16e zondag door het jaar A 2011

ZONDAGSVIERINGEN
Zestiende zondag A (17 07 2011)

Begroeting

God wil vandaag ons hart toespreken.
Laten we naar Hem luisteren
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

Wij hebben er wel een handje van weg
om op mensen en situaties
snel etiket­ten te kleven: ‘goed’ of ‘slecht’.
En we handelen daar ook naar.
Voor wie we waarderen of voor wat ons bevalt,
zetten we ons graag in;
wie – naar ons aanvoelen – niet deugt
laten we links liggen,
en wat we verkeerd achten,
zouden we het liefst van al elimineren.

Jezus kijkt daar duidelijk anders tegenaan.
Hij neemt ons mee naar een akker
waar tussen de tarwe nogal wat onkruid woekert.
“Niet wieden” zegt Hij, “Samen laten opgroeien tot de oogst”.
Een verrassende reactie,
die ónze ijver inzake onkruidbestrijding in vraag stelt.
Hierover willen wij ons vandaag bezinnen.

Openingswoord 2

Er is ook zaad waaruit geen tarwe maar onkruid opschiet.
Iedereen denkt dan meteen aan wieden en de grond zuiver houden.
God echter kijkt anders dan wij tegen dingen en mensen aan.
Hij kijkt met de ogen van zijn hart.
Hij geeft alle gewassen groeikansen.
Daarom is de boodschap van vandaag voor ons:
wees voor elkaar zo goed als God voor jullie is
en geef elkaar dus altijd een nieuwe kans.

Vergevingsmoment

God onze Vader,
Gij laat het onkruid samen met het goede graan opschieten,
Gij laat de zon schijnen voor rechtvaardigen en onrechtvaardigen.
Onze woorden en daden zijn vaak zo heel anders.

– Wij staan zo gemakkelijk klaar om te oordelen en te eisen,
terwijl we van de anderen mildheid en geduld verwachten.
Daarom vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.

– Christus, wij zijn geen van allen volmaakt,
maar wij zien zo rap de splinter in het oog van de andere
en niet de balk in ons eigen oog.
Daarom bidden wij:
Christus, ontferm U over ons.

– Op alle vlakken scholen wij ons bij,
willen wij onze ‘kennis’ laten groeien,
maar voor ons geloof brengen wij die inspanning niet op.
Daarom vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.


Lofprijzing

God schiep de mens naar zijn beeld en gelijkenis
zodat wij Hem in de ander kunnen herkennen.
Eren wij Hem in de naaste
door elkaar lief te hebben
zoals Hij van ons houdt.
Eren wij God
door op te komen voor wie snakt
naar een vreedzaam en menswaardig bestaan.

Eren wij God,
niet alleen in de hoge,
maar vooral hier op aarde.
Loven wij God
door te zorgen voor een hemel op aarde
voor allen die Hij liefheeft.
Dan zullen wij samen kunnen zingen:
Heilig de Heer,
God en schepper van deze wereld,
en zalig alle mensen in wie Hij werkelijk leeft,
in wie Hij welbehagen schept. Amen.

Openingsgebed 1

Heer, leer ons geduld hebben
met wie en wat in onze ogen
‘onkruid’ is,
en help ons erop vertrouwen
dat, wat in onze wereld
aan waarheid, goedheid en gerechtigheid wordt gezaaid,
door uw kracht zal ontkiemen,
zal groeien
en rijke vrucht dragen. Amen.

Openingsgebed 2

Heer Jezus, hoe goed en mild zijt Gij voor een mens die U zoekt.
Gij zijt behoud voor wie verloren lopen;
Gij zijt hoop voor wie uitgesloten worden;
Gij zijt kracht voor wie vermoeid zijn;
Gij zijt troost voor wie schreien;
Gij zijt de thuishaven voor elk van ons. Amen.

Lezingen
Moge Gods woord, uitgezaaid door de Schrift, in ons wortel schieten.

Eerste lezing (Wijsheid 12,13.16-19)

Uit het boek der Wijsheid

13           
Buiten U is er geen God
die zorg draagt voor iedereen,
zodat U zou moeten bewijzen
dat U niet onrechtvaardig gevonnist hebt.
16       Want uw kracht is de bron van de gerechtigheid
en uw heerschappij over iedereen
maakt dat U iedereen spaart.
17            Waar niet wordt geloofd in de volkomenheid van uw macht,
daar toont U uw kracht
en bij degenen die haar kennen
beschaamt U de vermetelheid.
18       U hebt de heerschappij over de kracht,
U oordeelt met zachtheid
en regeert met grote mildheid over ons,
want wanneer U maar wilt, staat de macht tot uw dienst.
19       Door zo te doen hebt U uw volk geleerd
dat de rechtvaardige menslievend moet zijn
en hebt U uw zonen goede hoop gegeven
dat U gelegenheid tot inkeer geeft waar gezondigd wordt.
KBS Willibrord 1995


Tweede lezing
(Romeinen 8,26-27)
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Zusters en broeders,
26       De Geest komt onze zwakheid te hulp.
Want wij weten niet eens hoe wij behoren te bidden,
maar de Geest zelf pleit voor ons
met onuitsprekelijke verzuchtingen.
27       En Hij die de harten doorgrondt,
weet wat de Geest bedoelt,
want Hij pleit voor de heiligen naar Gods bedoeling.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 13,24-30)

Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

24       Jezus hield de mensen deze gelijkenis voor:
`Met het koninkrijk der hemelen
gaat het als met iemand die goed zaad op zijn akker had gezaaid.
25       Toen iedereen sliep, kwam zijn vijand,
zaaide onkruid tussen de tarwe en ging weer weg.
26       Toen het gewas opschoot en vrucht zette,
kwam ook het onkruid tevoorschijn.
27       De knechten van de eigenaar kwamen hem zeggen:
`Heer, hebt u geen goed zaad op uw akker gezaaid?
Waar komt dat onkruid dan vandaan?”
28       Hij zei hun:
`Een vijandig mens heeft dat gedaan.”
De knechten vroegen hem:
`Zullen we het er dan maar uit gaan halen?”
29       Maar hij zei:
`Nee, want als jullie het onkruid eruit halen,
trek je tegelijk de tarwe eruit.
30       Laat ze samen opgroeien tot de oogst,
en in de oogsttijd zal ik tegen de maaiers zeggen:
Haal eerst het onkruid bijeen
en bind het in bussels om het te verbranden,
maar verzamel de tarwe in mijn schuur.”
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Laten wij samen ons geloof uitspreken in onze God
die zijn Geest van liefde schenkt aan alle mensen.

Ik geloof in God, die liefde is
en ons de wereld schenkt.

Ik geloof ook dat God ons roept en zendt
om van deze wereld een thuis te maken:
een wereld zonder honger,
zonder oorlog, zonder haat,
een wereld vol goedheid,
rechtvaardigheid en vrede.

Ik geloof in Jezus Christus,
die geroepen en gezonden werd
om lief en leed met ons te delen
om, geborgen in Gods liefde,
zich te geven aan de mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om lief en leed te delen in liefde met elkaar.

Ik geloof dat de Heer zijn Geest van liefde
schenkt aan alle mensen.

Ik geloof ook dat de Heer ons roept en zendt
om van zijn blijde boodschap te getuigen
in woord en daad;
opdat alle mensen van de wereld
broers en zusters zouden worden
in de kerk van zijn liefde,
op weg naar zijn rijk van vrede
en vriendschap voor altijd. Amen.

Voorbeden 1

God wil niet te snel oordelen.
Hij laat goed en kwaad naast elkaar bestaan.
In onze kleinheid mogen wij ons tot Hem wenden
en onze zorgen aan Hem toevertrou­wen.

– We leven te zeer in een wereld
waar mensen tegenover elkaar staan
en elkaar de baas willen zijn.
Bidden we voor een samenleving
waarin mensen vrij en gelijk­waardig met elkaar omgaan.
Laten wij bidden…

– Er zijn zovelen tot wie geen genezend woord gesproken wordt,
die slachtoffer zijn van vooroordelen.
Bidden we dat zij mensen mogen ontmoeten
die hen de nodige ruimte gunnen zodat ze kunnen laten zien wie ze zijn.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor onszelf
dat we het nooit opgeven aan Jezus’ Boodschap gestalte te geven,
dat we het nodige geduld opbrengen
om tussen het onkruid de tarwe te blijven zien.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Er zijn mensen
die veel geduld kunnen opbrengen in hun omgang met medemensen.
Zij overvragen niemand,
gunnen elkeen de tijd om te groeien in geloof en medemenselijkheid.
Ze brengen heel wat begrip op voor andermans tekortschieten.
Mogen wij zulke geduldige mensen worden.
Laten wij bidden…

– Er zijn mensen
die heel mild zijn in hun oordeel over medemensen.
Zij laten zich niet beïnvloeden door vooroordelen of roddel,
maar proberen steeds het goede te zien.
Moge wij zulke milde mensen worden.
Laten wij bidden…

– Er zijn mensen die de kunst van vergeven verstaan.
Zij pinnen niemand vast op zijn of haar fouten.
Wie verkeerd deed schrijven zij niet af
maar ze geven hem of haar de ruimte om met een propere lei te starten.
Moge wij zulke vergevensgezinde mensen worden.
Laten wij bidden…

– Er zijn mensen die in staat blijken in anderen de hoop levend te houden.
Zij hebben oog voor het goede dat in stilte tussen mensen opbloeit
en zien de tekenen van Gods komende Rijk niet over hoofd.
Moge wij zulke mensen van geloof en hoop worden.
Laten wij bidden…

God, mild en goed,
zo hebt Gij U laten kennen in Jezus van Nazareth.
Hij wist zich gezonden
niet om te oordelen,
maar om te genezen.
Doe ons Hem volgen in zijn menslievendheid. Amen.
naar Gerard Kock


Gebed over de gaven

Heer God,
wij bieden U brood en wijn aan
als gave en als bede.
Heb geduld met ons,
met het onkruid in ons hart.
Neem ons op, omwille van de tarwe van onze goede wil.
Want ondanks ons tekortschieten
willen wij ons blijven oriënteren
op Jezus uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Tafelgebed

Hoe moeten wij U danken, Vader,
voor het geluk dat ons geopenbaard werd
in Jezus, uw Zoon.
Met Hem willen wij U danken
dat Gij uw boodschap verkondigd hebt
aan de kleinen en de eenvoudigen.
Met Hem willen wij U danken
dat Gij voor ons toekomst opent
en ons leven, hoop en uitzicht geeft.
Daarom loven en prijzen wij U
en noemen U:

Heilig, heilig, heilig …

Barmhartige Vader,
wij danken U voor Jezus Christus,
die één van ons geworden is.

Na zijn dood
hebben zijn leerlingen erkend
dat zijn Geest aanwezig is
overal waar liefde woont,
overal waar mensen in elkaar durven geloven,
overal waar mensen vergeving schenken
en elkaar de hand reiken.

Zij hebben begrepen dat Jezus met hen meeging
als zij met elkaar dezelfde weg gingen.
Zij hebben Hem herkend, Vader,
bij het breken van het brood
toen zij maaltijd hielden
om Jezus’ liefde onder elkaar levend te houden.

In de nacht waarin Hij werd overgeleverd
heeft Hij hun immers een teken gegeven
van zijn liefde tot het uiterste.

Aan tafel nam Hij brood in zijn handen, dankte U,
brak het en deelde het uit aan zijn vrienden
met de woorden:
“Neem en eet hiervan,
want dit is mijn lichaam,
dat voor u gebroken wordt.”

Toen nam Hij ook de beker, dankte U,
en reikte hun de beker aan met de woorden:
“Drinkt allen hiervan
want dit is de beker van het nieuwe verbond,
bezegeld met mijn bloed,
dat voor U en voor allen vergoten wordt.
Eet van dit brood, en drink uit deze beker om Mij te gedenken.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Trouw aan Jezus’ woord, Vader,
breken wij hier dit brood
en danken U voor deze beker.
Wij gedenken al wat Jezus ons heeft voorgeleefd
en maken zijn voorbeeld tot het onze.

Gedenk in uw goedheid allen die ons zijn voorgegaan.
Zij leven in onze gedachten,
maar, meer nog, zijn zij levend bij U.

Laat uw Geest rusten op deze gaven.
Dat deze heilige symbolen
ons mogen spreken van Jezus’ dood die tot leven wekt,
dat wij mogen openstaan
voor alles wat Jezus ons geleerd heeft,
dat wij vervuld mogen worden van zijn liefde.
Dan zal er vreugde zijn op aarde,
vrijheid en vrede in Jezus’ naam.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu, en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Heer, leer ons bidden,
zonder grote woorden,
in de stilte van ons hart.

Dat uw naam mag klinken
alle dagen van ons leven,
als een zegen voor alles wat leeft.

Dat uw rijk zichtbaar mag worden
in ons zoeken naar gerechtigheid,
in ons geloof dat bergen verzet.

Dat uw wil,
mag geschreven zijn in ons hart;
dat wij trouw mogen zijn aan uw verbond.

Wees voor ons dagelijks brood,
dat wij met anderen delen.

Wees voor ons vergeving en verzoening;
wil ons aanvaarden, maak ons nieuw
en geef dat wij anderen hun fouten vergeven.

Wees voor ons bevrijding van alle kwaad:
open ons hart en onze geest,
dat wij voor anderen,
een zegen mogen zijn. Amen.

Vredewens

Heer Jezus Christus, Gij hebt aan uw apostelen gezegd:
“Vrede laat Ik u, mijn vrede geef ik u”.
Spreek deze woorden ook tot ons
en vervul ons van uw vrede,
uw vrede waaraan de wereld zo’n nood heeft,
uw vrede die ons allen tot gelijken maakt,
tot mensen met en voor elkaar,
tot één volk op aarde.
Die vrede van Christus zij altijd met u.
En met uw Geest.
En geven we elkaar een teken van vrede en vriendschap.

Lam Gods

Communie

Heb geduld met ons, Heer,
zie niet naar het onkruid op de bodem van ons hart,
maar nodig ons uit aan uw tafel
en voed ons met uw leven.
Heer, Ik ben niet waardig…


Bezinning 1

Godsdienst drijft een wig tussen de mensen,
verdeelt hen in goeden en kwaden
die elkaar bestrijden, desnoods te vuur en te zwaard.
Zo leert ons de geschiedenis.
Geen wonder dat er mensen zijn die zeggen:
wied godsdienst weg uit het hart van de mens
en plant er mensendienst voor in de plaats.

Eigenlijk zitten wij dan dicht bij de kern van het christen­dom.
Want schrijft Johannes niet:
“Kom mij niet vertellen dat je van God houdt
als jij je medemens niet liefhebt.
Want als je de medemens, die je ziet, niet liefhebt,
hoe kun je dan God liefhebben die je nooit hebt gezien?” [1 Jo. 4,20]

Als ik goed begrijp
moet mijn eerste liefde naar de mens uitgaan.
Pas daarna mag ik het woordje ‘God’ in de mond nemen,
pas daarna mag ik heel voorzichtig ‘Vader’ zeggen.

Mijn medemensen liefhebben
is voorwaarde om God te kunnen liefhebben.
De weg naar God loopt langs de mensen.
Alleen zo krijgt God een menselijk gezicht.

Wie die omweg langs de mens negeert
maakt zich een god naar eigen gedacht,
zonder menselijk gezicht.
God beminnen, maar naar zijn medemens niet omzien,
dat is een afgod beminnen, die men zichzelf heeft gemaakt.
naar Manu Verhulst

Bezinning 2

Ik wens je in de tuin van je leven
een prachtige boom.
Met stevige wortels van liefde,
takken van vriendschap
die naar alle kanten reiken
en met vruchten van geluk
die je elke dag opnieuw kunt plukken.
Laat de vogels nesten bouwen in die boom,
zorg dat iedereen zich bij je thuis voelt.
Laat hem vooral niet verkwijnen
door de bedorven lucht van haat en nijd.
En als in de herfst de bladeren vallen,
treur dan niet,
want de wind verspreidt reeds het zaad
en de zon en de regen doen het groeien
tot een jonge boom, nog mooier dan de vorige.

Heb voor dit alles veel geduld,
want bomen groeien traag.
Laat je boom groeien en bloeien
zodat iedereen ervan kan genieten,
dan zal hij weer voor jou
openbloeien
en veel vruchten dragen.
R. Timmerman

Slotgebed 1

Heer, onze God,
vermeerder ons geloof
zodat wij iets van uw goddelijke vergevingsgezindheid weerspiegelen.
Dan zal al wat onkruid is
– in onszelf en in anderen –
tot inkeer komen.
Zo willen wij – door U geruggensteund –
bijdragen aan de tot­ standkoming van uw rijke oogst. Amen.


Slotgebed 2

Als ik rondom me kijk, God,
heb ik soms de indruk
dat er van de verwerkelijking van uw droom
nog maar weinig in huis komt.
Het negatieve lijkt vaak zo allesoverheersend, terwijl het positieve amper een lichtpuntje is in het duister van de nacht.
Doe mij dan geloven in de groeikracht van een mosterdzaadje
en laat mij gist zijn in het deeg van onze samenleving;
opdat de wereld en de mensen die er wonen,
doordrongen worden van uw liefde. Amen.
Erwin Roosen

Zending en zegen

Laten wij van hier weggaan als bijbelse tuiniers
die het kwade niet willen wegwieden,
maar het trachten te overwinnen door wat goed is.
God zal ons daartoe zegenen en bewaren:
in de naam van +de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.