17e zondag door het jaar B 2012

ZONDAGSVIERINGEN
zeventiende zondag B (29/07/2012)

Begroeting

De God van alle leven
verwelkomt ons ook vandaag.
Hij biedt ons zijn brood ten leven aan.
Welkom in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

Woorden van waarde worden aangeboden aan ons
die honger hebben naar bijna alles.
Honger naar dagelijks brood.
Honger naar erkenning, waardering.
Honger naar geestelijk voedsel.
Profeten en ook Jezus
bieden ons voedsel aan op onze levensweg.
Voor ieder die ervoor open staat,
hebben zij een verborgen kracht in de aanbieding,
een kracht die de honger en het tekort omvormen tot overvloed,
zodat wij ervan kunnen delen met elkaar.

Openingswoord 2

Vijf weken lang gaan we, samen met de apostel Johannes,
op zoek naar voedsel voor de eeuwigheid.
Vijf weken krijgen wij les in geven en delen
om de levenshonger van mensen te stillen.
De evangeliewoorden rond het hemels brood zijn een getuigenis van Jezus,
een samenvatting van zijn leven, van zijn en onze opdracht.
In het evangelie van vandaag horen we hoe de mensen ervaren
dat, door het weinige dat er is toch te delen,
er overvloed kan zijn.
Laten wij ons open stellen voor die Boodschap.

Vergevingsmoment 1

In tijden van nood blijft God zijn volk nabij.
Als wij de medemens even nabij blijven,
dan kan het wonder van breken en delen
opnieuw gebeuren.

– Een klop op de schouder, een open gesprek,
een stevige handdruk, een blik die blij maakt.
We hebben het allemaal broodnodig…
Voor de keren dat we daarin tegenover de ander tekortschieten:
Heer, ontferm U over ons.

– Iemand die kan meeleven, iemand met begrip,
iemand die deelt in vreugde en pijn.
We hebben zo iemand allemaal broodnodig…
Voor de keren dat we die ander daarmee alleen laten staan:
Christus, ontferm U over ons.

– Elkaar vergeven in hartelijkheid.
Iedere mens écht mens laten zijn,
een stukje geborgenheid bieden,
een plaats waar men thuis is.
We hebben het allemaal broodnodig…
Voor de keren dat we daarin tekortschieten:
Heer, ontferm U over ons.

Moge de barmhartige God onze fouten vergeven
en ons met zijn brood dat leven geeft,
sterken om telkens opnieuw te beginnen. Amen.
naar Levensecht

Vergevingsmoment 2

Onze God houdt rekening met onze honger en onze zwakheid.
Laten wij Hem om ontferming bidden.

– Als wij bezig zijn met iets dat onszelf aanbelangt,
hebben wij het dikwijls moeilijk
om aan te voelen wat een ander nodig heeft.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

-Wij hebben vooral honger naar voedsel voor ons lichaam
en hebben minder oog voor onze geestelijke honger.
Daarom:
Christus, ontferm U over ons.

– Wij vinden dat wat we kunnen bijdragen
niet de moeite waard is, slechts een druppel op een hete plaat.
Wij leren niets uit de parabel van vijf broden en twee vissen voor 5000 mensen.
Daarom:
Heer, ontferm U over ons.

Moge de barmhartige God naar ons omzien
en onze behoefte aan vergeving tegemoet komen
en ons opnemen in zijn eeuwig leven. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn Blijde Boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed 1

Gij die ons het leven geeft,
bij U kloppen wij aan,
hunkerend naar geluk en bedelend om brood.
Geef ons uw Woord.
We zullen het tot ons nemen,
we zullen ervan overhouden en het doorgeven
tot onze aarde vervuld is van uw overvloed. Amen.

Openingsgebed 2

Jezus,
wij willen wel mensen nabij zijn,
maar we vinden vaak de juiste woorden niet.
We hebben brood genoeg,
maar we vergeten het te delen.
Zo blijven anderen in de kou staan.
Leer ons uw voorbeeld van aandacht en liefde volgen,
leer ons samen bidden en delen. Amen.
naar Levensecht

Lezingen

Luisteren wij naar God die ons toespreekt doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing (2 Koningen 4,42-44)

Uit het tweede boek der Koningen

42
      Op een dag kwam er iemand uit Baäl-Salisa.
In zijn tas bracht hij voor de man van God
van de eerstelingen van de oogst
twintig gerstebroden en wat vers koren mee.
Elisa zei:
`Geef de mannen maar te eten.’
43       Zijn dienaar antwoordde:
`Hoe kan ik dat nu voorzetten aan honderd man?’
Maar hij herhaalde:
`Geef het de mannen te eten.
Want zo spreekt de Heer:
`Zij zullen eten en overhouden.” ‘
44       Nu zette hij het de mannen voor.
Zij aten en hielden nog over,
zoals de Heer gezegd had.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Efesiërs 4,1-6)

Uit de brief van de apostel Paulus aan de christenen van Efeze

Broeders en zusters,
1        Ik, de gevangene in de Heer, vraag u met aandrang
om een leven te leiden dat beantwoordt aan de roeping
die u van God ontvangen hebt,
2        en altijd nederig te zijn, zachtmoedig en geduldig,
en elkaar liefdevol te verdragen,
3        vol ijver om de eenheid van de Geest te behouden
door de band van de vrede:
4        één lichaam en één Geest,
zoals u ook geroepen bent tot één hoop,
waarvoor Gods roeping borg staat.
5        Eén Heer, één geloof, één doop.
6        Eén God en Vader van allen,
die is boven allen,
met allen en in allen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Johannes 6,1-15)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Johannes

1        Jezus stak het meer van Galilea over,
ook het meer van Tiberias genoemd.
2        Een grote massa mensen volgde Hem
omdat ze de tekenen gezien hadden die Hij aan de zieken verrichtte.
3        Jezus trok het gebergte in en ging daar zitten met zijn leerlingen.
4        Het was kort voor het Joodse paasfeest.
5        Toen Jezus zijn ogen opsloeg
en zag dat er een massa mensen naar Hem toestroomde,
zei Hij tegen Filippus:
`Waar zullen we brood halen om al die mensen te eten te geven?’
6        Dit zei Hij bij wijze van proef;
Hij wist zelf wel wat Hij ging doen.
7        Filippus antwoordde:
`Zelfs als we voor tweehonderd denariën brood kopen,
is dat niet genoeg om ieder ook maar een klein stukje te geven.’
8        Een van zijn leerlingen, Andreas, de broer van Simon Petrus, merkte op:
9        `Er is hier een jongen
die vijf gerstebroden en twee gedroogde visjes bij zich heeft;
maar wat hebben we daaraan voor zo’n aantal?’
10       Hierop zei Jezus:
`Zeg tegen de mensen dat ze moeten gaan zitten.’
Er was daar veel gras en ze gingen dus zitten;
er waren ongeveer vijfduizend mannen.
11       Daarop nam Jezus de broden,
en na het uitspreken van het dankgebed
deelde Hij ze uit onder de aanwezigen,
en zo ook de vissen, zoveel ze maar wilden.
12       Nadat ze volop hadden kunnen eten zei Hij tegen zijn leerlingen:
`Verzamel nu de overgebleven brokken, zodat er niets verloren gaat.’
13       Ze verzamelden ze dus:
twaalf korven vulden ze met brokken
die van de vijf gerstebroden na de spijziging waren overgebleven.
14       Bij het zien van het teken dat Jezus verricht had, zeiden de mensen:
`Dit is ongetwijfeld de profeet die in de wereld komen zou.’
15       Omdat Jezus doorhad dat ze Hem met alle geweld gingen meenemen
en tot koning uitroepen,
trok Hij zich weer, geheel alleen, in het gebergte terug.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Leggen wij getuigenis af van ons geloof in God
die ons in Jezus leerde
dat wij zijn goedheid kunnen vermenigvuldigen door delende mensen te zijn.

Ik geloof in de mensen van deze gemeenschap
die bekommerd zijn om elkaar,
die samen op weg gaan en mekaar niet loslaten.

Ik geloof dat God hier in ons midden aanwezig is
als wij de anderen recht doen,
het positieve in elkaar zien,
als wij niemand uitsluiten,
maar iedereen aanvaarden zoals hij of zij is.

Ik geloof dat we voor elkaar een stukje hemel kunnen zijn,
een stukje Rijk Gods.

Ik geloof dat God van ons vraagt
dat we ons samen zouden inzetten
om anderen hoop en uitzicht te bieden.

Ik geloof dat Hij ons vraagt realistische, maar blije mensen te zijn,
die willen bouwen aan de toekomst.

Ik geloof dat wij als gemeenschap daaraan moeten werken
en dat God ons daarbij zal helpen. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en deze gaven aan Hem op te dragen.

– Voor mensen die leven in hongergebieden,
voor mensen onder de armoedegrens,
voor mensen die de vreugde van een feestmaal niet kennen,
voor mensen die een handvol liefde en echte vriendschap missen.
Laten wij bidden…

– Voor mensen die anderen ertoe bewegen
welvaart tot een zaak van allen te maken.
Voor mensen die samen met anderen,
werken aan een wereld van recht en gerechtigheid,
van gedeeld brood en gedeelde vrede.
Laten wij bidden…

– Voor mensen die brood in overvloed hebben en toch honger lijden,
voor mensen met water te over en die toch dorst lijden,
voor alle mensen die hongeren en dorsten naar leven waarin God te proeven is.
Laten wij bidden…

– Voor onze Kerken, voor onze geloofsgemeenschap, voor onszelf.
Dat wij wegen vinden om de honger naar menselijkheid te stillen,
om de dorst naar geluk te lessen.
Dat wij durven beginnen te delen met mensen om ons heen.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

Vol vertrouwen richten wij ons nu tot de God van Jezus Christus
die levensbrood wil worden voor iedere mens.
Hem leggen we voor
wat ons ter harte gaat
en we hopen dat samen te kunnen verwezenlijken.

Bidden we voor hen die van dag op dag hun job verliezen
omdat winstmarges belangrijker zijn dan mensen.
Laten wij bidden…

Bidden we voor landen waar corruptie hoogtij viert,
hier in Europa, maar ook elders in de wereld.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor de kansarmen in ons land,
waarover zoveel geschreven en vergaderd wordt,
maar waarvoor zo weinigen zich persoonlijk engageren.
Laten wij bidden…

Bidden we voor kleine mensen in zovele landen,
die uitgebuit worden en gebukt gaan onder machtswellust.
Laten wij bidden…

Bidden we voor de naamlozen
die door blinde terreur worden vermoord.
Laten wij bidden…

Bidden we voor hen, die door de dood van ons zijn heengegaan
en een bijzondere plaats innemen in ons hart.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

God, onze Vader,
zoals vele graankorrels –  ooit verspreid over de akkers –
nu zijn bijeengebracht in dit brood,
zo willen ook wij brood zijn voor elkaar,
voedsel dat gegeven en gedeeld wordt
en dat mensen doet leven.
Aanvaard en zegen deze gaven
en geef ons dan uw Zoon in het teken van brood,
dat ons in leven houdt. Amen.


Gebed over de gaven 2

Liefdevolle God,
Gij hebt ons uw Zoon geschonken
opdat wij steeds opnieuw tot leven zouden komen.
Wie zich laat voeden met Brood uit de hemel,
wordt in onze wereld een liefdevol mens.
Wij danken U voor deze gave en wij bidden U:
blijf ons omringen met uw zorg
en bescherm ons,
zodat wij in liefde samen kunnen verdergaan
op de weg die Jezus ons is voorgegaan. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen delen
om anderen een menswaardig bestaan te verzekeren,
voor hen die hun huis gastvrij openstellen.

Wij danken U, God,
voor mensen die kunnen luisteren
naar het leed van anderen,
die wonden genezen
door de pijn te helpen dragen;
voor mensen die kunnen troosten.

Wij danken U, God,
voor mensen die rust en stilte brengen,
die oog hebben voor kleine dingen,
die zich verheugen in de grootheid van anderen.

Wij danken U, God,
voor mensen die hongeren naar gerechtigheid,
die lijden omwille van het onrecht
dat anderen wordt aangedaan.

Wij danken U, God,
voor mensen die mild zijn in hun oordeel,
die eerbied hebben voor het leven,
die hun hart openen voor vergeving en verzoening.

Wij danken U, God,
voor mensen die zuiver zijn in hun bedoelingen,
die oprecht zijn in hun woorden,
die trouw blijven aan hun vrienden.

Wij danken U, God,
voor mensen die zich spiegelen
aan de levenswijze van Jezus.
Met hen getuigen en loven wij U, God:

Heilig, heilig, heilig …

Geen andere zekerheid is ons gegeven, Heer God,
dan op weg te zijn naar U.
.
Ons zoeken naar U
maakt ons tot een volk onderweg.
Mensen die verdwalen worden toegesproken
door Jezus, uw Zoon,
die de Weg, de Waarheid en het Leven is.
En als wij ons nestelen in onze zelfgenoegzaamheid,
Heer, roep ons dan weer op.

Toen Jezus die laatste avond met zijn vrienden aan tafel zat
gaf Hij hun een heilig teken:
Hij nam wat brood, dankte U, Vader,
brak het, deelde het uit en zei:
“Neem en eet hiervan, dit is mijn lichaam,
voor u gebroken, aan u toevertrouwd.”

Na de maaltijd nam Hij ook de beker, zegende die,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hieruit, dit is mijn bloed,
mijn levenskracht, voor u vergoten
tot vergeving van zonden,
tot verbondenheid onder mensen.
Kom samen, en doe dit telkens opnieuw,
en weet dan dat Ik bij u ben.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Wij bidden U, Heer God,
stuur ons op weg in de geest van Jezus, uw Zoon:
dat wij nieuwe wegen van goedheid banen,
paden van gerechtigheid en onderlinge vrede;
dat wij het leven leefbaar maken
en het puin ruimen van ons egoïsme.

Doe onder ons profeten opstaan
die het vuur van uw goedheid brandend houden,
die uw licht laten stralen,
ook in donkere momenten van ons leven.
Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn, Heer onze God,
die ons doet leven dank zij uw Geest,
hier en nu en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Onze Vader

Jezus deelde de broden en de vissen uit
nadat Hij dankend tot zijn Vader had gebeden.
Laten ook wij nu bidden tot diezelfde Vader:
Onze Vader…

Verlos ons, Vader, van onze eenzijdige betrokkenheid op onszelf.
Vergeef ons onze dagelijkse hunker naar nog meer brood,
desnoods ten koste van anderen.
Plooi ons open,
maak ons toegankelijk en ontvankelijk
voor andermans tekort aan brood, aan rust en vrede, tekort aan liefde.
Als wij de weg gaan die Gij ons wijst
zullen wij hoopvol mogen uitzien naar de komst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens

Houd ons gaande, God, door uw Woord,
ons gegeven als brood om van te leven.
Leer ons ons leven te delen,
elkaars honger naar vrede te voeden,
elkaar te doordringen met uw liefdesadem.
Dan zal onze mensenwereld uitgroeien
tot één gemeenschap, uw volk op aarde.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven wij elkaar een teken van die vrede.


Lam Gods
Communie

God, zoals een moeder haar kinderen voedt,
zo voedt Gij ons met brood uit de hemel,
waardoor ons geloof groeit,
onze hoop vermeerderd wordt en onze liefde versterkt.
Wek in ons de honger naar Hem
die het levende en ware brood is
en laat ons leven van ieder Woord
dat voortkomt uit zijn mond.
Dit is het Lam Gods…


Bezinning 1

MET HET WEINIGE DAT WE HEBBEN,
IETS GROOTS DURVEN ONDERNEMEN…

Je moet echt gek zijn om met vijf broden en twee vissen
een massa volk eten te willen geven..
Maar Jezus zegt :
“Kom hier met wat je hebt.”

Je moet echt gek zijn om met je eigen aarzelend geloof
zoekende jongeren op weg te willen helpen…
Maar Jezus vraagt  :
Geef wie je zelf bent.”

Je moet echt gek zijn om, als je zelf in de problemen zit,
een vriend in nood te willen raad geven…
Maar Jezus moedigt aan :
Doe wat je kunt.”

Heb nooit schrik je in te zetten,
ook niet wanneer je twijfelt of je de opdracht wel aankunt,
want Jezus rekent op je, en Hij blijft je nabij.

Met het weinige dat we hebben,
– met wat in ieders ogen ontoereikend is –
toch iets groots durven ondernemen.
Als Jezus onze inzet zegent, dan lukt het!
naar Mieke De Jonghe


Bezinning 2

Het is een wonder gebeuren
wanneer mensen elkaar écht ontmoeten.
Ze gaan bij elkaar binnen
en voelen zich als bij zich zelve thuis.

Ze onthalen elkaar
als vrienden
en dat is heel wat !

Kijk, denken ze,
ik word verwacht …
dat kun je aan duizend dingen
voelen en zien.
Het is er glashelder eerlijk
en zonovergoten goed.
Geestrijk is de drank van het gesprek.
De eenvoud smaakt als volkorenbrood
en ze drinken begrip
uit kroezen vol attentie.
Hartelijkheid bloeit in elk gebaar.
Men is gewoon
echt gelukkig
bij elkaar.

Wanneer ze afscheid nemen
verlaten ze elkaar wel,
maar laten elkander
niet alleen.

Het is een wonder
als mensen elkander
écht ontmoeten.
Marinus van den Berg


Slotgebed 1

Heer, onze God,
aangemoedigd door uw Blijde Boodschap
en gesterkt door uw gebroken brood,
keren we terug naar huis.
Bewerk het wonder in ons hart.
Leg dat wonder ook in onze mensenhanden:
onze liefde, onze vreugde en ons geluk vermeerderen
door ze te delen en te geven.
Dan zullen wonderen gebeuren voor de mensen rondom ons.
Dit vragen wij U voor alle dagen van ons leven. Amen.


Slotgebed 2

Wij bidden U, God,
maak nieuwe mensen van ons,
mensen die liever wegschenken dan toeëigenen,
mensen naar uw hart,
mensen die er weet van hebben
dat uw overvloed in hun handen rust
met de dringende vraag die te delen.
Raak ons met uw adem,
opdat wij herleven en kracht vinden tot delen. Amen.

Zending en zegen

Moge God ons de wijsheid schenken
om nederig onze handen te openen,
zodat wij zijn geluk kunnen ontvangen,
gratis en voor niets.
Daartoe legt Hij op ons zijn zegen,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.