10e zondag door het jaar A 2008


Begroeting

Laten wij hier samenzijn en samen vieren,
in de naam van + de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

Openingswoord 1

De roeping van de apostel Matteüs,
die volgens de traditie ook de schrijver zou zijn van het eerste evangelie,
lijkt op het eerste gezicht een doodgewoon roepingsverhaal.
Maar naarmate de tekst vordert
krijgt het verhaal een wel erg aparte wending.

Als Jezus op het matje geroepen wordt
verantwoordt Hij zijn controversieel optreden
als een blijk van Gods barmhartigheid:
“Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, zieke wel”.

Een verhaal over ‘je nek durven uitsteken’
in plaats van je rustig te nestelen in de kring
van de zogenaamde rechtvaardigen
die denken te weten hoe het hoort.

Consequent christen-zijn
leidt soms tot vérgaande en onverwachte consequenties…
En dat schrikt af.
Op de koop toe hebben we vaak een uitleg klaar
om ons niet-doen goed te praten.
Laten we daarom de Heer om vergeving bidden.

Openingswoord 2

Goed nieuws vandaag
voor mensen die zichzelf niet zo goed vinden.
Goed nieuws vandaag
voor mensen van wie anderen zeggen
dat ze niet leven zoals het hoort.
Goed nieuws vandaag voor jou en mij,
want Jezus is op zoek gegaan naar mensen
die nog fouten maken in hun leven.
‘Moet je zien, Hij gaat om met slechte mensen’,
zeiden sommigen over Jezus,
terwijl ze zichzelf juist heel braaf en keurig vonden.
En wat antwoordde Hij?
Dat Hij als een goede herder
op zoek ging naar mensen
die in hun leven verloren dreigden te lopen.
Jezus wilde ook aan hen zijn vrede schenken,
en hun de weg wijzen naar een gelukkig leven.
Zou Hij zijn vrede
dan ook niet aan ons willen schenken?

Vergevingsmoment

De wereld van vandaag propageert in alle toonaarden
ons ‘zelfbeschikkingsrecht’.
Eerst voor jezelf zorgen en dan pas voor een ander,
is zo vaak puur egoïsme.
Als wij daaraan meedoen:
Heer, ontferm U over ons.

Christus, naar uw boodschap luisteren
maar ze slechts in praktijk brengen waar het ons goed uitkomt,
of een aalmoes geven van onze overvloed
zonder echte barmhartigheid,
zulke liefde is vluchtig als ochtendnevel.
Als wij tekort schoten in warme liefde:
Christus, ontferm U over ons.

Door onze oogkleppen  krijgen sommige mensen geen kansen
omdat wij zelfs geen moeite doen om hen te leren kennen.
Zelfs in binnen onze familiekring denken wij vaak
in termen van goeden en slechten.
Als wij zo hard zijn:
Heer, ontferm U over ons.

Jezus zegt ons dat we ieder mens met eerbied moeten behandelen,
ook mensen die in onze ogen veel verkeerd doen.
Dat doet ons nadenken en beseffen
dat wij zelf soms ook erge fouten begaan
en dat wij anderen zo moeilijk kunnen vergeven.
Laten wij blij zijn en God dank zeggen
omdat Hij ons, ondanks onze dwaze gedachten,
toch altijd weer nieuwe kansen geeft. Amen.


Lofprijzing

Eer aan God in de hoge,
schepper van hemel en aarde.
Hij schenkt ons leven, licht en liefde.
Hij schenkt ons zijn Zoon,
die ons bevrijdt.

Vrede op aarde onder mensen
die handen reiken van volk tot volk
en zich verzoenen met elkaar
tot een wereld zonder grenzen.

Mensen in wie Hij welbehagen heeft,
om hun inzet voor vrijheid en gerechtigheid
en om hun streven naar eerbied
voor alles wat in zijn schepping leeft.

Eer aan God in de hoge,
want Hij sluit een verbond
met de kleinen en de zwakken
en met allen die aan zijn boodschap gestalte geven.

Vrede op aarde aan alle mensen
en zalig zij die vrede stichten,
want zij worden kinderen van God genoemd.

Moge Hij welbehagen vinden in ons,
als volk onderweg,
in het voetspoor van Jezus,
onze Messias en onze Heer. Amen.

Openingsgebed 1

Heer onze God,
Gij daagt ons uit,
Gij schudt ons wakker uit de routine.
Daarvoor zeggen wij U dank.
Hou ons wakend,
doe ons luisteren
naar het bevrijdend woord dat Gij tot ons spreekt
in Jezus, uw boodschapper
en onze leidsman ten leven. Amen.

Openingsgebed 2

Help me, God,
mezelf klein te maken
en te erkennen dat ik niet perfect ben,
dat ik genezing nodig heb.
Maak me moedig genoeg
om het masker van volmaaktheid af te leggen
en op U te vertrouwen.
Leg uw Geest in mijn hart
om alles wat in mij gekwetst is
te helen en nieuw te maken.
Laat me delen in de warmte van uw hart
en houd nooit op van mij houden. Amen.

Lezingen
Luisteren wij naar God die ons in woord en daad toespreekt in de Schriften.

Eerste lezing (Hosea 6,3-6)
Uit het boek van de profeet Hosea

3        Wij willen de Heer liefhebben.
Wij willen moeite doen om Hem te kennen.
Zo zeker als de dageraad verschijnt
zo verschijnt Hij en komt Hij over ons als de regen,
als de lenteregen die de aarde drenkt.’
4        Wat moet Ik met u beginnen, Efraïm?
Wat moet Ik met u beginnen, Juda?
Uw liefde is als de ochtendnevel,
als de dauw die vroeg in de ochtend verdwijnt.
5        Daarom heb Ik op hen ingeslagen door de profeten,
heb Ik hen afgeslacht met mijn woorden:
mijn oordeel brak door als het licht.
6        Want barmhartigheid wil Ik, en geen offer,
en meer dan brandoffers, wil Ik kennis van God.
KBS Willibrord 1995

Tweede lezing (Romeinen 4,18-25)
Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Rome

Zusters en broeders,

18       Tegen alle hoop in heeft Abraham gehoopt,
en hij heeft geloofd dat hij vader zou worden van vele volken,
zoals hem gezegd was:
Zo talrijk zal uw nageslacht zijn.
19       Zijn geloof verflauwde niet,
toen hij, de honderdjarige,
dacht aan zijn eigen afgeleefd lichaam
en aan de dorre schoot van Sara.
20       Hij twijfelde geen ogenblik aan Gods belofte.
Integendeel, hij heeft God geëerd door de kracht van zijn geloof,
21       door zijn vaste overtuiging dat Hij bij machte is te volbrengen
wat Hij heeft toegezegd.
22       Daarom werd het hem als gerechtigheid aangerekend.
23       De woorden `het werd hem aangerekend’
werden niet alleen neergeschreven in verband met hem,
24       maar ook in verband met ons,
wie het geloven eveneens zal worden aangerekend,
omdat wij geloven in Hem die Jezus onze Heer
uit de doden heeft opgewekt:
25       Jezus, die is overgeleverd vanwege onze overtredingen
en is opgewekt ter wille van onze rechtvaardiging.
KBS Willibrord 1995

Evangelie (Matteüs 9,9-13)
Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Matteüs

9        Nadat Jezus de lamme had genezen en verder ging,
zag Hij iemand bij het tolkantoor zitten, die Matteüs heette,
en Hij zei tegen hem: `Volg Mij.’
Hij stond op en volgde Hem.
10       Nu kwamen er bij een maaltijd in zijn huis
vele tollenaars en zondaars aan tafel,
samen met Jezus en zijn leerlingen.
11       Toen de farizeeën dat zagen, zeiden ze tegen zijn leerlingen:
`Waarom eet uw meester met tollenaars en zondaars?’
12       Hij hoorde dat en zei:
`Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, maar zieke wel.
13       Ga heen, u moet maar eens leren wat dit zeggen wil:
Barmhartigheid wil Ik en geen offer.
Want Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen,
maar zondaars.’
KBS Willibrord 1995

Geloofsbelijdenis

Leggen wij samen getuigenis af van ons geloof in God,
die uit liefde voor ons, heeft willen delen in onze geschiedenis.

Wij geloven in God de Vader,
die zijn schepping in onze handen heeft gegeven
om er een woning van te maken
waarin het goed is om te leven.

Wij geloven in de zoon Jezus Christus,
die bij ons kwam wonen en nu leeft
in de harten van de mensen.
Hij is ons voorbeeld van liefde tot het uiterste.

Wij geloven in Gods Geest,
die ieder van ons de kracht geeft
om aan het rijk van God mee te bouwen.

Wij geloven in een gemeenschap
waarin elkeen zorg draagt voor de ander;
waarin eenieder aan de blijde boodschap
gestalte geeft door woord en daad.

Wij geloven dat een mensenleven
nooit zal eindigen
en dat we hoopvol mogen uitzien
naar het eeuwig geluk bij de Vader. Amen.


Voorbeden 1

God wil liever barmhartigheid dan offers.
Hij is groter dan ons hart.
Laten wij dan vol vertrouwen tot Hem bidden.

– Maak ons tot bondgenoot, Heer, van hen die niets of niemand hebben.
Dat wij opkomen voor mensen, veraf of in ons midden,
die slachtoffer zijn van het geweld van oorlog,
van het geweld van geld,
van het geweld van eigen gelijk.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot bondgenoot, Heer, van alles wat in uw schepping stemloos is.
Dat wij eerbiedig omgaan met de aarde die we bewonen,
de lucht die we inademen,
de dieren en de gewassen die ons tot voedsel dienen.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot bondgenoten, Heer:
zieken en gezonden,
validen en invaliden,
kinderen en ouderen,
geschoolden en ongeschoolden,
vrijwilligers en beroepskrachten,
hoog ontwikkelden en mentaal zwakkeren.
Doe ons beseffen dat wij niet moeten roemen op eigen kunnen
maar dat wij allen leven uit uw hand van barmhartigheid.
Laten wij bidden…

– Maak ons tot bondgenoten van elkaar, Heer.
Dat wij van onze verschillen geen geschillen maken,
maar verscheidenheid vruchtbaar laten zijn,
door van elkaar te leren,
door samen te zoeken naar wat ons hier en nu te doen staat.
Laten wij bidden…

Voorbeden 2

– Bidden wij voor hen die ver weg gingen,
omdat zij zich daartoe geroepen wisten:
missionarissen en ontwikkelinghelpers en -helpsters.
Dat Gods  zegen mag rusten op al hun inspanningen.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor hen die dicht bij huis gebleven zijn,
omdat zij daar hun opdracht zagen:
leerkrachten en opvoeders,
zieken- en bejaardenhelpsters,
maatschappelijk werkers.
Dat God mag voltooien
waar hun menselijke pogingen tekortschoten.
Laten wij bidden…

– Bidden wij voor onszelf.
Dat wij Gods roepstem zouden horen
en onze opdracht niet uit de weg zouden gaan;
dat wij – waar we ook staan –
de onderlinge verhoudingen tussen mensen zouden verbeteren
en eerbied opbrengen voor Gods schepping.
Laten wij bidden…
naar Gerard Kock

Voor al deze intenties, voor alles wat ons op het hart ligt, bidden wij:

Gebed over de gaven

God,
soms herkennen we ons een beetje in die tollenaars en die zondaars
waarmee Jezus aan tafel ging.
Omdat Hij niemand uitsloot
voelen ook wij ons nu veilig, hier rond uw tafel.
We weten immers dat we welkom zijn.
Neem dan dit brood en deze wijn van ons aan, God.
Maak ze tot Uw lichaam en bloed,
en deel ze weer uit
als voedsel
als teken van verbondenheid
van U met ons en van ons met U. Amen.

Tafelgebed

Wij danken U, barmhartige God,
omdat Gij een God van mensen zijt,
dat Gij onze God genoemd wil worden,
dat Gij ons kent bij onze namen,
en dat Gij de wereld in uw handen houdt.

Want daarom hebt Gij ons geschapen
en geroepen in dit leven:
dat wij met U verbonden zouden zijn,
wij, uw mensenvolk op aarde.

Gezegend zijt Gij,
Schepper van al wat bestaat;
gezegend zijt Gij,
die ons ruimte geeft en tijd van leven;
gezegend zijt Gij om het licht in onze ogen
en om de lucht die wij ademen.

Wij danken U voor heel de schepping,
voor alle werken van uw handen,
voor alles wat Gij gedaan hebt in ons midden
door Jezus Christus, onze Heer.

Daarom huldigen wij uw naam,
Heer onze God,
en aanbidden U met de woorden:

Heilig, heilig, heilig …

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar wij mogen U wel ontmoeten
waar mensen van elkaar houden,
genade zijn voor elkaar
en uw schepping eerbiedigen.

Wij hebben U nooit gezien, God,
maar Gij geeft Uzelf aan ons,
in een medemens, in een geliefde,
in een reisgezel, in een zieke,
in Jezus, de dienaar van de wereld.

De avond voor zijn lijden en dood
zat Hij met zijn vrienden aan tafel.
Toen nam Hij brood als teken van zijn leven
brak het, deelde het rond en zei:
“Neem en eet hiervan gij allen
want dit is mijn lichaam, mijn leven,
voor u gegeven, voor u gebroken.”

Toen nam Hij de beker met wijn,
gaf hem rond en zei:
“Neem en drink hier allen uit,
want dit is de beker van het nieuwe en eeuwige verbond.
Dit is mijn bloed dat voor u vergoten wordt
opdat het kwaad uit de wereld zou verdwijnen,
opdat er vreugde en toekomst zou zijn voor alle mensen.
Telkens als gij van dit brood eet en uit deze beker drinkt,
denk dan aan Mij.”

Verkondigen wij de kern van ons geloof:

Heer, Jezus, wij verkondigen uw dood,
en belijden tot Gij wederkeert
dat Gij verrezen zijt.

Om dit te herdenken
blijven wij het brood breken voor elkaar,
zoals zovelen reeds voor ons deden.
Wij bidden voor de mensen
die een bijzondere plaats innemen in ons hart,
ook voor hen die van ons zijn heengegaan.
Laat uw mensen nooit verloren gaan,
bewaar hen in uw liefde,
schrijf hun namen in de palm van uw hand.

Zend uw Geest uit over uw kerk.
Geef ons hoop, God.
Geef ons vrede omwille van Jezus Christus.
Met Hem en in Hem
zijn wij uw mensen,
zijt Gij onze Vader,
nu en tot in eeuwigheid. Amen.


Onze Vader

Jezus schroomde zich niet om het brood te breken
aan één tafel met de twijfelachti­ge vrienden en vriendinnen van Mattheus.
Zo liet Hij blijken dat ook zij kinderen zijn van dezelfde Vader.
Bidden wij met de woorden die Hij ons destijds heeft voorgebeden:
Onze Vader…

Verlos ons, Vader, van onze betrokkenheid op onszelf.
Vergeef ons onze dagelijkse hunker naar nog meer brood
desnoods ten koste van anderen.
Plooi ons open,
maak ons toegankelijk en ontvankelijk
voor andermans tekort aan brood, tekort aan rust en vrede, tekort aan liefde.
Als wij de weg van barmhartigheid gaan die Gij ons wijst
zullen wij hoopvol mogen uitzien naar de komst van Jezus, Messias, uw Zoon.
Want van U is het koninkrijk…

Vredewens

Houd ons gaande, God, door uw woord,
ons gegeven als brood om van te leven.
Leer ons ons leven te delen,
elkaars honger naar vrede te voeden,
elkaar te doordringen met uw liefdesadem.
Dan zal onze mensenwereld uitgroeien
tot één gemeenschap, uw volk op aarde.
Gij die leeft in eeuwigheid. Amen.
Die vrede van de Heer zij altijd met u.
En geven wij elkaar een hartelijk teken van vrede.

Communie

Door samen te eten van het voedsel dat de Heer voor ons breekt en deelt,
kan in ons het besef groeien dat wij, over alle verschillen heen,
één familie vormen, broers en zussen zijn van elkaar,
die elkaar moeten vasthouden,
die verantwoordelijk zijn voor elkaar.
Heer, ik ben niet waardig…

Bezinning

Eeuwig heimwee drijft ons voort
en houdt ons gaande
in goede en kwade dagen.

Heimwee naar geborgenheid,
hunker naar een warme thuis
en naar de veilige plek
waar een mens aanvaard,
bemind mag zijn
zoals hij is.
Onvoorwaardelijk,
de eenzaamheid voorbij.

Nood aan ruzieloos samenleven.
Droom van vrede,
van een wereld
waar eenieder
tot zijn recht kan komen
en waar alles wordt gedeeld
met allen.

Diep verlangen naar geluk:
zien en voelen
en van harte weten:
het is goed te mogen leven.
Tijd om op adem te komen,
grond onder de voeten te voelen,
Iemand die ons draagt.

Eeuwig heimwee drijft ons voort.
Sterk is het zoeken van de mens
naar een ster van hoop.
Carlos Desoete

Slotgebed

Naar wie zouden wij gaan, Heer God,
als Gij niet bereid zou zijn
om ons vast te houden in uw gezelschap.
Help ons om, ondanks onze angst,
onszelf los te laten,
opdat wij blijven kiezen
voor de weg die Jezus ons voorging:
de weg van de liefde
doorheen het leven van elke dag
in de richting van uw Leven in eeuwigheid. Amen.

Zending en zegen

Gezonden om Gods boodschap te verkondigen
moeten we zieken genezen,
mensen die verkeerde keuzes maken, nabij zijn,
stem geven aan mensen die in onze samenleving hun stem niet kunnen verheffen.
Op die weg van veelvuldige barmhartigheid
waakt God over ons met zijn zegen:
in de naam van + de Vader, de Zoon en deheilige Geest. Amen.

Dit bericht is geplaatst in Zondagsvieringen met de tags . Bookmark de permalink.