18e zondag door het jaar B 2018

05 08 2018

Begroeting

Net als vorige week is ‘eten’ het centrale thema in de liturgie van vandaag.
Wat kan ik u dan bij het begin van deze eucharistische maaltijd
beter toewensen dan:
eet smakelijk! Proef de religieuze smaak van dit samen eten,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de H. Geest. Amen.

Openingswoord 1

Vorige week hoorden we hoe Jezus door de broodvermenigvuldiging
een grote menigte eten gaf.
Ook in het verhaal van het Oude Testament liet God het
manna regenen.
Mensen zien het blijkbaar wel zitten om geregeld gratis gevoed te worden.
Maar Jezus zegt hen dat ze zich niet druk moeten maken om brood
dat toch vergaat.
Ze moeten zich inzetten voor het blijvende Voedsel dat Jezus hen zal geven.

Vreemd genoeg lezen veel mensen dergelijke ‘beelden’ in de Bijbel letterlijk.
Zo is ‘brood’ voor hen in de Bijbel gewoon ‘brood’.
Maar ‘brood’ in de Bijbel staat voor alles wat ‘broodnodig’ is,
want ‘een mens leeft niet van brood alleen,
maar van elk Woord dat uit de mond van God komt.’
Die ‘mond’ van God is natuurlijk ook weer een beeld.
Als niemand ooit God heeft gezien
dan kan men niet eens weten of Hij wel een mond heeft.
Maar met een mond kan men praten, kan men iets zeggen.
God kan dan misschien geen mond hebben om te praten,
maar zijn ‘Woorden’ kennen we wel.
We vinden ze in de Bijbel,
we horen ze uit de mond van profeten vroeger en nu.
Over dat ‘brood’ gaat het.
naar Chantal Leterme

Openingswoord 2

Wij stillen onze honger met brood.
Maar er is ook een andere honger,
zegt Gods vertrouweling, Jezus, ons vandaag:
de honger van mensenharten naar geborgenheid en vrede.
Die honger wil Hij graag stillen,
daartoe gezonden door Hem die Hij Abba, Vader, noemde.
Woorden en Brood van leven…
Daar mogen wij in deze viering verwachtingsvol en dankbaar naar uitzien.

Vergevingsmoment 1

Beseffend wie wij zijn
en dat de Heer ons hart kent,
willen we tot Hem zeggen:

Goede God,
schenk ons steeds opnieuw
een deel van uw rechtvaardige liefde.
Een liefde die de eerlijkheid zoekt
in onszelf en in de anderen.

Schenk ons steeds opnieuw
een deel van uw vergevende liefde.
Een liefde die mild is
voor eigen tekorten
en oneindig vergevend voor anderen.

Schenk ons steeds opnieuw
een deel van uw bindende liefde.
Een liefde die ons thuisbrengt
bij onszelf, bij elkaar en bij U. Amen.

Gebed om ontferming 2

-God, we willen U bidden om ontferming
om onze onachtzaamheid
bij het verbruiken van de goederen van deze aarde.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

-God, we willen U bidden om ontferming
omdat onze honger naar materiële dingen
vaak een te grote plaats inneemt in ons leven.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons.

-God, we willen U bidden om ontferming
omdat we dikwijls te weinig geloven
in de kracht van uw aanwezigheid onder ons.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.

God, bij wie liefde het eerste en laatste woord is,
maak ons toegankelijk voor U en voor elkaar.
Dan ligt de weg open die Gij voor ons hebt bestemd. Amen.

Lofprijzing

Met God willen wij samen zijn,
in zijn dienst willen wij leven,
zijn Woord willen wij spreken,
zijn wil vervullen,
zijn naam aanroepen.

Allen zullen erkennen, God,
dat Gij voor ons vrede zijt,
recht doet en vreugde brengt,
zorgt en heelt, omdat in U alle heil is.

De aarde geeft haar grondstoffen,
mensen produceren goederen,
maar uw zegen, God,
begeleidt onze handen.

Allen moeten het horen, God,
en beseffen dat Gij zorg draagt voor de mens. Amen.

Openingsgebed 1

Heer, onze God,
Gij hebt uw Woord gezaaid, uw Zoon gegeven.
Voor ons gebroken en gestorven
is Hij Brood en Leven voor de wereld,
voor elk van ons.
Wij bidden U
dat wij de kracht mogen vinden om zijn weg te gaan.
Dat wij voor elkaar vruchtbaar mogen zijn
als zaad en voedzaam brood.
Dan zullen wij samen het geluk vinden
dat Gij voor ons in petto houdt. Amen.

Openingsgebed 2

Heer, onze God,
Gij nodigt ons uit aan te zitten aan de tafel die Gij voor ons hebt bereid.
Gij biedt Uzelf aan als Brood des Levens.
Wij vragen U:
maak ons waardig om van dat Voedsel te eten.
Moge wij daardoor opleven
en leven uitdragen naar allen die hongeren en dorsten
naar de gerechtigheid, die Gij hebt beloofd
in Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Lezingen

Hoe duister de weg ook is,
hoe ver het Beloofde Land ook nog verwijderd,
toch laat God zijn volk niet alleen, vertelt ons de eerste lezing.
We bidden geregeld om dagelijks brood.
Maar bidden we ook om het Brood des Levens
waartoe de evangelielezing ons aanspoort?

Eerste lezing (Ex., 16, 2-4. 12-15)

Uit het boek Exodus

2
           Toen ze in de woestijn waren,
begon heel de gemeenschap van de Israëlieten te morren
tegen Mozes en Aäron.
3           De Israëlieten zeiden tegen hen:
`Waren we maar door de hand van de Heer gestorven in Egypte,
waar we bij de vleespotten zaten en volop te eten hadden.
U hebt ons alleen maar naar de woestijn gebracht
om al deze mensen van honger te laten omkomen.’
4           Toen sprak de Heer tot Mozes:
`Ik zal brood voor u laten regenen uit de hemel.
De mensen moeten er dagelijks op uit gaan
en de hoeveelheid voor één dag verzamelen.
Dan kan Ik vaststellen of ze mijn leiding willen volgen of niet.
12
 `Ik heb het gemor van de Israëlieten gehoord.
Dit moet u hun zeggen:
Tegen de avond kunt u vlees eten
en morgenochtend zult u volop brood hebben.
Dan zult u weten dat Ik de Heer uw God ben.’
13         Toen het avond was kwamen er kwartels aangevlogen
en vielen neer over heel het kamp.
De volgende ochtend hing er dauw rondom het kamp.
14         En toen deze was opgetrokken
lag er over de woestijn een fijne korrelige laag,
alsof de grond met rijp was bedekt.
15         De Israëlieten zagen het en zeiden tegen elkaar:
`Wat is dat?’
Ze wisten werkelijk niet wat het was.
Mozes legde hun uit:
`Dit is het brood dat de Heer u te eten geeft.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Ef., 4, 17. 20-24)

Uit de brief van de apostel Paulus aan de christenen van Efeze

Broeders en zusters,
17         Dit zeg ik dus met een beroep op de Heer:
leef niet langer zoals de heidenen in hun waanwijsheid.
20         Maar zo hebt u Christus niet leren kennen!
21         Want u hebt van Hem gehoord en u bent in Hem onderricht
naar de waarheid die in Jezus is:
22         dat u de oude mens moet afleggen,
die van uw vroegere levenswandel,
die te gronde gaat aan zijn bedrieglijke begeerten,
23         en dat u zich moet vernieuwen naar geest en verstand.
24         Bekleed u met de nieuwe mens,
die naar Gods beeld is geschapen
in ware gerechtigheid en heiligheid.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Joh., 6, 24-35)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Johannes

24         Toen Jezus eens nergens te zien was, en ook zijn leerlingen niet,
stapten de mensen in boten
en voeren ze naar Kafarnaüm om Jezus te zoeken.
25         Ze vonden Hem aan de overkant van het meer en vroegen Hem:
`Rabbi, wanneer bent U hier gekomen?’
26         Jezus gaf ten antwoord:
`Waarachtig, Ik verzeker u:
u zoekt Mij niet omdat u tekenen hebt gezien,
maar omdat u volop hebt kunnen eten.
27         U moet niet zoveel werk maken van vergankelijk voedsel,
maar liever van het voedsel dat blijft,
het voedsel van het eeuwige leven,
dat de Mensenzoon u zal geven;
want op Hem heeft de Vader, God zelf, zijn zegel gedrukt.’
28         Daarop zeiden ze:
`Wat moeten we doen als we de werken willen verrichten
die God van ons vraagt?’
29         Jezus gaf hun ten antwoord:
`Dit werk vraagt God van u:
dat u gelooft in Hem die Hij gezonden heeft.’
30         Daarop zeiden ze:
`Maar U, welk teken verricht U dan wel?
We willen zien om U te kunnen geloven.
Op welk werk kunt U zich beroepen?
31 Onze voorouders hebben in de woestijn het manna gegeten,
zoals geschreven staat:
Brood uit de hemel gaf hij hun te eten.’
32         Jezus hernam: `Waarachtig, Ik verzeker u:
niet Mozes heeft u het brood uit de hemel gegeven;
mijn Vader is het die u het brood uit de hemel geeft, het echte.
33         Want het brood dat God geeft,
is Hij die uit de hemel neerdaalt en aan de wereld leven geeft.’
34         `Heer,’ zeiden ze, `geef ons dat brood dan, voor altijd.’
35         Jezus antwoordde: `Ik ben het brood om van te leven.
Wie naar Mij toe komt krijgt geen honger meer,
en wie in Mij gelooft krijgt nooit meer dorst.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Belijden wij ons geloof in God die alle mensen bestemd heeft voor het geluk.

Ik geloof in God, die liefde is
en ons de wereld schenkt.

Ik geloof ook dat God ons roept en zendt
om van deze wereld een thuis te maken:
een wereld zonder honger,
zonder oorlog, zonder haat,
een wereld vol goedheid,
rechtvaardigheid en vrede.

Ik geloof in Jezus Christus,
die geroepen en gezonden werd
om lief en leed met ons te delen
om, geborgen in Gods liefde,
zich te geven aan de mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om lief en leed te delen in liefde met elkaar.

Ik geloof dat de Heer zijn Geest van liefde
schenkt aan alle mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om van zijn Blijde Boodschap te getuigen
in woord en daad;
opdat alle mensen van de wereld
broers en zusters zouden worden
in de Kerk van zijn liefde,
op weg naar zijn Rijk van vrede
en vriendschap voor altijd. Amen.

Voorbeden 1

Jezus maakte ons duidelijk dat Hij het Brood is
dat leven geeft.
Door Hem mogen wij bidden tot de Vader.

-Bidden wij voor de vele mensen die dagelijks honger en dorst lijden.
Dat anderen luisteren naar hun nood
en efficiënte maatregelen treffen om een einde te maken aan die mensonwaardige omstandigheden.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor alle politieke leiders
dat zij  wetten en maatregelen zouden uitwerken
die rekening houden met de zwaksten in onze samenleving
en dat zijzelf zich zouden profileren als mensen die zich inzetten
voor het welzijn van hun bevolking.
Laten wij bidden…

-Bidden wij dat wij, als christenen, het voortouw zouden nemen
in het zoeken naar de werkelijke waarden in dit leven:
onbaatzuchtige liefde voor alle mensen
en dat we wegwijzers mogen zijn naar Gods Boodschap.
Laten wij bidden…

-Bidden we dat de Kerk haar invloed mag aanwenden
om wereldwijd zich in te zetten voor de materiële en geestelijke nood
van de zovele achtergestelde bevolkingsgroepen,
zodat zij uitzicht op toekomst krijgen…
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

‘Je moet niet zoveel werk maken van voedsel dat vergaat’,
zegt Jezus ons vandaag.
Bidden wij om geestelijke honger,
en dat die gestild mag worden.

-Bidden wij voor allen die leven bij het ogenblik,
en nauwelijks toekomen aan zichzelf.
Dat zij bij zichzelf durven stilstaan
en tot innerlijke rust komen.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor allen die zoeken naar een richtlijn in hun leven.
Dat zij die mogen vinden
en gaandeweg ontdekken
waarvoor en waartoe zij leven.
Laten wij bidden…

-Bidden we voor allen die de naam van Jezus belijden.
Dat zij in hun leven ruimte scheppen
voor wat Hij ons te zeggen en te bieden heeft.
Dat zij daarin geborgenheid en vrede mogen vinden.
Laten wij bidden…

God, maak ons bewust van wat vluchtig en voorbijgaand is,
en wat voor ons van blijvende waarde kan zijn.
Zegen ons vandaag met woorden van betekenis
en met de adem van uw vrede. Amen.
naar Heeswijk

Gebed over de gaven 1

Heer, onze God,
in een wereld die bezeten is van bezit,
danken wij U voor Jezus
die zo heel anders was,
die in brood en wijn Zichzelf heeft prijsgegeven tot de dood toe.
Heilig ons naar zijn voorbeeld.
Maak ons rechtschapen zoals Hij.
Dan zullen wij leven,
vandaag en alle dagen tot in uw eeuwigheid. Amen.

Gebed over de gaven 2

Goede God,
in dit teken van brood en wijn
blijft Jezus levend in ons midden.
Geef dat zijn aanwezigheid ons weerbaar maakt
en ons onverschrokken doet getuigen in zijn naam.
Dit vragen we U voor nu en altijd. Amen.
naar Thomasvieringen

Tafelgebed

In uw naam zijn wij hier samen.
Wij noemen U God en Vader.
Niemand heeft U ooit gezien,
maar elke dag opnieuw
is het duidelijk hoe Gij werkzaam aanwezig zijt
daar waar mensen elkaar vinden en van elkaar houden,
waar mensen de handen in elkaar slaan
en kleine stappen zetten
om deze wereld om te bouwen
tot uw wereld.

Wij zien U aan het werk, God,
in de ontluikende liefde tussen mensen,
in groeiende solidariteit,
in blijvende verbondenheid,
in de kleine en grote inzet voor vrede en gerechtigheid.

Wij zien U aan het werk
in Jezus, uw Zoon:
de Woorden die Hij sprak,
waren uw Woorden
en worden nu de onze.
Zijn keuze voor kleine mensen was uw keuze
en wordt nu de onze.

In Hem hebt Gij uw droom
in onze handen gelegd:
dat lammen niet lam blijven
en doven niet doof.
Dat er voor elke mens
leven mogelijk is,
leven in overvloed.

Hem willen wij hier noemen
als inspiratie,
als wegwijzer voor ons leven,
als blijvende oproep om te blijven doen
wat Hij heeft gedaan.

Die avond,
vlak voor zijn dood,
vatte Hij zijn leven samen,
toonde Hij wie Hij was
en wie Hij blijven wou voor ons.
Hij nam het brood en verdeelde het
onder zijn vrienden en zei:
“Neem van dit Brood en eet ervan.
Dit ben Ik, mijn Leven,
mezelf aan U gegeven. Doe dat ook.”

Hij nam de beker met wijn in zijn handen,
dankte en zei:
“Dit is de beker met mijn Bloed,
mijn leven voor u uitgedeeld.
Drink ervan en doe dat ook.
In uw breken en delen
blijf Ik leven in uw midden.”

Daarom bidden wij U:
beziel ons met uw Geest.
Dat wij vanuit zijn inspiratie
weten wat groeikracht heeft.
Dat wij midden de ontmoediging
de fantasie bewaren
en wegen blijven vinden naar de nieuwe toekomst
die Gij ons in handen hebt gegeven.
Dat onze hand niet slaat,
dat onze mond niet verraadt,
dat wij geen mens verloochenen.

En dat wij hen niet vergeten
die op ons blijven rekenen:
zij van wie wij houden
en zij van wie wij nog niet genoeg houden.
Dat wij hen niet vergeten
die naast ons staan,
ons voorgaan en bemoedigen,
en hen met wie wij samen op weg zijn
naar menswaardiger samenleven.

Dat wij evenmin hen vergeten die van ons zijn heengegaan:
dat zij tot ons blijven spreken,
ons verder oproepen en inspireren,
ook nu zij gestorven zijn.

Beziel ons met uw Geest,
dat wij elkaar bewaren
en voortstuwen in de richting van menswaardigheid.
Dat wij waakzaam zijn
om de tekens van hoop te zien
en dat wij zelf zo een teken mogen worden.

Daarvoor willen wij ons inzetten
-samen-
met U en voor U
vandaag en alle dagen. Amen.

Onze Vader

God vertrouwde zijn wereld toe aan mensenhanden.
Laten we die handen vouwen en bidden zoals Jezus ons heeft voorgebeden.
Onze Vader,…

Wees onze hoop, Vader,
zodat wij stand houden,
elkaar beter begrijpen,
elkaar steunen en niet laten vallen.
Breek ons open,
maak ons ontvankelijk voor de Geest van Jezus.
Dan zullen we hoopvol kunnen uitzien
naar de wederkomst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het Koninkrijk….

Vredeswens

God van leven en liefde,
maak uw naam waar via de harten en handen van mensen
die uw liefde en vrede willen doorgeven.
De vrede van God zij altijd met u.
En geven we die vredeswens ook van harte aan elkaar door.


Lam Gods

Communie

“Ik ben het Brood om van te leven.” zei Jezus.
We ontvangen brood om zelf brood te worden.
We krijgen leven om op onze beurt leven door te geven.
Dit is het Lam Gods…

Bezinning 1

Brood is leven en toekomst,
het is kracht en sterkte.
Het is zuurverdiend,
we verslijten er aan.
Maar het staat ook bij velen van ons
in overvloed op tafel.
Brood is vanzelfsprekend in onze tijd van welvaart.
En toch: het blijft vragen
om onze dankbaarheid.
Het wordt ons gegeven,
wij mogen het aannemen.
We mogen ervan eten in verbondenheid met elkaar.
Maar het daagt ook uit om te delen met anderen:
met mensen die ons lief zijn
maar ook met hen, die -ongekend-
hun hand naar ons ophouden.
Gedeeld brood is teken
van onze liefde voor elkaar,
maar ook van onze zin voor verantwoordelijkheid.

Jezus is het Brood dat leven geeft.
Hij komt als een geschenk van God.
Hij geeft zin en richting aan ons leven.
We mogen delen van zijn Woord,
van zijn leven, van zijn toekomst.
Namens God is Hij leven
voor mens en wereld:
zin en uitdaging tegelijk.
Wim Holterman osfs

Bezinning 2

Ieder mens heeft een stukje bemoediging nodig:
een klop op de schouder, een open gesprek,
een stevige handdruk, een blik die blij maakt,
iemand die kan meeleven,
iemand met begrip en bekommerd met vreugde en met pijn.
We hebben het allemaal broodnodig.
En gelukkig de stad waar je mensen ontmoet die je dat geven.

Ieder mens kan maar écht mens zijn bij de genade van de anderen.
We zijn het aan elkaar verplicht.
Het is zo bijzonder fijn dat dit
spontaan kan gebeuren in de hartelijkheid
die de één de ander schenkt.
We hebben het allemaal zo broodnodig
en we kunnen het elkaar geven want dit brood wordt niet duurder.

Ieder mens heeft een stukje geborgenheid nodig:
een adres, een plaats waar hij thuis is.
een mens, die dat duidelijk maakt is zelf een stukje geluk geworden.
Ieder mens zou ergens iemand moeten kunnen ontmoeten
die iets laat vermoeden wie God is.

We hebben het allemaal broodnodig
en we kunnen het elkaar geven
want dit brood is niet duurder geworden.

Godfried Oost

Slotgebed 1

Heer God,
geef ons nieuwe ogen om te zien
dat wij in elke mens uw Zoon kunnen ontdekken.
Geef ons nieuwe oren,
zodat wij de klankloze stem kunnen horen
van wie honger hebben, kou lijden, bang of verdrietig zijn.
Geef ons nieuwe handen, om ze uit te strekken
naar hen die wij zien met onze nieuwe ogen,
die wij horen met onze nieuwe oren.
Geef ons een nieuw hart
opdat wij al die mensen
kunnen liefhebben zoals Gij ons liefhebt. Amen.

Slotgebed 2

In Jezus wil Ik je Mezelf geven – zegt God –
heel mijn liefde en tederheid.
Het enige dat je moet doen
is met al je talenten
proberen te leven naar mijn wil,
net zoals Hij dat deed.
Probeer zijn aandacht voor kleine en gekwetste mensen
tot een accent in je eigen leven te maken
en durf jezelf te breken en te delen,
zoals gebroken brood.
Ik zal je daarvoor de kracht geven – zegt God –
en je het brood aanreiken van het leven,
het echte leven.
            Erwin Roosen

Zending en zegen

Nu wij uw Brood ontvangen hebben,
worden wij gezonden om ook zelf brood te worden
en in Gods naam ‘leven’ te geven aan medemensen.
Moge de Heer ons daartoe zegenen + als Vader, Zoon en H. Geest. Amen.

Kategorie(n): Zondagsvieringen

Comments are closed.