11e zondag door het jaar A 2008


Begroeting

Waar twee of drie in zijn naam samen zijn, daar is de Heer in hun midden.
Daarom mag onze geloofsgemeenschap zich hier bijeen weten
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

‘De oogst is groot, maar arbeiders zijn er weinig.
Vraag daarom de Heer arbeiders te sturen om te oogsten.’
Op die suggestie van Jezus in de evangelielezing
willen wij vandaag ingaan:
arbeiders worden in Gods wijngaard
en zo bouwers worden aan een hoopvolle toekomst.
Wij willen werk maken van de realisatie van Gods droom met de mensen.
Dat lukt ons niet altijd even goed.
Vragen wij daarom om vergeving.

Openingswoord 2

De lezingen reiken ons vandaag ‘eenheid’ aan als centraal thema:
eenheid als de grote uitdaging voor het oude Israël;
eenheid als droom, maar ook als struikelblok voor Jezus.
Eenheid waarmee alles staat of valt.
Waar geen eenheid is kan/wil God niet wonen,
gaat het verbond verloren
en verdwijnen Jezus’ woorden als sneeuw voor de zon.
Als we in het leven iets willen bereiken met de mensheid,
als we dat Rijk van God een schijn van kans willen geven,
dan zullen we eerst de gebroken eenheid moeten herstellen
en de ‘verloren schapen’ terug samenbrengen.
Daartoe worden we vandaag, samen met de twaalf, geroepen en gezonden.
Omdat we in plaats van eenheid nogal eens verwarring stichten,
en zo delen in de schuld van heel de wereld,
keren we ons eerst tot elkaar en tot God en bidden om vergeving:

Vergevingsmoment

Soms leven wij zeer berekend:
wij willen onze rechten op het werk,
een gunstige belastingsregeling,
voordelige afspraken bij allerlei diensten…
Graag regelen wij de zaken in ons eigen voordeel,
zonder na te gaan of anderen daarvan het slachtoffer kunnen zijn.
Omdat wij zelfzuchtig waren vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.

Als iemand iets voor ons gedaan heeft,
dan voelen we ons meestal verplicht om iets terug te doen.
Het zou goed zijn
dat ook wíj iets voor anderen zouden doen
zonder er iets voor terug te willen.
Maar … in zo’n gevallen aarzelen wij.
Voor zoveel kleinmenselijkheid vragen wij:
Christus, ontferm U over ons.

Wij geven graag ongezouten onze mening over mensen en dingen,
maar ons geloof,
de ‘christelijke filosofie en grondhouding’ laten meespelen in die mening …
dat vergeten wij soms.
Voor zoveel kleingelovigheid vragen wij:
Heer, ontferm U over ons.

God is geduldig en vergevensgezind.
Steeds weer vraagt Hij ons naar elkaar toe te groeien
als mensen die voor elkaar open staan in vriendschap en liefde.
En dan staat Hij ons op te wachten als een barmhartige Vader.


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge:
eer aan de Vader die de oorsprong is,
eer aan de Zoon die in de wereld kwam,
eer aan de Geest: Hij maakt ons vrij.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde:
zondaars vinden bij Hem genade,
zieken troost en geneest Hij,
armen brengt Hij zijn blijde boodschap.

Eer aan God in de hoge
en vrede op aarde
door liefde onder de mensen.
Liefde die de dood overwint,
de tranen wegwist uit onze ogen
en alles nieuw maakt. Amen.

Openingsgebed 1

Heer onze God,
zend ons uw Geest
opdat wij zouden getuigen van Jezus uw Zoon
die midden onder ons aanwezig is,
ook als wij Hem niet herkennen.
Vaak verkondigen wij meer onszelf
en verduisteren wij uw boodschap,
die het antwoord is en blijft
op ons diepste levensverlangen
vandaag en alle dagen van ons leven. Amen.

Openingsgebed 2

Heer, onze God,
wat onze wereld van de ondergang kan redden,
wat nodig is om uw Rijk een kans te geven,
is ‘eenheid’.
Roep ons daarom op
en zend ook ons als bouwers aan die eenheid.
Laat ons ‘zoekers’ en ‘vinders’ worden van de verloren schapen,
arbeiders die Jezus’ droom tot waarheid brengen
zodat vrede en eenheid kan worden geoogst. Amen.

Lezingen
Laten we samen luisteren naar de woorden van de schrift.

Eerste lezing (Exodus 19,2-6a)
Uit het boek Exodus
2           Drie maanden na hun vertrek uit Egypte
kwamen de Israëlieten aan in de Sinaïwoestijn,
waar zij dicht bij de berg hun kamp opsloegen.
3           Mozes ging de berg op, naar God.
Toen hij boven was, sprak de Heer hem daar aan en zei:
`Dit moet u zeggen tegen het huis van Jakob
en moet u de zonen van Israël laten weten.
4           Met eigen ogen hebt u gezien
hoe Ik ben opgetreden tegen Egypte,
hoe Ik u op arendsvleugelen heb gedragen
en hier bij Mij gebracht heb.
5           Als u naar mijn woord luistert en mijn verbond onderhoudt,
dan zult u van alle volken mijn bijzondere eigendom zijn,
want aan Mij behoort de aarde.
6           U zult mijn priesterlijk koninkrijk en mijn heilig volk zijn.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Romeinen 5,6-11)
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Zusters en broeders,
6           Christus is voor goddelozen gestorven op de gestelde tijd,
toen wij zelf nog geheel hulpeloos waren.
7           Je zult je leven niet snel geven voor een rechtvaardige,
al zou misschien iemand de moed hebben te sterven voor een goed mens.
8           God echter bewijst zijn liefde voor ons juist hierdoor
dat Christus voor ons is gestorven toen wij nog zondaars waren.
9           Des te zekerder is het dat wij,
eenmaal gerechtvaardigd door zijn bloed,
dankzij Hem gered worden van de toorn.
10          Toen wij vijanden waren,
zijn wij met God verzoend door de dood van zijn Zoon;
des te zekerder is het dat wij, eenmaal verzoend,
gered worden door zijn leven.
11          En dat niet alleen:
nu reeds roemen wij op God door Jezus Christus onze Heer,
door wie wij de verzoening hebben ontvangen.
KBS Willibrord 1995

Evangelie
(Matteüs 9,36-10, 8)
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

36          In die tijd werd Jezus diep bewogen bij het zien van de mensenmenigte, omdat ze geplaagd en gebroken waren als schapen zonder herder.
37          Toen zei Hij tegen zijn leerlingen:
`De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig.
38          Vraag dus de eigenaar van de oogst
om arbeiders in te zetten voor zijn oogst.’
1           Hij riep zijn twaalf leerlingen bij zich
en gaf hun de macht om onreine geesten uit te drijven
en elke ziekte en elke kwaal te genezen.
2           De namen van de twaalf apostelen zijn deze:
allereerst Simon, die Petrus genoemd wordt,
en dan Andreas, zijn broer, Jakobus van Zebedeüs,
en Johannes, zijn broer,
3           verder Filippus en Bartolomeüs, Tomas
en de tollenaar Matteüs, Jakobus van Alfeüs en Taddeüs,
4           Simon Kananeüs en Judas Iskariot, die Hem overgeleverd heeft.
5
          Deze twaalf zond Jezus uit met de opdracht:
`Sla de weg naar de heidenen niet in,
en ga een stad van de Samaritanen niet binnen.
6           Maar ga liever naar de verloren schapen van het huis van Israël.
7           Verkondig op je tocht:
`Het koninkrijk der hemelen is ophanden!”
8           Genees zieken, wek doden op,
maak melaatsen rein, drijf demonen uit.
Voor niets hebben jullie gekregen, voor niets moet je geven.
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Getuigen wij samen van onze God,
die in Jezus ons de liefde heeft voorgeleefd.

Ik geloof in God, mijn Schepper,

die man en vrouw gemaakt heeft naar zijn beeld;
die mij liefheeft als een vader
en voor mij zorgt als een moeder;
die mij troost en vergeeft
en die mij altijd de mogelijkheid geeft
opnieuw te beginnen.

Ik geloof in Jezus Christus,

die, door God gezonden, mens is geworden,
om ons nabij te zijn;
die, helend en genezend,
ons de liefde heeft voorgeleefd.

Ik geloof in de Heilige Geest,

die bezielt en vreugde brengt,
die de mensen hoop geeft,
die de bron is van mijn geloof.

Ik geloof dat de mensen elkaar nodig hebben
om samen God te dienen,
om de schepping voor iedereen leefbaar te maken
door samen te delen en in eenvoud te leven,
en zo te werken aan de komst van Gods rijk. Amen.

Voorbeden 1

Ook vandaag is de oogst groot
en zijn er te weinig arbeiders om alle nood te leningen.
Daarom richten wij ons vertrouwvol tot de Heer van de oogst:

– Bidden wij om mannen en vrouwen
die anderen op de been helpen,
die vermoeide medemensen nieuwe energie aanreiken
en afgetobden ondersteunen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij om mannen en vrouwen
die, in het spoor van de apostelen,
zich ten dienste stellen van de Blijde Boodschap
en, daardoor geïnspireerd,
richtingwijzers worden in onze soms chaotische wereld.
Laten wij bidden…

– Bidden wij om mensen met diepgang,
om mensen met een luisterend oor,
die het kwaad onderkennen
en goede krachten weten te mobiliseren.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor allen die onze steun nodig hebben:
voor zieken, voor mensen geslagen door het leven.
In deze tijd van het jaar bidden we ook voor onze studenten.
Laten wij bidden…

Bidden wij voor de velen
die zich binnen onze geloofsgemeenschap
herderend inzetten
om iets van Jezus’ ideaal te verwezenlijken.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

Hier rond deze tafel willen wij het even stil maken
en bidden voor alles wat in ons omgaat.

– Voor meer eenheid willen we bidden,
eenheid die geen geweld, geen oorlog duldt,
eenheid die blijvende vrede vraagt,
eenheid die mensen samenbrengt en niet verjaagt.
Laten wij bidden…

– Voor eenheid binnen onze eigen gemeenschap willen we bidden,
eenheid die ons omvormt tot Gods eigen en heilig volk;
eenheid die Gods Rijk op het oog heeft
en ons oproept tot arbeiders voor de oogst.
Laten wij bidden…

– Bidden we om eenheid en vrede,
begrip en solidariteit tussen mensen,
om hartelijkheid, zowel binnen onze samenleving als binnen onze Kerk.
Laten wij bidden…

Voorbeden 3

Vader,
heb dank voor de mensen in ons midden
die getuigen van uw liefde,
mensen naar uw hart, mensen die leven naar uw droom.
Draag hen als een zegel op uw hart.
Wees hen nabij in verwarde tijden
en help hen om te onderscheiden wat echt goed is.
Laat hen uw trouwe nabijheid ervaren.
Laten wij bidden…

– Vader,
wij bidden U om nieuw leven in uw Kerk :
mensen die zich inzetten voor uw Rijk,
mensen die overal uw woord spreken
en uw blijde boodschap uitdragen,
mensen die bezield zijn door uw geest van liefde,
mensen naar uw hart.
Laten wij bidden…

– Vader,
geef ons de kracht om trouw te blijven aan onze zending
ook in moeilijke, soms onzekere tijden.
Leer ons geloven dat Gij er zijt
en dat Gij ons altijd zult dragen
als een zegel op uw hart.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven 1

Heer God,
als zusters en broeders
verzamelt Gij ons rond deze tafel
waar het brood wordt gebroken
en het bestaan wordt gedeeld.
Bouw ons op tot een levende en levenwekkende Jezusgemeenschap,
die doet wat recht is en de vrede dient,
die uw toekomst dichterbij brengt,
die op stap durft gaan in het spoor van Hem, die voor ons is en blijft:
de Weg, de Waarheid en het Leven. Amen.

Gebed over de gaven 2

God van het verbond,
deze gaven spreken ons telkens weer
van uw menslievendheid.
Wij bidden U:
voed ons met dit brood en deze wijn.
Zij kunnen onze edelmoedigheid versterken
en ons steeds meer doen gelijken
op Jezus, onze weg en gids ten leven. Amen.

Gebed over de gaven 3

Heer onze God,
uw aanwezigheid onder ons krijgt telkens gestalte in Brood en Wijn.
Versluierd voor onze ogen komt uw Zoon ons tegemoet
en roept Hij ons bij onze naam.
Geef ons de moed om gehoor te geven aan zijn stem
en op weg te gaan in het geloof dat de Heer leeft en met ons is.
Door Hem geeft Gij ons hoop op een nieuwe toekomst
die duurt tot in eeuwigheid. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, heilige en sterke God.
De wereld draagt Gij in uw hand
en Gij waakt over alle mensen.
Gij brengt ons bijeen in deze gemeenschap
om uw woord te horen
en met toegewijd geloof
te treden in het spoor van uw Zoon.
Hij is de weg die leidt naar U,
Hij is de waarheid,
geen andere waarheid maakt ons vrij.
Hij is het leven dat ons van vreugde vervult.
Wij danken U voor de liefde
die Gij ons toedraagt in Jezus Christus.
Wij voegen onze stem bij het gezang der engelen
en prijzen uw heerlijkheid.

Heilig, heilig, heilig …

Hemelse Vader,
met eerbied noemen wij uw naam.
Altijd zijt Gij met ons op weg
en dichter dan wij durven dromen,
zijt Gij bij ons
wanneer uw Zoon ons samenbrengt
rond deze tafel
waar wij uw liefde vieren met brood en beker.

Zoals eens op de weg naar Emmaüs
ontsluit Hij nu voor ons de Schrift
en wij herkennen Hem
bij het breken van het brood.

Daarom bidden wij, almachtige God:
beadem met uw Geest dit brood en deze wijn
zodat Jezus Christus in ons midden komt
met de gaven van zijn lichaam en zijn bloed.

Want op de avond voor zijn lijden
nam Hij onder de maaltijd brood
en sprak tot U het dankgebed.
Hij brak het brood en gaf het aan zijn leerlingen
terwijl Hij zei:
“Neem en eet hiervan, gij allen,
want dit is mijn lichaam
dat voor u gegeven wordt.”

Zo nam Hij ook de beker met wijn
en sprak opnieuw het dankgebed.
Hij gaf hem aan zijn leerlingen en sprak:
“Neem deze beker en drink hier allen uit
want dit is de beker van het nieuwe,
altijddurende verbond;
dit is mijn bloed
dat voor u en alle mensen wordt vergoten
tot vergeving van zonden.
Blijf dit doen om Mij te gedenken.”

Verkondigen wij het mysterie van ons geloof:

Heer Jezus, wij verkondigen uw dood
en wij belijden tot Gij wederkeert,
dat Gij verrezen zijt.

Oneindig goede Vader,
wij vieren de gedachtenis van onze verzoening
en wij verkondigen de liefde die Gij ons betoont.
Uw Zoon is door het lijden en de dood gegaan,
en, tot nieuw leven opgewekt,
is Hij ingetreden in uw heerlijkheid.
Zie met genegenheid neer op dit offer
en herken erin uw eigen zoon
die zijn leven heeft gegeven
en zijn bloed vergoten
opdat voor alle zoekers
de weg naar U, Vader, geopend en begaanbaar zij.

Barmhartige God,
laat de Geest van Jezus in ons wonen
en vervul ons met uw liefde.
Sterk ons door de gaven
van zijn lichaam en zijn bloed
en maak nieuwe mensen van ons
opdat wij op Jezus zouden lijken.

Bescherm onze paus N. en onze bisschop N.,
leer alle gelovigen van uw kerk
de tekenen van deze tijd verstaan
en maak hen trouw in de beleving van uw evangelie.

Maak ons herbergzaam van hart
voor alle mensen rondom ons;
dat wij, delend in hun vragen en hun pijn,
in hun vreugden en hun hoop,
hen de weg tonen die naar uw liefde leidt.

Erbarm U, Vader,
over onze broeders en zusters
die in de vrede van Christus
naar U zijn teruggekeerd,
en over alle gestorvenen
waarvan Gij alleen het geloof hebt gekend.
Breng hen tot het licht van de verrijzenis.

En als ook onze weg ten einde loopt,
neem ons dan op in uw huis,
waar plaats is voor velen.
Schenk ons de vervulling
van onze levenslange hoop:
overvloedig leven in uw heerlijkheid.

Laat ons toe in de gemeenschap van de heiligen;
dat wij met Maria, de Maagd en Moeder Gods,
met uw apostelen en martelaren,
en al de anderen die U genegen zijn,
dankbaar uw naam aanbidden
en U prijzen door Jezus Christus, onze Heer.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer, onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu en tot in eeuwigheid. Amen.

Onze Vader

Richten we ons tot God onze Vader
met de woorden die Jezus ons heeft voorgezegd:
Onze Vader…

Wees licht in onze duisternis, God,
zodat we mogen worden wie wij voor U zijn.
Wek in ons de liefde en de wijsheid van uw Zoon,
zijn vergevingsgezindheid en zijn geduld.
Dan zullen we weer hoopvol kunnen uitzien
naar Jezus Christus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens

Heer Jezus Christus, Gij hebt aan uw apostelen gezegd:
“Vrede laat Ik u, mijn vrede geef ik u”
Gij hebt uw vrienden opgeroepen
om die vrede verder uit te dragen.
Geef dat wij uw oproep blijven verstaan
en mensen van vrede worden,
Gij die leeft en heerst in eeuwigheid. Amen.
En die vrede zij altijd met u.
En delen wij die Godsvrede mee aan elkaar.

Lam Gods

Communie

Zoals duizenden graankorrels werden bijeengebracht tot dit brood,
zoals vele druiven werden geperst tot deze wijn,
zo worden ook wij,
door van dit brood te eten en deze wijn te drinken,
gevoed en omgevormd tot leden van Gods volk.
Zalig wij die genodigd zijn aan de tafel
die de Heer zelf voor ons heeft klaargemaakt:
Dit is het Lam Gods dat draagt de zonden van de wereld:
Heer, ik ben niet waardig…

Communie 2

Breken wij het brood van eenheid,
teken van Gods liefde onder mensen,
zo gemeend, zo oprecht, zo intens dat Hij zijn leven voor hen gaf.
Moge dit brood ons de kracht geven
om Gods droom te helpen verwerkelijken:
vrede en eenheid in deze mensenwereld.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning

Daar gaan ze, twee aan twee,
uitgezonden naar onbekende bestemmingen,
ver van huis,
overgeleverd aan de welwillendheid van mensen,
uitgerust met alleen vertrouwen in zichzelf.

Daar gaan ze, twee aan twee,
geroepen voor hun zending in de wereld,
aangemoedigd door het uithoudingsvermogen van de ander,
beschermd door de blijvende zorg voor elkaar.

Daar gaan ze, twee aan twee,
geplaatst in de geloofstraditie van Jezus,
vervuld van onwankelbare trouw aan God.

Daar gaan ze.
naar Marianne van der Sommen

Slotgebed 1

Vader van alle mensen,
wij bidden U:
maak ons tot een gezegend volk,
een godsvolk met oog en oor voor rechtelozen,
met handen en voeten richting eenheid.
Maak ons tot mensen
die uw naam van liefde in koor belijden,
die openstaan
voor verscheidenheid die eenheid niet stuk maakt
maar verrijkt.
Wij vragen het U in Jezus’ naam. Amen.

Slotgebed 2

Toen U de apostelen uitzond
gaf U die zending eigenlijk aan elke christen, God,
en dus ook aan mij:
op weg gaan naar het kleine en het zwakke.
In uw naam en met de tederheid van Jezus
zorg dragen voor al wie kwetsbaar en eenzaam is,
en de hemel op aarde voelbaar en ervaarbaar maken,
door met uw liefde
van mensen te houden.
Alleen kan ik dat niet.
Wil daarom bij me blijven en me liefhebben
als een goede herder en een trouwe vriend
in goede en kwade dagen, altijd, tot in eeuwigheid. Amen.
naar Erwin Roosen

Zegen en zending

Jezus zond zijn apostelen om zijn boodschap uit te dragen.
Zo zendt Hij ook ons
om zijn boodschap van verzoening en gene­zing uit te dragen,
om hoop te wekken en licht te zijn voor anderen.
In zijn barmhartigheid wil God ons nabij zijn met zijn zegen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen. Bookmark de permalink.