13e zondag door het jaar B 2012

ZONDAGSVIERINGEN
dertiende  zondag B (1/07/2012)


Begroeting

Moge Gods zegen rusten op ons die hier samenkomen
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.


Openingswoord 1

Door God geschapen
zijn wij, mensen,
niet ten dode gedoemd,
maar bestemd om te leven.
Deze Goede, Bijbelse Boodschap
bevestigt Jezus metterdaad:
Hij geneest wie geen leven heeft
en wekt op wie ten dode is.


Openingswoord 2
(voor een viering waarin de drie officiële lezingen gebruikt worden)

Met het vooruitzicht op vakantie, rust en ontspanning
roepen de lezingen van vandaag ons op
tot actie en solidariteit.
De schrijver van het boek Wijsheid zegt ons
dat het kwaad niet van God is
en dat we ons hiertegen moeten verzetten.
Paulus roept op tot solidariteit in materiële zin
en het evangelie vertelt wat mensen moeten doen
om genezing te vinden,
hetzij voor zichzelf, hetzij voor een ander.
Actie en solidariteit, gebaseerd op geloof en vertrouwen,
helpt mensen,
redt mensen.
naar Heeswijk

Vergevingsmoment 1

Wetend dat de Heer ons nabij is
en bewust van eigen broosheid,
bidden wij om vergeving.

– Heer, Gij die het kwaad niet wilt en geweld en lijden afwijst,
steun ons in onze pogingen onrecht te herstellen en vrede te brengen.
Heer, ontferm U over ons.

– Christus, Gij die genezing schonk aan velen,
schenk ons de kracht die van U uitging,
zodat wij elkaar tot zegen kunnen zijn.
Christus, ontferm U over ons.

– Heer, Gij die steeds opnieuw uw geestkracht schenkt,
maak ons geestdriftig,
zodat ook wij anderen blijven stimuleren en inspireren.
Heer, ontferm U over ons.

Moge de barmhartige God naar ons omzien
en zich over ons ontfermen.
Moge Hij ons vinden in onze verlorenheid
en ons brengen tot nieuw en eeuwig leven. Amen.
naar Heeswijk


Vergevingsmoment 2

Wij hebben allen onze goede en minder goede dagen.
Laten wij ons daarom bij de aanvang van deze viering
bezinnen over onze houding tot de anderen
en willen wij elkaar vergeving vragen en schenken.

– Omdat wij onvoldoende begrip opbrengen voor elkaar
en ons te weinig inzetten voor het geluk van anderen:
Heer, ontferm U over ons.

– Omdat wij, uit zwakheid of onverschilligheid,
zo vaak voorbijgaan aan wie ons oprecht liefhebben.
Omdat wij vergeten dankbaar te zijn:
Christus, ontferm U over ons.

-Om alles wat we voor onze medemens
hadden kunnen doen en zijn,
om alles wat ongezegd bleef en ongedaan:
Heer, ontferm U over ons.

Laten wij elkaar vergeving schenken
en moge de barmhartige God ons in zijn liefde opnemen
en geleiden tot het eeuwig leven. Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed

Wij kunnen U gemakkelijk vinden, God,
in het ontluiken van een bloem,
in de liefde van mensen voor elkaar,
in de geboorte van nieuw leven,
in alles wat goed en mooi is.
Maar het is zo moeilijk U te vinden
wanneer we getroffen worden door pijn en verdriet,
wanneer de dood ons leven binnentreedt.
Laat ons ook dan zien en voelen, God, dat Gij ons nabij blijft
in de vele mensen om ons heen
en laat ons, op onze beurt,
ook voor anderen zulke mensen zijn. Amen.
Levensecht

Lezingen

God spreekt ons toe in de woorden van de Schrift.
Laten wij daar samen naar luisteren.


Eerste lezing
(Wijsheid 1,1.13-15.2,23-24)

Uit het boek Wijsheid

13 God heeft de dood niet gemaakt
en Hij vindt geen vreugde in de ondergang van hen die leven,
14       maar alles heeft Hij geschapen om te bestaan
en de schepselen in de wereld zijn heilzaam;
er is geen kruid bij dat verderf brengt
en de onderwereld heerst niet over de aarde,
15       want de gerechtigheid is onsterfelijk.
23
      God heeft de mens immers geschapen
voor een onvergankelijk leven
en Hij heeft hem tot een beeld van zijn eigen eeuwigheid gemaakt,
24       maar door de afgunst van de duivel
is de dood in de wereld gekomen
en de aanhangers van de duivel
zullen hem ondergaan.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (2 Korintiërs 8,7.9,13.15)

Uit de tweede brief van de apostel Paulus aan de christenen van Korinte

Broeders en zusters,
7        U  munt reeds in zo veel opzichten uit,
in geloof, welsprekendheid, kennis,
in ijver op allerlei gebied,
in de liefde die wij in u hebben gewekt;
laat dan ook dit liefdewerk uitmuntend slagen!
9        Want u kent de liefde
die onze Heer Jezus Christus u heeft betoond:
omwille van u is Hij arm geworden,
terwijl Hij rijk was,
opdat u rijk zou worden door zijn armoede.
13       Het is niet de bedoeling
dat u door anderen te ondersteunen
zelf in moeilijkheden komt.
Er moet een zeker evenwicht zijn
15       waarover geschreven staat:
Hij die veel had verzameld, had niet te veel,
en hij die weinig had verzameld,
kwam toch niet te kort.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Marcus 5,21-43)

Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Marcus

21       In die tijd, toen Jezus weer met de boot naar de overkant gegaan was, verzamelde zich een grote menigte bij Hem.
Dat was aan het meer.
22       Daar kwam Jaïrus aan, een van de synagogebestuurders.
Toen hij Jezus zag, wierp hij zich aan zijn voeten
23       en smeekte Hem dringend:
`Mijn dochtertje is doodziek.
Kom mee en leg haar de handen op,
zodat ze gered wordt en in leven blijft.’
24       Hij ging met hem mee.
Een grote menigte volgde Hem, en ze drongen tegen Hem op.
25       Er was een vrouw bij die al twaalf jaar aan vloeiingen leed.
26       Ze had veel te lijden gehad van allerlei dokters
en alles uitgegeven wat ze had, en er geen baat bij gevonden;
ze was er eerder op achteruitgegaan.
27       Omdat ze over Jezus gehoord had,
kwam ze door de menigte naar Hem toe
en raakte van achteren zijn kleren aan.
28       `Want’, dacht ze, `als ik zijn kleren maar aanraak, zal ik gered worden.’
29       Meteen droogde de bron van haar bloed op,
en ze voelde aan haar lichaam dat ze van haar kwaal was genezen.
30       Maar Jezus, die zelf meteen voelde
dat er een kracht van Hem was uitgegaan,
draaide zich in de menigte om en zei:
`Wie heeft mijn kleren aangeraakt?’
31       Zijn leerlingen zeiden tegen Hem:
`U ziet hoe de menigte tegen U opdringt, en U zegt:
`Wie heeft Mij aangeraakt?” ‘
32       Maar Hij keek rond om de vrouw te zien die dat gedaan had.
33       De vrouw werd bang en begon te beven,
omdat ze wist wat er met haar gebeurd was.
Ze kwam naar voren, wierp zich voor zijn voeten
en vertelde Hem de hele waarheid.
34       Maar Hij zei haar:
`Mijn dochter, uw vertrouwen is uw redding;
ga in vrede, en blijf van uw kwaal verlost.’
35       Hij was nog niet uitgesproken
of daar kwamen mensen uit het huis van de synagogebestuurder
om hem te zeggen:
`Uw dochter is gestorven. Wat valt u de meester nog lastig?’
36       Maar Jezus, die opving wat er gezegd werd,
zei tegen de synagogebestuurder:
`Wees niet bang, heb maar vertrouwen.’
37       Hij liet niemand met zich meegaan,
behalve Petrus, Jakobus en Johannes, de broer van Jakobus.
38       Ze kwamen bij het huis van de synagogebestuurder,
en Hij zag de drukte van huilende en rouwende mensen.
39       Hij ging naar binnen en zei:
`Waarom die drukte en die tranen?
Het kind is niet gestorven, het slaapt.’
40       Ze lachten Hem uit.
Maar Hij stuurde ze allemaal naar buiten,
nam de vader en moeder van het kind en zijn metgezellen mee,
en ze gingen het vertrek binnen waar het kind lag.
41       Hij pakte het kind bij de hand en zei haar:
`Talita koem.’ In vertaling betekent dat: Meisje, Ik zeg je, sta op.
42       Meteen stond het meisje op en liep rond.
Ze was twaalf jaar. Ze raakten buiten zichzelf van opwinding.
43       Hij beval hun met nadruk dat niemand dit te weten zou komen,
en Hij vroeg hun om haar eten te geven.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Omdat wij geloven in Gods Goede Boodschap
en wij ons aan Hem willen toevertrouwen,
spreken wij dit geloof uit.

Ik geloof in God, onze Vader,
die zijn schepping op handen draagt en hoopt
dat ieder van ons die meedraagt
opdat onze aarde nieuw wordt door onderlinge liefde.

Ik geloof in Jezus, zijn Zoon,
die het als zijn belangrijkste opdracht zag
om lief te hebben
en zo de pijn en het verdriet van mensen mee te dragen.
Ik geloof ook dat Jezus hoopt
dat wij doen zoals Hij deed.

Ik geloof in de heilige Geest
door Jezus gezonden
om ons tot dragers te maken
van elkaars lief en leed. Amen.
naar Levensecht

Voorbeden 1

Leggen wij bij het begin van deze tafeldienst
onze persoonlij­ke gebedsintenties op het altaar van de Heer,
om ze samen met uw gaven en dit brood en deze wijn aan Hem aan te bieden.

-Bidden we voor mensen die hun vertrouwen verloren hebben,
die geen toekomst meer zien,
die niet meer geloven dat het anders kan.
Dat zij de kracht van Gods levengevende liefde opnieuw mogen ervaren.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor allen die het niet opgeven
te strijden voor een betere wereld,
voor hen die opkomen voor rechtvaardigheid en vrede,
die vechten tegen de bierkaai.
Dat ze mogen volhouden
en ervan overtuigd zijn
dat het onmogelijke mogelijk wordt.
Laten wij bidden…

– Bidden we voor onszelf.
Dat we niet berusten,
dat we blijven zoeken
en wegen vinden om U ter sprake te brengen, God,
om heil en genezing te brengen aan allen die wij ontmoeten.
Laten wij bidden…

God,
geef ons de moed om U altijd weer op te zoeken.
Wees ons nabij,
vandaag en alle dagen. Amen.
naar Huub Welzen

Voorbeden 2

God, wij bidden U:
schenk ons vertrouwen wanneer het leven zo moeilijk is
dat het ‘geen leven’ meer is.
Dat wij ons dan niet overleveren aan wanhoop.
Dat wij ons niet totaal zouden laten overmeesteren door ons verdriet.
Laten wij bidden…

– God, schenk ons inzicht en creativiteit,
durf  en doorzettingsvermogen
om te ervaren dat er méér is.
Dat Gij er zijt en ons nabij blijft,
dat de dood niet het einde is.
Laten wij bidden…

– God, zegen onze woorden en onze daden
en spoor ons aan om, in navolging van Jezus,
er te zijn voor anderen, wanneer zij ons nodig hebben.
Laten wij bidden…
naar Yvonne Van Den Akker-Savelsbergh

Gebed over de gaven 1

God, onze Vader,
in het brood en de wijn die Jezus deelde met zijn vrienden,
leerde Hij hun:
hou van elkaar door dik en dun,
zoals God ook van jou houdt,
zelfs al twijfel je soms aan de zin en de toekomst van dit bestaan.
Heer, met uw symbolen van brood en wijn,
willen ook wij uitdrukken dat wij met Hem willen meebouwen
aan een hoopvolle toekomst voor iedereen. Amen.

Gebed over de gaven 2

God en Vader,
maak ons tot delen en breken bereid.
Dan zullen zij die veel hebben verzameld,
niet te veel hebben,
en zij die weinig bezitten,
niet tekortkomen.
Voed ons op tot samenhorigheid
en tot welgemeende zorg voor elkaar.
Dat vragen wij U uit kracht van Hem,
die arm werd opdat wij rijk zouden worden,
Jezus Messias, uw Zoon en onze Heer. Amen.

Tafelgebed

Met hart en ziel danken wij U, God,
die door uw Geest
onze geest voortdurend vernieuwt
opdat wij de wereld
mensvriendelijker zouden maken.
Uw Geest stimuleert ons
om te geloven in Jezus
en Hem te belijden voor alle mensen
als de Heer,
als de hoop van de wereld.
Daarom loven wij U met de woorden
die uw Geest ons heeft ingegeven:

Heilig, heilig, heilig …

Laat ons nooit vergeten, barmhartige Vader,
dat onze verlosser Jezus Christus
de Heer is,
dat Hij mens is geworden,
die Emmanuel,
dat is: God-met-ons,
genoemd wordt.

Laat ons nooit vergeten
dat Hij de wereld heeft gezien met onze ogen,
dat Hij onze woorden gesproken heeft,
dat Hij onze vreugde en onze nood heeft gekend,
dat Hij het werk van een mens heeft verricht
en dat Hij ons brood gegeten heeft.

Laat ons nooit vergeten
dat Hij de Mensenzoon is
– mens onder de mensen –
die meer heeft geloofd in de mens,
meer heeft gehoopt en bemind
dan wij ooit kunnen.

Laat ons nooit vergeten
dat ons geloof, dwars door alle leed,
dat onze hoop over de dood heen,
dat onze liefde tegen alle machten in,
ons doen gelijken op Hem
die Gods gelijke genoemd mocht worden.

Laat ons nooit vergeten dat ook Hij
weerloos heeft moeten buigen
voor het geweld en de macht.

Laat ons nooit vergeten
dat de machtigen Hem geslagen hebben
tot de dood toe
omdat Hij leerde dat Gij zijn Vader zijt,
dat wij gered worden door ons geloof in U,
dat onze hoop op U nooit wordt teleurgesteld,
dat uw liefde geen grenzen kent
en dat vooral de armen en de kleinen
door die boodschap blij kunnen worden.

Laat ons nooit vergeten
dat Hij op de vooravond
van dat lijden en die dood
in het breken van het brood
en het rondreiken van de beker
het teken heeft gesteld
dat ons in zijn naam en zijn liefde samenbrengt.

Want die avond
heeft Hij het brood in zijn handen genomen,
Hij heeft zijn ogen opgeslagen
naar U, God en Vader,
Hij heeft U dank gezegd,
het brood gebroken
en aan zijn leerlingen uitgedeeld met de woorden:
“Neem en eet,
dit is mijn lichaam voor u.”

Zo nam Hij ook de beker,
sprak een dankgebed uit en zei:
“Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed
dat voor u en voor allen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Telkens als gij van dit brood eet
en uit deze beker drinkt,
doe het dan om Mij te gedenken.”

Zijn dood gedenken wij,
zijn opstanding belijden wij,
zijn toekomst verwachten wij.

Wij zijn hier bijeen in zijn naam,
omdat wij mensen willen worden zoals Hij,
mensen die geloven in elkaar
en vertrouwen op U,
die hopen dat Gij uw belofte,
van een gelukkig leven zonder einde,
waar zult maken aan ieder van ons
en aan alle mensen van wie Gij houdt
en van wie wij houden,
en van wie wij blijven houden,
ook al zijn zij overleden.

Wij willen het brood breken
en wij zullen het eten,
wij zullen de beker rond reiken en drinken
in zijn naam
om de herinnering aan hem levend te houden
en om niet te vergeten
dat Hij de armen,
de treurenden,
de zachtmoedigen,
de hongerigen,
de barmhartigen,
de zuiveren,
de vredelievenden,
de vervolgden
en al wie hulp nodig heeft,
gelukkig heeft genoemd.

Geef ons die Geest van deemoed en liefde;
dan zullen wij gelukkig en blij worden
en U dankbaar huldigen:
door Christus,
met Christus,
in Christus,
hier rond deze tafel
en overal,
nu en alle dagen die ons gegeven zijn. Amen.

Onze Vader

Gezonden als vormgevers van Gods menslievendheid
willen wij bidden
dat zijn droom met de mensen werkelijkheid mag worden,
dat zijn Koninkrijk mede door onze handen geboren mag worden,
dat zijn wil mag geschieden op aarde zoals in de hemel:
Onze Vader

Al zien wij soms op tegen ons werk van elke dag,
al drukken onze plichten en verantwoordelijkheden soms zwaar,
we willen ze ernstig nemen,
maar ons geen overdreven zorgen maken.
Want wij weten, Heer, dat Gij onze ruggensteun wilt zijn,
dat Gij over ons waakt als een bezorgde vader en moeder.
Daarom mogen wij vol vertrouwen uitzien
naar de komst van Jezus, Messias, uw Zoon,
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens

Heer, Jezus Christus,
Gij die uw kracht liet uitgaan
naar kleine en vaak onopvallende mensen,
naar kinderen en zieken,
Gij hebt hen doen opstaan,
hebt hun terug levensmoed gegeven.
Schenk ons het vermogen om mensen te inspireren
en samen te werken aan uw vrede in onze wereld.
naar Heeswijk
         Moge die vrede van de Heer altijd met u zijn.
En geven wij elkaar een hartelijk teken dat wij naar die vrede toe willen.

Lam Gods

Communie

Jezus brak zichzelf tot voedsel
en deelde dit uit opdat wij zouden leven.
Door dit gebaar wilde Hij ons laten zien
hoe wij ons voedsel en ons leven kunnen delen met anderen.
Gelukkig zijn wij die genodigd zijn aan zijn tafel.
Dit is het Lam Gods…
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning

Gij die wilt dat mensen leven,
écht als mens
en niet als speelbal van ongekende macht of overmacht,
en méér dan enkel maar gedreven
door de stemming van het ogenblik,
doe ons leven.
Geef richting.
Doe ons inzien wat recht is en wat slecht,
en wat ons nu te doen staat.
Doe ons weten dat we leven,
en waarom, en waarvoor.
Doe ons mensen zien.
Zet ons op weg met mensen.
Dat wij elkander dragen
en bij elkaar wakker houden waar het om gaat.
Dat we woorden geven aan uw droom
dat deze wereld, uw schepping, goed moet zijn,
en recht en vrede de bestemming van ieder mens.
Doe ons geworteld staan in U.

Slotgebed

Misschien heb je zelf ook wel genezing nodig – zegt God
en draag je in je binnenste
littekens van ontgoocheling en twijfel,
of ontdek je in jezelf
de kwetsuren van je eigen kleinheid en onmacht.
Laat Mij dan jouw hand nemen en je nieuw leven schenken,
net als bij het dochtertje van Jaïrus.
Laat Mij je doen opstaan
en je doen verrijzen als een nieuwe mens,
met het hart van Jezus.
Wanneer je dreigt weg te zinken in het duister van de angst,
laat Mij je dan licht brengen van hoop en liefde
en je zult ervaren dat Ik een God van tederheid ben.
Erwin Roosen

Zending en zegen

“Talita Koem”, “Meisje, sta op”.
Woorden die vandaag tot ons gericht zijn:
sta op om te geloven,
sta op en steek de handen uit de mouwen,
sta op om te bouwen aan solidariteit.
Ga heen en doe wat de Heer van ons vraagt.
Hij vergezelt ons met zijn zegen
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.