16e zondag door het jaar C 2007

Begroeting

Jezus verwelkomt ons als Gastheer
in de naam + van de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

Vandaag gaan wij,
in het gezelschap van Jezus,
op bezoek bij de gezusters Martha en Maria.
Het kan een deugddoend en verrassend bezoek worden,
tenminste, als we niet meteen denken:
die geschiedenis kennen we al.
Wie zo redeneert, luistert niet meer.

Op het eerste gezicht lijkt onze evangelielezing
een anekdote zonder veel diepgang.
Maar wie het verhaal beluistert met de oren van het geloof,
ontdekt onder de oppervlakte
een boodschap die de essentie raakt van ons leven als christen.
Om dat te kunnen horen
moet het stil en rustig zijn in ons hart.
En dat is een probleem,
want wij laten ons al te vaak op sleeptouw nemen
door de drukte en de stress van alledag
en we zijn dan niet meer in staat
om te luisteren naar wat de Heer ons, in de stilte van ons hart, te zeggen heeft.
Laat ons daarover God om vergeving vragen.

Openingswoord 2

Vandaag gaan wij,
in het gezelschap van Jezus,
op bezoek bij de gezusters Martha en Maria.

Op het eerste gezicht lijkt het
een anekdote zonder veel diepgang:
het scheelt trouwens niet veel
of het bezoek draait uit op een fikse keukenruzie,
waarbij Jezus partij trekt voor Maria.
Maar zoals wel vaker in het evangelie
hebben Jezus’ woorden ook hier een dubbele bodem.

Dit verhaal spoort ons aan om na te denken over óns christen-zijn.
Tegelijk Martha en Maria worden, is natuurlijk het ideaal.
Maar dikwijls brengen we het niet op
om of een Martha, of een Maria te zijn.
Voor dit tekort aan inzet
vragen we God om vergeving.

Vergevingsmoment

Heer Jezus, wij zeggen wel dat Gij de Weg zijt,
maar dikwijls gaan wij andere wegen,
dan Gij ons zijt voorgegaan.
Daarom vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.

Christus, wij zeggen wel dat Gij de Waarheid zijt,
maar dikwijls laten wij ons misleiden
door wat ons aangenaam in de oren klinkt
en hebben wij geen aandacht
voor wat Gij ons te zeggen hebt.
Daarom bidden wij:
Christus, ontferm U over ons.

Heer, wij zeggen wel dat Gij het Leven zijt,
maar in plaats van ons te wagen
aan het leven dat Gij ons belooft,
verschuilen wij ons binnen de veilige grenzen
van ons al te menselijk bestaan.
Daarom vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.

God is een liefdevolle God,
grenzeloos in zijn barmhartigheid en trouw.
Op Hem mogen wij rekenen.
Hij zal onze zonden liefdevol vergeven.
Hij zal ons voeren naar nieuw en eeuwig leven.

Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed

Goede Vader,
voer ons binnen in de stilte van uw huis
waar wij bij U terecht kunnen met heel ons hebben en houden.
Leer ons ook te luisteren naar uw Zoon,
naar zijn boodschap van vrede,
zijn boodschap van geluk
waarop de wereld wacht.
Leer ons de daad bij zijn woord te voegen
en vrede- en gelukzaaiers te worden,
vandaag en alle dagen van ons leven. Amen.

Lezingen

Lucas vertelt ons over Jezus’ bezoek aan de gezusters Martha en Maria.
Maar de eerste lezing herinnert ons eraan
dat God ook nogal eens incognito bij mensen langs gaat.
Luisteren wij met de oren van ons hart naar beide verhalen uit de Schrift.

Eerste lezing (Genesis 18,1-10a)
Uit het boek Genesis.

1           Eens verscheen de Heer aan Abraham bij de eik van Mamre,
toen Abraham op het heetst van de dag
bij de ingang van zijn tent zat.
2           Hij sloeg zijn ogen op
en zag plotseling drie mannen voor zich staan.
Meteen liep hij van de ingang van zijn tent naar hen toe;
3           hij boog diep en zei:
`Indien ik genade heb gevonden in uw ogen, mijn heer,
ga dan niet aan uw dienaar voorbij.
4           Ik zal water laten halen;
was uw voeten en rust hier onder de boom.
 5             Nu u bij uw dienaar bent zal ik een stuk brood voor u halen
om u te sterken voor uw verdere reis.
‘ Ze zeiden: `Doe dat. Heel graag.’
6           Abraham ging haastig de tent in naar Sara en zei:
`Neem gauw drie schepel fijn meel,
kneed het en bak er koeken van.’
7           Daarna liep Abraham naar de kudde,
zocht een lekker mals kalf uit
en gaf het aan zijn knecht om het snel toe te bereiden.
8           Toen bracht hij hun wrongel en melk,
en het kalf dat hij had laten toebereiden,
en zette hun dat alles voor;
terwijl zij aten bleef hij bij hen staan, onder de boom.
9           Toen vroegen ze hem: `Waar is Sara, uw vrouw?’
Hij antwoordde: `Daar, in de tent.’
10 Toen zei Hij:
`Het volgend jaar, rond deze tijd, kom Ik bij u terug,
en dan zal Sara, uw vrouw, een zoon hebben.’
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Kolossenzen 1,24-28)
Uit de brief van de apostel Paulus aan de christenen van Kolosse

            Broeders en zusters,
24          Op het ogenblik verheug ik mij dat ik voor u mag lijden
en in mijn lichaam mag aanvullen wat nog ontbreekt
aan de verdrukkingen van Christus,
ten bate van zijn lichaam, dat is de kerk.
25          Haar dienaar ben ik geworden
krachtens de taak die mij door God is gegeven met het oog op u,
om namelijk het woord van God te brengen in heel zijn volheid:
26          om het geheim te verkondigen dat verborgen was,
van alle eeuwigheid en alle generaties af,
maar dat nu geopenbaard is aan zijn heiligen.
27          Aan hen heeft God de rijkdom van de heerlijkheid
van dit geheim onder de heidenvolken bekend willen maken.
En het luidt: `Christus, de hoop op de heerlijkheid, is in u.’
28          Hem verkondigen wij,
wanneer wij iedereen vermanen en onderrichten,
met alle wijsheid die ons gegeven is,
om iedereen zonder onderscheid
in Christus tot volmaaktheid te brengen..
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Lucas 10,38-42)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

38          Op hun rondreis ging Jezus eens een dorp in.
Een vrouw, Marta genaamd, ontving Hem.
39          Zij had een zuster die Maria heette.
Die kwam aan de voeten van de Heer zitten
en luisterde naar zijn woorden.
40          Marta had het heel druk met bedienen.
Ze ging naar Jezus toe en vroeg:
`Heer, laat het U koud dat mijn zuster mij alleen laat bedienen?
Zeg haar dat ze mij komt helpen.’
41          De Heer gaf haar ten antwoord:
`Marta, Marta, je maakt je bezorgd en druk over van alles,
42          maar slechts één ding is nodig.
Maria heeft het beste deel gekozen
en dat zal haar niet worden ontnomen.’
KBS Willibrord 1995


Geloofsbelijdenis
God wil bij ons te gast zijn.
Belijden wij dat we zijn aanwezigheid onder ons waardig willen zijn.

Ik geloof in God, mijn Schepper,

die man en vrouw gemaakt heeft naar zijn beeld;
die mij liefheeft als een vader
en voor mij zorgt als een moeder;
die mij troost en vergeeft
en die mij altijd de mogelijkheid geeft
opnieuw te beginnen.

Ik geloof in Jezus Christus,

die, door God gezonden, mens is geworden,
om ons nabij te zijn;
die, helend en genezend,
ons de liefde heeft voorgeleefd.

Ik geloof in de Heilige Geest,

die bezielt en vreugde brengt,
die de mensen hoop geeft,
die de bron is van mijn geloof.

Ik geloof dat de mensen elkaar nodig hebben
om samen God te dienen,
om de schepping voor iedereen leefbaar te maken
door samen te delen en in eenvoud te leven,
en zo te werken aan de komst van Gods rijk. Amen.

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlijke gebedsintenties op het altaar van de Heer
om ze samen met uw gaven en dit brood en deze wijn aan Hem op te dragen
.

– Maak ons tot mensen, Heer,
die U mogen tegenkomen in hen
die ons na aan het hart liggen
en met wie we dag in, dag uit, lief en leed delen.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot mensen, Heer,
die U gastvrij ontvangen,
ook wanneer Gij incognito naar ons toekomt
als ontheemde, vreemdeling of vluchteling.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot mensen, Heer,
die uw goedheid zien achter de liefde en de zorg waarmee anderen ons omringen; dat wij, op onze beurt,
iets van uw goedheid laten voelen aan hen die hett nodig hebben.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot mensen, Heer,
die bereid zijn het onrecht te herstellen
dat een mensengeschiedenis lang aan vrouwen is aangedaan;
mensen die zich willen inzetten
voor algehele en wereldwijde gelijkberechtiging van man en vrouw.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot mensen, Heer,
die een hartelijk evenwicht weten uit te bouwen tussen werk en gezin,
tussen stress en rust,
tussen activiteit en luisterend geloof.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot mensen, Heer,
die tijd maken om neer te zitten aan de voeten van de Heer
die ons met zijn woord wil voeden,
zodat ons geloof levend blijft, groeien mag, volwassen wordt.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot mensen, Heer,
die zich verbonden weten met allen die hier niet konden zijn:
mensen op reis, zieke mensen, mensen die in slechte papieren zitten.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– God, bron van wijsheid,
help ons in het gewone dagelijkse leven
uw weg te gaan van luisteren en zorgen.
Laat ons groeien in wijsheid
zodat wij biddend en handelend mogen meewerken
aan de komst van uw rijk.
Laten wij bidden…

– God, bron van gastvrijheid,
trek met ons mee op onze levensweg,
open ons hart en onze ogen voor de noden om ons heen
en beziel ons met uw liefde voor kwetsbare en gekwetste mensen.
Laten wij bidden…

– God, bron van liefde,
zie naar onze gemeenschap
die wil leven in het spoor van Jezus.
Mogen wij luisteren naar zijn boodschap,
maar ze ook dagelijks toepassen in ons doen en laten.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

Goede Vader, wij danken U
omdat Gij ons leven verrijkt met Jezus uw Zoon
wiens woorden voor ons levensbrood zijn
en bron van vreugde,
al onze dagen tot in uw eeuwigheid. Amen.

Gebed over de gaven 2

Gezegend zijt Gij, God,
omdat Gij ons gastvrij uitnodigt
en weglokt uit de beslotenheid van onze huizen,
uit de stress van ons werk
om hier als uw tafelgenoten
de beslommeringen van alle dag
even achter ons te laten.
Uw ruimte zoeken wij,
uw tafel met brood en wijn,
uw woord,
uw tekenen van leven.
Wat wij hier horen en beleven,
willen wij elders doen en voorleven
in navolging van Jezus, uw zoon en onze broeder. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, barmhartige God,
omdat Gij een God van mensen zijt,
dat Gij onze God genoemd wil worden,
dat Gij ons kent bij onze namen,
en dat Gij de wereld in uw handen houdt.

Want daarom hebt Gij ons geschapen
en geroepen in dit leven:
dat wij met U verbonden zouden zijn,
wij, uw mensenvolk op aarde.

Gezegend zijt Gij,
schepper van al wat bestaat;
gezegend zijt Gij,
die ons ruimte geeft en tijd van leven;
gezegend zijt Gij om het licht in onze ogen
en om de lucht die wij ademen.

Wij danken U voor heel de schepping,
voor alle werken van uw handen,
voor alles wat Gij gedaan hebt in ons midden
door Jezus Christus, onze Heer.

Daarom huldigen wij uw naam,
Heer onze God,
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig de Heer,…

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar wij mogen U wel ontmoeten
waar mensen van elkaar houden,
genade zijn voor elkaar
en uw schepping eerbiedigen.

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar Gij geeft Uzelf aan ons,
in een medemens, in een geliefde,
in een reisgezel, in een zieke,
in Jezus, de dienaar van de wereld.

De avond voor zijn lijden en dood
zat Hij met zijn vrienden aan tafel.
Toen nam Hij brood als teken van zijn leven
brak het, deelde het rond en zei:
“Neem en eet hiervan gij allen
want dit is mijn lichaam, mijn leven,
voor u gegeven, voor u gebroken.”

Toen nam Hij de beker met wijn,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hier allen uit,
want dit is de beker van het nieuwe en eeuwige verbond.
Dit is mijn bloed dat voor u vergoten wordt
opdat het kwaad uit de wereld zou verdwijnen,
opdat er vreugde en toekomst zou zijn voor alle mensen.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Verkondigen wij de kern van ons geloof:

Heer, Jezus, wij verkondigen uw dood,
en belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Om dit te herdenken
blijven wij het brood breken voor elkaar,
zoals zo velen reeds voor ons deden.
Wij bidden voor de mensen
die een bijzondere plaats innemen in ons hart,
ook voor hen die van ons zijn heengegaan.
Laat uw mensen nooit verloren gaan,
bewaar hen in uw liefde,
schrijf hun namen in de palm van uw hand.

Zend uw Geest uit over uw kerk.
Geef ons hoop, God.
Geef ons vrede omwille van Jezus Christus.
Met Hem en in Hem
zijn wij uw mensen,
zijt Gij onze Vader,
nu en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Verrijkt met Jezus uw Zoon,
wiens woorden voor ons levensbrood zijn,
wiens daden voor ons voorbeeld en bron van vreugde zijn,
willen wij bidden tot Hem die zich aanbiedt als Vader voor ons en alle mensen:

Onze Vader,
graag zouden wij in deze wereld
uw naam geheiligd zien.
Mochten steeds meer mensen U kennen
als God-met-ons.
Uw Rijk kome!
Een rijk van liefde, vrede en gerechtigheid.
Uw wil geschiede,
want Gij wilt dat wij gelukkige mensen zijn,
die zich inzetten voor de anderen.
Wij vragen U om het dagelijks brood,
om het nodige voedsel voor wie honger heeft
en om de moed ons voedsel te delen.
Vergeef ons onze schuld,
want dikwijls zijn wij onverschillig voor uw liefde.
Leer ons de anderen vergeving schenken,
steeds opnieuw, zonder bitterheid.
Leid ons weg uit de bekoring
van hoogmoed en onoprechtheid.
En verlos ons van het kwade.
Want Gij zijt de vrede en de vreugde,
de kracht en de heerlijkheid
tot in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Vredeswens

God van liefde,
zoals een moeder haar kinderen loslaat en toch bijeenhoudt,
zo brengt ook Gij ons samen tot uw volk
dat Gij omgeeft met tederheid en zorgzame liefde.
Wees voelbaar in ons midden aanwezig,
overtuig ons van de zachte kracht van uw vrede
opdat wij op onze beurt
uw vrede voor elkaar voelbaar en beleefbaar zouden maken.
Die zachte kracht van Gods vrede zij altijd met u.
En wensen wij van harte die Godsvrede aan elkaar toe
.

Lam Gods

Communie

Maak ons tot mensen, Heer,
die als zusters en broeders
het brood van deze wereld delen
en elkaar, in woord en daad, tot zegen zijn.
Sterk ons door uw voorbeeld:
uw lichaam, uw leven, gebroken en gedeeld tot voedsel voor ons allen.
Heer, ik ben niet waardig …

Bezinning

Gods Geest is herkenbaar
in een geloofsgemeenschap
als zij zich
daadwerkelijk betrokken weet op de wereld.

Als het een knusse boel wordt
achter gesloten deuren,
dan is het niet Gods Geest die er werkzaam is.

Maar als een geloofsgemeenschap
meer begaan is
met het verdriet van mensen dan met haar eigen liturgie…
Als een geloofsgemeenschap
meer begaan is
met sociale rechtvaardigheid dan met haar eigen tradities en gewoonten…
Als een geloofsgemeenschap
meer begaan is
met gastvrijheid voor vreemden en toevallige passanten
dan met gezellig tafelen onder elkaar…
dan is Gods Geest vaardig over haar.
Dan is zij ‘Kerk’
die het aanschijn der aarde zal vernieuwen.

Er is inderdaad een groot verschil
tussen een bedrijf en een geloofsgemeenschap:
de één leeft van geld,
de ander leeft van Gods Geest.
Tussen beide ligt een wereld van verschil.
naar Manu Verhulst


Slotgebed

God, laat ons in de drukte van ons leven
tijd maken en rust vinden om steeds opnieuw te ontdekken
dat Gij de bron zijt van geloof dat leeft.
Maak ons tot luisteraars en doeners van uw woord.
En leer ons vooral
dat uw boodschap bevrijdend wil zijn
en niet verzoenbaar is met onderscheid tussen mensen
op basis van huidskleur, geslacht, bezit of afkomst.
Dat vragen wij U in naam van Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Zending en zegen

Moge God in ons en door ons
zijn spoor uitzetten
elke dag van de week die komt.
Zegenend wil Hij met ons meegaan, ons voorgaan:
in de naam + van de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.