15e zondag door het jaar B 2009

ZONDAGSVIERINGEN
vijftiende zondag B (12 07 2009)

Begroeting

Van harte welkom.
Laten wij hier samen zijn
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

Soms zou je gaan twijfelen aan het gezond verstand van Jezus.
Het lijkt logisch dat Jezus zijn leerlingen, na een degelijke vorming,
wilde uitzenden
om de Blijde Boodschap verder uit te dragen.
Maar vreemd genoeg
zond Hij zijn leerlingen een eerste keer twee aan twee uit,
toen ze nog maar een paar maanden in zijn gezelschap vertoefden.
Toen hadden ze van Jezus’ boodschap nog niet veel begrepen.
Waarom stuurde Hij hen op pad als weerloze schapen tussen de wolven?

In de eerste lezing gebeurt net hetzelfde.
Amos, een vijgenkweker en veehoeder,
wordt ‘zomaar’ van achter zijn beesten weggehaald
om als Gods profeet in Israël op te treden.
Natuurlijk had de man er de capaciteiten niet voor,
en werd hij dus ook niet au serieux genomen.

Waarom doet God niet veeleer een beroep op mensen
die zijn boodschap grondig bestudeerd hebben?
Of  is God verkondigen,
niet zozeer een kwestie van weten,
niet zozeer een kwestie van woorden
maar een kwestie van zijn en doen…?

Omdat wij het met ons zijn en doen niet altijd even nauw nemen
willen wij Hem om vergeving te vragen.

Openingswoord 2

Op het eerste gezicht lijkt het evangelieverhaal van vandaag
speciaal uitgekozen voor de vakantiemaanden.
Jezus stuurt zijn leerlingen erop uit: op reis.

Maar het is niet direct een plezierreisje.
Uitgezonden worden met een opdracht houdt in:
lef hebben,
met moed en vertrouwen werken aan de taak die je gegeven is.

Onze levenstaak verschilt van mens tot mens.
Maar we weten allemaal
(ook al willen we het niet altijd weten):
dat ieder mens ertoe kan bijdragen
Gods visioen een beetje werkelijkheid te laten worden:
meebouwen aan een hemel op aarde.


Vergevingsmoment

Vaak keren wij God de rug toe
als we onmachtig, onwillig zijn om het goede te doen.
Laten we ons nu omkeren,
Hem tegemoet gaan,
bewust van onze kleinheid.

– Wij geloven wel,
maar ons geloof is een privé-aangelegenheid geworden.
Wij zijn bang om ons geloof uit te dragen.
Daarom vragen wij U:
Heer, ontferm U over ons.

– Velen menen niemand nodig te hebben om hun geloof te beleven.
Zij, en wij soms ook,
sluiten zich niet aan bij de geloofsgemeenschap.
Daarom vragen wij U:
Christus, ontferm U over ons.

– Wij hebben macht om boze geesten
te verdrijven uit ons midden.
Maar wij geven te vaak toe
aan het gevoel van onmacht tegenover het kwaad.
Daarom vragen wij U:
Heer, ontferm U over ons.

Onze God zal ons liefde tonen,
Hij zal ons onze fouten en gebreken vergeven
en ons zenden en begeleiden
tot wij met Hem kunnen leven in eeuwigheid. Amen.


Lofprijzing

Met God willen wij samen zijn,
in zijn dienst willen wij leven,
zijn woord willen wij spreken,
zijn wil vervullen,
zijn naam aanroepen.

Allen zullen erkennen, God,
dat Gij voor ons vrede zijt,
recht doet en vreugde brengt,
zorgt en heelt, omdat in U alle heil is.

De aarde geeft haar grondstoffen,
mensen produceren goederen,
maar uw zegen, God,
begeleidt onze handen.

Allen moeten het horen, God,
en beseffen dat Gij zorg draagt voor de mens.
Amen.

Openingsgebed 1

God en Vader,
wees voor ons een nabije God,
een God die met ons meetrekt als wij voor U op pad gaan.
Maak ons tot getuigen van uw aanwezigheid,
overal waar dat van ons verlangd wordt.
Dat vragen wij U, in naam van Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.


Openingsgebed 2

God,
Gij wijst de weg aan mensen die verdwaald zijn.
Gij licht hen bij in het duister van het leven.
Begeleid ook ons
opdat wij gaande blijven
op de weg die leidt naar leven, liefde en geluk
voor alle mensen. Amen.
Kees Pannekoek

Lezingen

Luisteren wij dan nu hoe God tot ons spreekt doorheen de woorden van de Schrift.

Eerste lezing
(Amos 7,12-15)

Uit de Profeet Amos

12
          In die tijd zei Amasja (de priester van Betel) tegen Amos:
`Ziener, maak dat u wegkomt!
Verdwijn naar Juda en verdien daar uw brood maar met profeteren!
13          Hier in Betel mag u niet meer profeteren,
want dit heiligdom is van de koning
en dit gebouw is van het rijk.’
14          Amos antwoordde Amasja:
`Ik ben geen profeet of lid van een profetengilde,
ik ben veehoeder en vijgenkweker.
15          Maar de Heer heeft mij achter mijn beesten weggehaald
en de Heer heeft mij gezegd:
`Ga als profeet naar mijn volk Israël.”
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Efesiërs 1,3-14)

Uit de tweede brief van de apostel Paulus aan de christenen van Efeze

Broeders en zusters,
3           Gezegend is de God en Vader van onze Heer Jezus Christus,
die ons in de hemelse regionen in Christus heeft gezegend
met elke geestelijke zegen.
4           Want in Hem heeft Hij ons uitgekozen,
al voor de grondlegging van de wereld,
om heilig en vlekkeloos voor Hem te staan in liefde.
5           Hij heeft ons voorbestemd om zijn kinderen te worden
door Jezus Christus, volgens zijn wilsbesluit,
6           tot lof van de heerlijkheid van zijn genade,
waarmee Hij ons begiftigd heeft in de geliefde.
7           In Hem hebben wij de verlossing door zijn bloed,
de vergeving van de zonden, dankzij zijn rijke genade.
8           Daarmee heeft Hij ons overladen in al zijn wijsheid en inzicht.
9           Want Hij heeft ons het geheim van zijn wil bekend gemaakt, overeenkomstig het besluit dat Hij in Christus had genomen,
10          ter verwezenlijking van de volheid van de tijden:
alles in Christus onder één hoofd samen te brengen,
alles in de hemelse regionen en alles op aarde, in Hem.
11          In Hem hebben wij ook ons erfdeel ontvangen,
daartoe voorbestemd door de beslissing van Hem
die alles tot stand brengt naar zijn wilsbesluit,
12          opdat wij, die reeds tevoren onze hoop op Christus hadden gevestigd,
tot lof van zijn heerlijkheid zouden zijn.
13          In Hem hebt ook u het woord van de waarheid gehoord,
het evangelie van uw redding;
in Hem bent u ook tot het geloof gekomen;
u bent verzegeld met de beloofde heilige Geest,
14          het voorschot op onze erfenis,
tot verlossing van het volk dat Hij zich verworven heeft,
en tot lof van zijn heerlijkheid.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Marcus, 6,7-13)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Marcus

7           Jezus riep de twaalf bij zich,
en begon hen twee aan twee uit te zenden,
en Hij gaf hun macht over de onreine geesten.
8           Hij gebood hun om niets mee te nemen voor onderweg dan een stok
– geen brood, geen reistas, geen geld in de beurs –
9           wel sandalen aan te doen,
maar geen twee stel kleren aan te trekken.
10          Hij zei tegen hen:
`Als je bij iemand onderdak krijgt,
blijf daar dan tot je weer verder reist.
11          En als je ergens niet ontvangen wordt,
en ze luisteren niet naar jullie,
ga daar dan weg, en stamp het zand van je voeten:
een getuigenis tegen hen!’
12          Ze gingen op weg en riepen op tot bekering.
13          Ze dreven veel demonen uit,
zalfden veel zieken met olie en genazen hen.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis
Belijden wij dat wij samen willen bouwen aan een wereld van liefde.

Ik geloof in God die de wereld heeft bestemd
voor het geluk van de mensen.
Hij nodigt ons uit om deel te hebben aan zijn liefde.

Ik geloof in Jezus Christus,
die aan de liefde van God
gestalte heeft gegeven.

Hij heeft zich ingezet om mensen te bevrijden.
Hij is hierin zo ver gegaan dat
Hij er zijn leven voor heeft gegeven.

Ik geloof dat zijn Geest nog steeds
mensen blijft bezielen
en oproepen om de weg van de liefde te gaan.

Ik geloof in mensen die in zijn voetsporen treden
en die hun daden richten naar wat Hij heeft voorgeleefd.
Zij zijn het zout der aarde.
Zij zijn het licht der wereld.

Tot die gemeenschap van mensen wil ik behoren
want ik wil meebouwen aan Gods eigen droom:
‘Een nieuwe hemel en een nieuwe aarde,
waar het goed is om te leven voor allen’. Amen.

Voorbeden 1

Jezus gaf zijn volgelingen de bevoegdheid
om in zijn naam de Goede Boodschap te verkondigen.
Vragen wij daartoe Gods kracht en Gods Geest.

– Bidden we voor hen die bezeten zijn door materialisme,
egoïsme en machtswellust,
en daardoor een gevaar zijn voor zichzelf en voor anderen.
Mogen zij bevrijd worden van die boze geesten.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onze gezinnen.
Mogen zij haarden van geloofsbeleving zijn,
plaatsen van aanschouwelijke catechese,
levensechte getuigenissen
van evangelisch geïnspireerd zoeken naar geluk.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor mensen die aandacht geven
aan zieken en mensen met problemen.
Mogen zij door hun fijngevoeligheid
getuigen zijn van Gods genezende nabijheid.
Laten wij bidden…

– Bidden wij ook voor onszelf
die geroepen zijn om de demonen uit onze samenle­ving te weren,
en ruimte te scheppen voor Gods Geest.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden wij om ontmoetingen tussen mensen,
om goede relaties in onze vriendenkring,
om aandachtige zorg binnen de gezinnen.
God, wees aanwezig bij al uw mensen en schenk ons uw liefde.
Laten wij bidden…

– Bidden wij om geloof en hoop voor wie in nood verkeren,
om vertrouwen in de toekomst,
om inzet voor vrede overal ter wereld.
God, wees aanwezig bij al uw mensen en schenk ons uw vrede.
Laten wij bidden…

– Bidden we om solidariteit met mensen op de vlucht,
om hulp voor armen en verdrukten,
om zorg voor zieken.
God, wees aanwezig bij al uw mensen
en daag ons uit om aan uw Woord gestalte te geven.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

God en Vader,
wij bieden U brood en beker,
heel ons bestaan,
alles wat we zijn.
Aanvaard ons met onze kansen en beperktheden,
maar vooral met onze mogelijkheden.
Leer ons daarvan gebruik maken, ten volle en creatief.
Leer ons mensen worden, die zich durven geven met hart en ziel.
Dat vragen wij U, in naam van Jezus, uw Zoon en onze Heer. Amen.


Gebed over de gaven 2

God en Vader,
schenk ons, in dit brood en deze wijn,
kracht voor onze levenstocht,
en doe ons op adem komen bij U,
telkens als de donkere schaduw van de ontmoediging
ons in zijn greep probeert te krijgen.
Breng ons dan opnieuw het woord van uw Zoon in herinnering
die ons de macht gaf om die boze geest uit te bannen.
Dit vragen wij U door Jezus Christus, uw Zoon en onze Broeder. Amen.

Tafelgebed
God, onze Vader,
wij willen U danken voor al die mensen,
die, door de eeuwen heen, uw oproep hebben gehoord en beantwoord.
Wij danken U voor al die mannen en vrouwen
die op stap zijn gegaan naar een betere wereld,
naar de realisatie van uw Rijk van vrede en gerechtigheid.
Wij danken U voor hen die ons in vreugde en verdriet nabij zijn,
voor hen die onbaatzuchtig weten te delen,
voor de moedigen, die het nooit opgeven.
Wij kijken met bewondering op naar Jezus,
omdat Hij ons uw droom voorgeleefd heeft

hoe wij met elkaar kunnen omgaan,
armen kunnen helpen,
bedroefden kunnen troosten,
voor zieken kunnen zorgen
en een hart kunnen hebben voor mensen die nergens meetellen.
Om zijn voorbeeld,
om de manier waarop Gij ons liefhebt
willen wij U danken en zeggen daarom:
Heilig, heilig, heilig…
God, onze Vader, die het vuur van uw liefde gelegd hebt
in de harten van de mensen,
hou dit in ons brandend.
Zend ons uw Geest om te doen wat Jezus deed.
Naar zijn voorbeeld zijn wij hier samen
om het brood te delen met elkaar.
Op die laatste avond waarop Hij zijn afscheid voorbereidde,
nam Hij brood, zegende het,
en deelde het met zijn leerlingen,
zoals Hij zijn leven met hen had gedeeld.
Toen zei Hij:
“Neem en eet
dit is meer dan brood,
dit is mijn leven, mijn liefde voor jullie, een leven lang.”
Zo nam Hij ook de beker met wijn,
gevuld als teken van hun vriendschap.
Hij gaf hem rond en zei:
“Neem en drink
dit is meer dan wijn,
dit is mijn leven, mijn liefde voor jullie, een leven lang.”
Vergeet dit niet en doe ook wat Ik heb gedaan.”
Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.
God, wij danken U
omdat Gij Jezus niet in de steek gelaten hebt,
maar Hem nieuw leven gegeven hebt voor altijd.
Jezus heeft ons geleerd
dat niemand groter liefde heeft
dan Hij die zijn leven geeft voor de andere.
Moge die boodschap in ons verder groeien.
Zo kan in verbondenheid van de ene mens met de andere
wereldwijd een nieuwe wereld ontstaan
van vrede en vriendschap.
Door Jezus en met Hem en in Hem
moge zo Gods Rijk meer en meer gestalte krijgen,
vandaag en alle dagen die komen
tot in uw eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Levensecht christen zijn en doen
is zijn en doen zoals Jezus.
En dus ook bidden zoals Hij.
Onze Vader…

Vader, verlos onze wereld van kwade demonen
die ons binden aan handen en voeten,
die vaak onoverwinnelijk lijken.
Wees barmhartig voor ons
zoals ook wij barmhartig willen zijn voor elkaar.
Leer ons U zien in elke mens die we ontmoeten
en doe ons inzien dat wij allen leven vanuit dezelfde Geest.
Dan zullen we weer hoopvol kunnen wachten op de komst van Jezus Messias,
uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk en de kracht…


Vredewens

Moge de God van vrede ons bij de hand nemen,
moge zijn warmte
alle haat en geweld in ons hart doen wegsmelten.
Dan zullen wij voor elkaar
boodschappers van vrede zijn,
dragers van verzoening,
genezers van eenzaamheid en tweedracht.
Die Godsvrede zij altijd met u.
En wensen wij elkaar die vrede en vreugde toe.

Lam Gods

Communie

Opdat wij zouden beseffen
dat wij voor elkaar delende mensen moeten zijn,
heeft God zijn Zoon naar de mensenwereld gezonden
om daar zichzelf te breken
en uit te delen tot voedsel voor ons allen.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning 1

Mensen gevraagd om de vrede te leren
waar geweld doorheen eeuwen model heeft gestaan.
Mensen gevraagd die de wegen markeren
waarop alles wat leven heeft, verder kan gaan.

Mensen gevraagd om hun nek uit te steken
voor een andere tijd en een nieuwe moraal.
Mensen gevraagd om ijzer met handen te breken
al lijkt dat ondoenlijk en paradoxaal.

Mensen gevraagd die geen vreemdeling schuwen,
niet hooghartig aan hem voorbij zullen gaan.
Mensen die hem niet opzij willen duwen,
maar hem in zijn anders-zijn willen verstaan.

Mensen gevraagd die in naam van de vrede,
voor ’t behoud van de aarde en al wat daar leeft,
wapens het liefst tot een ploeg willen smeden
voor ’n oogst die aan allen weer overvloed geeft.

Mensen gevraagd,
er worden mensen gevraagd,
dringend mensen gevraagd,
mensen te midden van mensen gevraagd.


Bezinning 2

Vakantie is
je als een blad laten dragen
door het water,
en de adem van de aarde voelen.

Vakantie is
ergens in een verloren dorp
kijken naar een boer
en plots een vlinder zien.

Vakantie is
blootsvoets lopen door het natte gras,
naar muziek luisteren
en dansen vanuit jezelf.

Vakantie is
in de koelte van een Romaanse kerk
stil worden
en bidden.

Vakantie is
opnieuw leren luisteren,
zoeken
en her-inneren.


Slotgebed 1

God en Vader,
het leven is veel meer
dan zorgen voor voedsel en kleding,
meer ook dan werken en geld verdienen.
Leven is ook rusten en spelen,
onbezorgd kunnen zijn,
voluit genieten van alles wat mooi is:
van de natuur,
van vriendschap en liefde,
van cultuur in al haar uitingen.
Vooral in deze vakantietijd willen wij U danken
voor al deze gaven uit uw hand,
door Jezus Christus, uw Zoon en onze Leefgezel. Amen.

Slotgebed 2

God en Vader,
Gij hebt ons gemaakt tot uw volk, tot uw Kerk.
Wij bidden U:
waak over ons
opdat wij niet ónze waarheid zouden uitdragen maar de uwe.
Maak ons tot verkondigers van uw Boodschap in woord en daad,
zo dat anderen zich bij U kunnen thuisvoelen.
Dan wordt uw Kerk een Kerk naar uw hart. Amen.


Zending en zegen

Een stok en een stevige steun bij elkaar,
geen geld, geen dubbel goed.
Alleen maar zijn woorden in hoofd en hart.
Zo worden wij uitgezonden
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.
Kees Pannekoek

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.