10e zondag door het jaar C 2007

ZONDAGSVIERINGEN
tiende zondag C-jaar (10 06 2007)

Begroeting

God heet ons telkens weer liefdevol welkom in zijn huis
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.


Openingswoord


In de lezingen krijgen wij twee verhalen te horen,
één over de profeet Elia en één over Jezus,
twee figuren in en door wie
God de wereld heilskrachtig nabij kwam.
Twee verhalen die ons willen duidelijk maken
dat diezelfde God ook ons nabij wil zijn
als wij voor Hem de nodige ruimte vrijhouden.
Maar misschien zit juist daar het probleem:
God lijkt soms een verre God
omdat wij voor Hem ons hart niet of onvoldoende openen.
Vragen wij Hem daarom om vergeving.

Vergevingsmoment

Als wij wegen gaan die de uwe niet zijn, God,
zoekt Gij ons telkens weer op,
opdat ook wij U zouden zoeken
en elkaar terugvinden in vriendschap en vrede.

Heer, leer ons elkaar vergeven
zoals Gij ons vergeeft.

God, Gij spijkert ons niet vast op ons verleden
maar geeft ons telkens weer de kans om opnieuw te beginnen,
opdat ook wij elkaar die nieuwe kansen zouden geven.

Heer, leer ons elkaar vergeven
zoals Gij ons vergeeft.

God, bij wie liefde
het eerste en laatste woord is,
geef dat wij woorden van vergeving vinden
die anderen en onszelf toegankelijk maken
voor U en voor elkaar,
in de vrede van Jezus, uw Zoon en onze Heer.
Amen.

Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
en vrede op aarde
aan de mensen die Hij liefheeft.

Wij loven U,
wij prijzen en aanbidden U.
Wij verheerlijken U en zeggen U dank
voor uw grote heerlijkheid.

Heer God, hemelse Koning,
God, almachtige Vader;
Heer, eniggeboren Zoon,
Jezus Christus.

Heer God, Lam Gods,
zoon van de Vader;
Gij die wegneemt de zonden der wereld,
ontferm U over ons.

Gij die wegneemt de zonden der wereld,
aanvaard ons gebed;
Gij die zit aan de rechterhand van de Vader,
ontferm U over ons.

Want Gij alleen zijt de Heilige,
Gij alleen de Heer.
Gij alleen de Allerhoogste: Jezus Christus,
met de Heilige Geest in de heerlijkheid
van God de Vader.Amen.

Openingsgebed

God, via verhalen van en over mensen
hebt Gij U aan ons geopenbaard
als een God-met-ons.
Wees welkom in ons midden,
zeg ons uw vrede toe,
woon in ons denken en doen
opdat wij, van U vervuld,
op onze beurt
uw God-met-ons-zijn zouden uitstralen. Amen.
naar Jacques Verhees

Eerste lezing (1 Koningen 17,17-24)
Uit het eerste boek Koningen

17 De zoon van de vrouw des huizes, waar Elia in Sarefat logeerde op vraag van de Heer, werd ziek, en zijn ziekte werd steeds erger, totdat al het leven uit hem geweken was. Toen zei de vrouw tegen Elia:
18 `Man van God, hoe heb ik het nu met u? Hebt u bij mij uw intrek genomen om mijn zonden openbaar te maken door mijn zoon te laten sterven?’
19 Hij antwoordde: `Geef uw zoon aan mij.’ Hij nam het kind uit haar armen, bracht het naar de bovenkamer waar hij logeerde en legde het kind op zijn bed.
20 Daarop riep hij de Heer aan en zei: `Heer mijn God, brengt u zelfs ongeluk over de weduwe bij wie ik te gast ben, door haar zoon te laten sterven?’
21 Toen ging hij driemaal languit op het kind liggen. Daarbij riep hij de HEER aan en zei: `Heer mijn God, laat toch de levensgeest in dit kind terugkeren.’
22 En de Heer luisterde naar de bede van Elia: de levensgeest keerde terug in het kind en het leefde weer.
23 Toen nam Elia het kind op, ging van de bovenkamer naar beneden, ging het huis binnen en gaf het kind aan de moeder. En Elia zei: `Kijk, uw zoon leeft.’
24 Daarop zei de vrouw tegen Elia: `Nu weet ik zeker dat u een man van God bent en dat de Heer werkelijk door uw mond spreekt.’
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing
(Galaten 1,11-19)
Uit de eerste brief van de apostel Paulus aan de Galaten

11 Ik verzeker u, broeders en zusters, het evangelie dat door mij is verkondigd, is niet door mensen uitgedacht.
12 Want ook ik heb het niet van een mens ontvangen of geleerd, maar door een openbaring van Jezus Christus.
13 U hebt toch gehoord hoe ik vroeger als Jood geleefd heb: hoe ik de kerk van God fel vervolgde en haar trachtte uit te roeien;
14 en hoever ik het gebracht heb in de Joodse godsdienst, vele leeftijdgenoten onder mijn volk overtreffend in mijn grenzeloze ijver voor de overleveringen van mijn voorouders.
15 Maar toen God, die mij had uitgekozen, nog in mijn moeders schoot, en die mij heeft geroepen door zijn genade,
16 besloot zijn Zoon aan mij te openbaren om Hem onder de heidenvolken te verkondigen, toen ben ik aanstonds, zonder een mens te raadplegen,
17 zonder naar Jeruzalem te gaan, naar hen die eerder apostel waren dan ik, vertrokken naar Arabië en vandaar naar Damascus teruggekeerd.
18 Pas drie jaar later ben ik naar Jeruzalem gegaan om met Kefas kennis te maken, en ik ben veertien dagen bij hem gebleven.
19 Van de andere apostelen heb ik niemand gezien, behalve Jakobus, de broer van de Heer.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Lucas 7,11-17)
Uit het heilig evangelie van onze heer Jezus Christus volgens Lucas

11 Na de genezing van een slaaf van een centurio uit Kafarnaüm ging Jezus naar een stad die Naïn heette; zijn leerlingen en een grote menigte gingen met Hem mee.
12 Toen Hij de stadspoort naderde, werd er juist een dode uitgedragen, de enige zoon van een weduwe. Een talrijke menigte uit de stad was bij haar.
13 Toen de Heer haar zag, was Hij ten diepste met haar begaan. `Huil niet’, zei Hij tegen haar.
14 Hij liep naar de lijkbaar toe en raakte die aan. De dragers bleven staan en Hij zei: `Jongeman, kom overeind, zeg Ik je!’
15 En de dode ging rechtop zitten en begon te praten, en Hij gaf hem aan zijn moeder.
16 Ontzag vervulde allen en ze prezen God. Ze zeiden: `Een groot profeet is onder ons opgestaan’, en: `God heeft naar zijn volk omgezien.’
17 Dit verhaal over Hem verbreidde zich in heel het Joodse land en in de wijde omtrek.

KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Ik geloof dat God bij ons is
zoals een vader die opkomt voor zijn kinderen,
zoals een moeder die liefdevol zorgt
en wil dat niemand te kort komt.

Ik geloof dat God iedere mens nabij is
vooral de zwakke en kwetsbare mens,
de mens die lijdt en achtergesteld wordt.

Ik geloof dat God is als een herder
die om ons geeft,
die ons blijft zoeken,
die bekommerd is om het heil van elke mens.

Ik geloof dat God ons hoop geeft,
dat Hij toekomst is
en dat zijn liefde sterker is dan onrecht en dood.

Ik geloof dankzij Jezus Christus,
Zoon van God,
die mens met de mensen geworden is.
Amen.
naar Marinus van den Berg

Voorbeden

We hoorden hoe God de wereld nabij kwam in de profeet Elia en in Jezus.

– Bidden wij om mensen zoals zij,
die, in deze tijd, God heilzaam brengen,
Hem een gezicht, en handen en voeten geven.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor jongeren die psychisch in nood verkeren,
die – ontworteld, gestresst – het zicht op de realiteit hebben verloren:
dat er mensen en instanties zijn
die zich menslievend om hen bekommeren
en hen aan zichzelf teruggeven.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor mensen die in het leven zijn teleurgesteld,
die zich miskend, misbruikt en overbodig voelen:
dat er mensen zijn met een warm hart
die naar hen toegaan
en hen met geduld en toewijding doen herleven.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor vergeten en achtergestelde groepen in onze samenleving:
dat er mensen opstaan die het voor hen opnemen,
en met medewerking van velen,
hun lot ten goede willen keren.
Laten wij bidden…

Gebed over de gaven

God, Schepper van alle leven,
deze gaven van brood en wijn
herinneren ons eraan
dat uw Zoon Jezus ons leven,
maar ook onze dood kwam delen.
Waar sterven het einde leek te zijn,
heeft Hij door zijn opstanding uitkomst gebracht.
Geef dat wij mogen delen in de verrijzenis van Hem
die met u leeft in eeuwigheid. Amen.
naar André Janssen

Tafelgebed

Hoe moeten wij U danken, Vader,
voor het geluk dat ons geopenbaard werd
in Jezus, uw zoon.
Met Hem willen wij U danken
dat Gij uw boodschap verkondigd hebt
aan de kleinen en de eenvoudigen.
Met Hem willen wij U danken
dat Gij voor ons toekomst opent
en ons leven, hoop en uitzicht geeft.
Daarom loven en prijzen wij U
en noemen U:

Heilig, heilig, heilig …

Barmhartige Vader,
wij danken U voor Jezus Christus,
die één van ons geworden is.

Na zijn dood
hebben zijn leerlingen erkend
dat zijn Geest aanwezig is
overal waar liefde woont,
overal waar mensen in elkaar durven geloven,
overal waar mensen vergeving schenken
en elkaar de hand reiken.

Zij hebben begrepen dat Jezus met hen meeging
als zij met elkaar dezelfde weg gingen.
Zij hebben Hem herkend, Vader,
bij het breken van het brood
toen zij maaltijd hielden
om Jezus’ liefde onder elkaar levend te houden.

In de nacht waarin Hij werd overgeleverd
heeft Hij hun immers een teken gegeven
van zijn liefde tot het uiterste.

Aan tafel nam Hij brood in zijn handen, dankte U,
brak het en deelde het uit aan zijn vrienden
met de woorden:
“Neem en eet hiervan,
want dit is mijn lichaam,
dat voor u gebroken wordt.”

Toen nam Hij ook de beker, dankte U,
en reikte hun de beker aan met de woorden:
“Drinkt allen hiervan
want dit is de beker van het nieuwe verbond,
bezegeld met mijn bloed,
dat voor U en voor allen vergoten wordt.
Eet van dit brood, en drink uit deze beker om Mij te gedenken.”

Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker,
verkondigen wij de dood des Heren
totdat Hij komt.

Trouw aan Jezus’ woord, Vader,
breken wij hier dit brood
en danken U voor deze beker.
Wij gedenken al wat Jezus ons heeft voorgeleefd
en maken zijn voorbeeld tot het onze.

Gedenk in uw goedheid allen die ons zijn voorgegaan.
Zij leven in onze gedachten,
maar, meer nog, zijn zij levend bij U.

Laat uw Geest rusten op deze gaven.
Dat deze heilige symbolen
ons mogen spreken van Jezus’ dood die tot leven wekt,
dat wij mogen openstaan
voor alles wat Jezus ons geleerd heeft,
dat wij vervuld mogen worden van zijn liefde.
Dan zal er vreugde zijn op aarde,
vrijheid en vrede in Jezus’ naam.

Door Hem en met Hem en in Hem
zal uw naam geprezen zijn,
Heer onze God, almachtige Vader,
in de eenheid van de Heilige Geest,
hier en nu, en tot in eeuwigheid.
Amen.

Onze Vader

Op ontelbare plaatsen in de evangelies zien we Jezus bidden
tot diegene die Hij zijn en onze Vader noemde.
Hij leerde ons ook de woorden waarmee wíj kunnen bidden
tot diezelfde Vader:
Onze Vader…

Ons leven en onze toekomst koestert Gij, God,
in de palm van uw hand.
Sterk ons geloof
zodat wij blijven uitkijken naar de wederkomst van Jezus Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredeswens

Het is eenvoudig om gelukkig te zijn:
je moet alleen maar de anderen een stukje geluk geven,
hen laten voelen dat zij er zijn
en veel voor jou betekenen.
Zo was Jezus:
liefdevol voor iedereen en met speciale aandacht voor hen
die het moeilijk hadden.
Zo bracht Hij vrede waar Hij kwam,
zo komt Hij ook naar ons.
Die vrede van de Heer zij altijd met jullie.
En wensen wij ook elkaar met een vriendelijk gebaar zo’n Godsvrede toe.

Lam Gods

Communie

God,
aan dit altaar gedenken wij
dat Jezus als teken van zijn eigen leven
brood nam, brak en het uitdeelde.
Zo was Hij zelf ten voeten uit:
een mens die niet leefde voor zichzelf.
Dit is het Lam Gods…

Bezinning

‘Ik zeg je, sta op’
is het krachtwoord van Jezus
tot de zoon van de weduwe van Naïm.

Door een wonder herschapen,
kwam hij terug uit de dood.
Een jong leven aan scherven,
maar door Gods liefde geheeld.

God spreekt de oersterke taal van de liefde.
‘Sta op’
is voor iedere mens een belofte.
Ik ben uw God
en blijf trouw aan het verbond
dat Ik aanging met mensen van eeuwen.
Jouw naam staat geschreven in de palm van mijn hand.
Wees niet bang, mensenkind,
je zal leven.

‘Sta op’
is even
binnen de tijd
een open venster
op de eeuwigheid.
naar Marcel Weemaes

Slotgebed 1

God, Gij die voortleeft in mensen
die, van U vervuld,
anderen bemoedigend nabij zijn,
wil ook voortleven in ons die hier samen waren
en van hier weggaan
elk naar onze eigen plaats in de wereld.
Wees aanwezig in de woorden die wij spreken,
leer onze handen doen
waartoe uw menslievendheid ze beweegt. Amen.
naar Jacques Verhees


Zending en zegen

Moge God ons hart verwarmen.
Hij wil met ons mee op weg gaan
en ons op dat pad zegenen en bemoedigen,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.