20e zondag door het jaar A 2011

ZONDAGSVIERINGEN
twintigste zondag A (14/08/2011)

Begroeting

Bijeenkomen om samen te eten
begint met elkaar te begroeten.
Een groet is een blijk van vriendschap, van genegenheid. Een eucharistieviering begint telkens met een kruisteken.
Ook dat is een begroeting van onze Gastheer.
Met Hem gaan we aan tafel
in de naam van + de  Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord

Vandaag staan we stil bij het diep-menselijk gesprek
tussen Jezus en een wildvreemde Kananese vrouw.
Aanvankelijk reageert Jezus nogal star:
‘Eerst oompje, dan oompjes kinderen’.
Maar de Kananese
– blijkbaar geen doetje dat zich in de hoek laat drummen –
herinnert Hem aan de kern van zijn zending.
En Jezus heeft de moed om zijn mening te herzien.

Wij daarentegen bijten ons vaak koppig vast in ons eigen gelijk.
Vragen we God om vergeving voor deze halsstarrigheid.

Vergevingsmoment 1

Soms denken we dat het heil alleen binnen de Kerk te vinden is
en menen we daarom dat we niet-kerkelijken
mogen beoordelen en veroordelen.
Voor die enggeestige visie:
Heer, ontferm U over ons.

Hoe vaak denken wij niet
dat we het recht en het gelijk aan onze kant hebben
en luisteren we onvoldoende naar de anderen.
Voor zoveel eigengereidheid:
Christus, ontferm U over ons.

Het evangelie dwingt ons om over eigen grenzen heen te kijken,
elke mens, – wie dan ook -,
au sérieux te nemen
en geen onderscheid te maken tussen ras of stand.
Maar tussen de theorie en de praktijk staan onze vooroordelen.
Voor zoveel kleingeestigheid:
Heer, ontferm U over ons.

Vergevingsmoment 2

-Wij sluiten ons nogal gemakkelijk op
in onze eigen denk- en leefwereld
en staan te weinig open voor wat anderen ons kunnen bieden.
Om onze enggeestigheid bidden we:
Heer, ontferm U over ons.

-Dikwijls delen wij met anderen
alleen de kruimels van onze tijd en onze aandacht.
Om onze weinig vrijgevige houding vragen we:
Christus, ontferm U over ons.

-Soms sluiten wij ons doelbewust af
voor de vraag van mensen
om erkenning en nabijheid.
Om ons egoïsme bidden we:
Heer, ontferm U over ons.

God, leer ons kijken en luisteren met liefdevolle ogen en oren,
zowel naar U als naar elkaar. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

Mensen hebben behoefte aan geborgenheid.
Wellicht daarom sluiten wij ons op in veilige, kleine groepen.
Uw woord, Heer, nodigt ons uit tot openheid,
tot ontvankelijkheid voor al wat goed is.
Laat de kruimels goedheid, gestrooid in ieder mensenhart,
ons doen groeien in eensgezindheid, in liefde en geloof. Amen.


Openingsgebed 2

God,
biddend en vierend mogen wij U ontmoeten,
Gij die de bron zijt van ons bestaan.
Open ons hart en onze geest
en doe ons getuigen van uw liefde
daar waar mensen het niet opnemen voor elkaar.
Dat vragen wij U in Jezus’ naam, vandaag
en telkens opnieuw, tot in eeuwigheid. Amen.

Lezingen

Luisteren wij naar de Schrift waarin God zijn woord tot ons richt.

Eerste lezing (Jesaja 56,1.6-7)
Uit de profeet Jesaja
1        Zo spreekt de Heer,
`Onderhoud het recht,
beoefen de gerechtigheid,
want de komst van mijn redding is nabij
en mijn gerechtigheid wordt weldra geopenbaard.
6        De vreemdelingen die zich bij de Heer hebben aangesloten,
om Hem te dienen en de naam van de Heer te beminnen,
om zijn dienstknechten te zijn, evenals al degenen die de sabbat onderhouden, hem niet ontheiligen
en vasthouden aan mijn verbond:
7        hen allen laat Ik naar mijn heilige berg komen,
en Ik schenk hun vreugde in mijn huis van gebed.
Hun brand- en slachtoffers zijn aangenaam op mijn altaar.
Want mijn huis zal heten: Huis van gebed voor alle volken.’
KBS Willibrord 1995



Tweede lezing (Romeinen 11,13-15.29-32)

Uit de brief van de apostel Paulus aan de christenen van Rome

Zusters en broeders,
13 Nu richt ik mij tot u die uit het heidendom gekomen bent.
Ik ben apostel van de heidenen,
en ik schat dit dienstwerk juist hierom zo hoog,
14 omdat ik hoop mijn eigen volk tot afgunst te prikkelen
en er althans enkelen van te redden.
15       Want als hun verwerping de wereld verzoening heeft gebracht,
wat kan dan hun aanneming anders betekenen
dan leven uit de doden?
29
       Want God kent geen berouw over zijn genadegaven of zijn roeping.
30       Zoals u eertijds aan God ongehoorzaam bent geweest,
maar nu, dankzij hun ongehoorzaamheid,
ontferming hebt gevonden,
31       zo zijn zij op hun beurt nu ongehoorzaam geworden,
ten gevolge van de u betoonde ontferming,
opdat ook zij nu ontferming zouden vinden.
32       Zo heeft God allen in hun ongehoorzaamheid opgesloten,
om allen in te sluiten in zijn ontferming.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 15,21-28)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

21       Eens ging Jezus naar het gebied van Tyrus en Sidon.
22       En kijk, een Kananese vrouw uit die streek kwam naar buiten en riep:
`Heb medelijden met mij, Heer, Zoon van David.
Mijn dochter is vreselijk bezeten.’
23       Maar Hij gaf haar niet eens antwoord.
Zijn leerlingen kwamen naar Hem toe en vroegen Hem:
`Stuur haar weg, want ze roept ons achterna.’
24       Hij antwoordde:
`Ik ben alleen gestuurd naar de verloren schapen van het huis van Israël.’
25       Maar zij kwam naar Hem toe en knielde voor Hem neer en zei:
`Heer, help me.’
26       Hij gaf haar ten antwoord:
`Het is niet goed het brood van de kinderen te nemen
en het aan de hondjes te geven.’
27       Maar zij zei:
`Juist, Heer, want wat de hondjes eten,
zijn de kruimels die van de tafel van hun baas vallen.’
28       Toen gaf Jezus haar ten antwoord:
`Vrouw, groot is uw vertrouwen.
Moge het u vergaan zoals u wenst.’
En haar dochter was vanaf dat moment genezen.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Leggen we samen getuigenis af van ons geloof in een God
die voor iedereen Vader wil zijn.

Ik geloof in God
die is als een vader
die begaan blijft met mij,
en met heel deze wereld van mensen.

Ik geloof in Jezus van Nazareth
die begaan was met mensen,
vooral met de gekwetste mens,
en die aan mensen
nieuw vertrouwen gaf om te leven.

Ik geloof in zijn Geest
die mij aanzet om zorgend met mensen om te gaan
en niet op te geven
om aanwezig te zijn daar waar het leven pijn doet. Amen.

Voorbeden 1

God, vandaag willen we bidden,
solidair met alle gelovigen over de hele wereld.

– Bidden we voor onze Kerk,
dat zij het opneemt voor de verdrukten, de vreemdelingen en de buitenstaanders en zo Jezus’ voorbeeld volgt om over eigen grenzen heen te kijken.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor allen hier aanwezig,
dat wij in andere culturen het goede en mooie ontdekken en waarderen
en niemand uitsluiten, nergens en nooit.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor mensen die op vakantie zijn, dat het hen mag deugd doen.
Dat de stress van het werkjaar van hen mag af vallen.
Dat zij vriendelijke mensen mogen ontmoeten
en dat zij mogen genieten van al het mooie.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor mensen die thuis blijven,
omdat ze het hier goed vinden
of omdat ze niet weg kunnen.
Dat zij in hun omgeving deugddoende ervaringen mogen opdoen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor mensen die nooit eens hun vleugels kunnen uitslaan,
voor hen die aan hun stoel of ziekbed gekluisterd zijn.
Moge vriendschap en trouw naar hen toekomen.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden we  om openheid en ruimdenkendheid onder christenen.
Dat wij ons niet beter achten dan de anderen,
maar zoeken hoe we samen
dienstbaar kunnen zijn aan het geluk van mensen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor andere godsdiensten en culturen.
Dat wij hun openheid voor het goddelijk mysterie leren waarderen
en daarin een uitnodiging zien
om zelf te groeien in trouw aan onze traditie.
Laten wij bidden…

Bidden we tenslotte voor onszelf en deze geloofsgemeenschap.
Dat wij Jezus’ Boodschap consequenter ter harte nemen,
zodat onze identiteit als christen
duidelijk naar voren komt in onze daden
en niet – zoals zo vaak gebeurt – alleen maar in onze woorden.
Laten wij bidden…
naar Ignace D’Hert

Voor al deze intenties, voor alles wat ons op het hart ligt, bidden wij:


Gebed over de gaven

God,
in dit  brood en deze wijn,
hopen we de weg te vinden om liefdevol met elkaar om te gaan
zoals Jezus, uw Zoon, het ons voordeed. Amen.


Tafelgebed

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen delen
om anderen een menswaardig bestaan te verzekeren,
voor hen die hun huis gastvrij openstellen.

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen luisteren
naar het leed van anderen,
die wonden genezen
door de pijn te helpen dragen;
voor mensen die kunnen troosten.

Wij danken U, God,
voor mensen die rust en stilte brengen,
die oog hebben voor kleine dingen,
die zich verheugen in de grootheid van anderen.

Wij danken U, God,
voor mensen die hongeren naar gerechtigheid,
die lijden omwille van het onrecht
dat anderen wordt aangedaan.

Wij danken U, God,
voor mensen die mild zijn in hun oordeel,
die eerbied hebben voor het leven,
die hun hart openen voor vergeving en verzoening.

Wij danken U, God,
voor mensen die zuiver zijn in hun bedoelingen,
die oprecht zijn in hun woorden,
die trouw blijven aan hun vrienden.

Wij danken U, God,
voor mensen die zich spiegelen
aan de levenswijze van Jezus.
Met hen getuigen en loven wij U, God:

Heilig, heilig, heilig …

Geen andere zekerheid is ons gegeven, Heer God,
dan op weg te zijn naar U.

Ons zoeken naar U
maakt ons tot een volk onderweg.
Mensen die verdwalen worden toegesproken
door Jezus, uw Zoon,
die de Weg, de Waarheid en het Leven is.
En als wij ons nestelen in onze zelfgenoegzaamheid,
Heer, roep ons dan weer op.

Toen Jezus die laatste avond met zijn vrienden aan tafel zat
gaf Hij hun een heilig teken:
Hij nam wat brood, dankte U, Vader,
brak het, deelde het uit en zei:
“Neem en eet hiervan, dit is mijn lichaam,
voor u gebroken, aan u toevertrouwd.”

Na de maaltijd nam Hij ook de beker, zegende die,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hieruit, dit is mijn bloed,
mijn levenskracht, voor u vergoten
tot vergeving van zonden,
tot verbondenheid onder mensen.
Kom samen, en doe dit telkens opnieuw,
en weet dan dat Ik bij u ben.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Wij bidden U, Heer God,
stuur ons op weg in de geest van Jezus, uw Zoon:
dat wij nieuwe wegen van goedheid banen,
paden van gerechtigheid en onderlinge vrede;
dat wij het leven leefbaar maken
en het puin ruimen van ons egoïsme.

Doe onder ons profeten opstaan
die het vuur van uw goedheid brandend houden,
die uw licht laten stralen,
ook in donkere momenten van ons leven.
Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn, Heer onze God,
die ons doet leven dank zij uw Geest,
hier en nu en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Onze Vader

Jezus vroeg ons samen, eensgezind, te bidden.
Hij leerde ons ook hoe we dat kunnen doen.
Hij gaf ons de woorden van het ‘Onze Vader’ mee,
het gebed bij uitstek dat ons spreekt van vertrouwen en verbondenheid,
het gebed dat ons allemaal in dezelfde mensenkring plaatst
als kinderen van de ene Vader:
Onze Vader,…


Vredewens

Wij eten van hetzelfde brood,
wij wonen op dezelfde aarde.
Wij kijken naar dezelfde lucht,
wij drinken van hetzelfde water.
Eenzelfde Geest doet ons verlangen naar vrede,
naar goedheid, geduld en medemenselijkheid.
Als mensen echt broers en zussen worden,
dan zal de wereld vol vrede zijn.
Moge Gods vrede over u komen
en u altijd vergezellen.
Wensen wij elkaar die vrede, de vrede van Christus, van harte toe.

Lam Gods

Communie

De Kananese vrouw riep:
‘Heer, heb medelijden en help me’.
Omwille van haar groot vertrouwen
werd haar verlangen vervuld.
Ze had een groot geloof.
Zalig die geloven en worden uitgenodigd
aan de maaltijd van de Heer.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning

De Grote Weg is niet moeilijk,
maar als je de één haat
en de ander liefhebt,
zul je de waarheid
nooit te weten komen.
Alleen als haat
afwezig is,
wordt alles helder en duidelijk.
Als je de waarheid wil zien,
ga dan niet allerlei zaken
tegenover elkaar zetten.
Dan doe je verkeerd
en zul je de diepere betekenis
en de schoonheid van de dingen
nooit leren.
De Grote Weg is volmaakt
als het oneindige heelal.
Alles is er en toch is er niets te veel.
naar Sengts’an

Slotgebed

Heer, onze God,
groot was het geloof  en de volharding van de Kananese vrouw.
Door haar weten wij dat wij niet hoeven te wanhopen,
maar dat wij aanspraak mogen maken op uw liefde, altijd weer.
Daarom vragen wij U:
sta ons bij, luister naar onze noden,
ga met ons mee op weg bij alles wat wij doen,
opdat wij vol vertrouwen christenen zouden zijn
die mensen niet afstoten maar tegemoet gaan,
gastvrij en met een open geest.
Dat vragen wij U in de naam van Jezus, uw Zoon. Amen.

Zending en zegen 1

Als je gaat reizen, neem dan eerbied voor vreemdelingen met je mee
en bid om eenzelfde eerbied voor jou.
Neem een groot geloof met je mee in mensen die anders geloven dan jij.
God wil ons daarbij zegenen
in de naam van + de Vader, de Zoon en deheiligeGeest. Amen.


Zending en zegen 2

Heer, zegen ons met geloof en volharding
zodat wij de medemensen,
met wie wij in de komende dagen zullen omgaan,
moed kunnen inspreken.
Moge de God van liefde en trouw bij ons allen zijn
en ons sterken
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.