15e zondag door het jaar A 2020 p


De Kracht van het luisteren  (Mt.13.1-23)          (Viering)

Doorheen de lezingen zowel de eerste als het evangelie wordt ons vandaag de vraag gesteld wat geloven voor mij persoonlijk wel betekent en of wij Gods woorden wel laten ontkiemen niet alleen in ons hart maar ook in ons dagdagelijks leven. Geloven heeft dus iets te maken met de persoonlijke verhouding van God en mijzelf. Denk maar even terug aan de kernboodschap van het Scheppingsverhaal uit het boek Genesis , ooit door mensen eeuwen geleden neergeschreven en doorverteld , waar God de mens geschapen heeft elk naar Zijn beeld en gelijkenis en dan gezien en gezegd heeft : het is goed , begin nu maar te werken …
Werken aan wat ? gewoon meebouwen aan de realisatie van Zijn droom van een wereld van vrede en liefde voor iedereen en elke mens is vrij om dit op zijn of haar manier te doen met zijn of haar individuele talenten. En zo komen we weer op ons eerste basisvertrekpunt : geef ik God die plaats in mijn leven die Hij verwacht én doe ik dan ook iets daadwerkelijk hieraan .
Zo kunnen wij het evangelie van vandaag plaatsen op ons eigen leven. Maar we worden niet hulpeloos achtergelaten want als hulpmiddel hebben we de woorden én de daden van zovele profeten , bekenden en onbekenden tot op vandaag die voor mij een voorbeeld kunnen zijn. Uniek werd dit vertaald voor ons christenen door die Jezus van Nazareth , tweeduizend jaar geleden , die zijn leven in dienst stelde van God , die hij Vader durfde noemen , en evenmens.
Opgelet hier komt dan de eerste voorwaarde op de proppen : wordt het woord van die profeet vroeger of vandaag gehoord en beluisterd en geef ik de kans om hier ook iets mee te doen cfr het evangeliewoord dit te laten kiemen en vruchten voort te brengen ? Of met andere woorden hebben we eerst geluisterd , het duidelijk gehoord én verstaan en er dan ook iets mee gedaan in ons eigen levenspatroon.
Jezus spreekt ons hiervoor in parabels , in gelijkenissen opdat wij het beter zouden verstaan. Zo ook vandaag in de gelijkenis van de zaaier en het gezaaide zaad die op de vruchtbare bodem van elk mensenhart wordt uitgezaaid. En hier komt weer het unieke van het mysterie van God en mens naar voor , zo duidelijk door de jezus van Nazareth beklemtoond : iedere mens wordt uitgenodigd hier iets mee te doen én niet verplicht. De mens is vrij maar God legt bewust de verantwoordelijkheid bij jezelf en dit is niet altijd eenvoudig.
Het hart dus ons eigen wezen is naar Bijbelse betekenis nochtans de plaats waar een mens tot een volheid van kennen kan komen, daar waar wil, verstand en gevoel tot diepe integratie komen en in contact komen met de grondverlangens van elke individuele mens. Horen wij de profeet Jesaja in de eerste lezing niet zeggen : wie zijn hart verhardt blokkeert zichzelf. Jezus gebruikt hetzelfde beeld maar met andere woorden : die van een zaaier en het zaad. Niet de zaaier staat bij hem centraal maar wel het zaad en de weg die het zaad vindt om te ontkiemen. In die benadering staat diegene die luistert centraal , dus wijzelf ,
Er zijn vier manieren om te luisteren : de eerste manier is oppervlakkig, zonder het verlangen om door te dringen tot de diepte van het verhaal of het woord. Hier is er geen kans om het woord kans te geven te ontkiemen. Het wordt meteen weggeduwd door het kwade of egocentrische in elke mens. De tweede manier van luisteren is dubbelzinnig : zolang het goed gaat is men enthousiast en doet men mee maar bij de minste tegenslag haakt men terug af. Dit is hoogstwaarschijnlijk heel herkenbaar in elk mensenleven bij een moeilijke periode. De derde manier van luisteren is gestoeld op waarachtige interesse, maar wordt vlug bedreigd door de drukte van elke dag en de dagdagelijkse zorgen van het leven. Ook een gevoel dat wij allemaal wel al eens meegemaakt hebben. Bij de vierde manier van luisteren valt het zaad onmiddellijk in goede aarde en krijgt het kans honderdvoudig vrucht te dragen
Aan ieder van ons uit te maken in welke fase van ons leven wij dan ook ons open stellen om Gods uitnodiging ten volle te laten doordingen en mee Zijn droom te realiseren met vallen en opstaan. Weet dat niemand perfect is en fouten mag maken en dus ook zal maken! Maar dit is niet erg als we vertrouwen hebben in Gods aanwezigheid in ons leven ; als Liefde ook ons hart beroert dan kunnen we bergen verzetten …
Zodoende komen we terug tot de kern van elk evangeliewoord : onze diepe relatie met God als zingeving van mijn leven. Mijn gelovig zijn is iets van mijzelf dat wel ontwikkeld kan worden door traditie of gezag maar het blijft persoonlijk. De bodem waarin gezaaid wordt ben ik zelf ! De Griekse wijsgeer Plato zei ooit dat een mens de waarheid moet zoeken met zijn ziel. Zolang het diepste woord van Godswege uit niet kan doordingen tot heel onze persoon dan blijft er een hardheid die elke vruchtbaarheid van het zaad verhindert.
Ik wens ieder een deugddoend verlof toe met wat tijd om Gods aanwezigheid ( Liefde ) tot in het diepste van uw hart te laten doordringen …
Luc Dekelver – diaken
Bezinning
Heer, laat mij als een zaaier, door de velden van het leven gaan.
Ik wil geen onkruid zaaien, geen ééndagsbloemen,
maar graan dat de diepste honger van mensen stilt.

Geef het graan van uw liefde in mijn handen, Heer,
en toon mij het veld waarop ik zaaien mag.
Met uw genade zal ik gaan, Heer,
uw liefde zaaien in de smalle voren van het mensenhart.

Laat mij elk avond huiswaarts keren,
moe, met lege handen misschien,
maar met een rotsvast vertrouwen
dat het kiemen en het rijpen van het graan in uw handen ligt.

Wil mij geven, Heer, wat een goede zaaier nodig heeft:
een groot geloof, een rustig hart, eindeloos geduld
en veel, zeer veel edelmoedigheid.

Kategorie(n): Onze preken

Comments are closed.