21e zondag door het jaar C 2019

25 08 2019

Begroeting

Moge de God van hoop ons nabij zijn.
Moge zijn vreugde en zijn vrede ons vervullen
nu wij hier samen zijn
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Wie mag binnen in het Koninkrijk van God?
Iedereen is uitgenodigd, horen we in de eerste lezing.
Wel uitgenodigd, maar dat betekent nog niet dat je ook binnen mag,
voegt Jezus in het evangelie eraan toe.
Je krijgt geen toegangsbewijs vooraf.
De deur is smal,
het vergt de nodige inspanning
om door de nauwe deur binnen te komen.
Velen zullen het proberen, maar niet slagen.
Vertrouwelijke omgang met God is geen garantie
opdat een mens gered zou worden.
Je moet ook je dagelijkse doen afstemmen op zijn Woord,
je de vraag durven stellen:
doe ik barmhartigheid,
kan ik vergeven,
wat doe ik daadwerkelijk
om het samenleven van mensen een beetje beter te maken?

Openingswoord 2

“Het is een smal deurtje dat toegang geeft tot het Rijk van God”
zegt Jezus ons vandaag.
En je wordt slechts binnengelaten
als je voldaan hebt aan het ene geldende criterium:
gerechtigheid doen.
Wie zijn deur dicht hield voor zijn medemens in nood,
staat op zijn beurt voor de gesloten deur van het Rijk Gods.
Slechts voor wie geleefd heeft met een open hart voor de ander,
voor hem of haar zal worden opengedaan.

Gebed om ontferming 1

-Voor de keren dat wij geluisterd hebben naar uw Boodschap, Heer,
maar enkel vrijblijvend erover hebben gesproken
zonder dat we een inspanning deden
om ze ook in ons persoonlijk leven toe te passen,
vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Voor de keren dat we zo maar praatten over koetjes en kalfjes
om toch maar pijnlijke onderwerpen uit de weg te gaan
en daardoor mensen in de kou lieten staan,
bidden wij:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Voor de keren dat we gedaan hebben
alsof er geen vuiltje aan de lucht was
en we om onrecht heen liepen,
vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

God,
bij wie liefde het eerste en laatste woord is,
vergeef ons
en help ons uw Woord zichtbaar te maken in ons leven,
vandaag en alle dagen die komen. Amen.

Gebed om ontferming 2

Heer, bewust van onze grenzen en tekortkomingen
bidden we om vergeving.

-Soms laten we ons zelfverzekerd meeslepen
door onze eigengereidheid.
Dan snijden we medemensen de pas af en verstikken hen.
Daarom bidden wij om vergeving.
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Vaak geven wij, omwille van valse zekerheden,
de levenskracht van Jezus geen kans in ons leven.
En toch wensen we dat onze betrokkenheid op anderen het haalt
op ons verstikkend eigenbelang.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Soms zitten we zozeer op een dood spoor,
dat we hopen anderen te mogen ontmoeten
die nieuwe perspectieven voor ons openen.
Heer, kom ons dan in hen tegemoet.
Heer, ontferm U over ons.
Heer ontferm U over ons.

Moge God ons telkens weer genadig zijn
en onze ware bedoelingen uitzuiveren. Amen.
naar Thomasvieringen

Lofprijzing

Laten wij de Heer loven en prijzen
en dankbaar zijn voor zijn schepping
waarin Hij ons geschapen heeft naar zijn beeld en gelijkenis.
Danken wij Hem
voor het licht van zon, maan en sterren,
voor de pracht van bloemen en planten,
voor het wisselen van de seizoenen
en voor alle leven hier op aarde.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
omdat Hij zijn Zoon heeft gezonden,
die ons de werkelijke waarden van het leven
heeft kenbaar gemaakt
en ons de weg heeft getoond naar het eeuwig leven.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen
in alle mensen die zich met hart en ziel inzetten
voor het geluk en het welzijn van medemensen,
voor de verdere uitbouw van zijn schepping,
voor het blijven uitdragen van zijn Boodschap,
voor een wereld van vrede, zonder haat of tweedracht.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Laten wij de Heer loven en prijzen:
voor het geluk dat we mogen vinden in zoveel kleine dingen:
de glimlach van een kind,
een onverwacht teken van liefde,
een luisterend oor,
voor een gebaar van troost,
een woord van dank,
en het warme gevoel bij intens geluk.

Heer, hiervoor willen wij U danken, loven en prijzen.

Openingsgebed 1

2od,
Gij wilt dat wij onze uiterste best doen
om door de nauwe deur binnen te gaan.
In ons leven stuiten we vaak op moeilijkheden en op weerstand.
Wij vragen U:
geef ons de moed en de kracht
om onze tegenslagen te boven te komen
en sterk ons in het vertrouwen
dat Gij steeds het goede met ons voor hebt,
vandaag en alle dagen. Amen.

Openingsgebed 2

God van alle tijden,
Gij wilt al uw mensen verzamelen,
hen bijeenbrengen uit alle windstreken
en van hen uw ene volk maken.
Wij bidden U:
raak ons met uw Woord,
breek onze weerspannigheid
en adem ons open
zodat wij groeien in verbondenheid met U en met elkaar.
Wij vragen U dit in Jezus’ naam. Amen.

Lezingen

Wie mag binnen in het Koninkrijk van God?
Alle volkeren en talen zijn welkom, is de boodschap van onze eerste lezing.
Maar, zo horen we Jezus eraan toevoegen,
God verwacht wel dat wij van onze kant,
ernstig werk maken
van onze inzet voor gerechtigheid.
Ook Gods medaille heeft twee kanten.

Eerste lezing 1 (Jes., 66, 18-21)

Uit de profeet Jesaja

18 Ik kom om alle volken en talen te verzamelen;
zij zullen komen en mijn glorie zien.
19 Ik geef hun een teken, en hun overlevenden zend Ik naar de volken,
naar de verre eilanden, die mijn roem nog niet hebben gehoord
en mijn heerlijkheid nog niet hebben gezien;
zij zullen mijn heerlijkheid onder de volken verkondigen.
20 Dan brengen zij al uw broeders uit de volken mee,
als een offer voor de Heer,
op paarden, wagens,
huifkarren, muildieren en draagstoelen,
naar mijn heilige berg Jeruzalem,
zoals Israëls zonen in reine vaten
hun gaven naar het huis van de Heer brengen’, zegt de Heer.
21 `En ook uit hen zal Ik priesters en Levieten kiezen’, zegt de Heer.
KBS Willibrord 1995

Eerste lezing 2

Uit de profeet Jesaja 66, 18-21

Na de terugkeer van vele ballingen uit Babylonië,
eind zesde eeuw voor Christus,
verloopt de heropbouw van het land heel moeizaam.
Tussen hen die achterbleven en zij die zijn teruggekeerd,
ontstaan vele conflicten, vaak met geweld.
Jesaja roept iedereen op om God te eren en elkaar te helpen.
Hij eindigt zijn boek met een eerbetoon aan God
en het vooruitzicht van een vrede over de hele wereld.

Vanuit zijn diep vertrouwen in de Heer, verkondigt Jesaja:
‘De heer komt om alle volkeren in vrede bij elkaar te brengen.
Ze zullen allemaal zijn heerlijkheid zien, zien welke kracht van Hem uitgaat.
En Hij zal iets heel bijzonders doen.
Zelfs mensen die Hem niet eren,
zal Hij kiezen om hen uit te sturen naar andere volkeren.
Naar heel verre streken, naar de verste eilanden, waar ze nog niet gehoord hebben van zijn kracht.
Daar moeten ze getuigen van het belang van zijn gebod om in vrede te leven.
Vervolgens moeten ze ook de volksgenoten die er gevangen zitten, terughalen. Ze moeten hen terugbrengen naar Jeruzalem, met paarden en wagens, met ezels en kamelen.
Het is een geschenk ter zijner ere als ze allemaal naar de heilige berg Sion komen.
En wanneer mensen hun offergave naar de tempel brengen, zal er altijd feest zijn.
Ook mensen van andere volkeren zullen Hem als priester dienen,
want Hij is er voor alle volkeren ter wereld.

Hendrik Van Moorter
Catechesehuis

Tweede lezing (Heb., 12, 5-7. 11-13)

Uit de brief aan de Hebreeën

            Broeders en zusters,
5           Bent u het Schriftwoord al vergeten
dat u als kinderen aanspreekt en u bemoedigt:
Kind, minacht de terechtwijzing van de Heer niet,
laat je door zijn straf niet ontmoedigen.
6           Want de Heer wijst hen terecht die Hij liefheeft,
Hij straft ieder die Hij als zijn kind erkent.
7           U moet het verdragen, het draagt bij tot uw opvoeding;
God behandelt u als kinderen.
Ieder kind wordt wel eens door zijn vader gestraft.
11         Tucht is nooit prettig,
op het moment zelf is er meer verdriet dan blijdschap;
maar op de lange termijn levert ze
voor degenen die zich door haar lieten vormen,
de vrucht op van vrede en gerechtigheid.
12         Daarom, hef de slappe handen op, strek de wankele knieën,
13         laat uw voeten rechte wegen gaan;
het kreupele lichaamsdeel mag niet ontwricht worden, maar moet genezen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Lc., 13, 22-30)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

22         Jezus trok door steden en dorpen, waar Hij onderricht gaf,
onderweg naar Jeruzalem.
23         Iemand vroeg Hem:
`Heer, zijn het er maar weinig die gered worden?’
Hij zei tegen de mensen:
24         `Doe wat u kunt om door de nauwe deur binnen te komen,
want Ik verzeker u, velen zullen proberen binnen te komen,
maar er niet in slagen.
25         Vanaf het moment dat de heer des huizes is opgestaan
en de deur heeft afgesloten, zult u buiten moeten blijven.
U zult op de deur gaan bonzen en roepen:
`Heer, doe open”, en Hij zal u antwoorden:
`Ik ken u niet. Waar komt u vandaan?”
26         Dan zult u zeggen:
`We hebben met U gegeten en gedronken,
en in onze straten hebt U onderricht gegeven.”
27         En Hij zal tegen u zeggen:
`Ik ken u niet. Waar komt u vandaan?
Ga weg allemaal, bedrijvers van onrecht die u bent!”
28         Dat zal een gejammer zijn en een tandengeknars,
als u Abraham en Isaak en Jakob
en alle profeten in het koninkrijk van God zult zien,
terwijl u eruit gegooid wordt.
29         Dan zullen ze komen van oost en west,
van noord en zuid,
en aan tafel gaan in het koninkrijk van God.
30         Let op, laatsten zullen eersten zijn,
en eersten zullen laatsten zijn.’
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

God roept ons op tot daadkrachtig geloof.
Leggen wij, als gemeenschap, daarvan getuigenis af.

Wij geloven in God de Vader,
die zijn schepping in onze handen heeft gegeven
om er een woning van te maken
waarin het goed is om te leven.

Wij geloven in de Zoon Jezus Christus,
die bij ons kwam wonen en nu leeft
in de harten van de mensen.
Hij is ons voorbeeld van liefde tot het uiterste.

Wij geloven in Gods Geest,
die ieder van ons de kracht geeft
om aan het rijk van God mee te bouwen.

Wij geloven in een gemeenschap
waarin elkeen zorg draagt voor de ander;
waarin eenieder aan de Blijde Boodschap
gestalte geeft door woord en daad.

Wij geloven dat een mensenleven
nooit zal eindigen
en dat we hoopvol mogen uitzien
naar het eeuwig geluk bij de Vader. Amen.


Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en dit brood en deze wijn aan Hem op te dragen.

-Bidden wij dat de gezindheid van Jezus
mag wortel schieten in het hart van de mensen.
Dat er goedheid en verdraagzaamheid van mens tot mens moge groeien.
Dat wij ruimhartig mogen worden, mild, geduldig en trouw.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor wie, uit onmacht of uit boosheid,
anderen het licht van het leven niet gunnen,
omdat ze anders zijn en vreemd.
Breng hen tot het inzicht, Heer,
dat wij allen kinderen zijn van dezelfde Vader.
Laten wij bidden…

-Bidden wij om nederig geloof
dat openstaat voor wat waar is in andere religies en opvattingen.
Moge Kerken beseffen dat zij slechts over één soort macht beschikken:
de macht van de liefde
om zonder pretentie het dienstwerk voort te zetten
dat Jezus aan deze wereld heeft voorgedaan
ten bate van armen, kleinen en uitgestotenen.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor hen die genieten van hun laatste stukje vakantie.
Dat deugddoende zon en rust hen moge inspireren om hun onderlinge relatie
en de relatie met hun kinderen, familie en vrienden te cultiveren.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

-Bidden wij dat wij ons niet opsluiten in onszelf
zodat we ontoegankelijk worden voor anderen,
maar dat we de deur van ons hart telkens weer openen
voor mensen die bij ons aankloppen.
Laten wij bidden…

-Bidden wij om moed en kracht om ons kwetsbaar op te stellen,
in het bijzonder voor de vreemdelingen in ons midden.
Dat zij niet gemarginaliseerd worden,
maar de kans krijgen ons te verrijken met hun zienswijzen en tradities.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor onszelf.
Dat wij met elkaar verbonden mogen zijn in liefde en trouw,
en dat onze omgang met elkaar gekenmerkt mag zijn
door respect en oprechte zorg voor elkaar.
Laten wij bidden…

-Bidden wij voor onze geloofsgemeenschap.
Dat zij herkenbaar mag zijn aan haar streven naar gerechtigheid
en dat wij anderen, die datzelfde nastreven,
mogen erkennen als broers en zusters.
Laten wij bidden…
naar A. De Lange

Gebed over de gaven 1

God en Vader,
geef ons een voorsmaak van uw Koninkrijk
wanneer wij het Brood en de Beker
– die Gij ons in Jezus hebt geschonken –
breken en delen met elkaar.
Leer ons te leven naar zijn voorbeeld
en huizen te bouwen van vrede
waar plaats is voor velen.
Herinner ons telkens opnieuw eraan
dat wij, in de hongerigen die wij te eten geven,
U te eten geven;
dat wij, in de vreemdeling die wij opnemen,
U hebben opgenomen. Amen.

Gebed over de gaven 2

Heer,
ons leven, onze wereld heeft iets van een wankele tafel.
Daarop legt Gij uw Brood, uw Leven.
Laten wij, met U, rond deze tafel,
nadenken over wat er fout liep
en danken voor het goede dat we van mensen mochten ondervinden.
Moge uw levensgaven ons oriënteren op U en op elkaar. Amen.

Tafelgebed

God, hoe wonderlijk zijn de wegen die Gij met ons gaat.
Gij roept ons bij onze naam om medemens te zijn,
om schouder aan schouder de weg van het leven te gaan,
om te groeien naar uw beeld en gelijkenis.

Wij danken U voor allen
die ons woorden van hoop en vrede toespreken,
die ons nabij blijven in uren van angst en onzekerheid,
in uren van pijn en eenzaamheid,
die met ons meegaan
en ons doen groeien tot nieuwe levenskracht.

Wij danken U
voor al het goede en het geluk dat wij mogen ervaren,
voor wat ons mild en hoopvol stemt,
voor wat ons nieuwe perspectieven aanreikt,
voor wat onze diepste levenskrachten aanspreekt.
Daarom richten wij ons tot U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.

Gij die telkens weer de mens bezielt,
Gij die telkens weer geroepen wordt bij wieg en graf,
bij rouwen en bij ‘ houden van ‘,

naar U wordt uitgezien als naar een hemel die ons wacht:
Jezus Christus,
die zich als brood voor de wereld heeft geschonken.

Toen de wereld Hem niet meer aanvaardde,
zijn stem niet meer gehoord mocht worden,
zijn genezende aanwezigheid verdwijnen moest,
heeft Hij ten afscheid brood genomen,
het gebroken en gezegd:
“Dit ben Ik, mijn Leven, mijn Droom,
u in handen gegeven,
opdat er leven mag zijn voor iedereen.”

Hij heeft de beker genomen
en doorgegeven met de woorden:
“Neem deze van Mij over en drink eruit,
mijn Bloed voor u vergoten, een nieuw begin.
Blijf dit doen om Mij niet te vergeten.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Wij bidden,
open ons hart
voor de vragende aanwezigheid van mensen,
open onze ogen,
opdat wij het zoeken van mensen zouden zien,
open onze oren,
opdat wij het diepste verhaal van mensen zouden horen.
Geef dat wij ons zo bewust mogen worden
dat breken en delen het geheim is van samen-leven.

Zo komen wij op het spoor van Jezus,
die mensen doet opstaan uit onmacht en verlamming,
en bouwen wij mee aan een wereld
waar ruimte is voor iedereen,
waar mensen met elkaar de weg van het leven gaan.

Wij bidden voor hen
die een stuk levensweg met ons zijn meegegaan,
voor hen die op ons rekenen,
voor hen die naast ons staan
en ons bemoedigen.
Wij gedenken ook hen
van wie wij afscheid hebben genomen;
ook al zijn zij gestorven,
zij blijven tot ons spreken en ons inspireren.

Beziel ons met uw Geest,
boetseer ons tot mensen voor mensen,
evenbeelden van uw zorg om alles en allen.
Maak onze handen vrij
en leer ons brood breken, wereldwijd;
leer ons hoop schenken
aan de mensen van nu en morgen.

Geef dat het zichtbaar is dat wij uw mensen zijn,
levende wezens van tastbare liefde,
van voelbare toekomst,
van een levende God.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, barmhartige Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu, en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Opdat de Geest van Christus in ons werkzaam zou kunnen zijn,
moeten wij ons verbonden voelen met God, ons aller Vader.
En daarom bidden wij:
Onze Vader…

Vaak voelen wij ons klein en machteloos.
Toch schuilen ook in ons krachten van geloof, hoop en liefde.
Moge wij bij elkaar die krachten tot leven wekken,
zodat er in ons midden een beweging op gang komt
van geloof , hoop en liefde
die sterker is dan alle aardse machten.
Dan zullen wij hoopvol mogen uitzien
naar de wederkomst van Jezus  Messias, uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk…

Vredeswens 1

Vrede vind je niet in de kracht van wapens,
in dreigende woorden of rollende spierbundels.
Vrede vind je in liefde.
Vrede vind je niet in duistere zaakjes.
Vrede vind je in het licht.
Vrede vind je niet in eigenbelang eerst.
Vrede vind je in het Rijk dat God schenkt als wij vrede maken.
De vrede van God zij altijd met u.
En laten wij die vrede elkaar van harte toewensen.

Vredeswens 2

Als je op weg gaat,
heb dan oog voor wie klein is,
verloren en gebroken.
Loop op het ritme van de traagste,
draag wie moe is,
troost wie bedroefd is,
groet wie eenzaam is.
Wens ieder die je ontmoet vrede toe
en maak vrede in je eigen hart,
zodat je, vanuit jouw vrede, kan delen met al je tochtgenoten.
Dan moge de vrede van Jezus met u zijn.
En laten wij die vrede doorgeven aan elkaar.

Lam Gods

Communie

De Heer nodigt ons uit aan zijn tafel. Hij biedt deze gaven aan.
Laten wij ze ontvangen als blijk van onze bereidwilligheid
om te delen met elkaar,
om gemeenschap te vormen met elkaar.
Zie het Lam Gods…
            Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Drie deuren, twee brede en één smalle

Achter de eerste brede deur
liggen de zekerheden opgestapeld,
de stenen tafelen van de uitgesleten paden,
de steunpilaren van de geldende orde,
schuilkelder tegen de gevaren van de boze wereld.
Geen uitgang.
Alleen muren.
Geen doorgang.

Achter de tweede brede deur
zoeken mensen vergetelheid,
een uurtje rust om alle narigheden van het leven te vergeten.
Verwijlen bij mooie klanken,
zachte woorden,
het verleden koesteren,
dromen van een goed wereldje.
Geen uitdaging.
Alleen troost.
Geen appél.

Achter de smalle deur
is alleen maar ruimte, verte,
oproep om vrij te worden.
Elke knechting van buitenaf weigeren,
de bekoring van de brede weg weerstaan,
zoeken naar de goede weg,
zelf toekomst scheppen.
Maar nooit alleen op eigen houtje.
Altijd samen met andere reisgenoten.
Op tijd stilstaan bij de weg.
De richting ijken van het evangelie.

Bezinning 2

De kerkdeur, naar een tekst van Romano Guardini

Hij stelt ons de vraag :
heb je er wel eens over na gedacht,
wat er gebeurt als je door een kerkdeur naar binnen gaat?
Heb je wel eens aan de lijve ondervonden,
dat zo een deur een verbinding is van twee werelden?
Aan de ene kant van de deur
ligt het rumoerige, dagelijkse leven van werken en zakendoen.
Het leven met zijn zorg en zijn gezelligheid,
het leven waarvan wij genieten met zoveel goeds en ook met zoveel kwaads, narigheid, leugen, bedrog en achterdocht.
Aan de andere kant, de ruimte waar wij,
met al onze onrust en onze zorgen, tot rust kunnen komen.
In die ruimte is het licht anders.
Het wordt getemperd door gebrandschilderde ramen,
door de sfeer van beschouwing en gebed, van dieper en anders zien.
Die ruimte is indrukwekkend door haar sterke muren,
de oprijzende pilaren en de hoge gewelven.
We zijn in het huis van God,
waar alles wijst naar zijn goedheid, naar zijn barmhartige liefde.
Dat is de ervaring van vele toevallige bezoekers, pelgrims en toeristen.
Het moge de ervaring zijn van elke kerkganger,
die door de kerkdeur naar binnengaat.
naar Verhoeven

Slotgebed 1

De laatste dag van mijn leven,
als de zon voorgoed is ondergegaan
en plaats heeft gemaakt voor uw hemels licht,
laat mij dan binnen in de feestzaal van de eeuwigheid, God.
Niet dat ik het verdiend zou hebben, integendeel.
Ik kan alleen maar rekenen op uw warmhartigheid
en hopen dat Gij mij vergeving schenkt.
Ik ben maar een ‘kleine’ mens, God.
Maakt Gij me alsjeblieft ‘groot’. Amen.
Erwin Roosen

Slotgebed 2

God,
wek in ons het verlangen
om al doende ertoe bij te dragen
dat uw Rijk komt,
dat uw wil geschiede overal waar mensen wonen.
Maak ons van belijders tot doeners van Jezus’ Woorden.
Beziel ons daartoe met de Geest
die Hem bewoog
om in woord en daad
uw liefde te delen met velen. Amen.
naar Jacques Verhees

Zending en zegen

Christen zijn is niet vanzelfsprekend.
Soms loopt die weg langs smalle poortjes.
En toch weten wij dat voor alle mensen van goede wil,
de deuren van Gods Rijk wijd openstaan.
Gedragen door die Boodschap van hoop
mogen wij van hier heengaan, gezegend door God die ons liefheeft
als + Vader, Zoon en H. Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Liturgische vieringen met de tags . Bookmark de permalink.