1e zondag van de vasten A 2008

(10 02 2008 )

Begroeting

Welkom in deze viering.
Vorige woensdag zijn we de veertigdagentijd ingegaan.
Zoals eertijds het Joodse volk veertig jaren in de woestijn verbleef
op weg naar het beloofde land,
zo verblijven wij veertig dagen in een geestelijke woestijn
op weg naar Pasen.
Wij doen dit, samen met de God die ons hier samenroept
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord

Op deze eerste zondag van de Veertigdagentijd
– onze zoektocht naar Pasen –
worden we geconfronteerd met de verlatenheid van de woestijn.
Helemaal alleen
gaat Jezus er de strijd aan met negatieve krachten.
Die strijd resulteert in een definitieve levenskeuze:
Hij wil zijn leven ten dienste stellen van de mensen, van God.
Omdat wij niet altijd even vastberaden blijken
in het maken van positieve keuzes
en het vaak moeilijk hebben
om voorrang te geven aan
wat wezenlijk en belangrijk is in ons leven,
vragen wij om vergeving.

Vergevingsmoment

Eeuwige God,
beker die ons laven wil,
brood voor ons gebroken,
wil naar ons luisteren als wij U bidden om vergeving.

Omdat wij niet zorgzaam omspringen met water en energie,
en niet stilstaan bij de waarde van uw schepping.
Heer, ontferm U over ons.

Wij horen hoe mensen aan onze deuren kloppen,
maar we geven houden onze deuren gesloten
omdat we voorrang geven aan onszelf.
Christus, ontferm U over ons.

Wij hebben weet van uw droom met deze wereld,
en met onze mond belijden wij ook dat geloof,
maar we steken onze handen er niet voor uit de mouwen.
Heer, ontferm U over ons.

Moge God zich over ons ontfermen
en ons met zachtmoedige hand
geleiden op de weg van liefde en nieuw leven. Amen.

Openingsgebed

Heer onze God,
elk jaar opnieuw
wilt Gij ons in deze veertigdagentijd oproepen tot inkeer en gebed.
Wijs ons wegen van verrijzenis
om bewust te kiezen voor het spoor
dat uw Zoon ons heeft voorgeleefd.
Hij die ons gezegd heeft:
geen brood alleen, maar liefde,
geen pracht en praal, maar eenvoud,
geen macht, maar dienstbaarheid,
niet uitdagen, maar vertrouwen.
Zend uw Geest over ons
opdat wij sterk zouden staan in de strijd
tegen onrecht en ziekelijke welvaart,
tegen gemakzucht en onverschilligheid.
Wij vragen het U, in Jezus’ naam. Amen.


Lezingen
Luisteren wij naar de Heer die ons toespreekt doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (Genesis 2,7-9.3,1-7)
Uit het boek Genesis

7        In het begin boetseerde de Heer God de mens uit stof
dat Hij van de aarde nam,
en Hij blies hem de levensadem in de neus:
zo werd de mens een levend wezen.
8        Daarna legde de Heer God een tuin aan in Eden,
ergens in het oosten,
en daarin plaatste Hij de mens die Hij geboetseerd had.
9        De Heer God liet uit de grond allerlei bomen opschieten,
aanlokkelijk om te zien en heerlijk om van te eten.
Midden in de tuin stonden de boom van het leven
en de boom van de kennis van goed en kwaad.
1        Van alle dieren, die de Heer God gemaakt had,
was er geen zo sluw als de slang.
Ze zei tegen de vrouw:
`        Heeft God werkelijk gezegd
dat je van geen enkele boom in de tuin mag eten?’
2        De vrouw zei tegen de slang:
`Wij mogen wel eten van de vruchten van de bomen in de tuin.
3        God heeft alleen gezegd:
`Van de vruchten van de boom die midden in de tuin staat
mag je niet eten;
je mag haar zelfs niet aanraken; anders zul je sterven.” ‘
4        Maar de slang zei tegen de vrouw:
`Je zult helemaal niet sterven!
5        God weet dat je ogen open zullen gaan als je van die boom eet,
en dat je dan gelijk zult worden aan God,
door de kennis van goed en kwaad.’
6        Toen zag de vrouw dat het goed eten was van die boom,
en dat hij een lust was voor het oog,
en hoe aantrekkelijk het was er inzicht door te krijgen.
Zij plukte dus een vrucht en zij at ervan;
zij gaf er ook van aan haar man, die bij haar stond,
en ook hij at ervan.
7        Nu gingen hun beiden de ogen open
en zij ontdekten dat ze naakt waren.
Daarom hechtten ze vijgenbladeren aaneen
en maakten daar lendenschorten van.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Romeinen 5,12-19)
Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

12       Door één mens is de zonde in de wereld gekomen
en met de zonde de dood,
en zo is de dood over alle mensen gekomen,
aangezien allen gezondigd hebben.
13       Er was heus wel zonde in de wereld al voordat de wet er was;
maar zonde wordt niet aangerekend waar geen wet is.
14       Toch heeft de dood als koning geheerst
in de tijd van Adam tot Mozes,
dus ook over hen die zich niet op de wijze van Adam
schuldig hadden gemaakt aan de overtreding van een gebod.
Adam nu is het beeld van Hem die komen moest.
15       Maar de genade laat zich niet afmeten aan de misstap van Adam.
De fout van één mens bracht allen de dood,
maar aan allen schonk Gods genade
een rijke vergoeding door de grote gave van zijn genade,
de ene mens Jezus Christus.
16       Zijn gave laat zich niet afmeten aan die ene zonde.
Het oordeel dat volgde op die ene misstap
liep uit op een veroordeling,
maar de gratie die na zoveel overtredingen verleend werd
liep uit op volledige kwijtschelding.
17       Door de overtreding van één mens begon de dood te heersen,
als gevolg van zijn val.
Hoeveel heerlijker zullen zij
die de overvloed van de genade en de gave van de gerechtigheid ontvangen, leven en heersen, dankzij de ene mens Jezus Christus!
18       Dus, zoals één fout leidde tot veroordeling van allen,
zo ook leidde één goede daad tot vrijspraak en leven voor allen.
19       Zoals door de ongehoorzaamheid van één mens allen zondaars werden,
zo worden door de gehoorzaamheid van één allen gerechtvaardigd.

KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 4,1-11)
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

1        In die tijd werd Jezus door de Geest naar de woestijn gebracht
om door de duivel op de proef gesteld te worden.
2        Na veertig dagen en veertig nachten vasten kreeg Hij tenslotte honger.
3        De beproever kwam naar Hem toe en zei:
`Als U de Zoon van God bent,
zeg dan dat deze stenen brood worden.’
4        Hij antwoordde:
`Er staat geschreven:
De mens zal niet leven van brood alleen,
maar van ieder woord dat uit de mond van God komt.’
5        Toen nam de duivel Hem mee naar de heilige stad,
zette Hem op de rand van de tempel,
6        en zei:
`Als U de Zoon van God bent, spring dan naar beneden.
Want er staat geschreven:
Zijn engelen zal Hij bevelen U op hun handen te dragen,
zodat U aan geen steen uw voet zult stoten.’
7        Jezus zei hem:
`Er staat ook geschreven:
U zult de Heer uw God niet op de proef stellen.’
8        Weer nam de duivel Hem mee, nu naar een zeer hoge berg.
Hij liet Hem alle koninkrijken van de wereld zien met al hun pracht,
9        en zei: `Dit alles zal ik U geven, als U voor mij in aanbidding neervalt.’
10       Toen zei Jezus hem:
`Ga weg, satan. Want er staat geschreven:
De Heer uw God zult u aanbidden en Hem alleen dienen.’
11            Toen liet de duivel Hem met rust,
en er kwamen engelen om Hem van dienst te zijn.
KBS Willibrord 1995


Geloofsbelijdenis

Spreken we samen uit dat we bereid zijn
ons in te zetten voor een mensenwereld zoals God die voor ons gedroomd heeft.

Ik geloof in God,
schepper van hemel en aarde.

Ik geloof ook dat God zijn schepping
aan ons, mensen, heeft toevertrouwd
opdat wij zijn werk zouden voortzetten
en deze aarde voor alle mensen
bewoonbaar zouden maken.

Ik geloof in Jezus Christus,
de verlosser van de wereld.

Ik geloof dat wij uitgenodigd worden
om mee te werken aan de bevrijding van de mens,
aan de opbouw van een betere wereld,
door ons in te zetten
voor meer levenskansen voor iedereen
en om Christus’ werk verder te zetten.

Ik geloof in de Heilige Geest
die de mensen tot eenheid wil brengen
in één grote gemeenschap.

Ik geloof ook dat ik persoonlijk word aangesproken
om aan deze gemeenschap mee te werken,
samen met alle mensen van goede wil. Amen.

Voorbeden 1

– Bidden wij voor mensen die verdwaald geraken
in de vele aantrekkelijkheden van het leven,
voor mensen die niet kunnen of durven kiezen,
voor mensen die tussen twee kwalen moeten kiezen.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor mensen
die omgaan met macht en gezag,
voor mensen die de mogelijkheden hebben
om te manipuleren en te sjoemelen,
voor mensen die voor het goede doel
ook slechte middelen gebruiken.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor de leiders in Kerk en wereld;
voor leiders, begaan met het lot en het geluk van hun mensen;
voor leiders die bloot staan
aan goedkope successen en kortetermijndenken.
Laten wij bidden…

– Bidden we ook voor onszelf,
om een helder hoofd en een warm hart,
om wijze raadgevers en goede vrienden,
om uw Geest.
Laten wij bidden…
Herwi Rokhof

Voorbeden 2

– Bidden we dat wij zouden weerstaan
aan de verleiding van overdreven luxe en comfort,
want niet van brood alleen leeft de mens,
maar van alles wat komt uit Gods mond.
Laten wij bidden…

– Bidden we dat wij nederig en dienstbaar zouden blijven
en onze mogelijkheden zouden gebruiken
tot opbouw van het goede in de schepping en in de mens.
Dat we de moed zouden opbrengen
om onszelf te bevragen
en afstand te doen van wat ons kluistert aan vals geluk.
Laten wij bidden…

– Zoals God mee op weg ging met zijn volk,
zo is Hij ook aanwezig in onze woestijnen.
Bidden we dat wij Gods aanwezigheid mogen ervaren,
vooral ook in momenten van pijn en beproeving.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor ons allen hier aanwezig.
Dat wij met elkaar verbonden mogen zijn,
bekommerd om te delen in elkaars leed en vreugde.
Dat we ook over de grenzen van onze familie of buurt zouden durven kijken
en banden smeden met de vele hulpbehoevenden om ons heen.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven

Heer God,
hoe gemakkelijk is het
om brood te breken en te delen,
om elkaar de beker wijn aan te reiken.
Maar hoe moeilijk valt het ons,
goede God,
om een lichtend voorbeeld te zijn voor anderen.
Terwijl wij U onze gaven aanbieden,
spreken wij ons verlangen uit
om echt brood en beker te willen zijn
voor onze medemens. Amen.

Tafelgebed

Met hart en ziel danken wij U, God,
die door uw Geest
onze geest voortdurend vernieuwt
opdat wij de wereld
mensvriendelijker zouden maken.
Uw Geest stimuleert ons
om te geloven in Jezus
en Hem te belijden voor alle mensen
als de Heer,
als de hoop van de wereld.
Daarom loven wij U met de woorden
die uw Geest ons heeft ingegeven:

Heilig, heilig, heilig…

Goede God,
uw oud verhaal brengt  mensen bij elkaar om te luisteren,
stil te worden en honger te krijgen naar meer.

Wij mogen onze handen uitstrekken om voedsel te nemen
dat Gij ons schenkt: brood om van te leven.
Wij bidden om uw Geest over deze gaven.

Jezus zei de avond voor zijn sterven tegen zijn vrienden:
kom met Mij aan tafel.
Ik wil voor de laatste keer met jullie eten.
Hij nam het brood, dankte God, brak het en zei:
Ik ben als dit brood, Ik deel het leven met alle mensen.
Ik word als brood gebroken voor iedereen.
Kom, eet ervan. Ik ben het en Ik blijf altijd bij jullie.

Hij gaf hen te drinken uit zijn beker en zei:
niets maar dan ook niets hou Ik voor mezelf.
Kom, drink hier van. Ik geef me weg aan alle mensen.
Vergeet mij niet en doe wat ik gedaan heb.

Jezus is gestorven, maar als zijn vrienden komen we nog altijd bij elkaar.
Dan breken en delen wij, eensgezind.
En we herinneren ons wat Hij deed:
hoe Hij zieken beter maakte
en bevriend was met mensen zonder vrienden.
Hoe Hij kon luistenen en kijken naar de natuur,
hoe Hij begaan was met kinderen
hoe Hij de mensen leerde bidden.

Doen jullie nu zoals Ik het jullie heb voorgedaan.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de heilige Geest,
hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.
naar: ‘Ten hemel schreien’ van Peer Verhoeven

Onze Vader

Moge God ons de ogen openen voor wat in het leven werkelijk de moeite waard is.
Daartoe bidden wij tot Hem met de woorden die Jezus ons heeft geleerd:
Onze Vader…

Heer, houd de bekoring van machts- en bezitsdrang ver van ons.
Houd de bekorende gedachte dat Gij maar moet recht trekken
wat wij, uit ik-zucht, krom hebben gebogen,
ver van ons.
Doe ons inzien dat wij te bouwen hebben aan uw Rijk dat komt.
Dan zullen wij verlangend mogen uitzien naar de definitieve komst
van Jezus, Messias, uw Zoon,
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens

Kiezen voor Jezus is
kiezen voor een levenshouding
die metterdaad recht doet aan iedere mens, dichtbij en veraf,
met de voorkeur van Jezus voor de kleinsten en de zwaksten.
Vandaag wordt die wijsheid uit de woestijn
ons toevertrouwd,
opdat wij dezelfde weg als Jezus zouden gaan,
tot zegen en vrede van velen.
Moge die vrede altijd met u zijn.
En wensen wij die vrede alvast van harte aan elkaar toe.

Communie

Heer, laat brood en beker ons kracht geven
als wij proberen te leven zoals uw Zoon,
die zichzelf prijsgaf tot onze verzoening.
Dit is het Lam Gods….

Bezinning 1

De honger van de wereld voelen:
dat kan ook een bewuste keuze zijn.
Zo ging Jezus de woestijn in,
gedreven door Gods Geest.
Hij weerstond aan de verleiding om
bezit te nemen van de ‘geschonken aarde’,
om als mens brutaal de macht te grijpen.
“De Heer uw God zult gij aanbidden
en Hem alleen zult gij dienen”.

Vanuit dat besef wou hij leven
en zo naar mensen toegaan.
Ook ons zijn die 40 dagen gegeven
om weer ‘honger’ te krijgen,
om de leegte te voelen waarin wij staan,
om weer uit te kijken naar die nieuwe wereld
waarvan profeten getuigen.
Ja, om te zien dat die nieuwe wereld al hier en daar
een beetje werkelijkheid wordt
in mensen en gemeenschappen,
zowel hier als ginds
in Noord en Zuid.

Bezinning 2

Dat God van stenen brood zal maken,
dat Hij ons behoeden zal voor elke ramp
en tegenslagen uit de weg zal ruimen…
Hardnekkig leeft dit godsbeeld voort
tot in het eerste bidden van ons hart.
Maar dit is heidendom,
ruikt naar bezwering en magie.

Het leven van zijn teerbeminde Jezus
was niet vrijgesteld van leed en pijn.
Hij heeft het onvermogen aangevuld
van kleine mensen in verdrukking
de beklemmende onmacht gekruisigd te zijn
in zijn sterkste ledematen.
En God kwam Hem niet te hulp,
speelde niet voor dépanneur.
God bleef zwijgend Hem nabij
zoals een geliefde doet die mee-lijdt
en woorden overbodig vindt.
God bleef
doorheen de pijn en de ontreddering,
bleef Hem dragen tot in de dood,
tot aan de overkant.

Dat God van stenen brood zal maken…
dat heeft de duivel uitgevonden.
Maar dat wij voor elkaar
brood zouden breken
en pijn zouden delen…
Dat heeft Jezus ons geleerd.
Manu Verhulst

Slotgebed 1

Heer, onze God,
veertig dagen van herbronning en heroriëntatie
liggen voor ons.
Mogen zij vruchtbaar worden voor onszelf
en voor de wereld om ons heen.
Leer ons hoe wij elkaars bondgenoten kunnen worden,
mensen naar uw hart.
Behoed ons voor dromen die bedrog zijn,
en doe ons kiezen voor wat echt en hecht is. Amen.

Slotgebed 2

Als ik heel eerlijk ben, God,
moet ik toegegeven dat ik U soms bewust schrap uit mijn leven,
en dat ik mezelf in de plaats stel.
Niet uw wil, maar mijn wil telt dan.
Toch voel ik dat ik pas echt ten diepste gelukkig word
als ik mijn leven in uw handen leg.
Wil me daarom helpen
veertig dagen lang de stilte te zoeken en naar U te luisteren.
En vervul mijn hart met uw Geest
om als christen trouw te blijven aan mijn diepste roeping:
U aanbidden, Heer, en U alleen dienen. Amen.
Erwin Roosen

Zending en zegen

Wat wij hier meekregen, was meer dan een paar woorden.
Ons werd een voorbeeld aangereikt van een mens
die eerlijk en oprecht zijn weg is gegaan, ten einde toe.
De Geest van Jezus wil onze vergezellen
op onze tocht van veertig dagen,
ons sterker maken,
en ons zegenen: + Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.