor hen die prat gaan op relaties en klinkende namen.
Heer, Gij die hun de voornaamste plaats hebt afgewezen,
laat hen – en ons – streven naar wat meer bescheidenheid.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die diep vernederd worden en klein worden gehouden,
vanuit de hoogte bekeken en behandeld.
Heer, Gij die alle mensen uitnodigt,
laat ons onze stem verheffen
voor allen die geen stem hebben en geen gehoor vinden.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die zich kwetsbaar durven opstellen,
voor hen die oog hebben voor eigen menselijke fouten,
mensen die zich nooit opdringen
en ook geen valse bescheidenheid ten toon spreiden.
Heer, help hen en ons om eerlijk en gelijkwaardig met al uw mensen om te gaan.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven

Gij daagt ons uit, Heer,
om recht te doen aan de ontrechten,
om heel te maken wat gebroken is,
om vrede te zijn.
Laat dit brood en deze wijn,
begin zijn van een nieuw bestaan:
maak dat ons breken en delen met elkaar
een teken kan zijn van onze goede wil,
in Jezus Messias, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen delen
om anderen een menswaardig bestaan te verzekeren,
voor hen die hun huis gastvrij openstellen.

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen luisteren
naar het leed van anderen,
die wonden genezen
door de pijn te helpen dragen;
voor mensen die kunnen troosten.

Wij danken U, God,
voor mensen die rust en stilte brengen,
die oog hebben voor kleine dingen,
die zich verheugen in de grootheid van anderen.

Wij danken U, God,
voor mensen die hongeren naar gerechtigheid,
die lijden omwille van het onrecht
dat anderen wordt aangedaan.

Wij danken U, God,
voor mensen die mild zijn in hun oordeel,
die eerbied hebben voor het leven,
die hun hart openen voor vergeving en verzoening.

Wij danken U, God,
voor mensen die zuiver zijn in hun bedoelingen,
die oprecht zijn in hun woorden,
die trouw blijven aan hun vrienden.

Wij danken U, God,
voor mensen die zich spiegelen
aan de levenswijze van Jezus.
Met hen getuigen en loven wij U, God:

Heilig, heilig, heilig de Heer…

Geen andere zekerheid is ons gegeven, Heer God,
dan op weg te zijn naar U.

Ons zoeken naar U
maakt ons tot een volk onderweg.
Mensen die verdwalen worden toegesproken
door Jezus, uw zoon,
die de Weg, de Waarheid en het Leven is.
En als wij ons nestelen in onze zelfgenoegzaamheid,
Heer, roep ons dan weer op.

Toen Jezus die laatste avond met zijn vrienden aan tafel zat
gaf Hij hun een heilig teken:
Hij nam wat brood, dankte U, Vader,
brak het, deelde het uit en zei:
Neem en eet hiervan, dit is mijn lichaam,
voor u gebroken, aan u toevertrouwd
.”

Na de maaltijd nam Hij ook de beker, zegende die,
gaf hem rond en zei:
Neem en drink hieruit, dit is mijn bloed,
mijn levenskracht, voor u vergoten
tot vergeving van zonden,
tot verbondenheid onder mensen.
Kom samen, en doe dit telkens opnieuw,
en weet dan dat Ik bij u ben
.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Wij bidden U, Heer God,
stuur ons op weg in de geest van Jezus, uw zoon:
dat wij nieuwe wegen van goedheid banen,
paden van gerechtigheid en onderlinge vrede;
dat wij het leven leefbaar maken
en het puin ruimen van ons egoïsme.

Doe onder ons profeten opstaan
die het vuur van uw goedheid brandend houden,
die uw licht laten stralen,
ook in donkere momenten van ons leven.
Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn, Heer onze God,
die ons doet leven dank zij uw Geest,
hier en nu en in de eeuwen der eeuwen. Amen.


Onze Vader

Om niet ontvingen wij onszelf uit de handen van onze God van Liefde.
Tot Hem leerde Jezus ons bidden:
Onze Vader,…

Leer ons leven, Vader, als nieuwe mensen
die de oude vertrouwde dingen
verstaan met een nieuw hart,
een hart
dat in elk goed woord, in elke goede daad,
het wonder erkent dat leven heet.
Dan zullen wij vol vertrouwen kunnen uitzien
naar de komst van Jezus Messias uw Zoon,
Want van u is het koninkrijk,….

Vredeswens

Vrede en alle goeds is je toegewenst,
vrede, diep in je hart,
vrede, die je de ogen opent voor de schepping,
voor de kleine dingen,
voor al wie je mag ontmoeten langs je weg.
Moge de eenvoud,
de verwondering, de verbondenheid en de vriendschap
ons vervullen met Gods vrede,
vandaag, morgen en altijd.
Die vrede van de Heer, zij altijd met u.
Geven wij elkaar een hartelijke blijk van onze vredeswil.

Lam Gods

Communie

Onze God wil voor ons gastheer zijn in ons midden.
Daarom brak Hij zich tot voedsel
dat uitgedeeld wordt aan allen die komen aanzitten
aan de feestmaaltijd der volkeren.
Zie het Lam Gods dat wegneemt de zonden der wereld.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Zou het kunnen, God,
dat ik spontaan en zonder berekening
mijn hand kan uitsteken
naar al die mensen om me heen?
Dat ik – om uw woorden te gebruiken –
armen, gebrekkigen, kreupelen en blinden
aan mijn tafel uitnodig?

Zou het kunnen, God,
dat ik de eenzaamheid van anderen deel,
dat ik luister naar de pijn van mensen om me heen,
dat ik me neerzet
bij wie vermoeid en uitgeput langs de weg ligt?

Zou het kunnen, God,
dat verharde mensen weer ontdooien,
dat gebroken ruggen zich rechten,
dat onverschilligen
weer geestdriftig worden en enthousiast?

Zou het kunnen, God,
dat die kerk van U
zich niet nestelt in genoeg-hebben-aan-zichzelf,
maar de hand uitsteekt
als een dak boven de hoofden
van daklozen,
van straatkinderen,
en van mensen zonder houvast?

Bezinning 2

Zou het kunnen, God,
dat ik vanzelf mijn handen uitsteek naar al die mensen om me heen – zomaar?
Dat ik ‘arme mensen’ weer de moeite waard vind?

Zou het kunnen, God,
dat ik de eenzaamheid van anderen deel
en al die onachtzaamheid en vermoeidheid niet achteloos over het hoofd zie?

Zou het kunnen, God,
dat verharde mensen ontdooien en aan hun trekken komen,
dat onverschillige mensen geestdriftig worden en enthousiast?

Zou het kunnen, God,
dat die kerk van U – die kerkgemeenschap van ons hier –
zich niet afsluit, zich niet afschermt,
maar ‘kleur durft bekennen’,
armen durft uitnodigen
en op de uitnodiging van armen durft ingaan?

Zou het kunnen, God,
dat mensen van overal aanschuiven,
uit alle klassen en standen,
mensen uit alle beroepen en alle leeftijden,
mensen die elkaar blijven roepen
en weer één grote familie vinden?

Slotgebed

Je moet je niet groter voordoen dan je bent – zegt God.
Ik weet wat er in je omgaat.
Ik ken je, vanbuiten én vanbinnen.
In het diepste van jouw hart
heb Ik mijn hart gelegd.
Misschien heb je dat al ontdekt.
Misschien nog niet.
Maar je mag erop vertrouwen dat Ik zorg voor je draag,
wat er ook gebeurt,
en dat Ik je ooit zal uitnodigen
om voor altijd te delen in mijn vreugde.
Je kunt je daar nu al op voorbereiden
door dienstbaar te zijn en lief te hebben in mijn naam.
Erwin Roosen

Zegen en zending

Mogen wij door deze viering
bemoedigd zijn in ons geloof,
gesterkt zijn in ons vertrouwen,
gegroeid zijn in liefde,
en gezegend worden door de algoede God:
+ de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.