1e zondag van de advent A 2019

01 12 2019

Begroeting

Beste mensen, wij zijn hier samengekomen
om een stukje weg af te leggen naar Kerstmis toe.
Laten wij dat niet alleen in eigen naam doen,
maar in de naam van de + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.
naar Tine Santy-Defever

 Aansteken van de adventskaars

Advent:
aan de horizon – nog vier weken ver –
daagt Kerstmis op,
de geboortedag van Hem die hoop en toekomst aanreikt,
die licht brengt in onze duisternis.
Als teken van die komende hoop
steken wij licht aan: de eerste kaars van onze adventskrans.
             kaars aansteken.

Openingswoord 1

Advent, tijd van hoop en licht,
maar ook een tijd om onszelf te bevrijden van verwachtingen
die de toets van de christelijke kritiek
niet kunnen doorstaan.
Geloven is immers niet vrijblijvend.
Het is willen veranderen,
zich losmaken uit het ‘nu’, uit de huidige feitelijkheid.
Geloven is
zich in beweging zetten,
op weg gaan,
om te bouwen aan de morgen waartoe God ons heeft bestemd.
Dat vraagt alertheid, voortdurende waakzaamheid.
Dit brengen wij niet altijd op.
Vragen wij God daarom om vergeving.

Openingswoord 2

In de komende adventsweken
willen we onze hoop en verwachting laten leiden
door Jezus’ reactie op de vraag van Johannes de Doper:
“Zijt Gij het, Heer, of hebben wij een ander te verwachten?”.
In zijn antwoord grijpt Jezus terug naar de profetie van Jesaja:
“Ga aan Johannes zeggen wat gij hoort en ziet:
blinden zien en lammen lopen,
melaatsen genezen en doven horen,
doden staan op
en aan armen wordt de Blijde Boodschap verkondigd.”
Bij dit visioen willen wij ons graag aansluiten.
Ook wij willen ‘gaandeweg’ opnieuw leren ‘zien’ en ‘horen’.
Ook wij willen nieuwe wegen leren gaan,
wegen van hoop en van bevrijding.
Vandaag, aan het begin van de advent,
willen we alvast opnieuw leren ‘zien’.
We willen de blinde vlekken uit ons leven bannen.
We willen zien waar het echt op aan komt.
Wij hopen op en verwachten nieuw licht voor onze ogen.

Gebed om ontferming 1

Laten wij deze advent alvast beginnen met een propere lei.

-Omdat wij te vaak klagen over wat fout loopt
en te zelden nagaan wat we zelf ten goede kunnen veranderen,
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Omdat wij zo weinig oor hebben
voor het appél van moderne profeten of organisaties,
behalve wanneer wijzelf slachtoffer zijn van leed of onrecht,
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Omdat wij onze gemakzucht, onze onmacht of ongeloof
vaak toedekken met het etiket ‘realiteitszin’,
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Heer,
dank U omdat Gij ons steeds opnieuw de kans geeft
om weer op te staan en in beweging te komen.
Geef ons het versterkende geloof
dat Gij met ons onderweg zijt, vandaag en altijd. Amen.

Vergevingsmoment 2

-Heer, vergeef het ons wanneer uw oproep tot inkeer, tot bezinning,
weinig indruk op ons maakt.
Wij leven zo vaak onbekommerd en zorgeloos
zonder rekening te houden met onze medemens.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-Christus, wij stellen nauwelijks vragen over het leven ‘over de dood heen’.
Wij zijn vaak te zeer toegespitst
op het bevredigen van onze materiële behoeften
en op allerlei bekommernissen van voorbijgaande aard.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-Heer, uw liefde en uw vrede dragen wij niet altijd uit.
Om uw Boodschap te realiseren
laten wij ons te weinig door U inspireren.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

Openingsgebed 1

Blijf bij ons, Heer, en ga met ons mee
doorheen de donkerste dagen van het jaar.
Zegen deze tijd van ‘uitzien naar’
en keer onze verlangens naar uw verwachtingen
zoals die vlees en bloed geworden zijn
in Jezus van Nazareth, uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Openingsgebed 2

Heer, de dagelijkse sleur dreigt ons af te stompen.
Laat uw Woord voor ons voldoende zijn
om als gelovige christenen te leven.
Help ons U te herkennen in de mensen rondom ons.
Duidelijker tekens bezit Gij niet
om ons dichter bij U te brengen.
Daarom rekenen wij op Jezus, uw Zoon, die onder ons blijft komen,
gisteren, vandaag en elke dag opnieuw. Amen.
naar Frans De Rechter & Clem D’Haen

Lezingen

Openen wij ons hart om te luisteren naar de Woorden uit de Schrift.

Eerste lezing (Jes., 2, 1-5)
Uit de profeet Jesaja

1
           De openbaring over Juda en Jeruzalem,
die Jesaja, de zoon van Amos, in een visioen ontving.
2           Op het einde der dagen zal het gebeuren,
dat de berg van het huis van de Heer
gevestigd zal zijn als de hoogste der bergen,
verheven boven de heuvels,
en alle volken stromen naar hem toe;
3           en zij zeggen:
`Kom, laat ons optrekken naar de berg van de Heer,
naar het huis van Jakobs God:
dan zal Hij ons zijn wegen wijzen,
en wij zullen zijn paden bewandelen.
Want uit Sion komt de Wet,
uit Jeruzalem het woord van de Heer.’
4           Hij zal recht doen onder de volken,
en machtige naties straffen.
Dan smeden zij hun zwaarden om tot ploegscharen
en hun speerpunten tot sikkels.
Geen volk heft het zwaard meer tegen een ander
en oorlog leren ze niet meer.
5              Huis van Jakob, kom,
laat ons wandelen in het licht van de Heer.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Rom., 13, 11-14)
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Broeders en zusters,
11
        U weet hoe laat het is,
u weet dat het uur om uit de slaap te ontwaken
reeds is aangebroken.
Nu is onze redding dichterbij
dan toen wij tot het geloof kwamen.
12         De nacht loopt ten einde, de dag breekt aan.
Laten wij ons dus ontdoen van de werken van de duisternis
en ons toerusten met de wapens van het licht.
13         Laten wij ons behoorlijk gedragen,
als op klaarlichte dag,
en ons onthouden van zwelgpartijen en drinkgelagen,
van ontucht en losbandigheid,
van twist en nijd.
14         Bekleed u met de Heer Jezus Christus,
en vertroetel uw lichaam niet;
er mogen geen begeerten worden opgewekt.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Mt. 24, 37-44)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Mattheüs

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen:
37         Zoals het was in de dagen van Noach,
zo zal het gaan bij de komst van de Mensenzoon.
38         Want zoals in de dagen van de zondvloed
de mensen aten en dronken,
huwden en uithuwelijkten,
tot de dag waarop Noach de ark binnenging,
39         en ze van niets wisten totdat de zondvloed kwam
en hen allemaal wegrukte,
zo zal het ook gaan bij de komst van de Mensenzoon.
40         Dan zullen er twee op het land zijn:
de een wordt meegenomen
en de ander wordt achtergelaten.
41         Twee vrouwen zullen met de molen aan het malen zijn:
de een wordt meegenomen
en de ander wordt achtergelaten.
42         Wees dus waakzaam,
want je weet niet op welke dag jullie Heer komt.
43         Want je weet:
als de heer des huizes geweten had
in welk deel van de nacht de dief zou komen,
dan was hij wakker geweest
en had hij het inbreken in zijn huis wel verhinderd.
44         Daarom moeten juist jullie voorbereid zijn,
omdat de Mensenzoon komt
op een uur waarop je het niet verwacht.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Belijden wij ons geloof in God
die met mensen steeds opnieuw wil beginnen.

Ik geloof in Hem die wij noemen: Ik zal er zijn voor u.

Hij is de Kern, de Bron van al wat bestaat.
Op Hem wil ik mij richten
en zijn voorbeeld maken
tot de leidraad van mijn leven.

Ik geloof in Jezus.

In Hem heeft onze God een menselijk gelaat gekregen.
In Hem is de belofte van de Vader werkelijkheid geworden.
Ik geloof dat Hij niet vergeefs heeft geleefd
en niet vergeefs is gestorven,
maar dat Hij elke dag opnieuw verrijst
in mensen die zijn liefde belichamen.

Ik geloof in zijn Geest,

die ook vandaag mensen bezielt,
die hen aanzet om zijn manier van leven
tot de hunne te maken,
om de weg te gaan van breken en delen,
van goedheid en verbondenheid,
van recht en vrede,
altijd weer ten bate van iedereen. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij onze gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan de Heer aan te bieden.

-Bidden we voor de waakzamen onder ons,
voor de profeten van nu.
Bidden we voor hen die ogen en oren de kost geven
en on­recht, dichtbij en veraf,
voortdurend onder onze aandacht brengen.
Dat het ons nooit aan zulke mensen ontbreken mag.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor hen die het waken hebben opgegeven,
voor de vermoeiden,
en voor de over-vermoeiden in wie alle verwach­ting is uitge­blust.
Bidden wij voor allen die – door het leven geschonden –
sle­chts achterom kijken
en niets meer van de toekomst verwach­ten.
Laten wij bidden…

-Bidden we ook voor onszelf,
soms waakzaam, dan weer slapend,
bij tijden energiek en vol goede moed,
dan weer ontgoocheld en uitgeblust.
Dat wij elkaar bemoedigen en gaande houden
totdat de Mensen­zoon wederkomt.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

-Wij bidden U, God,
dat we waakzaam zouden blijven
om de tekenen van uw komst niet te missen.
Laten wij bidden…

-Bidden wij
dat wij in deze aanloopperiode naar Kerstmis
ons niet zouden laten overspoelen door een vloedgolf van materialisme,
van steeds meer en duurdere cadeaus,
maar oog hebben voor de zwakken in onze maatschappij.
Laten wij bidden…

-Bidden wij
dat wij door onze zorg voor elkaar en voor de schepping
de komst van uw Rijk van gerechtigheid en liefde dichterbij mogen brengen.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

Goede God, hier bijeen willen we een eenvoudig gebaar stellen:
voor mensen brood en beker delen,
tekens van vriendschap en trouw.
Wees aanwezig in onze verbondenheid met elkaar,
zodat we elkaar opnieuw leren zien
van hart tot hart.
Dat vragen wij U door Jezus,
ons Voorbeeld en onze Zekerheid
voor tijd en eeuwigheid. Amen.

Gebed over de gaven 2

God, Gij die op ons wacht,
die voor ons Toekomst zijt,
Hoop op beter leven,
kom ons tegemoet.
Wees het Brood van vrede in onze handen,
de Beker van verbondenheid in ons midden,
opdat wij in U herboren worden. Amen.

Tafelgebed 

Wij danken U, Heer, onze God,
om alles wat Gij voor ons zijt:
Schepper en Bevrijder,
Herder van mensen, Licht en Leven.
Wij danken U omdat Gij liefde zijt,
die onze Lotgenoot wil zijn,
die ons falen vergeeft en zich over ons ontfermt,
die begaan is met ons lijden en onze vreugden deelt.
Wij blijven vertrouwen op U,
ook als uw aangezicht niet wordt gezien,
uw stem niet wordt gehoord
en Gij machteloos schijnt om ons te helpen.
Met allen die uw naam hoog houden in lief en leed,
in leven en sterven, bidden wij:

Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in de hoge.
Gezegend Hij die komt in de naam des Heren.
Hosanna in de hoge.


Wij danken U, Heer onze God,
om Jezus, uw Zoon:
Hij gaf ons een teken van zijn liefde.
In Hem is uw vergeving en genezing
mens geworden.

Want Hij heeft die laatste avond brood genomen,
daarvoor dank gezegd, het gebroken,
het zijn vrienden aangereikt met de woorden:
“Neem en eet, dit is mijn Lichaam
dat voor u gegeven wordt.”

Zo heeft Hij ook de beker genomen,
daarvoor dank gezegd,
en hem rondgegeven met de woorden:
“Drink allen hieruit,
deze beker is het nieuwe Verbond in mijn Bloed
dat voor u en voor velen vergoten wordt
tot vergeving van zonden.
Blijf dit doen tot mijn gedachtenis.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Samen komen wij tot U, God,
met dit Brood en deze Beker
en wij bidden U:
gedenk Hem die zich voor ons heeft gedeeld
en aanvaard dit als teken van onze toewijding.

Toen Jezus zijn werk van vrede had volbracht
hebt Gij, Vader, Hem hoog verheven
en Hem ‘Mensenzoon’ genoemd.
Zend nu zijn Geest in ons midden:
een Geest die niet verdeelt maar samenbrengt.
die geloof geeft in de toekomst,
vertrouwen in de mens,
barmhartigheid en recht.

Zo kan deze wereld een koninkrijk van vrede worden
waar vreugde en toekomst is voor allen,
een wereld waar het goed is te leven
in de naam van Jezus, uw Zoon.

Door Hem danken en eren wij U, Vader,
en vervuld van zijn Geest zullen wij zijn Boodschap
verder uitdragen tot het einde der tijden. Amen.

Onze Vader

Jezus op zijn woord gelovend,
mogen wij vol vertrouwen bidden tot zijn en onze Vader:
Onze Vader,…

Als wij ons gedragen weten door zijn liefde
en erkennen dat Hij de mensen nimmer in de steek laat,
zal in ons binnenste angst en stormwind luwen.
Als wij, in Hem verankerd,
rondom ons
zijn rust en troost uitstralen,
mogen wij vol vertrouwen uitzien naar de komst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk….

Vredeswens 1

Als wij aan Gods vrede
gestalte geven,
elkaar in lief en leed vasthouden,
troosten en bemoedigen,
mogen wij koers zetten
naar het land van liefde en vriendschap,
voorbij oorlog en geweld,
voorbij twist en haat.
Die uit-deinende Godsvrede zij altijd met u.
En geven wij elkaar een blijk van vrede en vriendschap.

Vredeswens 2

Aan het begin van een nieuw kerkelijk jaar
worden wij dringend aangespoord tot een waakzame houding.
Zo worden wij voorbereid op Wie komen zal:
de Vorst van vrede.
Moge die Godsvrede altijd met u zijn.
En wensen wij elkaar die vrede van harte toe.

Lam Gods

Communie

De Komende wil ons nabij blijven.
Daarom brak Hij Zichzelf tot Voedsel
en nodigt Hij ons uit aan zijn tafel.
Dit is het Lam Gods…

Bezinning 1

Advent: tijd om wakker te worden!
Open ogen voor het ongeziene lijden van vergeten mensen.
Helderheid van geest
die het spel van ieder-voor-zich doorbreekt.

Open oren voor de vraag achter de woorden,
voor het roepen dat gesmoord,
voor het nieuws dat verzwegen wordt.

Open oog en oor voor de tekenen van hoop
die ontluiken als groene twijgen in volle winter:
stappen naar vrede,
inzet die gratis is,
het groeien van verbondenheid,
het niet meer zwijgen van kleine mensen.

Open hart voor de Stem
die vanuit mensen en structuren
diep in ons blijft roepen
tot wij opstaan
en een keuze maken tot ommekeer naar God en de mensen toe.

Advent: wakker worden
en opstaan met kracht in je hart en je handen.
Vier weken de tijd
om je te oefenen in
mens-worden.

Bezinning 2

Heer, Jezus, nu Kerstmis nadert,
moet ik aan Maria, uw moeder, denken.
Ze was nog zo jong toen ze U droeg,
nog zo onschuldig en onervaren.
Ze had zo vanzelfsprekend ‘ja’ gezegd
toen ze werd gevraagd.
Ze wist niet wat ze zei.
Ze kende de wereld van het kwade nog niet.

Maar haar ja-woord was een echte ‘ja’.
En die ‘ja’ heeft haar gedragen,
ook als ze hoogzwanger
naar Bethlehem moest,
ook als er geen plaats was
in de herberg,
ook als ze voor haar Zoon
slechts een kribbe had.

Stil en ontroerd kijk ik
naar uw jonge moeder, Heer.
uit In de stilte

Slotgebed 1

Bij het einde van deze viering
willen wij U bidden, Heer,
ga met ons mee doorheen de dagen van deze advent.
Maak ons waakzaam voor uw visioen van vrede,
en maak ons bereid
om dat visioen stap voor stap dichterbij te brengen
in de kleine verhalen van ons dagelijks bestaan.
Dan kunt Gij opnieuw geboren worden,
telkens wij het wagen
een ander als medemens nabij te zijn,
naar het voorbeeld van Hem,
naar wiens komst wij verlangend uitzien,
Jezus van Nazareth, uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Slotgebed 2

Gij die als een verre stem in ons bestaan weerklinkt,
Gij die ons roept om ons heil niet te zoeken
in eigen haard en huis,
maar in de warmte en het onderdak
dat wij anderen kunnen bieden,
doe ons uw stem horen,
laat ons uw aangezicht zien in Jezus Messias
die als een weerloos Kind ons leven is binnengekomen
en kleine mensen hoop gaf door bij hen te komen wonen.
Geef ook ons de genade
om klein en weerloos te worden als een kind.
Dan zal er toekomst zijn
en vrede op aarde voor iedereen,
vandaag reeds, en alle dagen van ons leven. Amen.

Zending en zegen 1

God wil ons allen zegenen
tot levende getuigen van zijn Rijk dat komt:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Zending en zegen 2

Moge deze eerste adventskaars ons eraan herinneren
dat God – ook hier, en in onze tijd –
wil geboren worden
om ons het volle leven te schenken.
Hij wil ons zegenen en waakzaam houden
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Categorieen(n): Zondagsvieringen
Tags:

Comments are closed.