22e zondag door het jaar B 2015 p

30 aug 2015   (Viering)

Vuile handen.
(Marcus 7, 1-8.14-15.21-23)
Het zit er weer bovenarms op.  Wat heeft Jezus toch met Farizeeën en Schriftgeleerden? Ze stellen een onschuldige vraag en doen dat beleefd. ‘Waarom eten uw leerlingen met ongewassen handen’. Waarop Jezus onmiddellijk zwaar geschut bovenhaalt. Bot, afwijzend, verwijtend. Is dat de Jezus die zo clement met zondaars omgaat? Je zou bijna medelijden met de Farizeeën krijgen. Ze zijn precies altijd de kop van Jut. Vandaag worden ze voor huichelaars versleten, ergens anders noemt Jezus hen ‘addergebroed’ of vergelijkt Hij hen met witgekalkte graven. Keurig-netjes van buiten, stinkend-rot van binnen. Het zal je maar gezegd worden. Temeer omdat vanuit het gezichtspunt van Farizeeën en Schriftgeleerden de vraag over die vuile handen heel begrijpelijk is. Ze houden zich nu eenmaal  rigoureus in alles aan de wet die Mozes hun had gegeven. Zijn ervan overtuigd dat ze er geen jota mogen aan veranderen.

Er zijn meer situaties in het leven van Jezus waar hij kwaad en ongemeen heftig uit z’n krammen schiet. En bijna altijd draait de discussie rond de vraag naar de juiste visie op de naleving van de wet. Zoals vandaag met de kwestie van de traditionele reinheidsvoorschriften.  Die – tussen haakjes – niets met een toenmalige grieppandemie te maken hadden. Wel met wàt zijn leerlingen met ongewassen handen aten. Brood namelijk. En Jezus heeft iets met brood, dat hebben we de jongste weken herhaaldelijk gehoord. Dat het precies om brood ging is in mijn ogen niet zomaar een detail. Het heeft waarschijnlijk de woede van Jezus die zichzelf levengevend brood noemt, nog aangescherpt.

Is Jezus een anarchist die de wetten verwerpt louter en alleen omdat ze wetten zijn? Nee, herinner u dat Hijzelf bijvoorbeeld niet te beroerd was om bij ’t begin van zijn openbaar leven in de lange rij van wachtende mensen te gaan staan om door Johannes te worden gedoopt.  Later stelt hij heel duidelijk dat Hij niet gekomen is om de wet af te schaffen, wel om ze haar volle betekenis te geven. Hij legt er met andere woorden enkel de nadruk op dat ze slechts zin en geldingskracht heeft in zover zij in dienst staat van het Rijk Gods, d.w.z. van de bevrijding, het heil, het geluk van de mens. Overigens is het u ook opgevallen dat Jezus niets zegt over dat eten met ongewassen handen op zichzelf? Over dat concreet voorschrift doet hij geen uitspraak. Hij gooit het over een andere boeg. Heeft het meteen over de innerlijke gezindheid en oprechtheid van het hart.

Jezus fulmineert enkel tegen wetten die een eigen leven gaan leiden, los van de diepste drijfveren van waaruit ze geboren zijn. Hij maakt schoon schip met letterknechterij, formalisme, schijnheiligheid, magie en met alles wat ruikt naar façade-vroomheid en dito trouw. Hij wil ons duidelijk inprenten dat fanatieke wetgetrouwheid  gebakken lucht is als ze niet in dienst staat van een eerlijke, solidaire relatie met de medemens. Jezus’ wens naar ons toe is dat we met rechte rug en onverkrampt in het leven staan. Los van die loden last van geboden en verboden die belet dat we zijn bevrijdende boodschap écht beleven.

Nogal wat christenen van vandaag zullen zich in het conflict waar het in dit evangelie om gaat, terugvinden. Neem het kwaad en geërgerd zijn op religieus vlak, zoals Jezus het was. De emotionele reactie van Jezus is voor velen in onze tijd moeiteloos herkenbaar. Vooral wanneer zijzelf ervaren hoe ontoegankelijk als een afgedekte jampot Kerken zich soms ten opzichte van een frisse, eigentijds-evangelische inspiratie opstellen.  Wie denkt dat ik overdrijf kan best eens naar de gekrenkte gevoelens peilen van gelovige holebi’s en hun families. Het Vaticaanse njet-standpunt ten opzichte van een eventuele verbintenis doet hen enorm pijn.

Op alle niveaus trouwens is een ayatollah-mentaliteit, enkel en alleen gebaseerd op gezagsargumenten, passé.  Een vader die een kind te verstaan geeft dat het moet gehoorzamen louter en alleen ‘omdat hij het zegt’, mag een stevige riposte verwachten. Een leerkracht die in de school zonder enige toelichting blinde volgzaamheid van de studenten eist, krijgt het gegarandeerd moeilijk. Regels die hun kracht niet aan hun eigen inhoud ontlenen, zijn geen goede regels.

Me dunkt dat er voor ons, christenen, werk aan de winkel is.
Te beginnen met opnieuw te leren nadenken over de eigenlijke bedoelingen van Jezus met de mens, wars van een soms hardnekkige drang naar absolute uitspraken, of naar schone schijn, hoe religieus die ook moge gemotiveerd zijn.
Nadenken ook over het herformuleren van oude wetten naar onze tijd toe. Voor iedere generatie christenen telkens opnieuw een opgave.
En tot slot en vooral, nadenken over dat onderscheid tussen de geest van de wet en de letter van de wet.  Alvast mooi meegenomen is dat nadenken ook met vuile handen kan.
Rita Kuijpers.

 

Dit bericht is geplaatst in Onze preken. Bookmark de permalink.